dinsdag, januari 07, 2014

de 'Cannenburch'


Het was afgelopen zondag weer om er op uit te trekken. Een ochtendwandelingetje om en nabij kasteel de Cannenburgh in Vaassen leek ons wel een goed plan. De autorit over de Veluwe naar het kasteeltje aan het Maarten van Rossumplein in Vaassen stemde ons al vrolijk. 't Was af en toe best een beetje uitkijken met die laag staande zon, maar de lichtval door de kale bomen was prachtig. En ik spreek niet alleen voor mezelf als ik zeg, dat onze vrolijke stemming ook sterk ingegeven werd door de wetenschap, dat de zon voor ons weer aan de goeie kant van de evenaar staat. Het is natuurlijk overdreven om nu al te zeggen, dat het voorjaar tussen onze oren gekropen is, maar het stond zeker al te lonken!

Kasteel de Cannenburgh in Vaassen (gesticht in de 14e eeuw) is een ratjetoe van allerlei metselwerkstijlen, die in de loop der tijd het kasteel het uiterlijk van een eindeloos verstelde spijkerbroek hebben gegeven. In één van de hoeken is nog een stukje middeleeuws metselwerk bewaard gebleven, met daarin ingemetselde kruis-ruit-figuren als muurversiering. Waarschijnlijk behoren deze geornamenteerde stukjes metselwerk tot de oudste muurgedeelten van het kasteel, en moeten we ons het hele oorspronkelijke kasteel op deze manier voorstellen.
Hoewel het kasteel werd herbouwd als ware het een middeleeuwse burcht, blijkt uit verschillende elementen, dat het echte kastelentijdperk al voorbij was, want er werden verscheidene versierende elementen aangebracht, zoals de gebeeldhouwde schelpmotieven in de gevels.
Dat was tamelijk nieuw voor deze streken. Voor het kasteel klaar was overleed Marten van Rossem, die sinds 1543 eigenaar was van de Cannenburgh, in 1555. Zijn opvolger, Hendrik van Isendoorn, voltooide het bouwwerk. Hij liet in de poorttoren een beeld van Marten van Rossem in harnas aanbrengen. Nog steeds siert de krijger kasteel de Cannenburch.
De illustere Marten van Rossem (1478-1555) droeg de volgende titels: Heer van Poederoyen; Pandheer van Bredevoort; Heer van de Cannenburch; Maarschalk van Gelderland; Later heer van Lathem en Baer.

Goed, genoeg over het kasteel en zijn illustere bewoners. De wandeling door het fraaie parkbos met weilanden en vijvers was heerlijk. Begeleid door het veelvuldige getimmer van een specht (Ik begrijp nooit hoe zo'n vogeltje zoveel decibellen kan produceren op die massieve beukenstammen) hebben we daar een uurtje rondgelopen. En na een bakje koffie onder de gewelven van het kasteel, hebben we de auto weer opgezocht.

Geen opmerkingen: