woensdag, maart 19, 2014

een leuk weekend


Van Warfstermolen in Friesland, een streekdorp in de gemeente Kollumerland en Nieuwkruisland met nog geen 200 inwoners, had ik nog nooit gehoord. Maar op mijn zoektocht naar een leuk en betaalbaar onderkomen voor een familieweekend met dertien personen kwam ik daar zowaar terecht, de zegeningen van het Internet zal ik maar zeggen. Van 'Logement Doosje', een voormalige kop-hals-rompboerderij, is een bijgebouw, waarschijnlijk een voormalige stal, tot een groot familiehuis getransformeerd. Een familiehuis met een redelijke mate aan privacy, voldoende slaapkamers, goeie sanitaire voorzieningen, een eigen keuken, en last but not least, een behoorlijke woonruimte!

Aanvankelijk dacht ik dat ze zich met de naamgeving van het logement hebben laten inspireren door de fors gebouwde doos binnen het oppervlak van het oorspronkelijke rompgedeelte van de boerderij, waarin ze een restaurant met een grote open haard hebben gesitueerd. Een plausibele gedachte misschien vanuit architectonisch oogpunt gezien, maar wel helemaal fout. Toen ik het aan Dina en Bennie de Ruiter, de eigenaars van 'Logement Doosje' vroeg hoe het zat, bleken ze uit Doosje te komen, een buurtschap in de gemeente Steenwijkerland in Overijssel. Hoe verzin je het, maar zo'n naam blijft wel hangen!

Het meest kenmerkende van de autorit naar het hoge noorden in ons landje, is de toenemende leegheid van het landschap. In het grootste deel van ons land kan je dagelijks om de één of andere reden wel getuige zijn van een aanslag op de open ruimte. Door de alsmaar toenemende bebouwing, wordt de open ruimte versnipperd tot kleine gebieden of fragmenten die omsloten worden door andere functies zoals bedrijventerreinen, wegen en woonwijken. Maar in de omgeving van Warfstermolen hebben ze daar absoluut geen last van, daar is het landschap door de langdurige afzondering al vele decennia onveranderd gebleven. En daarin ligt volgens mij ook de charme van dit opmerkelijk lege gebied.
Enige dissonant in dit gebied is misschien het onlangs nog veel besproken Satellietgrondstation NSO (Nationale SIGINT Organisatie) in Burum. Maar je kan ook zeggen dat de schotels het gebied letterlijk en figuurlijk een ruimtelijk accent geven. Hoe dan ook, je kijkt hier echt kilometers van je af, heerlijk alsof je op zee zit!

Toen Joke en ik vrijdagmiddag rond vier uur als eersten arriveerden, werden we opgevangen en rondgeleid door Dina en Bennie de Ruiter, en kregen we over van alles en nog wat tekst en uitleg. Toen dat eenmaal achter de rug was, en we ons hadden geïnstalleerd was het tijd voor een wijntje. We zaten echter net een beetje uit het raam te staren naar het weidse landschap, toen Christa, Jan, Jeanne en Kim uit Harderwijk al kwamen binnenwaaien, een uurtje later gevolgd door Simone, Wilco, Roos en Daan uit Zwolle. Op Evert, Thijs en Mink uit Amsterdam zouden we nog een poosje moeten wachten, die konden pas rond half tien van de partij zijn. Nadat iedereen zich had gesetteld werd er uiteraard eerst een flesje ontkurkt. Gezellig, en door de grote open keuken in het midden van de woonruimte, konden Joke en ik al kokkerellend nog van de partij zijn, want er moest natuurlijk nog wel gegeten worden. De overheerlijke witlof/tonijnsalade van Joke en mijn macaronischotel ging er in als koek. Toen rond half tien ook de Amsterdammers gearriveerd waren was de club compleet. In de loop van de avond taaide de één na de andere af naar zijn of haar kamer, maar een paar doordouwers hebben echter nog tot in de kleine uurtjes zitten ouwehoeren.

Zaterdagmorgen, rustig wakker worden, rond 10 uur zouden we ontbijten was de afspraak. En zowaar dat lukte, een enkeling moest nog wel even wat extra gepord worden, maar dat is normaal. Vers brood, croissantje, eitje, lekkere kaas en vleeswaren en nog veel meer, het ging er in alsof we met z'n allen de hele nacht in de haven hadden gewerkt. Gezellig, ook dat, zo vaak maak je de hele club niet mee op de vroege ochtend! En na het ontbijt waren we aan de koffie toe, en toen dat was verwerkt zat de zaterdagochtend er alweer op. Tijd om eventjes naar de geiten en de scharrelkippen te kijken, prachtige beestjes, iets anders dan de plofkippen uit de supermarkt. Alhoewel, er liepen wel een paar hele mollige sierkippen rond, koddig om ze te zien rennen. Iemand kwam op het idee om een visje eten in de haven van Lauwersoog, een ander wilde naar Oostmahorn, en dan met name naar Esonstad, dat merkwaardige door Landal gebouwde vestingstadje in oud Friese stijl, met een eigen havencafé en een waaggebouw.

Daarna nog even Dokkum aandoen en dan zit de vijf wel weer in het uur. Zogezegd zo gedaan, een uurtje later liepen we in Esonstad, mooi, alleen de mensen ontbraken. Snel door naar de haven van Lauwersoog voor een visje, de kibbeling liet wat lang op zich wachten, maar we hadden de tijd. Uitkijkend over de haven en het wad moest ik denken aan de keer dat ik met de 'Swing' meedeed aan de Colin Archer Memorial Race. Een zeilrace van Lauwersoog naar Larvik in Noorwegen.

Met een kanonschot over de haven vertrokken we destijds onder vol tuig. Dat waren andere tijden, gauw terug in het nu, ook leuk, en het visje smaakte heerlijk, nog bedankt Wilco. In Dokkum scheen het zonnetje inmiddels weer volop, tijd voor een terrasje bij 'De Posthoorn' aan het Diepswal. Prachtig stadje ook, waar we in het verleden wel met de 'Swing' gelegen hebben. Terug in ons familiehuis werd er paard gereden op Kwiebus, een 27 jaar oude knol. Erg dynamisch ging het er niet aan toe, maar het was voor met name Kim een geinig tijdverdrijf, ze genoot ervan en wij ook. Rond zes uur kwamen Dina en Bennie bij ons de tafel dekken, we hadden met ze afgesproken dat ze voor ons rond zeven uur in het familiehuis een 3 gangen diner zouden verzorgen.
Spannend, wat zou het worden! Daar kwamen we vrij snel achter, Italiaans, wederom pasta dus, ze konden natuurlijk niet ruiken dat we de vorige avond ook al een eigen gemaakte macaronischotel hadden genuttigd. Geen probleem, de sfeer was goed en het was evengoed weer heel smakelijk. Al werkte de amuse in de vorm van een soort kaasballetje op een lepeltje wel een beetje op onze lachspieren. Met name Daan en Mink begonnen een beetje met het balletje te rotzooien. Maar uiteindelijk hadden ook zij het balletje achter de kiezen zitten, en mocht wat ons betrof de soep wel doorkomen. Na het vermelde hoofdgerecht kregen we uiteraard het toetje. Een variatie van kleine hapjes, voor ieder 3 stuks, die we van een soort meertraps bonbonnière moesten afnemen.
In een mum van tijd was de fraai opgemaakte snoeptoren, of hoe heet zo'n ding eigenlijk, van zijn heerlijkheden ontdaan. Toen we vervolgens ook de koffie met al of niet een pikketanisje hadden weggewerkt, waren we klaar en was de avond al aardig gevorderd. De één dook met een boek of krant de zithoek in, de ander installeerde zich voor een tijdje voor de TV en weer een ander dook z'n kamer in of verdween voor een poosje in één van de badkamers. Even na middernacht werd het stil in huis, van de enkele diehards die wederom tot in de kleine uurtjes zijn doorgegaan heb ik in ieder geval niets meer gehoord. Ik ben kennelijk als een blok in slaap gevallen. Zondagmorgen hebben we de tafel maar weer gedekt en een grote omelet gebakken, waarna de één na de ander uit z'n doosje kwam. Klokslag tien uur zat iedereen weer aan het ontbijt, keuvelend over van alles en nog wat, gezellig!

Zo'n ochtend vliegt voorbij, voordat je er erg in hebt is het alweer twaalf uur. Rond twee uur moesten we het huis verlaten, veel tijd om samen nog iets te doen hadden we dus niet. Dat hebben we dan ook niet gedaan, iedereen deed waar hij of zij zin in had, en dat was prima. Kim heeft Kwiebus nog maar weer eens gezadeld voor een ritje, maar erg enthousiast ging dat wat Kwiebus betreft niet. Ze was zo te zien niet vooruit te branden, toen Kim haar vervolgens weer terug in de wei wilde zetten, lukte dat slechts met de grootst mogelijke moeite. Het gezegde 'Trekken aan een dood paard' was hier uiteraard niet aan de orde, maar het leek er wel een beetje op. We hebben er weer smakelijk om kunnen lachen.

En ineens was iedereen aan het inpakken en werden de auto's voorgereden. Nog even langs Dina en Bennie gelopen om ze te bedanken voor de goede zorgen, en toen zat ons familieweekendje erop. Nog een knuffeltje hier en een knuffeltje daar, en weg was iedereen. Een tijdje reden we nog achter elkaar aan, maar op een gegeven moment was iedereen uit het zicht verdwenen. We waren weer helemaal met z'n tweetjes. 's Avonds bij 'Monopole' een visje gegeten en genoten van een werkelijk prachtige zonsondergang. Het toetje als het ware op een leuk weekend!

donderdag, maart 13, 2014

eventjes naar zee


De zee en de duinen wilden we proeven met dit prachtige weer. Vanuit Amsterdam naar IJmuiden, echter bij nader inzien toch maar naar Bloemendaal gereden. Wandeling gemaakt over en nabij de Eerebegraafplaats in de Kennemerduinen tussen Overveen en Bloemendaal aan Zee. Weer even stilgestaan bij de 41 grafvakken waarin totaal 329 verzetsstrijders uit de Tweede Wereldoorlog liggen begraven. Doodstil was het, alleen het zachte suizen van de wind. Genietend van de stilte, hebben we daar een tijd op een bankje gezeten, en de koffie gedronken die we van huis uit hadden meegenomen. Als ik daar ben sta ik altijd even stil bij vak 22 waarin Hannie Schaft begraven ligt. De film 'Het meisje met het rode haar' van Ben Verbong uit 1981 heeft destijds nogal indruk op mij gemaakt.

De laatste keer daar was ik samen met mijn moeder, zo'n zes jaar geleden, zie mijn stukje "Kraantje Lek" van 4 juni 2008. Aangrijpend, voor haar nog meer dan voor mij, bizar om een mensenleven later tussen de graven te lopen van de vele vermoorde generatiegenoten. Jonge mensen, allemaal zonder enige vorm van rechtspraak in de duinen geëxecuteerd! En waarom, omdat ze voor de vrijheid opkwamen. Ze hadden het besef dat vrijheid niet iets vanzelfsprekends was, maar dat je die moest bevechten en beschermen! Gelukkig leven we nu wat vrijheid betreft in betere tijden, althans in onze contreien, maar laten we alert blijven.

Terug in de auto zijn we over de Zeeweg naar Bloemendaal aan Zee gereden. Dakje open, wat een weer, en wat een prachtig gebied toch die Kennemer Duinen. In Bloemendaal aan Zee hebben we geluncht in strandpaviljoen Lido, één van de weinige strandtenten die al volop draaide, en dat was te merken gezien de drukte. De meeste strandtenten zaten nog volop in de opbouw. Alvorens na de lunch de auto weer op te zoeken, hebben we nog een strandwandelingetje gemaakt. Heerlijk weertje, maar ik kreeg kippenvel bij het zien van de kinderen in zee. De temperatuur van het zeewater is volgens de tabellen die ik zag zo rond de 8º C, maar die gasten hadden het nergens over. Wim Hof, beter bekend als 'de IJsman' zou erom lachen, maar ik wacht toch liever nog een maandje of wat voor ik de zee in duik.

zondag, maart 09, 2014

muziek-anhedonie


Muziek laat sommige mensen echt volkomen koud, las ik afgelopen vrijdag in de Volkskrant. Enkele Spaanse- en Canadese biomedici en neurologen hebben voor het eerst aangetoond, dat er een specifieke anhedonie voor muziek bestaat. Het gaat waarschijnlijk om een hele kleine groep mensen, hooguit 2 à 3 procent van de bevolking. Geen vreugde (meer) kunnen beleven aan muziek was al wel een bekend verschijnsel, maar ging altijd gepaard met een totaal gebrek aan vreugde. Anhedonie, het algehele onvermogen om plezier te halen uit welke prettige ervaring dan ook. Maar nu weten we dus, dat er mensen zijn die overal plezier aan kunnen ontlenen, behalve aan muziek! De wetenschappers hebben het gepubliceerd in 'Current Biology', maar ik vind het onvoorstelbaar. Voer voor muziekpsychologen lijkt mij!

In mijn stukje Een beter oord! van 4 januari j.l. schreef ik: Muziek verbind mensen en kan van dit ondermaanse voor iedereen een beter oord maken! Jammer, maar voor 2 à 3 procent van de mensen gaat dat kennelijk niet op.

donderdag, maart 06, 2014

stevige wandeling


Als we naar het Eye gaan, parkeren we de auto altijd achter de Sixhaven in Amsterdam Noord. Zo ook gisteren, hoewel we deze keer niet naar het Eye gingen maar naar het City Theater aan het Kleine Gartman Plantsoen. Een aardig eindje uit de buurt dus, maar het was mooi weer, we hadden wel zin in een wandeling. Inmiddels was het echter ook lunchtijd geworden, dus zijn we eerst maar even café De Pont ingedoken. Tijd zat, de film '12 Year a Slave' begon pas om 13.40 uur. Broodje makreel, uitsmijtertje, glaasje erbij, het is daar altijd een gezellige drukte. We vergaten de tijd, maar ineens realiseerden we ons dat we ons moesten haasten, wilden we nog op tijd in het City Theater zijn. We hadden nog drie kwartier om helemaal naar de andere kant van de binnenstad te wandelen, maar we moesten uiteraard eerst nog met de pont naar de overkant van het IJ.

Het Centraal Station aan de overkant zijn we dwars doorgestoken, een drukte van belang, we konden over de koppen lopen. Vervolgens via het Stationplein, Damrak en Dam de Kalverstraat in tot aan het Spui. Overal druk, druk, druk, en nog eens druk, het schoot niet op. Via het Spui en de Huidenstraat naar de Keizersgracht, Leidsegracht en Prinsengracht naar de Leidsestraat, en via het Leidse Plein naar het Kleine Gartman Plantsoen. Daar als de bliksem een ticket gekocht en zaal 5 opgezocht. De vertoning van de voorfilms was reeds begonnen, maar in de voor onze ogen op dat moment nog pikdonkere zaal hebben we evengoed een prima plekje gevonden voor de eerst komende uren.

Voor de verfilming van 'Twelve Years a Slave', het autobiografische verhaal dat Solomon Northup ruim 150 jaar geleden schreef, heeft de Britse, in Amsterdam woonachtige beeldend kunstenaar en filmregisseur Steve McQueen (1969) afgelopen zondag de Oscar voor de beste film van het afgelopen jaar gekregen. Ik las dat hij deze belangrijkste Oscar voor een deel aan zijn echtgenote, de Nederlandse Bianca Stigter te danken heeft. Stigter, journaliste bij het NRC, had op enig moment het verhaal van Solomon Northup op de kop getikt. Ze las het meedogenloze drama over de zwarte Northup, die in 1841 werd ontvoerd en 12 jaar als slaaf werd uitgebuit, in één adem uit. Ze adviseerde haar man vervolgens, om dit verhaal als scenario voor zijn geplande film over slavernij te gebruiken. McQueen, die inmiddels ook door het verhaal gegrepen was, kon haar daarin alleen maar gelijk geven. Hij maakte er met behulp van het productiebedrijf van Brad Pitt de beste film van het afgelopen jaar van. Nu we de film zelf gezien hebben, kunnen we ons goed vinden in de beslissing van de jury!

Op de terugweg hebben we in café van Puffelen aan de Prinsengracht even wat gedronken. Een café waar ik vroeger vaak kwam en mooie herinneringen aan heb. Via de Raadhuisstraat en de Spuistraat zijn we weer naar het Centraal Station gewandeld. Even weer doorsteken, aan de andere kant lag de pont al op ons te wachten. Een kwartiertje later waren we in de auto op weg naar E in Amsterdan-Zuidoost. Rond zes uur zaten we daar aan de borrel, en liet E ons een stukje 'Gravity' zien, de film die het afgelopen jaar naast '12 Year a Slave' ook lange tijd een serieuze kandidaat voor de belangrijkste Oscar was.

zondag, maart 02, 2014

'spelen en werken'


'Spelen en werken', ik had het stukje ook 'brood en spelen' kunnen noemen, maar spelen stond voorop, pas daarna kwam werken en brood, vandaar. Het in vorige eeuw door mijn opa opgerichte familiebedrijf VEKA was voor mij in mijn kindertijd één grote speelplaats. Het enorme terrein in mijn kinderogen, lag er weliswaar redelijk gestructureerd bij, maar was op bepaalde plekken evengoed knap rommelig. Met name achter op het terrein bij de houtzagerij. Daar lagen de grote boomstammen vaak zolang te wachten om tot hapklare brokken te worden verwerkt, dat je ze door het welig tierend onkruid nog nauwelijks zag liggen. Een prachtige plek om hutten tussen te bouwen. Met de (zaag)lorrie voerden we dan voor ons bruikbare restanten aan uit de houtzagerij. Wat we over hielden gooiden we dan op het permanent smeulende vuur op de (vuilnis)belt. En we hadden altijd wat over, want vuurtje stoken was één van onze vele liefhebberijen.

Als het regende speelden ik vaak met m'n neefje(s) en/of een paar vriendjes bakkerijtje in de houtzagerij, of we waren aan het figuurzagen in de werkplaats of aan het lood smelten in de grote potkachel (zie o.a. mijn stukje 'vloeien en stollen' van 11 maart 2006). Praktisch nooit werd me een strobreed in de weg gelegd, alhoewel een werknemer soms wel eens tegen me zei, als ik hem vroeg om een gaatje te boren of wat dan ook, dat ik meer vroeg dan hij verdiende. Het was niet anders. En als ik als jong knaapje eigenhandig machines, zoals o.a. een cirkel- of lintzaag inschakelde kreeg ik ook tegengas. Dat vonden ze te gevaarlijk voor me, alhoewel toen ik een jaar of 12 was, hadden ze het nergens meer over. Ook als m'n opa zag, dat we in de fruitbomen zaten te rommelen om een paar appels te plukken die vaak nog niet rijp waren, kon hij furieus worden. Het waren nog van die ouderwetse hoge fruitbomen waar je als jongetje echt in moest klimmen, om een appeltje te kunnen bemachtigen. Mijn opa heeft me een keer met een hark uit de boom getrokken!

