vrijdag, mei 06, 2016
over de laatste zussendag plus
De broertjes mochten al eerder mee met de jaarlijkse zusjesdag. Dit jaar werden de handen wederom over de zusterlijke hartjes gestreken, en mochten de zwagertjes ook van de partij zijn. Een nieuwe familiedag was geboren! Zo begon op 11 mei 2014 mijn stukje
'tijdreis met boot en stoomtram' Een tripje dat door Hans en Carla was georganiseerd. Bijna een jaar later schreef ik op 7 mei in mijn stukje 'attracties en beslommeringen' over een zussendag die door Christien was georganiseerd het volgende: De ooit enkel als zussen- en schoonzussendag begonnen combi, werd na verloop van tijd een zussen-/schoonzussen- en broersdag. En inmiddels heb ik voor de tweede keer op rij de combi zussen-/schoonzussen-/broers- en zwagerdag meegemaakt. Mooi, maar onlangs, om precies te zijn op 3 mei 2016 hebben we alweer de laatste zussendag-plus mogen beleven. Want op zussendag 2017, die eis en weder dienende door Alida en Jeannette zal worden georganiseerd, zijn de mannetjes niet meer van de partij. En zo hoort het natuurlijk ook op een echte zussendag. Maar het is natuurlijk ook wel een beetje jammer, we begonnen na drie keer meedoen net te wennen aan dit familiefenomeen.
Dit stukje heet dan ook niet voor niets 'over de laatste zussendag plus' Het was een mooie dag, alles zat mee, sfeer, stemming en weer. Alvorens naar Amersfoort af te reizen voor een rondvaart door de grachten, hebben we eerst een tijdje bij ons op het terras koffie met gebak zitten nuttigen. We waren met z'n tienen, dus reden we vervolgens met twee auto's richting Amersfoort. Na deze onder het stadhuis te hebben geparkeerd, zijn we met z'n allen naar 'Waterlijn Rondvaarten' gewandeld in de Krommestraat. De rondvaart van ongeveer drie kwartier via de west route verliep als volgt: Langegracht-Kortegracht-Westsingel-Langegracht. Onderstaand filmpje is een leuke impressie van dit tochtje.
Leuk open bootje, paste allemaal precies, incl. stuurman en gids zat de boot vol. De gids die zich gezellig tussen ons in had genesteld heeft aan één stuk zo door drie kwartier zitten kletsen. Maar niet zomaar, hij wist praktisch over elk gebouw of bruggetje wel iets te melden. De Amersfoortse binnenstad ken ik als m'n broekzak, maar vanaf het water had ik het nog nooit zo bekeken. Prachtig, ik heb genoten, en ik niet alleen. Alvorens vervolgens in Harderwijk het Stadsmuseum te bezoeken, hebben we even op het terras van restaurant 'Hortustuin' een koele versnapering genomen. We zaten zo lekker dat er stemmen opgingen die zich afvroegen of we het Stadsmuseum niet beter konden vergeten. Maar de meerderheid koos er toch voor om zich aan het door Joke en Will bedachte programma te houden. En zo liepen we even later dus toch maar naar kunst en de geschiedenis van Harderwijk te kijken. De tentoonstelling 'Down Under' vond ik bijzonder, een unieke kennismaking met Aboriginal kunst uit Australië. Rond een uur of acht hebben we met een afsluitend etentje in restaurant 'Monopole' een punt achter deze, voor de mannetjes enigszins bijzondere maar leuke zussendag gezet.
donderdag, mei 05, 2016
Kasteel het Nijenhuis in Heino
![]() |
| 2016, de in aanbouw zijnde pijlerbrug. |
![]() |
| 'Prolong' 2008, Heringa/Van Kalsbeek. |
![]() |
| Coulissenlandschap 1982. Hans E. Koning |
Voor de terugweg naar huis hebben we de kortste weg weer genomen. Rond een uur of halfzes zaten we met onze oudste dochter tussen het ontluikende lommer van ons eigen tuintje, onder het genot van een wijntje, naar de bloemetjes en een paar zwerfkeitjes te kijken.
maandag, mei 02, 2016
over een avondje toffe muziek
De Ermelose Folkband Daddy-O stond afgelopen zaterdagavond voor een praktisch uitverkochte zaal in De Dialoog. De vijfkoppige band Daddy-O was met negen extra bandleden uitgebreid, vandaar Daddy-O XXL. Met 'The American Journey 2 show' zette ze een prachtige show neer waar iedereen volop van genoot. In de ca. 2 uur durende show werd een reis gemaakt door de Amerikaanse folkgeschiedenis van de afgelopen paar eeuwen, het oudste werk stamde zelfs uit 1720. Achter elk stuk, of het nou western, dixieland of keltisch was dat werd uitgevoerd ging een eigen geschiedenis en verhaal schuil. Veel bekende namen als Woody Guthrie, Pete Seeger, Bob Dylan, Bruce Springsteen en Paul McCartney passeerden de revue.
De prachtige show in de theaterzaal werd uiteindelijk uitgeluid met een paar doedelzakspelers, die vervolgens in de aula nog een poosje door bleven blazen. Een mooi concert, zang, muziek, belichting noem maar op, alles klopte behoorlijk. Af en toe een vals nootje, maar een kniesoor die daarop let. Toffe muziek, we vonden het in alle opzichten een geslaagd avondje!
vrijdag, april 29, 2016
Gouden toilet met Artist's shit
In mijn stukje 'Goeie shit' van 13 juli 2013 schreef ik over de blikjes 'Merda d'artista' uit 1961, ofwel over de uitwerpselen van de Italiaanse kunstenaar Piero Manzoni (1933-1963). Een serie van negentig blikjes, elk gevuld met 30 gram poep, per stuk te koop voor de dagprijs van 30 gram 18-karaats goud! Ik heb geen idee hoeveel blikjes van deze z.g. conceptuele kunst er zijn verkocht aan musea o.d.
maar zijn beroemdste werk in de catalogus van het 'Tate Modern' in Londen heet in ieder geval wel 'Artist's shit'. De reden om een museum voor beeldende kunst min of meer te ontheiligen met zulke laag-bij-de-grondse menselijke processen, is een protest tegen de absurde prijzen die voor moderne kunst moeten worden betaald.
Nu las ik onlangs in de krant, dat er binnenkort in het Solomon R. Guggenheim Museum in New York een 18-karaats gouden toilet wordt geplaatst. En niet alleen als kunstwerk maar ook als werkende vergaarbak voor menselijk afval. Over interactieve kunst gesproken! Ook de Italiaanse kunstenaar Maurizio Cattelan (1960) wil hiermee de obscene rijkdom in de kunstwereld aan de kaak stellen. Het Guggenheim verwacht dat de mensen in de rij zullen staan, om hun behoefte op het gouden potje te kunnen doen! Er schoot me, toen ik dat las, een ouwe mop over een gouden toilet te binnen, het slaat nergens op, maar voor de gein wil ik hem hier toch even kwijt.
Een man wordt 's morgens met een kater wakker nadat hij bij nieuwe mensen verderop in de straat een feestje heeft gehad. Ik heb weer eens te veel gedronken, mompelt hij voor zich uit, en ik zal me ook wel weer als een beest hebben gedragen. Ik moet mij eigenlijk gaan excuseren, maar waar was het feest ook alweer? Hij weet zich nog te herinneren dat de gastvrouw er leuk uit zag, en hun huis mooi was ingericht. En dat hij, toen de wc beneden bezet was en ontzettend nodig moest, boven een toilet is gaan zoeken. En dat hij daar op een gouden toilet heeft gezeten! Dat is bijzonder dacht hij, dat heeft niet iedereen, ik ga gewoon aanbellen in de straat en vraag of ze een gouden toilet hebben. Dan weet ik genoeg, en kan ik ze bedanken en mijn excuus aanbieden. Zo gezegd zo gedaan, een paar huizen verderop was het kennelijk al raak. Een knappe vrouw keek hem na zijn vraag vanuit de deuropening even met gefronste wenkbrauwen aan, voordat ze zich omdraaide en riep: Kees, hier staat de vent die gisteravond in je tuba heeft gescheten!
Een mopje dat een beetje tot m'n verbeelding spreekt, want mijn vader speelde vroeger tuba en borg dat ding altijd op in de hangkast.
(zie anekdote in mijn stukje 'wind' van 26 juli 2008)
De abominabele bedragen die voor moderne kunst worden neergeteld - een gouden toilet is daar een prominent symbool van - maken de excessen en de ongelijkheid zichtbaar die de littekens van onze maatschappij vormen. Maar dat is nog tot daar aan toe. Veel gekker is eigenlijk dat we er nog een betekenis in vinden ook. Een kunstwerk tussen twee haakjes, waarvoor een obsceen hoog bedrag betaald is, is tegelijkertijd een fenomeen waarvoor drommen mensen naar het museum komen. Wat een investering is voor de elite, is vermaak voor de rest. Een onbegrijpelijke paradox. Maar misschien dat we het gaan begrijpen als we in New York eens een keer rustig onze behoefte kunnen doen op het gouden toilet van Maurizio Cattelan. Dat die glimmende poepdoos uiteindelijk een filosofisch toilet blijkt te zijn!
donderdag, april 28, 2016
Een in memoriam voor Charles
Een moment dat me denk ik altijd wel helder voor de geest zal blijven, is het moment op die avond van eind maart vorig jaar, toen ik in mijn mailbox een berichtje van Charles tegenkwam. Als versteend zat ik achter m'n pc toen ik het gelezen had, zijn woorden 'moeilijk, moeilijk' en 'zo er al nog een toekomst is voor mij' waren ingeslagen als een bom en bleven maar door bonken in mijn hoofd. Er ontpopte zich een strijd in mijn hoofd tussen ongeloof en realiteit. Dit kan toch niet, dit mag toch niet! Nooit wat gevoeld en toch zomaar ineens een levensbedreigende ziekte. Hoewel praktisch sprakeloos, heb ik Charles nog dezelfde avond over de telefoon gesproken, ik kon niet anders. Maar alles was waar! Echter Charles zou Charles niet zijn, zonder zich te laven aan een sprankje hoop. En die had hij, hij ging er dus tegen aan! Een karaktereigenschap van hem die we in al die jaren zo hebben leren kennen en waarderen.