Gaten graven, bessen plukken, kikkers vangen, eieren rapen in het kippenhok, vogeltjes vangen voor in de volière en muziek maken met oude instrumenten van mijn opa. We waren de fanfare, in ganzenpas sjouwden me neefjes en ik dan bonkend en tetterend rond het werkplaatscomplex. We werden daarna vaak door oma getrakteerd op een heerlijk sneetje witbrood met pindakaas. Het was een speelplek zoals de kinderen van nu ze nu niet vaak meer zullen treffen, dat weet ik wel zeker. Later deed ik vaak klusjes als vakantiewerk, samen met m'n neefje(s). Bijvoorbeeld molentjes schilderen d.w.z. de boven- en onderkanten. Voor 100 stuks, waar je ongeveer een halfuur over deed als je een beetje doorwerkte, kregen we een kwartje. Zeilbootjes maken deden we ook, driemasters, we zetten 3 op lengte geknipte fietsspaken in een houten romp en tuigden het geval met witte kunststofzeiltjes op. Leuk werk, het was een beetje spelen en werken eigenlijk, zo verdienden we als scholier een zakcentje voor de vakantie bij elkaar!

woensdag, februari 26, 2014

Voorjaar!


Hoera ik hoor de lijsters weer zingen, en dat op 26 februari! Het scala aan gevoelens in mij laat zich op zo'n moment moeilijk duiden, maar het maakt me in ieder geval erg blij! Ik zag de laatste tijd uiteraard meer reuring in m'n tuintje, de rumoerige mussen in de haag, de koolmeesjes, de vlaamse gaaien en niet te vergeten de eksters, die zo te zien hun nest weer aan het bouwen zijn in de hoge platanen. Maar toen ik vanavond de lijsters hoorde met hun melodieuze maar dominante gezang, drong het echt tot me door: het is weer voorjaar! Kriebels, tijd voor plannen maken, heerlijk!

zondag, februari 23, 2014

mooi Veluwezoom


Voorjaar in de lucht! In de krant las ik dat alles in de natuur zich ongeveer een volle maand te vroeg aandient. Wat is daar mis mee, trouwens wat is te vroeg? Het zij zo, tijden veranderen al sinds mensenheugenis, we gaan er lekker op uit! Naar de Veluwezoom, we hadden ineens zin in een wandeling nabij Kasteel Doorwerth. De zone tussen de Veluwe en de Betuwe behoord volgens mij tot de mooiere, zo niet de mooiste gebieden van ons land. En gezien de drukte vanmorgen nabij Kasteel Doorwerth, wordt deze mening door veel mensen gedeeld.

Kasteel Doorwerth, een van de mooiste en oudste kastelen van Gelderland, is gebouwd op een strategische plek in de uiterwaarden van de Rijn. Men zag de aanvallers uit het zuiden destijds al van verre aankomen. De eerste woontoren uit 1280 bood goed uitzicht op de uiterwaarden en de rivier de Rijn. In de loop der tijd werd de woontoren uitgebouwd tot een volwaardig middeleeuws kasteel. Het oudste behouden deel van het kasteel, de oostelijke vleugel met de ridderzaal, stamt uit de veertiende eeuw. Doorwerth werd ook uitgebreid in de vijftiende eeuw. In de zestiende eeuw kreeg het kasteel een voorburcht. In de negentiende eeuw raakte het kasteel in verval. Maar door toedoen van ene generaal F.A. Hoefer is het kasteel in de vorige eeuw gerestaureerd, en wordt het sindsdien goed beheerd door de Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen.

Het is een prachtig wandelgebied daar. Een tijdje hebben we op een bankje bij de rivier van het prachtige panorama zitten genieten. Op een weiland even verder op stikte het werkelijk van de grauwe ganzen, het was een drukte van belang daar. Of zouden die beesten mogelijk zo opgewonden zijn, omdat ook zij denken dat ze een maand te vroeg aan het rommelen zijn? Ze zijn slim die ganzen, ik denk dus van niet! Na de lunch in 'Theeschenkerij De Zalmen' op de binnenplaats van het kasteel, hebben we de auto maar weer opgezocht.

vrijdag, februari 21, 2014

de aardige flutfilm


Toscaanse bruiloft vind ik eigenlijk een flut-film, maar af en toe kon ik er toch ook om lachen, vandaar 'de aardige flutfilm'. De romantisch komische film Toscaanse Bruiloft van regisseur Johan Nijenhuis is wat mij betreft een mix tussen vet aangezette onderbroekenlol en humor verpakt in een meer theatrale fijnzinnigheid.

Ergens in een pittoresk dorpje in Toscane, botst Sanne (Sophie van Oers) één van de hoofdrolspeelsters, (ze organiseert trouwerijen in een prachtig idyllisch gelegen villa in de omgeving) tegen het open zwaaiende portier van Jeroen (Jan Kooijman) een automobilist, die echtscheidingsadvocaat blijkt te zijn, en op weg is om te getuigen bij het huwelijk van een bevriend stel. En hoe is het mogelijk, een toevallig door haar georganiseerde trouwerij in eerder genoemde villa. Uiteraard worden de twee verliefd op elkaar, maar het loopt allemaal niet echt gesmeerd, ook al komt het aan het eind van de film uiteindelijk wel goed met die twee.

De hele film speelt zich min of meer af in een vakantieachtige sfeer. Er gebeurt van alles in Toscane, volgens mij één van de mooiste decors van de wereld. Jachtpartijen, ballonvaarten, fotosessies, vrijpartijen, eet- en drinkgelagen, vechtpartijen, noem maar op. De hele cast heeft het daar kennelijk goed naar de zin. Ze rijden rond in leuke cabriootjes en kleine Fiatjes, en iedereen wordt volgens Bella (Martine Sandifort, die we nog zo goed van vroeger kennen) in de rol van moeder van één van de bruiden, alleen al van de lucht van Prosecco enigszins licht in het hoofd!

De hele bioscoopzaal zat vol met hoofdzakelijk jonge mensen. De stemming was vrolijk, en dat is natuurlijk altijd mooi. Maar kennelijk heeft regisseur Nijenhuis met de deelname van wat oudere acteurs, zoals o.a. Simone Kleinsma en Ernst Daniël Smid met deze film toch ook wel een oudere doelgroep op het oog. Het zal allemaal best, maar aan mij is het niet besteed. Leuk, maar ik weet zeker dat ik deze aardige flut-film snel vergeten ben!

woensdag, februari 19, 2014

een zwart-wit film


In 'Eye' in Amsterdam gisteren 'Die Andere Heimat - Chronik einer Sehnsucht' van de 81 jarige Duitse schrijver/regisseur Edgar Reitz gezien. Een 4 uur durende historische film over het straatarme Duitsland rond 1842. Het in zwart-wit gefilmde geschiedverhaal speelt zich af in Schabbach, een fictief Duits stadje in de wel bestaande Hunsrück, de glooiende streek tussen Rijn en Moezel, ongeveer ter hoogte van Luxemburg. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit zo'n lange film gezien heb, en dan ook nog in zwart-wit. Geweldig, erg veel duidelijker lijkt mij de wereld van ca. 180 jaar geleden moeilijk voor de geest te halen!
Een kroniek van een verlangen naar een andere wereld, met in de hoofdrol puber Jakob, die een beetje anders is dan de anderen in het Schabbachse gezin Simon. Als er gewerkt moet worden in de smederij van zijn vader, en iedereen z'n steentje moet bijdragen, knijpt Jakob er meestal tussenuit. Dan zit hij ergens stiekem in een hoekje te lezen in een boek dat hij via zijn oom heeft weten te bemachtigen. Of hij zwerft dromerig door de golvende velden rond Schabbach, terwijl langs de horizon hoog bepakte wagens en huifkarren worden voortgetrokken door paarden of ossen. Volksverhuizers die de straatarme omgeving verlaten, en op zoek gaan naar betere oorden.



'Die Andere Heimat - Chronik einer Sehnsucht' is feitelijk een aangrijpend familiedrama. Het laat het reilen en zeilen van de familie Simon rond Jacob zien in de jaren veertig van de negentiende eeuw. Over zijn moeder, die naarmate de jaren vorderen steeds meer last van haar longen krijgt. Over zijn zus die het in haar hoofd haalde om met een katholiek te trouwen, en door haar vader verstoten werd. Ze volgde haar man naar zijn wijngaard in het naburige dorp, dat in een totaal andere wereld leek te liggen. En dan waren er nog een paar aardige meisjes, die zich op een dag, buiten het dorp, zomaar naakt aan hem vertoonden. Ze waanden zich onbespied en rolden bloot door het natte gras de heuvel af, om zo van hun vermeende huiduitslag af te komen. Verder de lange barre winters, waarin ze hun doden niet konden begraven, een en al ellende. Kortom het was een tijd dat het absoluut niet goed ging in Schabbach en omgeving. Veel families vertrokken en maakten de grote oversteek naar het verre en zonnige Brazilië in de hoop op betere tijden. Ook Jakob verlangde naar het grote avontuur aan de andere kant van de oceaan. Maar zijn dromen mochten kennelijk geen plek hebben binnen zijn nuchtere familie. En tot overmaat van ramp viel zijn pragmatische broer Gustav ook nog voor hetzelfde meisje. Echter ondanks, of misschien wel dankzij alle tegenslagen, kwam Jacob uiteindelijk tot het rustgevend inzicht, dat zijn roots en geluk gewoon in Schabbach lag!

Eenmaal buiten werden we na de intrigerende 4 uur durende zwart-wit sfeer van de 19e eeuw, even overvallen door de kleuren en het tempo van onze tijd. Knap hoe Edgar Reitz ons met zijn geschiedverhaal een middag lang in de tijd heeft weten te verplaatsen.

zondag, februari 16, 2014

berg en dal op zee


Gisteren was er sprake van een zuidwesterstorm langs de kust, windkracht 8 tot 9. Maar in mijn werkkamertje had ik daar geen last van. Wel zag ik bij vlagen de bomen en struiken in de tuin heftig heen en weer zwiepen, maar dat was het wel zo'n beetje. Prachtig zo'n storm, lekker uitwaaien op het strand, een boeiend fenomeen, ook op zee. Alleen op zee beleef ik een storm heel anders. Weliswaar vind ik in een zeiljachtje windkracht 8 tot 9 nog steeds een boeiend fenomeen, maar wel graag in de haven. Maar ondanks de kwaliteit van de weerberichten, heb ik in al die jaren zeilen vaak zat gemerkt dat je evengoed door zwaar weer kan worden overvallen, zeker bij een wat langere oversteek. Als ik daar aan denk komen in mijn geheugen een paar aardige zeiltochtjes boven drijven!

Zomer 1989, Portsmouth - Brighton, ca. 42 mijl met 'AURORA' (Jaguar 25') bemanning: Jo. en ondergetekende.

Droog maar somber weer bij vertrek 's morgens, wind ZW 5 Bft. De weerberichten repten over een stormachtige wind tegen de avond, ca. 8 Bft. Met wind en stroom mee zouden we volgens onze berekening voor dit zeiltochtje maximaal 6 uur nodig hebben, dus tegen de avond zouden we al lang en breed weer in de veilige haven liggen. Met gereefd zeil spurten we met ruime koers comfortabel richting Brighton, prachtig! Echter al na een paar uur moesten we onze zeilvoering aanpassen aan de snel verslechterende weersomstandigheden. De vlagerige wind trok aan, de golfen werden hoger en de lucht achter ons begon er steeds dreigender uit te zien. Maar we gingen als een speer, ondanks de drastisch verminderde zeilvoering, en dat was mooi en maar goed ook. Want toen we na enige tijd in de verte de zware brekers tegen het westelijk havenhoofd van Brighton zagen slaan, leek ons het nu al een crime om straks dwars op de golven goed door de vrij smalle haveningang te komen, laat staan als het nog harder gaat blazen. Het was inderdaad even knap spannend, maar eenmaal binnen, afgemeerd achter de hoge muur, was het voorbij ook al kletterden de over de muur slaande brekers met veel geweld op het dek. Heerlijk, wij lagen net op tijd binnen, de windmeter gaf inmiddels 9 Bft. aan. Dat is niet stormachtig, dat is een heuse storm!

Voorjaar 1992, IJmuiden - Woolverstone, ca. 130 mijl met 'Felis Onca IV' (Jaguar 30') bemanning: Jo., Ejr., A, S, W en ondergetekende.

Zeilend op de Noordzee hoorden we ergens tussen IJmuiden en Harwich in de verte gerommel en zagen we het weerlichten. Nog ver weg voor ons gevoel, toch haalden we het grootzeil maar alvast omlaag, en rolden we de fok een stukje in. Want het was wel duidelijk dat de donderbui niet aan ons voorbij zou gaan. De ontladingen kwamen dichter bij, het begon te regenen en een paar flinke rukwinden waren de voorbode van wat op ons af kwam. En ineens was het zover en zaten we midden in de shit. Ook het kleine puntje voorzeil dat nog stond werd snel ingedraaid, maar zelfs alleen op romp en mast maakten we nog een respectabele slagzij. Voor zover we de ogen door de hevige regen en wind open konden houden, zagen we de zee fel oplichten door de vele blikseminslagen om ons heen, alsof het overdag was. De donderslagen waren boven het gebulder van de wind en het geraas van de regen nog oorverdovend. Een boeiend fenomeen!

(Een polyester schip is geen 'Kooi van Faraday', het nut van een ankerketting of dikke koperdraad aan de verstaging of beter nog aan de mast, en dan overboord voor een eventuele ontlading betwijfel ik. Mogelijk dat het werkt bij een luttele 230 Volt, maar bij een blikseminslag kan de spanning wel 400.000 keer hoger zijn! Toch had ik op dat moment spijt dat ik mijn ankerketting niet buiten boord had gehangen, want 'Baat het niet dan schaadt het niet').

Op een gegeven werd het in de kuip zo gortig dat ik het werk maar even helemaal aan de stuurautomaat overliet, en ook bij de anderen in de kajuit ben gaan zitten, bovendien wilde ik een beetje uit de buurt van de verstaging blijven. De automaat had het er erg moeilijk mee, gierend van bakboord naar stuurboord schoten we als een zuipschuit door het water. Spannend, maar wonderlijk, zo snel als het gekomen was, zo snel was het weer over ook. Hooguit een uur heefd het hele feest geduurd, opluchting alom. Buiten het monotone geronk van de motor heerste er ineens een oorverdovende stilte. De atmosfeer was helemaal opgeknapt, windstil en glashelder zicht, beter dan we de hele dag hadden gehad. In de verte zagen we de navigatieverlichting van enkele schepen in de shipping lane. Toch mooi dat we daar niet zaten toen we door die donderbui werden overvallen!

Zomer 2001, Den Helder - Lerwick, ca. 600 mijl met 'Swing' (Catalina 34') bemanning: Ja., P, R en ondergetekende.

Deze keer een wat langere oversteek, ca. vier etmalen. Prachtige zeiltocht naar de Shetlandeilanden. Voorbij Schotland veranderd het karakter van de Noordzee gelijdelijk aan, en wordt de invloed van de Atlantische Oceaan aan merkbaar. Op een gegeven moment waanden we ons door de lange oceaandeining als het ware in de Ardennen of de Eifel. Een eindeloze cadans van berg op, berg af, prachtig. Echter de laatste nacht op zee trok de wind uit ZW richting aan tot 8 Bft. De bergen werden hoger, de dalen dieper, verschillen van meer dan 10 meter, heftig. In de kajuit klapte Ja. met z'n gezicht tegen de wand en brak z'n neus. Met de ruime koers die we voeren was het opletten geblazen om niet te gijpen. Maar toch gebeurde dat in de consternatie van de gebroken neus, op een gegeven ogenblik kwam de giek door een stuurfout met een vernietigende klap over. Door als de bliksem de motor bij te zetten en het voorzeil in te rollen, hadden we de 'Swing' in de enorme golven vrij snel weer op het goede oor liggen. Maar bij aankomst in Lerwick 's morgens vroeg, zagen we pas hoe hard de klap was aangekomen, tijdens de terugtocht via de Noorse fjordenkust, zouden we genoegen moeten nemen met een enigszins kromme giek. Hoog aan de wind zeilen konden we wel vergeten!

Voorjaar 2002, Larvik - Den Helder, ca. 420 mijl met 'Swing' (Catalina 34') bemanning: Ja., R en ondergetekende.

In de Duitse Bocht, even boven de shipping lane en de waddeneilanden diende de storm zich in de namiddag aan met 8 Bft. WNW. De hele dag was het al rumoerig geweest in het zwerk, maar dat was slechts de opmaat geweest voor het grotere werk. Even hebben we met de gedachten gespeeld om uit te wijken naar Helgoland, maar bij nader inzien leek ons dat toch geen goed plan. Doorgaan dus, grote warrige golven en pikkedonker, sowieso zagen we niks als we in een golfdal zaten. En aan de radar had ik ook even niks, het was één en al clutter. Om dat te kunnen zeven moest ik één hand vrij maken voor de knopjes, maar dat lukte me van geen kant. M'n stuurautomaat kon het natuurgeweld niet aan, en ik had beide handen nodig aan het roer om op koers te blijven. Stom, ik had het één en ander natuurlijk moeten instellen toen het nog kon. Met gekrulde teentjes van spanning, stoven we beide shippinglanes over op een puntje voorzeil en de motor bij, met een zicht van nul komma nul meter in de golfdalen. Het is goddank allemaal goed gegaan, maar toen we in de vroege ochtend in de verte de gigantisch wit schuimende zeeën boven de Gronden van Stortemelk zagen breken, leek het ons ondanks de afnemende wind maar beter deze afslag niet te nemen, en door te varen naar Den Helder waar we in de vroege ochtend aankwamen. Eenmaal afgemeerd in de haven, zijn we met z'n drieën onder invloed van een pikketanisje en een vriendelijk louterend ochtendzonnetje in de kuip, voor een paar uurtjes totaal van de wereld geweest!

donderdag, februari 13, 2014

H.L. in de Jordaan


Woensdagavond hadden we met z'n vijven weer eens een Herenleedje in Amsterdam. In het verleden was dat standaard zo, maar omdat de heren niet allemaal (meer) in Amsterdam wonen, houden we tegenwoordig de leedjes ook wel in Weesp, Almere en Harderwijk. Maar deze keer zaten we weer eens in café Hegeraad aan de Noordermarkt, al decennialang ons stamcafé. Het was druk en erg gezellig, en de biertjes en bitterballetjes smaakten weer als vanouds. Maar desalniettemin diende op een zeker moment de vraag zich op, wat en waar gaan we eten. Gelegenheden zat in de buurt, maar een blik door het raam deed ons al snel besluiten de wandeling in ieder geval kort te houden, hondenweer, het stormde en regende pijpenstelen!