Toen we Charles via Geke midden jaren zestig voor het eerst ontmoete, klikte het eigenlijk gelijk tussen ons. Ondanks of dankzij de verschillende karakters, waren Charles en ik al vrij snel als broers voor elkaar, en nog praktisch even oud ook. We hebben, zeker in de beginperiode, veel dingen samen gedaan. Hoe hij me met gevaar voor eigen lijf en leden in die oude brik van hem, waarmee hij vanuit Arnhem naar Wezep was komen afzakken om met mijn zus te kunnen vrijen, auto leerde rijden op het Jan Boerswegje. Hoe hij ons eind jaren zestig veel heeft geholpen met ons huis te bouwen in Putten, soepel en lenig als berggeiten kropen we over steigers en spanten. Charles had de smaak van het bouwen kennelijk zo te pakken gekregen, dat hij het een aantal jaren later aandurfde om in Assen eigenhandig ook maar een stuk bij zijn eigen huis aan te bouwen. Dan die fantastische kampeervakanties in de Texelse duinen bij De Koog, Christa net geboren en Geke nog met een dikke buik van Peter. De badminton-wedstrijdjes in een duinpan die ik praktisch altijd van hem verloor. Hij was een betere sportman! De talloze weekendjes dat we met onze jonge gezinnen bij elkaar kwamen in Hoogeveen, Assen of Putten. De gesprekken over onze studies, Charles aan de Sociale Academie en ik aan de Academie van Bouwkunst. De gedenkwaardige tocht in die decembernacht in 1971, met z'n tweetjes in een Lelijke Eend over de Duitse autobahn. Bij tijd en wijle geen hand voor ogen ziende door de sneeuwbuien en de kledders blubber, die we door links en rechts inhalende vrachtwagens over ons heen kregen. Zo gleden we meer dan rijdend naar München, om die malle in aanbouw zijnde tentdaken voor de Olympische Spelen te bezichtigen. En dan dat vrolijke skiweekendje met z'n allen in Sauerland, dat Charles zo onbedaarlijk moest lachen toen hij Joke op het babyweitje filmde, die voordat ze het struikgewas indook, de skistokken in wanhoop van zich afsmeet. Of de talloze herfstvakanties in de Ardennen en de Eifel, met z'n memorabele en soms best wel linke fietstochtjes met onze nog zo jonge kinderen. En hoe hij destijds in Indonesië die prachtige rondtoer over Java, Bali en Lombok heeft georganiseerd samen met Geke, Joke en mij. Ook niet te vergeten de vele avondjes bij de open haard, genoeglijk ouwehoerend over dit en dat. En last but not least, de talloze zeiltochten samen met de mannetjes op het IJsselmeer, de Wadden en de Noordzee. Het water was niet echt zo zijn ding, maar hij genoot evengoed met volle teugen van het gedoe. En zo kan ik eigenlijk nog wel een poosje doorgaan met memoreren. Hoe kan het ook anders, ons repertoire van herinneringen is schier eindeloos, het is opgebouwd in de meer dan een halve eeuw dat we Charles hebben gekend.
Wat is genoemd is dus zomaar een willekeurige greep uit een enorm reservoir aan herinneringen. Ze trekken immer als een mooie droom aan het geestesoog van Joke en mij voorbij. Een mooie droom die niemand ons meer kan afnemen, maar waaraan jammer genoeg wel een eind gekomen is. Een eind dat ruim een jaar geleden reeds is ingeluid, maar waar we toen nog niet van wilden weten, Charles voorop! Het is een moeilijk jaar geweest, uiteraard in het bijzonder voor Charles zelf, maar ook voor allen die hem lief en dierbaar waren. Heen en weer geslingerd tussen sprankjes hoop en forse tegenslagen, vocht Charles zijn strijd voor het leven. Een leven dat hem tot ons grote verdriet niet langer was gegund. We kunnen nog slechts verwijlen bij zijn leven, en stilstaan bij zijn pieken van vreugde en pijn. Een groot gemis, het voelt alsof een stuk van onszelf gestorven is.
Anderzijds hebben we er alle vertrouwen in dat we de moed en kracht houden om door te gaan in de geest van Charles. Dat wensen we natuurlijk in het bijzonder ook Geke, kinderen en kleinkinderen toe. Dat we elkaar blijvend zullen aansporen om het mooie uit het leven te halen! Ik wil dit stukje dan ook graag besluiten met een kort gedichtje van Toon Hermans dat 'al wat sterft zal bloeien' heet, en gaat als volgt:
de bomen komen uit de grond
en uit hun stam de twijgen
en ied'reen vindt het heel gewoon
dat zij weer bladeren krijgen
we zien ze vallen op de grond
en dan opnieuw weer groeien
zo heeft de aarde ons geleerd
dat ál wat sterft zal bloeien.
woensdag, april 20, 2016
...gedenkwaardige wandeling
Onderweg naar Kampen voor een bezoekje aan Charles en Geke, werden we vanmiddag ter hoogte van Elburg door Peter gebeld. Het gaat slecht met Charles, zo slecht zelfs dat de huisarts morfine gaat toedienen als alle kinderen er zijn. Charles zal in een diepe slaap geraken waaruit hij niet meer zal ontwaken, palliatieve sedatie noemen ze dat. Overdonderd door dit plotselinge bericht, ik had Charles gisteravond nog aan de telefoon gehad, hebben we in Elburg de auto geparkeerd. Wat doe je in zo'n situatie, ons bezoek paste nu even niet om begrijpelijke reden. In een min of meer emotioneel verdoofde toestand hebben we over de stadswallen een rondje om Elburg gelopen. Bizar, leven en dood was het onderwerp gedurende de hele wandeling. Terug in de auto zijn we maar weer huiswaarts gereden. Onderweg even Christa in haar kantoor bij HMS opgezocht. Terwijl we ons verhaal aan haar deden, werden we door Janny gebeld, Charles was reeds overleden! Een jaar lang wisten we dat dit gebeuren moest, genezing was van meet af aan geen optie, en dan toch nog zo plotseling. Moeilijk te bevatten! Ik wens Geke en haar kinderen en kleinkinderen de komende tijd heel veel sterkte toe. Onszelf trouwens ook, ik zal hem vreselijk missen. Charles je bent onze 'goeiste' zwager, zeiden we vaak tegen hem in jolige buien, en die hadden we nogal eens in ons kringetje. Een groot gemis in onze familie!