Het was amper vijf minuten lopen naar restaurant "De Twee Grieken" in de Prinsenstraat. We hadden niet besproken, dat doen we trouwens maar zelden, maar ondanks een volle bak hadden ze toch nog een mooie ronde tafel voor ons klaar staan. Een prima plekje in de hoek! De juiste wijnkeuze hadden we vervolgens snel gemaakt, en met de menukaart waren we ook zo klaar. Proost jongens, op het leven maar weer. We hebben daar een paar genoeglijke uurtjes doorgebracht, lekker sfeertje en een perfecte bediening. Maar rond een uur of halfelf was het evengoed toch mooi geweest. Vroeger gingen we dan doorgaans nog een afzakkertje nemen in één of andere kroeg, maar dat doen we niet meer. De groeten thuis jongens, en tot de volgende keer maar weer.

woensdag, februari 12, 2014

My great plumbers


Kom eens even kijken riep J, allemachtig lekkage, en zo te zien is dat al een tijdje aan de gang ook. Het plafond in het slaapkamertje vertoonde recht onder de cv ketel die op zolder staat, een grote, enorm smerige vochtplek. Eigenlijk is het hele plafond naar de ratsmodee, dat wordt slopen want met een sausbeurtje los je dat niet op. Maar laten we eerst onze loodgieter maar weer eens bellen. Want volgens mij is de condensafvoer van de CV ketel verstopt. Hoe kan dat nou, die hebben we toch juist een maand of drie geleden i.v.m. die lekkage beneden in de keuken over de parketvloer laten maken en verleggen? Ja dat is zo, maar ik zou niet weten wat het anders zou kunnen zijn.

Nog dezelfde dag hadden we onze man over de vloer. Zijn conclusie was dat een verstopping in de standleiding, waar de nieuw aangelegde condensafvoer van de CV ketel op aangesloten was, de boosdoener was. Samen met een collega zou hij de andere morgen komen om het euvel adequaat te verhelpen. Met een grote compressor, slangen, trekveren, een waterstofzuiger en weet ik allemaal niet wat nog meer, waren ze 's morgens al vroeg van de partij. Na enkele uren vergeefs porren, blazen en zuigen in en om de bewuste standleiding op zolder, verplaatste het werkterrein van de boys zich voor een kijkoperatie ineens naar de kruipruimte onder de begane grondvloer. En wat bleek, de standleiding was nergens te vinden. Waarschijnlijk ooit in één of andere verbouwing in het verleden ontkoppeld van de hoofdafvoerleiding en nooit meer aangesloten omdat hij toch geen dienst meer deed. Stom, de CV ketel was enkele maanden geleden dus aangesloten op een loze standleiding! Toen die na verloop van tijd over de volle drie verdiepingen was gevuld met condenswater, begon de boel bij de ketelaansluiting over te stromen!

Toen ze eenmaal door hadden hoe de vork in de steel zat, was het euvel snel verholpen. Een nieuwe condensafvoer werd middels een soort van bypassconstructie aangesloten op een andere bestaande standleiding. Wat een gedoe! Loodgieter is volgens mij een bijzonder vak, en vermoedelijk moeilijker dan menigeen denkt. Hielden ze zich vroeger enkel bezig met het gieten van lood om gebouwen waterdicht te krijgen of loden pijpen te verbinden, tegenwoordig moeten ze ook verstand hebben van sanitair, warmtepompen, digitaal aangestuurde verwarmingsinstallaties, ingewikkelde rioleringsconstructies en weet ik wat nog meer. Geen sinecure, maar wel een dankbaar beroep lijkt me. Echter ondanks het feit dat het gros van de loodgieters z'n vak waarschijnlijk wel verstaat, in ieder geval de onze, gaat het evengoed wel eens mis. Waar gehakt wordt vallen spaanders!

maandag, februari 10, 2014

Kawah Ijen


'Vuurblauwe gloed' las ik zaterdag in een artikel van Martijn van Calmthout in Wetenschap, een bijlage van de Volkskrant. De fascinerende kleurenfoto van de Kawah Ijen vulkaan op Oost-Java, Indonesië, die was toegevoegd, maakte duidelijk wat Calmthout met de titel van zijn stukje bedoelde. De overkokende krater van de Kawah Ijen niet in het min of meer bekende geel en/of rood van vloeibaar lava, maar in een mysterieus diep intens blauw, prachtig!



Echte lava komt op de min of meer inactieve vulkaan niet voor. De blauwe vlammen zijn afkomstig van zwavel, een mineraal dat onder invloed van stoom uit de berg al bij 115 graden celsius over de kraterrand vloeit, waar het in de buitenlucht al snel weer tot vaste stof overgaat. Om het stollingsproces echter te vertragen wordt het zwavel dicht bij de kraterrand in brand gestoken, waardoor het langer vloeibaar blijft en naar de lagere regionen op de berghelling kan druipen om daar, een beetje uit de buurt van de verstikkende zwaveldampen in gestolde toestand gewonnen te worden.

Het is daar geografisch gezien een bizar gebied, een soort van maanlandschap. We hebben eens op een vroege ochtend, nog voor zonsopkomst, op de kraterrand van de Bromo gestaan. Een in activiteit onvoorspelbare vulkaan op ca. 200 km ten westen van de Kawah Ijen. (zie mijn stukje 'Bromo' van 16 augustus 2007) We waanden ons daar inderdaad min of meer op de maan. Indonesië, onderdeel van de z.g. 'Ring van Vuur' rond de Stille Oceaan kent veel van dat soort landschappen. De Indonesische archipel telt zo'n 400 vulkanen, waarvan er 129 nog actief zijn. Onlangs hebben we in de krant nog kunnen lezen dat de 'Sinabung' op Sumatra na 400 jaar rust weer tot leven is gekomen. Sinds september vorig jaar spuwt de berg bij tijd en wijle grote hoeveelheden lava, as en verderf over de omgeving.

Behoorlijk link allemaal! Alhoewel, een groot deel van ons kleine kikkerlandje ligt ver beneden zeeniveau, daar staan we gelukkig niet altijd bij stil maar dat is eigenlijk ook behoorlijk link!

woensdag, februari 05, 2014

Opgestoken in SM


Marcel Wanders (Boxtel, 1963) is één van de meest toonaangevende ontwerpers van de afgelopen decennia. Hij is rond 1996 tijdens de meubelbeurs in Milaan internationaal doorgebroken met 'Knotted Chair', een stoel van versterkt touw die hij (in samenwerking met de Technische Universiteit Delft) voor Droog Design ontwierp. Duurzaamheid vormt als regel de rode draad in het oeuvre van Marcel Wanders. Over de 'Knotted Chair' schijnt hij destijds te hebben gezegd: 'Ik wilde een stoel maken die zegt: "Ik ben met liefde ontworpen, ik ben met aandacht gemaakt, het was niet gemakkelijk maar de moeite waard. Ik zal je dienen voor de rest van je leven".' Wanders vind het belangrijk om mensen en producten te verbinden. Een product moet vertrouwd voelen. Daarom kiest hij voor elementen die voor iedereen herkenbaar zijn, bijvoorbeeld omdat ze op historische inspiratiebronnen zijn gebaseerd. Hij wil daarmee waardevolle ontwerpen vervaardigen, producten voor het leven.

Nou dat is hem tot nu toe goed gelukt. Zijn expositie 'Pinned Up, 25 jaar vormgeving' in het Stedelijk Museum in Amsterdam dwingt respect af. Temeer daar de uitleg van zijn creaties een belangrijke factor van de expositie is. De visie erachter blootleggen, laten zien hoe rijk het inhoudelijk is. Een lust voor het oog allemaal!



Toen we vandaag rond het middaguur onze auto weer wilden opzoeken in parkeergarage Museumplein, liepen we voor het Concertgebouw Thijs, onze 16 jarige kleinzoon tegen het lijf die daar in die buurt op de middelbare school zit. Hij had pauze en wilde net met een paar klasgenoten, ook al van die lange kornuiten, bij AH naar binnen stappen voor een (gezonde?) snack neem ik aan. De ontmoeting was dan ook van korte duur maar wel even leuk!

Onderweg naar huis kregen we allebei zo'n trek in iets, dat we toch maar besloten om in Muiden even een pitstop te maken bij Brasserie & Wijnbar Fort H voor een gezond broodje waldkorn, nou ja gezond? Maar wel heel lekker!

maandag, februari 03, 2014

kasteel 't nijenhuis


Zondagmorgen waren we er vroeg bij, we waren zelfs een tijdje de enige bezoekers in kasteel 'het Nijenhuis'. En zo konden we het werk van kunstschilder Jan Voerman (Kampen,1857 - Hattem,1941) in alle rust bekijken. Ongeveer 60 schetsen (uit de nalatenschap van acteur Henk van Ulsen) en ruim 100 schilderijen en aquarellen waren er van 'de IJsselschilder' te zien. Een prachtig oeuvre van weidse landschappen, stille wolkengezichten, grazende koeien en lieflijke bloemstillevens.

Prachtige stapelwolken boven eindeloze verten, het was het handelsmerk van Voerman. Zijn IJssellandschappen zijn ongeëvenaard. Jan Voerman werkte praktisch zijn hele leven aan de IJssel. In zijn omvangrijke oeuvre komen de tradities van de Hollandse 17de-eeuwse landschapsschilderkunst en het 19de-eeuwse impressionisme van de Haagse School in een oorspronkelijke beeldtaal samen.

Ondanks de grote bekendheid van zijn werk, in het Voerman Museum in Hattem hebben we ook al het één en ander van hem gezien, blijft zijn werk ons boeien. Buiten gebeurden er echter ook boeiende dingen, we kregen er de voorjaarskriebels van. We hebben ons bezoek aan 'het Nijenhuis' dan ook maar afgerond met een heerlijke wandeling door de beeldentuin!

zaterdag, februari 01, 2014

een filmfestivalhit


Gisteren in film instituut Eye in Amsterdam 'The Selfish Giant' gezien, een festivalhit in Rotterdam op het Internationaal Film Festival. En met recht, de volle 93 minuten hield de Engelse regisseuse Clio Barnard ons met deze prachtige maar hartverscheurende film bij de les. In het kort: Jonge tiener Arbor (Conner Chapman) uit de Britse onderklasse wordt van school getrapt, en begint samen met zijn goedmoedige vriendje Swifty (Shaun Thomas), die eveneens van school is gestuurd, in de arme buurten van Bradford een handeltje in schroot. Met paard en wagen, zoals dat traditiegetrouw gebeurt in Bradford, een stad in het noorden van Engeland, waar de economische crisis flink heeft huisgehouden, trekken ze er dagelijks op uit. Ze stelen alles wat los en vast zit, veelal op aanwijzingen van Kitten (Sean Gilder) de schroothandelaar die hun waar opkoopt. De jongens scharrelen rond in een desolate, maar schitterend in beeld gebrachte omgeving.