zondag, april 17, 2016
mooie dierbare herinneringen
We zitten even in de garage, Charles rookt een sigaartje en we praten over lego, elektrische fietsen en van alles en nog wat. Zeker, want het volgende moment hebben we het over het naderende einde. En over wat er al of niet geregeld is. Bizar, ik kan en wil het tegen beter weten in amper geloven, dat we elkaar straks op dit ondermaanse nooit meer zullen zien. Ruim een jaar lang verzet ik me nu al tegen die gedachte. Is er dan geen wondermiddel, ze weten en kunnen zoveel tegenwoordig op het gebied van kanker. Een wens die echter keer op keer wordt gelogenstraft, het gaat gewoon niet goed met hem! Ik probeer te bevroeden wat er zich in zijn hoofd moet afspelen, hoe ga je om met een aangekondigde dood? We gaan natuurlijk allemaal een keer, maar dit is zo confronterend. Moeizaam maar rationeel is het antwoordt op mijn vraag. Ik doe mijn best er nog wat van te maken, meer kan ik niet doen, ik zie wel wat de nabije toekomst voor me in petto heeft. Overigens heb ik onlangs een verhaal geschreven over mijn leven vanaf mijn kleutertijd tot op de dag van heden, wil je het lezen? Graag!
Ik heb zijn verhaal meegekregen en het thuis gelezen. Een pakkend en overwegend positief verhaal dat in Arnhem begint. Een verhaal over jeugd, scholing, werk, vrije tijd, pensioen, kinderen, kleinkinderen, liefde en karakters, eindigend met een kijk op de huidige en meest moeizame fase in zijn leven. Enkele ijzersterke motto's completeren zijn verhaal en geven het een meerwaarde. Tijdens het lezen realiseerde ik me dat het verhaal van Charles een tijdsbestek van bijna 72 jaar beslaat, en we daarvan al bijna 51 jaar samen optrekken. De ene periode wat frequenter dan de andere, maar een zekere regelmaat hebben we tot op de dag van heden gekoesterd. Ruim vijf decennia aan mooie en dierbare herinneringen zitten er in mijn hoofd. Teveel om hier te duiden, ze schieten ook alle kanten op. Maar voor dit stukje blijven mijn gedachten om de één of andere reden toch even wat langer steken bij de jaren '60. Onze beginperiode, toen we elkaar amper kenden, en allebei net aan een gezin waren begonnen. Een mooie en dartele periode, jongens waren we nog, maar wel jongens met al veel verantwoordelijkheidsgevoel!
Bovenstaande collage is zomaar een willekeurige moment uit die tijd. Een zondagmiddag in Putten, tussen de stenen uitrusten van een weekje buffelen met die handel. Samen met Geke bij ons bivakkeren in het schuurtje, Christa en Peter nog in het peuterstadium. Honderden collages zou ik kunnen maken van ruim een halve eeuw herinneringen. Een rijk scala aan gezamenlijke belevingen en ervaringen trekt als een mooie droom aan m'n geestesoog voorbij. Een mooie droom die niemand ons meer kan afnemen, maar waaraan jammer genoeg wel een eind gekomen is. Want hoe graag ik ook zou willen, in de moeizame levensfase waarin Charles nu verkeerd kan ik hem niet volgen, laat staan helpen. Niemand trouwens, hoe liefdevol iedereen ook is, en hoe positief en rationeel Charles zelf ook met zijn ziekte en het naderende einde omgaat, hij staat er alleen voor! Charles eindigt zijn verhaal met de wens zijn verjaardag op 15 augustus nog te halen. Dat is de wens van ons allemaal, en nog langer ook hoop ik. Maar om met zijn eigen woorden te spreken, we zullen wel zien wat de nabije toekomst met hem in petto heeft. Zelf blijf ik immer op een wonder hopen, dat we de draad op een gegeven moment weer kunnen oppakken. Wellicht irreëel, maar dan wil ik hier nog wel kwijt, dat ik me gelukkig prijs dat ik zolang met een mooi mens als Charles heb kunnen optrekken!
dinsdag, april 12, 2016
een wandelingetje in Vaassen
De bronzen figuur op het bronzen bankje voor kasteel 'de Cannenburch' aan het Maarten van Rossumplein in Vaassen zit er rustig bij. Met de helm in de linkerhand en de rechterarm rustend op de rugleuning, kijkt de figuur met een enigszins vorsende blik de wereld in. Het moet de legendarische en beruchte Gelderse veldheer Maarten van Rossum (ca. 1490-1555) voorstellen. Een wreed heerschap dat destijds in dienst van de hertog van Gelre decennialang moordend en plunderend door de Nederlanden trok, om zo de z.g. onafhankelijkheid van Gelderland te verdedigen, zelfs toen dat al een verloren zaak was. Absoluut geen frisse jongen dus, als het tenminste allemaal waar is!
Persoonlijk hebben zijn rooftochten hem kennelijk ook geen windeieren opgeleverd, want in 1543 kocht hij de reeds uit 1365 daterende restanten van kasteel 'de Cannenburch' en liet hij er een statig slot van bouwen met drie verdiepingen. Na de dood van van Rossum in 1555 kwam het kasteel in handen van zijn neef Hendrik van Isendoorn à Blois. Na diverse verbouwingen en uitbreidingen werd het kasteel uiteindelijk rond 1750 aangepast aan de eisen destijds. Sinds die tijd is er aan de hoofdstructuur van het kasteel niets wezenlijks meer veranderd. In 1905 kwam het kasteel in handen van ene mevrouw F.A.F. Cleve-Mollard uit Berlijn. Echter na de Tweede Wereldoorlog heeft de Staat der Nederlanden 'de Cannenburch' als vijandelijk bezit geconfisqueerd. In 1951 droeg ze het over aan de stichting Geldersche Kasteelen. Nog hetzelfde jaar werd kasteel 'de Cannenburch' als eerste kasteel van de stichting opengesteld voor het publiek. In de jaren 1975-1981 vond een grote restauratie plaats. Ziehier het verhaal van kasteel 'de Cannenburch' in vogelvlucht.
Bij een beetje kasteel hoort natuurlijk ook een mooie kasteel- of parktuintje. De parktuin van 'de Cannenburch' in Vaassen is zo'n mooi tuintje, j.l. zondag hebben we die in alle richtingen doorkruist, een mooi wandelingetje!
maandag, april 11, 2016
van alles en nog wat in CODA
Behalve een overzicht van sieraden van Evert Nijland las ik, brengt de tentoonstelling 'Vernieuwd Verleden' in het CODA Museum ook in beeld, hoe het verleden tot op de dag van vandaag leeft in de beeldende kunst. Hoe de combinatie verleden en heden zich met sieraden van Nijland versus een brede selectie hedendaagse kunst tot elkaar verhoudt, wilde ik wel eens zien. Is er mogelijk een rode draad te ontdekken tussen het één en ander? Het kan zijn dat ik niet goed gekeken heb, maar die heb ik niet ontdekt. Het brede spectrum van interpretaties en invalshoeken van de expositie maakte dat lastig. Gezien de ruime opzet was een dergelijke zoektocht waarschijnlijk ook helemaal de bedoeling niet. Gewoon kijken hoe de verschillende kunstenaars ter onderstreping van het belang van het verleden in de hedendaagse kunst, op geheel eigen wijze gebruik hebben gemaakt van technieken, materialen en symbolieken uit de westerse kunstgeschiedenis. Het één en ander is uiteraard opgezet naar een persoonlijke keuze van Evert Nijland en de overige samenstellers van deze expositie t.w. CODA directeur Carin Reinders, Ward Schrijver architectonische vormgeving Amsterdam en adviseur Hélène Bremer.
Verder hebben we in het CODA de expositie 'Schilderij van het Jaar 2015' gezien. Ofwel de resultaten van een jaarlijkse schilder wedstrijd. Van deze wedstrijd waren vijftien finalisten uit Nederland en vijftien uit België geselecteerd. Daar bovenop waren er nog tien Belgische en twintig Nederlandse werken speciaal voor deze tentoonstelling geselecteerd. De collage is een indicatie van het niveau van de exposities.
vrijdag, april 08, 2016
een mooie lyrische compilatie
Top-avondje gisteren in de Catharinakapel! Het trio Eric Vloeimans (trompet), Tuur Florizoone (accordeon) en Jörg Brinkmann (cello) speelden de sterren van de hemel. Het zijn virtuozen op hun instrumenten. Ze behoren dan ook tot de top van de Europese muziekscene. 'Oliver's Cinema' heet het ensemble dat trompettist Eric Vloeimans, accordeonist Tuur Florizoone en cellist Jörg Brinkmann formeerden. Ze speelden prachtige compilaties van vooral filmmuziek in mooie lyrische arrangementen. Verstild, frivool, elegant, melancholiek, van alles! Waarbij de combinatie van het soepele geluid van de cello, de magnifieke improvisaties van de accordeon en de vaak fluweel zachte tonen van de trompet een verrassend geheel vormde. Prachtig, heel bijzonder, we hebben erg genoten, en wij niet alleen, de Catharinakapel zat bomvol met enthousiastelingen. Bijgaande video is eerder elders al opgenomen, behalve wat ditjes en datjes krijg je een aardig beeld van de muziek die het trio gisteravond in de Catharinakapel met heel veel plezier heeft gebracht!
woensdag, april 06, 2016
12e zondag p.m.
Jongstleden zondag 3 april hadden we de 12e brussenmiddag, de afkorting van broers- en zussenmiddag. In mijn stukjes heb ik ze overigens consequent 'zondag p.m.' genoemd, van 'post meridiem' ofwel na de middag. (Zie in mijn blogarchief de stukjes 1e t/m 11e zondag p.m. op resp. 7-5-'12; 28-8-'12; 27-11-'12; 25-2-'13; 23- 6-'13; 26-8-'13; 13-11-'13; 28-1-'14; 11-11-'14; 21-4-'15 en 24-11-'15). Janny, die deze keer voor de organisatie moest opdraaien, had er gelijk haar op handen zijnde verjaardag maar aan vast gekoppeld. Een combimiddag dus, en dat was te merken, maar daarover zo meer.
De uitnodiging per mail was als volgt: Ik wil met jullie graag naar de Gesteentetuin op Schokland (dus NIET het museum). Om 13.30 uur toch even verzamelen bij het museumrestaurant, waar we beginnen met koffie en gebak. Daarna per auto naar gesteentetuin. Daar wat rondwandelen en er is ook een bezoekerscentrum met info. Toegangspad is door het bos, dat kan wat drassig zijn i.v.m nette schoenen. (Neem je pumps mee haha. Mama had altijd loop- en zitschoenen). Uiterlijk 16.00 uur wil ik dan graag weer thuis zijn, waar Charles en Geke aansluiten. Of zij komen eerst ook even naar het restaurant, dat zien ze wel. Heb er zin in! XXX Janny
Duidelijke taal, dat kan niet missen. Rond 13.30 uur zaten we dan ook met z'n allen, op Geke en Charles na, aan de koffie met gebak in het museumrestaurant van Werelderfgoed Schokland. Vervolgens begaven we ons geheel conform plan naar de Gesteentetuin, een eindje verderop. Tot onze verbazing haakte Janny daar af, ze had het daar al vaker gezien, bovendien moest ze thuis nog het één en ander regelen voor straks. En zo kon het gebeuren dat we daar even later zonder onze leidster aan een reis door de tijd begonnen. Een reis die zo'n 200.000 jaar terug in de tijd ging. We keken naar grote zwerfkeien die door de gletsjers van de voorlaatste ijstijd in de Flevopolders zijn terechtgekomen. En in het bezoekerscentrum hebben we nog een korte film gezien over het ontstaan van de aarde. En toen hadden wij het daar ook gezien. Tegen vieren zaten we met z'n allen bij Janny op haar nieuwe terras in het zonnetje te smikkelen, en kwamen even later Geke en Charles ook aanschuiven.