Het meest verdienden de jongens uiteraard aan koper, ze presteerden het om een gigantische rol koperdraad achter de rug van een wegwerker op hun wagen te laden. In het open veld werd vervolgens het omhulsel eraf gebrand, waarna Kitten de kale draad voor een paar cent van ze overnam. Maar het ging goed mis toen ze een dikke hoogspanningskabel probeerden te jatten. Daarbij kwam de goedmoedige Swifty door elektrocutie om het leven.

De film liet feilloos zien wat het lot van kinderen doorgaans is in armoedige achterbuurten. In de angstaanjagende aso buurt van Bradford hadden de jongens door gebrek aan rolmodellen geen schijn van kans om iets van hun leven te maken.
'The Selfish Giant' is prachtig qua beeld, zelfs de grimmige koeltorens van een kolencentrale hebben in het desolate landschap nog een zekere schoonheid. Het verhaal echter is wreed, hartverscheurend en ontdaan van welke vorm van schoonheid dan ook. Een zeer indrukwekkend verhaal, we waren er stil van!

vitaal oud worden


De oudste mens aller tijden is 122 geworden. En de eerste die 135 wordt, is al geboren. Wat betekent dat voor de kinderen van nu? Weten zij dat ze eeuweling worden? Beseft een 70-jarige dat hij nog maar net komt kijken? Op deze vragen en vele andere geeft Rudi Westendorp antwoord in 'Oud worden zonder het te zijn'. Hij legt hierin uit waarom we ouder en ouder worden en hoe we dat lange leven de baas kunnen blijven. Oud worden zonder het te zijn is hét boek over hét onderwerp van de 21ste eeuw. Het belicht onze levensloop van alle kanten - van biologie en geneeskunde tot zorg en maatschappij.

Het was donderdagavond mudjevol in 'Brasserie De Bank', voor deze avond weer omgedoopt tot 'Science Café Harderwijk'. Genoemd onderwerp spreekt een massa mensen blijkbaar erg aan. Na het welkomstwoord van Jan Douwe Kroeske, nam Prof. Dr. Rudi Westendorp, hoogleraar Interne Geneeskunde bij het Leids Universitair Medisch Centrum het woord. Tegenwoordig is volgens Westendorp oud het nieuwe jong! De tijd dat pensionado's achter de geraniums verdwenen ligt al een tijdje achter ons. Tegenwoordig worden er tot ver na het met pensioen gaan nog allerlei activiteiten ontwikkeld, van lange reizen maken tot dansen bij een ouderensoos. En de gemiddelde levensverwachting blijft maar toenemen, de eerste mens die 135 jaar oud wordt is volgens Westendorp nu al geboren. Zijn boek 'Oud worden zonder het te zijn' heb ik gekocht, ben benieuwd, alhoewel hij die avond uiteraard al een behoorlijke tip van de sluier heeft opgelicht. Maar over de mogelijk fysieke en maatschappelijke consequenties van het één en ander is overigens niet of nauwelijks nog gesproken. Problemen waar we ongetwijfeld mee te maken zullen krijgen, voer lijkt mij voor filosofen en demografen!

dinsdag, januari 28, 2014

8e zondag p.m.


Zondag werden we voor de 8e familiemiddag rond kwart over twee door J met koffie en koek verwelkomt op de parkeerplaats van restaurant-cafetaria het 'Roggebot-House'. Na de ontmoetingssessie zijn we met z'n allen via de Vossemeerdijk naar boswachterij 'Het Roggebotzand' gereden voor een wandeling van ongeveer een uurtje.

Na de drooglegging in 1958 van Oostelijk Flevoland is door Staatsbosbeheer boswachterij 'Het Roggebotzand' aangeplant. Het 750 hectare grote bosgebied is aangeplant op de Roggebot, een zandbank in de voormalige Zuiderzee, die voor de landbouw minder geschikt werd geacht. De aanplant bestond voornamelijk uit naaldhout en populieren ten behoeve van de houtproductie. Tegenwoordig is het echter een bosgebied dat zich door diverse ingrepen (deels vervangen van naald- door loofbomen en aanleggen van waterpartijen en bosweides) heeft ontwikkeld tot een heel gevarieerd natuurgebied. Een prachtig wandelgebied ook, opvallend vond ik de vele Elzenkatjes, heerlijk, de opmars naar het voorjaar!

Ergens verscholen in dit fraaie natuurgebied ligt ook nog 'Het Grote Kabouterbos', leuk voor kinderen van 0 tot 80 jaar. We moesten om er te komen wel weer even een stukje met de auto, maar toen hadden we ook wat, alles was kabouter om ons heen. Ik zal niet zeggen aan wie ik vroeg of ze nog in kabouters geloofde, maar haar antwoordt was duidelijk: Jazeker, volgens mij zit ik nu zelfs met een kabouter te praten! Aha leuk hoor, maar dat we daar wederom door J werden getrakteerd op een kopje koffie dan wel iets anders met of zonder gebak, was uiteraard nog leuker.

En ja toen werd het zo langzamerhand tijd om ons naar huize 'het Havikskruid' te begeven voor het aperitief, het diner en weet ik wat nog meer. Muziek, gekeuvel, heerlijke hapjes het hield niet op, zoals altijd weer een gezellige boel. Maar de verschillende pasta's, waar ik natuurlijk een beetje teveel van gegeten heb, spanden de kroon, allemachtig wat lekker! Wat er trouwens in het eten zat is me een raadsel, want we werden er met z'n allen alsmaar vrolijker van. Er werd zelfs een poosje gedanst op ouwe toppers uit de sixties, prachtig. Het was weer een heel genoeglijk middagje, nou ja middagje, we waren geloof ik 's avonds rond een uur of tien thuis.

zaterdag, januari 25, 2014

Boulevardbeelden


Een ons aangeboden vijf gangenmenu in 'De Eetkamer van Scheveningen' wilden we gisteren combineren met een bezoek vooraf aan het Haagse Gemeentemuseum. Maar dat liep een beetje anders, een werkbezoekje in Amsterdam liep iets uit, en in Den Haag miste ik een afslag waarna we vervolgens ook nog vast liepen in de spits. Het museumbezoek konden we vergeten! Jammer, maar met een wijntje in restaurant 'de Dagvisser', uitkijkend over de ons zo bekende (jacht)haven, waren we de lichte teleurstelling snel te boven.

Vervolgens hebben we, na een rondwandelingetje in het havengebied, de auto nabij museum 'Beelden aan Zee' geparkeerd. Daar hebben we ons op de boulevard een tijdje vermaakt bij de sprookjesachtige beelden van de Amerikaanse beeldhouwer Tom Otterness, die daar na de renovatie van de boulevard een nieuwe plek hebben gekregen. Een mooiere entree kan museum 'Beelden aan Zee' zich volgens mij niet wensen. En met de beelden is uiteraard ook een aparte dimensie toegevoegd aan de boulevardbeleving. De beeldengroep bestaat uit drie grote en twintig kleinere beelden, waarvan de uit de kluiten gewassen Haringeter het icoon van de boulevard is geworden. Het zijn allemaal in brons gegoten beelden die over wereldwijd bekend staande sprookjes gaan zoals Pinocchio, Gulliver, Hans en Grietje en Geppetto.



Dit korte animatiefilmpje is in opdracht van de gemeente Den Haag gemaakt. De film toont de zelfstandige zoektocht van de beelden naar hun nieuwe locatie op de gerenoveerde boulevard van Scheveningen.

Prachtig, maar na al dit moois waren we toe aan ons vijf gangenmenu in 'De Eetkamer van Scheveningen' een paar straatjes verderop. En daar hebben ze ons culinair een goed deel van de avond aardig weten te verwennen, nog bedankt E!

donderdag, januari 23, 2014

avantgardistisch elan





Er is de laatste tijd een hoop heibel in het Groninger landschap. Decennia lang wordt daar al gas uit de grond gehaald, waar we in ons landje overigens tot op de dag van heden wel bij varen. Probleem is echter dat het landschap steeds verder wegzakt en de grond er regelmatig beeft. Dat is beangstigend voor de bewoners in het gebied, maar dat niet alleen, menig huis in die regio scheurt ook nog eens naar de ratsmodee. Emoties lopen hoog op, begrijpelijk en volgens mij terecht, dat de bewoners recent in verweer gekomen zijn tegen de huidige gang van zaken in hun geliefde regio!

Afgelopen zondag hebben we in het Groninger Museum o.m. de tentoonstelling: Met avantgardistisch elan: De Ploeg in Groningen gezien. Een tentoonstelling van en over kunstkring De Ploeg, in 1918 opgericht door een aantal Groninger kunstenaars. Volgens kunstschilder Jan Altink moest destijds het kunstleven in Groningen eens flink worden omgeploegd, anders zou de kunst in die regio nooit tot ontkieming komen. Een uitstekend gekozen naam voor het kunstenaarscollectief bleek achteraf, de verschillende kunstenaars legden in de daarop volgende jaren een avantgardistisch elan aan de dag, en stonden open voor de verwerking van allerlei nieuwe invloeden. Er ontstond een schilderkunst die vele raakvlakken had met het Duitse expressionisme. Daarbij was het weidse Groninger landschap een belangrijk onderwerp van hun kunst. Karakteristieke landschappen met hoge horizonten en in de verte verdwijnende wegen en sloten. De uitgestrekte ruigheid van het Groninger landschap werd in de meest prachtige kleuren op het doek uitgedrukt. Gronings expressionisme zal ik maar zeggen.