Toen we vervolgens na enige tijd door Janny werden uitgenodigd om binnen aan de rijkelijk gedekte tafel plaats te nemen, begonnen we een beetje te begrijpen waarom ze ons in de Gesteentetuin aan ons lot had overgelaten. Om te beginnen een heerlijk voorafje met zalm, paling, rucola sla, honingmosterddressing en geroosterd brood. Dan de hoofdmaaltijd, we konden kiezen! Kippendijtjes in rode kokoscurry met gekookte en gefrituurde mie of mals rood vlees met frietjes, groene asperges en een heerlijke rode wijn/portsaus met rozijnen, krenten, zilveruitjes en weet ik allemaal niet wat nog meer. Heerlijk allemaal, om je vingers bij op te eten! Na het toetje, roomijs met aardbeien en een slagroommousse met aardbeiensaus, Kirsch en Crème de Cassis kon ik nauwelijks nog pap zeggen. Amper een klein gaatje voor een afsluitend kopje koffie zat er nog in!
Een bijzondere middag was het. Gevoelsmatig drukte de ziekte van Charles en hun gedeeltelijke afwezigheid daardoor uiteraard een stevig stempel op de sfeer. We hopen en duimen voor Charles, dat hij de komende periode als een kwaliteit van bestaan mag ervaren, die de moeite van het leven nog volop waard is, ondanks de zware kuren en medicijnen. En dat hopen we natuurlijk ook voor Geke en allen die hem lief zijn. Verder was die malle exercitie in de Gesteentetuin natuurlijk ook bijzonder. Dat we daar onverwacht met een klein clubje min of meer verloren rond dwaalden. Waar gaat zo'n zondag p.m. eigenlijk om, zeiden we tegen elkaar. Een enigszins overbodige vraag bleek later op de middag. Al met al hebben we weer met elkaar genoten!
dinsdag, april 05, 2016
mooi dubbelconcert in 'De Zin'
Twee acts voor de prijs van één in centrum 'De Zin' las ik. Voor de pauze singer-songwriter Marcel Hulst en na de pauze singer-songwriter Aafke Romeijn. Het maakte ons nieuwsgierig, toen het vrijdagavond 1 april j.l. zover was, waren J en ik dan ook van de partij. Marcel Hulst is o.m. bekend als zanger/gitarist van de Amsterdamse band 'Maggie Brown', maar dat terzijde. We kregen nu enkele songs te horen van 1974, de titel van de begin 2015 uitgekomen plaat van Mountaineer, zijn soloproject. Een enigszins psychedelische plaat waarop hij van begin tot eind rustig voort tokkelt op zijn gitaar, onder zachte begeleiding van zijn eigen stem en de andere bandleden van Mountaineer. De kalmte die er vanuit gaat is behoorlijk, een beetje te vind ik. Zo af en toe wat meer scherpte en pit zou de ingetogen wereld van Mountaineer denk ik ten goede komen. Maar laat ik ophouden, 1974 is en blijft toch een bijzondere plaat met een rustgevende uitwerking. Luister maar naar het nummer 'Submarine' van 1974 dat ik vrijdagavond in 'De Zin' met mijn telefoontje heb opgenomen.
Muzikant, schrijfster en journalist Aafke Romeijn gaf eerder zes jaar les als docent Nederlands aan een gymnasium. Een periode die haar o.a. stimuleerde er mooie Nederlandstalige liedjes over te schrijven. Vrijdagavond na de pauze hebben we enkele mooie songs van haar gehoord. Een intrigerende ietwat cabareteske dame achter haar synthesizer, prachtig al vond ik haar begeleiding op de synthesizer af en toe wel wat dominant overkomen. Maar dat neemt niet weg dat we genoten hebben van haar knappe teksten. Ze vertelde en passant ook nog dat we haar in de nabije toekomst vaker als gast(muzikant) bij DWDD gaan zien.
maandag, april 04, 2016
het Harderbroeker Giezenpad
Het Giezenpad in natuurgebiedje Harderbroek, ook wel Laarzenpad genoemd vanwege het drassige karakter, is genoemd naar kunstenaar Krijn Giezen (1939-2011). De in Noordwijk aan Zee geboren kunstenaar speelde een pioniersrol in land art en ecologische en conceptuele kunst in Nederland. De in 1976 gebouwde ontvangsthut en vogelkijkhut aan het pad in Harderbroek zijn ontwerpen van zijn hand. De uit natuurlijke materialen opgetrokken kunst(bouw)werkjes, worden in zekere zin gezien als voorbeelden van jonge monumenten welke het verhaal van de provincie Flevoland vertellen. In 2012 zijn beide kunst(bouw)werkjes geheel gerestaureerd.