Het zal me niet verbazen als de recente ontwikkelingen in het weidse Groninger landschap de inspiratiebron zullen vormen voor een afgeleide of nieuwe stroming in de expressionistische schilderkunst. Een vorm van neo- of protestexpressionisme, zoiets. Dat de kunstenaar van nu zal proberen, zijn of haar ervaringen en gevoelens in een hedendaags idioom uit te drukken. Al zal dat uiteraard ook weer een vertekening van de werkelijkheid zijn!

dinsdag, januari 21, 2014

Woelig decennium


De autorit zondag naar het Groninger Museum was wel heel rustig. Af en toe hadden we de A28 bijna alleen voor ons. Wel lekker trouwens die rust, ik ga er vaak een beetje van mijmeren. In de buurt van De Punt moest ik denken aan de Molukse treinkapers die daar in 1977 een gewelddadige dood hebben gevonden. Afgelopen zaterdag zijn ze daar door een handje vol nabestaanden en één kaper, die de bestorming heeft overleefd herdacht. Ik heb de TV beelden van destijds bij wijze van spreken nog op m'n netvlies staan, 37 jaar geleden alweer! Wat was dat voor een tijd, en wat deed ik toen eigenlijk?
Achteraf heb ik wel eens gedacht, dat het geloof in een alleszins mooie samenleving ons in de tweede helft van de zeventiger jaren gaandeweg een beetje in de schoenen is gezakt.

De eerste helft voelde nog min of meer als een optimalisering van de jaren zestig. Verwarrend dat wel, maar we waren hoopvol, optimistisch en vooral ook links, want we wilden uiteraard voor vol worden aangezien. De toekomst lag open, we hadden het over vrijgestelden en onafhankelijken en eisten overal vrijheden op. Op school, op het werk, in het leger en eigenlijk ook in bed. We hadden een grote mate van actiebereidheid en protesteerden tegen van alles en nog wat. In die geest probeerden we onze kinderen ook op te voedden. En inherent aan onze kleurrijke geesten, hadden onze interieurs thuis ook alle kleuren van de regenboog. En dan die feestjes, om de haverklap organiseerden we een feestje om de één of andere reden of werden we uitgenodigd. Vrolijke dansfeestjes met wiet, wierook en vloeistofdia's die we dan zelf maakten (zie o.a. mijn stukje 'vloeistofdia's' van 26 september 2006)

Maar geleidelijk aan veranderde de sfeer in de jaren zeventig. Natuurlijk die feestjes was je wel een keer zat. En uiteraard was de toenemende aandacht voor gezin, studie en carrière ook wel een beetje debet aan de veranderende sfeer. Maar dat was niet de oorzaak van de sfeer verandering, gelukkig maar trouwens. Heftige gebeurtenissen buiten de deur lagen aan de verandering ten grondslag. Bezettingen, de treinkapingen in de jaren '75 en '77 bij Wijster en De Punt, moordaanslagen dat soort dingen. En een oliecrisis was er o.m. debet aan dat het economisch ook bergafwaarts ging. Bezuinigingen en werkloosheid was het gevolg. Eind jaren zeventig was de sfeer in de samenleving volgens mij 180º gedraaid. In een periode van pak weg tien jaar waren we met z'n allen van een hoopvol optimisme tot een min of meer hopeloos cynisme vervallen. Maar gelukkig waren we evengoed gezond en hadden we als gezin humor en aandacht voor elkaar, thuis was het daarom plezierig en gezellig. En eigenlijk viel het voor de meesten van ons daarom met alle sores buiten de deur ook wel mee!

Tjonge, waar dat gemijmer al niet toe leiden kan tijdens zo'n ritje naar het Groninger Museum. Ik hou er ook mee op, je schiet er niks mee op. Bovendien waren we een decennium later weer allemaal hoopvol en optimistisch gestemd. En nu, ja wat nu, ik denk dat we nu weer onder in een dal zitten. Om daar uit te komen kunnen we dus maar één kant op, en dat is omhoog. Wat willen we nog meer!

zaterdag, januari 18, 2014

IJssel-wrak Kogge


Een museum aan de oever van de IJssel, met onder het wateroppervlak het veertiende of vijftiende eeuwse wrak van de daar in 2011 gevonden Kogge, en dobberend daarboven de Kamper Kogge, de fraaie replica die we een tijdje geleden nog zo uitgebreid hebben bekeken. Het plan van maritiem archeoloog David Bouman om het laat middeleeuwse koggewrak op deze wijze te exposeren, is afgelopen week in het stadhuis aan het Kamper gemeentebestuur gepresenteerd. Een koggemuseum bestaande uit drie onderdelen! Een multimediale expositie in een centraal gebouw op de wal, van daaruit kan je vervolgens afdalen om het wrak onder water te bekijken, en als klap op de vuurpijl zou je dan ook nog een rondje op de IJssel kunnen gaan varen met de aan de oppervlakte dobberende replica.

Ik vind het een prachtig plan van Bouman, maar de eeuwige vraag is natuurlijk weer of het ook een haalbaar plan is. Mijn gevoel zegt dat met een slimme aanpak zo'n uniek plan te exploiteren moet zijn. Maar we leven in een tijd met heel veel prioriteiten, dus zal er denk ik nog veel water door de IJssel stromen, voordat er omtrent dit plan enige duidelijkheid zal komen. Het college was enthousiast over het plan van Bouman las ik, op termijn zullen we dan ook vast en zeker wel een keer zien hoever ze daarmee komen in Kampen.

woensdag, januari 15, 2014

Affiches & Posters


De relatie tussen design en wat er te bieden is, wordt vaak gelegd middels een affiche of poster. Eén van de meest directe verschijningsvormen in onze maatschappij. Maar gezien de technologische en digitale ontwikkelingen vraag ik me wel eens af of het affiche, poster of aanplakbiljet nog wel het geëigende medium is om de ander te informeren en te stimuleren om te komen naar wat er gaande is. Ik hoop echter niet dat het affiche door al die digitale mogelijkheden langzaam maar zeker uit de tijd zal raken.

Vroeger hadden we altijd wel een paar actuele posters als een vorm van wandversiering aan de muur hangen. En als het niet meer actueel was of omdat je er op een gegeven ogenblik op uit gekeken was, kwam er weer een nieuwe. Een vriend van me destijds spande de kroon, die had zijn woonkamer behangen met een PAN AM billboard van een Boeing 747. De jumbo jet op een billboard oogt in een weiland naast de snelweg al groot, in dat woonkamertje was het gigantisch, de hele kamer rond. Te gek natuurlijk, maar hij vond het mooi. In Hoorn zijn we ook wel eens naar het Affiche Museum geweest, mooie creaties die een prachtig tijdsbeeld geven.

Maar één van de mooiste affiches vind ik nog altijd de vrouw met de blote koe in een weiland. Het was de verkiezingsposter van de PSP (Pacifistisch Socialistische Partij) uit 1971. Saskia Holleman (1945-2013) in een ontwapenende pose met een koe naar een ontwerp van George Noordanus en fotograaf Hendrik Jan Koldeweij. Het affiche werd verkozen tot beste Nederlandse verkiezingsaffiche aller tijden, en is vertegenwoordigd in tal van museumcollecties, waaronder het Rijksmuseum. Wij hadden de poster destijds niet alleen thuis hangen maar ook op de tekenkamer. Weinigen van ons stemden PSP, maar de poster vonden we allemaal klasse!

Een icoon, de beste verkiezingsaffiche aller tijden in Nederland las ik ergens, ik geloof het zo. Een prachtige poster, maar bij ons, jonge honden als we waren in 1971, schoot de eigenlijke boodschap om de één of andere reden toch zijn doel voorbij.

zondag, januari 12, 2014

Hodgepodge in concert


Gisterochtend was 'Hodgepodge' voor de tweede maal in concert in de prachtige Catharinakapel aan het Kloosterplein in Harderwijk. Aan de reacties van het publiek te horen was het een geslaagd concert. Altijd lekker als we dat tijdens het optreden merken, je gaat er gewoon beter van spelen. Want hoe vaak we ook optreden, altijd weer is er toch die spanning vooraf. Gaat het allemaal lukken zoals we het in ons hoofd hebben en hoe komen we dan over, van dat soort vragen. Kwam deze keer bij, dat ik een optreden in een gezellige roezemoezerige kroeg gevoelsmatig van een andere orde vind, dan een concert geven in de Catharinakapel, waar de mensen toch meer komen om echt te luisteren.

Goed, het liep dus allemaal redelijk gesmeerd. Even was er nog discussie over met of zonder versterking spelen, maar na een paar proefnummers vooraf waren we daar snel uit. De ruimteakoestiek van de Catharinakapel is haast perfect voor een on-versterkt optreden. De nagalmtijd is weliswaar iets aan de lange kant, maar dat is peanuts, dat mag nauwelijks naam hebben. Echter toen we tijdens ons empirisch onderzoekje vooraf, de decibellen middels onze versterker kunstmatig wat opvoerden, namen de geluidsreflecties uiteraard ook toe, waardoor de iets te lange nagalmtijd wel een probleem werd. Hoe dan ook, we hebben lekker gespeeld zonder versterking!
Eerlijkheidshalve moet ik wel zeggen, dat ik tijdens de pauze en achteraf ook van sommige mensen te horen heb gekregen dat het allemaal mooi was wat we deden, maar dat we evengoed achter in de zaal soms toch moeilijk te verstaan waren. Misschien moeten we ons hier bij een eventueel volgend on-versterkt optreden meer tussen het publiek opstellen.