De wandeling vanaf de parkeerplaats naar beide hutten is heen en terug slechts 3 km lang, maar is qua vegetatie heel afwisselend. En het is zo te horen een paradijs voor de vogels. Ik ben geen ornitholoog, maar dat de verscheidenheid aan gevleugelde vrienden in het gebiedje groot is kan ik als leek nog horen en zien. Op www.vogelkijkhut.nl zag ik dat er op de dag dat wij daar hebben gewandeld door diverse wandelaars de volgende vogels zijn gesignaleerd: Krooneend, Blauwborst, Tjiftjaf, Winterkoning, Rietgors, Merel, Zanglijster, Roodborst, Putter, Zwartkop, Fitis, Vink, Heggenmus, Boompieper, Waterral, Boomkruiper, Kievit, Koolmees, Rietzanger en Baardman. Een aardige waslijst waar we uit eigen waarneming ook de Knobbelzwaan, Zilverreiger en Buizerd nog aan toe kunnen voegen. Fantastisch allemaal, kunst en natuur in Flevoland, een beleving waar we niet op uitgekeken raken! Zie ook 'een mooie ochtendwandeling' van 17 juli 2015.
donderdag, maart 31, 2016
kasteelparty en mooie muziek
De grachten en vijvers rond kasteel 'De Essenburgh' in Hierden staan in directe verbinding met de Hierdense beek, die een eindje verderop stroomafwaarts in het Veluwemeer uitmond. Prachtig gebiedje daar, dat vond ene Johan Coolwagen kennelijk ook toen hij het kasteeltje daar in 1652 liet bouwen. En waarschijnlijk ook de Norbertijnen van de Abdij van Berne uit Heeswijk-Dinther, die het kasteel na een groot aantal eerdere eigendomswisselingen en verbouwingen in 1950 kochten, om er uiteindelijk in 1969 een vormingscentrum te beginnen.
Gedachtespinsels waarmee J en ik ons gisteren tijdens een wandelingetje in de regen op landgoed 'De Essenburgh' plotseling even mee bezig hielden. We hebben kasteel 'De Essenburgh' in het verleden vrij goed leren kennen, met name J heeft daar heel wat voetstappen liggen. We denken overwegend met plezier terug aan die tijd. Bijvoorbeeld aan die keer toen we in de prachtig gewelfde kelder van het kasteel, een feestje hebben georganiseerd voor onze familie, vrienden en kennissen.
Voor de muzikale bijdrage aan de avond hebben we toen de band 'Alderliefste' uit Amsterdam weten te strikken, destijds bestaande uit Gerard Jan Alderliefste (gitaar, piano, zang), Luc de Bruin (drums, zang) en Arnd Broeke (basgitaar, zang). Prachtig, tot ieders genoegen en plezier, speelden ze daar onder de gewelven tot in de kleine uurtjes de sterren van de hemel. De landelijk bekende band werd in 2005 tweede op het Concours de la Chanson van de Alliance Française, waardoor er, zoals onderstaand filmpje laat zien, even een mooi samenwerkingsprojectje ontstond met Liesbeth List (1941) en Ramses Shaffy (1933-2009).
Een prachtige avond was het. We zijn, samen met veel van onze gasten, in het kasteel blijven slapen. De andere morgen hebben we daar met z'n allen nog ontbeten en gezellig een poosje zitten napraten. Een gedenkwaardig feestje, lang geleden alweer, maar we moesten er gisteren even met veel genoegen aan terug denken.
dinsdag, maart 29, 2016
over Eierlandse kweldergrond
In een ver verleden hebben we een eens met een aantal studenten van de Academie van Bouwkunst in Amsterdam een z.g. werkweekend georganiseerd in 'de Heerlijkheid' op Texel, een van oorsprong oude stolpboerderij in de Eierlandsepolder, vlak achter de duinen. We hebben destijds, naar onze begrippen verstandig discussiërend over architectuur en landschapskunde, met af en toe een blowtje of een slokje, bijna het hele weekend binnen gezeten. Een wandelingetje door de vlakbij gelegen Slufter was onze enige fysieke inspanning. Maar het was voor mij wel de aanzet tot de vele bezoekjes aan dit gebied die zouden volgen, met 'de Heerlijkheid' vaak als uitvalsbasis!
Op Texel kan je een hoop kanten op, een veelzijdig eiland, strand, zee, wadden, polder, duinen, bos, leuke plaatsjes alles is aanwezig. Maar de Slufter, één van de meest unieke kweldergebieden in ons landje, spant wat mij betreft de kroon. Volgens Bartjens is de Slufter het enige landgebied in Nederland, waar de zee ongehinderd kan binnenstromen. Het stelsel van kreken dat daardoor is ontstaan, trekt in het dynamische landschap haar sporen door een zee van zoutwater-minnende planten als o.m. Engels gras, kweldergras, lamsoor, zeeaster en zeekraal. Ondanks, of mogelijk beter dankzij de dynamiek van het gebied, een heerlijk rustgevend oord. Tijdens een wandeling door de Slufter hoor je behalve vogels alleen het gemurmel van de vele kreken en het geruis van de zee.
Toen we in latere jaren vaak met de zeilboot in de haven van Oudeschild lagen, was dat uiteraard onze uitvalsbasis voor een tochtje naar de Slufter. Moesten we wel eerst een eindje voor fietsen, maar ook dat was prachtig! Maar voorlopig ligt voor een wandeling in de Slufter wat mij betreft een weekendje 'de Heerlijkheid' weer in het verschiet.
maandag, maart 28, 2016
verborgen mobiliteitsperikelen
Af en toe zie je ze nog in het hedendaagse verkeersbeeld, motortjes en autootjes uit een andere tijd, collectors item's van 40 à 50 jaar oud. Gevoelsmatig horen ze er door de verschijningsvorm en de afmeting eigenlijk niet meer in thuis. Neem bijvoorbeeld zo'n lelijke eend, prachtig maar het oogt behoorlijk fragiel in het huidige verkeer. Zelfs de kleinste auto's van deze tijd, zoals bijvoorbeeld de Fiat 500, zien er al robuuster en veiliger uit. Ik moet er niet aan denken om nu, evenals vroeger in een 'deux chevaux' met een 'queu de paris' voor extra bagage en drie jonge kinderen op de achterbank, nog helemaal naar de Provence of Cornwall te rijden. Achteraf bekeken waren we destijds natuurlijk al kwetsbaar in het verkeer, nu zouden we echter kwetsbaar in het kwadraat zijn.