We hadden een aardig repertoire opgesteld voor deze ochtend, van fraaie Ierse ballads tot meeslepende temponummers. De tijd vloog echter zo snel voorbij dat we niet aan alles zijn toegekomen. Vanaf halfelf tot twaalf uur is natuurlijk ook maar even, en dan ging er ook nog ruim een kwartier pauze vanaf. Jammer, al hadden we bij wijze van spreken van alle nummers temponummers gemaakt, dan nog waren we tijd tekort gekomen. Mogelijk zijn we met ons repertoire van ongeveer 33 uitgezochte songs iets te enthousiast geweest. Het voordeel is natuurlijk wel, dat we nu de niet gespeelde nummers nog te goed hebben, want we komen uiteraard met heel veel plezier nog eens terug in die prachtige Catharinakapel!

donderdag, januari 09, 2014

een middagje Eye


Voor een studioprojectje moest ik even in Amsterdam zijn. Als we (J gaat dan vaak even mee) er toch zijn, knopen we er meestal wel een bezoekje aan één of ander museum o.i.d. aan vast. Deze keer hebben we ons weer eens op het Eye gefocust. Dat spectaculaire gebouw aan de noordkant van het IJ, schuin tegenover het Centraal Station. Het filmmuseum, naar een ontwerp van het Weense architectenbureau Delugan Meissl Associated Architects, met een panoramisch uitzicht op het IJ, verandert voortdurend terwijl je erdoorheen loopt. Het samenspel van licht, ruimte en beweging, heeft als zodanig veel gemeenschappelijks met architectuur. Maar dit verder terzijde, we kwamen hier nu voor twee dingen t.w. de tentoonstelling The Quay Brothers' Universum en de muziekfilm 'Inside Llewyn Davis'.

The Quay Brothers' Universum.

De Amerikaanse eeneiige tweeling Stephen en Timothy Quay (1947, Norristown, Pennsylvania U.S.) studeerden aan de Philadelphia College of Art waarna ze naar Londen vertrokken om daar aan het Royal College of Art te studeren. En sindsdien wonen en werken ze daar ook. De expositie in het Eye van hun werk die daar nog tot maart 2014 te zien is, bestond uit een raadselachtig en duister oeuvre van animatiefilms, tekeningen en muziekensceneringen. De films werden getoond te midden van bijzondere inspiratiebronnen als artefacten uit wetenschappelijke verzamelingen, rariteitenkabinetten en vroeg 20e eeuwse tekeningen van psychiatrische patiënten.



Een interessante, maar ook bijzonder raadselachtige overzichtstentoonstelling van het werk en leven van de Quay Brothers.

Inside Llewyn Davis.

Na de lunch in het nabij gelegen cafe restaurant 'De Pont' hebben we in cinema 2 van het Eye de film 'Inside Llewyn Davis' gezien. Een film van de broers Ethan en Joel Coen over een enigszins mislukte muzikant in het New York van 1961. Daar in een rokerig kroegje in het folkwijkje Greenwich Village speelde Llewyn zijn ingetogen liedjes die min of meer aan het genre van Bob Dylan deden denken. Maar een doorbraak wilde maar niet komen. Vol afgunst voor collega-folkies die het beter deden dan hij, hunkerde Llewyn naar succes, maar dan wel in de juiste, niet-commerciële vorm. Met tegenzin schikte hij zich af en toe als sessiemuzikant.



De klaplopende bankslaper Llewyn wilde maar geen consessies doen. De een op de andere tegenslag was het gevolg. Maar op een gegeven moment diende zich een mogelijk keerpunt aan toen Llewyn in zonderling gezelschap, waaronder een rossige kat en een manke jazzpurist mee kon liften naar Chicago, om daar een grote platenbaas te treffen. Maar ook dat liep uiteindelijk weer op niks uit. Het was niet anders, voor folkmuzikant Llewyn was nog hooguit een bestaan in het schnabbelcircuit weggelegd.

Een mooie gevoelige film, een sfeervol, authentiek portret van een tijdperk, en van iemand in de kantlijn van de muziekgeschiedenis!

Nevenstaande voetnoot van Arnon Grunberg kwamen C en ik een paar dagen later tegen op de voorpagina van de Volkskrant. Een zienswijze waar ik me zeker in vinden kan.

dinsdag, januari 07, 2014

de 'Cannenburch'


Het was afgelopen zondag weer om er op uit te trekken. Een ochtendwandelingetje om en nabij kasteel de Cannenburgh in Vaassen leek ons wel een goed plan. De autorit over de Veluwe naar het kasteeltje aan het Maarten van Rossumplein in Vaassen stemde ons al vrolijk. 't Was af en toe best een beetje uitkijken met die laag staande zon, maar de lichtval door de kale bomen was prachtig. En ik spreek niet alleen voor mezelf als ik zeg, dat onze vrolijke stemming ook sterk ingegeven werd door de wetenschap, dat de zon voor ons weer aan de goeie kant van de evenaar staat. Het is natuurlijk overdreven om nu al te zeggen, dat het voorjaar tussen onze oren gekropen is, maar het stond zeker al te lonken!

Kasteel de Cannenburgh in Vaassen (gesticht in de 14e eeuw) is een ratjetoe van allerlei metselwerkstijlen, die in de loop der tijd het kasteel het uiterlijk van een eindeloos verstelde spijkerbroek hebben gegeven. In één van de hoeken is nog een stukje middeleeuws metselwerk bewaard gebleven, met daarin ingemetselde kruis-ruit-figuren als muurversiering. Waarschijnlijk behoren deze geornamenteerde stukjes metselwerk tot de oudste muurgedeelten van het kasteel, en moeten we ons het hele oorspronkelijke kasteel op deze manier voorstellen.
Hoewel het kasteel werd herbouwd als ware het een middeleeuwse burcht, blijkt uit verschillende elementen, dat het echte kastelentijdperk al voorbij was, want er werden verscheidene versierende elementen aangebracht, zoals de gebeeldhouwde schelpmotieven in de gevels.
Dat was tamelijk nieuw voor deze streken. Voor het kasteel klaar was overleed Marten van Rossem, die sinds 1543 eigenaar was van de Cannenburgh, in 1555. Zijn opvolger, Hendrik van Isendoorn, voltooide het bouwwerk. Hij liet in de poorttoren een beeld van Marten van Rossem in harnas aanbrengen. Nog steeds siert de krijger kasteel de Cannenburch.
De illustere Marten van Rossem (1478-1555) droeg de volgende titels: Heer van Poederoyen; Pandheer van Bredevoort; Heer van de Cannenburch; Maarschalk van Gelderland; Later heer van Lathem en Baer.

Goed, genoeg over het kasteel en zijn illustere bewoners. De wandeling door het fraaie parkbos met weilanden en vijvers was heerlijk. Begeleid door het veelvuldige getimmer van een specht (Ik begrijp nooit hoe zo'n vogeltje zoveel decibellen kan produceren op die massieve beukenstammen) hebben we daar een uurtje rondgelopen. En na een bakje koffie onder de gewelven van het kasteel, hebben we de auto weer opgezocht.

zaterdag, januari 04, 2014

Een beter oord!


Carla uit A'dam stuurde me vandaag een aardig filmpje toe, getiteld 'A Better Place|Playing For Change' Een betere plek, spelen voor verandering! Het filmpje dat in 2012 op de Internationale Dag van de Mensenrechten is uitgebracht, wil laten zien dat de ware verandering voor het welzijn van iedereen uit de harten van de mensen moet komen. Muziek verbind mensen en kan van dit ondermaanse voor iedereen een beter oord maken!



Cynisme kwam even heftig om de hoek kijken, maar die liet ik er deze keer niet in! Ontroering en geloof in een betere wereld was hier meer op z'n plaats. Hoe dan ook, ik werd er even heel blij van!

De dag van de mensenrechten is een dag die jaarlijks wereldwijd wordt gevierd op 10 december. Deze datum werd gekozen door de Verenigde Naties ter viering van het feit dat op 10 december 1948 de Universele verklaring van de rechten van de mens werd aangenomen door de Algemene vergadering. De viering werd ingesteld in 1950, toen de vergadering alle landen die lid waren van de VN uitnodigde om deze gebeurtenis te vieren.
De dag is een hoogtepunt op de kalender in het VN-hoofdkwartier in New York City. Elke vijf jaar wordt op deze dag de mensenrechtenprijs van de Verenigde Naties uitgereikt. Veel andere mensenrechtenorganisaties, zoals Amnesty International, grijpen deze dag aan om nog eens extra aandacht te vestigen op aandachtspunten, of om eigen prestaties op het gebied van mensenrechten te vieren.
Wereldwijd is er slechts 1 uitzondering op de datum waarop de dag wordt gevierd. In Zuid-Afrika viert men de dag op 21 maart ter nagedachtenis aan het Bloedbad van Sharpeville. Aldus Wikipedia.

woensdag, januari 01, 2014

Wie schrijft die blijft!


Vaker schrijven in dit nieuwe jaar, het is leuk en je krijgt de tijd beter te pakken, schrijft C. Want de tijd vliegt immers, en al schrijvend beleef je alles twee keer. Goeie voornemens, dat wordt genieten met al dat leesvoer! Ik hoop wel dat ze zich er aan kan houden, maar dat zal haar ongetwijfeld lukken. Bovendien, wie schrijft die blijft! Dat wisten de oude Romeinen al volgens bartjens. Alleen zeiden die het wat mooier n.l. Verba volant, scripta manent. Ofwel het gesproken woord vervliegt, het geschreven woord blijft.

Veel geluk in het nieuwe jaar, schrijf lekker en blijf gezond!