In de jaren vijftig, toen mijn vader nog op een Eysink rondreed, kenden we nog weinig mobiliteitsperikelen. Behalve dan, dat in mijn beleving de motor het weleens liet afweten tijdens een tochtje. Vette bougie was zijn eerste conclusie, en vaak was dat inderdaad zo. Geroutineerd werd de bougie dan ontvet, waarna we ons toertochtje vervolgden. Maar er was ook wel eens malheur dat ter plekke niet te verhelpen viel, dan draaide het steevast op lopen uit. Toen me dat een paar keer was overkomen had ik niet veel zin meer in tochtjes achterop de Eysink van mijn vader. Na de Eysink kwam een JAWA, een BSA en een BMW, allemaal verre van nieuw, dus er was altijd wel wat aan de hand met die motoren. Hoe vaak ik niet een gefragmenteerde motor op de stoep heb zien liggen weet ik niet, maar vaak. Op een laken lagen dan alle boutjes, moertjes, ringetjes, veertjes en weet ik allemaal niet wat, overzichtelijk ter inspectie of reparatie uitgestald. Geen groter plezier viel in mijn vaders ogen te lezen, als de motor na her-montage van al die attributen weer wilde starten!
Na de motorperiode kwam de overkapte driewiel-motor in beeld. Lekker toeren zonder nat te worden, eerst in een oude Heinkel, later eindelijk in iets nieuws t.w. een Reliant. Deze periode viel zo'n beetje samen met de mobiliteitsexplosie die we in het Nederland van de vroege jaren zestig beleefden. Het begrip file deed zijn entree, over mobiliteitsperikelen gesproken! Vooral het toenemende recreatieve verkeer zorgde voor hoge pieken in de verkeersdrukte. Tijdens Pasen, Hemelvaart, Pinksteren en warme zomerweekeinden ontstonden er lange files. Een verschijnsel dat door het aanleggen van nieuwe wegen aanvankelijk leek te verdwijnen. Maar toen de wegenbouwers in de loop van de jaren zeventig de mobiliteitsgroei niet meer konden bijbenen, was de file uiteindelijk niet meer weg te denken. En werd ze evenals bewegwijzering en route-informatie, tot op de dag van heden een integraal onderdeel van ons verkeerssysteem. Geen verborgen maar geïntegreerde mobiliteitsperikelen noem ik het maar.
zaterdag, maart 26, 2016
Gainsborough & Goede Vrijdag
Bij ons vorig bezoekje aan Rijksmuseum Twenthe in Enschede (zie in blogarchief stukje 'Turner's aarde & lucht in verf' van 5/12'15) werden we al middels een z.g. kortingsvoucher op de komende expositie 'Gainsborough in his own words' geattendeerd. Kennelijk een succesvolle manier om mensen over de streep te trekken, want we kregen er nu weer één, maar dan voor de toekomstige tentoonstelling 'Beauty Rules. Gerard de Lairesse en de maakbare schoonheid'. Leuk, echter gisteren, op Goede Vrijdag, hebben we eerst de creaties van Thomas Gainsborough (1727-1788), één van de grootste kunstenaars die Engeland gekend heeft, maar eens goed bekeken.
De vrijgevochten Thomas Gainsborough had lak aan artistieke conventies. En dat is te zien in zijn schilderijen, affectueus schildert hij vrij en los zowel landschappen als portretten. Hij is een man van de moderne tijd, een modern genie. Hij durft vrijuit gevoelig te zijn, hij durft te fantaseren en intiem te worden. Hij heeft met zijn schilderkunst de basis gelegd voor een nieuwe stroming binnen de Engelse schilderkunst. Zonder Gainsborough zou het z.g. romantisch realisme van latere schilders als bijvoorbeeld John Constable (1776-1837) en William Turner (1775-1851) haast onvoorstelbaar zijn.
We kwamen voor Gainsborough, maar toen we de ruim dertig schilderijen en evenveel aquarellen van hem gezien hadden, alsmede een verzameling brieven, boeken, muziekinstrumenten en kostuums uit zijn tijd, hebben we daar toch ook nog even 'De Nieuwe Smaak' bekeken. Een boeiende expositie van hoogtepunten uit de verzameling kunstwerken van de puissant rijke Nederlandse zakenman en kunstliefhebber Geert Steinmeijer. Van middeleeuwse kruisafnames, Amerikaanse abstractie en Franse salonkunst, van Jacob Jordaens tot Damien Hirst en van Daubigny tot Jitish Kallat!
'Rijksmuseum Twenthe', oorspronkelijk naar een ontwerp van de architecten K. Muller en A.K. Beudt gebouwd in 1929. Medio jaren '90 verbouwd en uitgebreid naar een ontwerp van Ben van Berkel (UN Studio). Een mooi en interessant museum, de moeite van een eindje rijden meer dan waard!
woensdag, maart 23, 2016
vrijheid en open samenleving
Jaren geleden vloog ik met Joke en Christa, tijdens een prachtige zonsondergang, in een gehuurde Piper Warrior II met ex-schoonzoon Brend aan de knuppel, over de Hudson en langs het Vrijheidsbeeld op Liberty Island in New York. Wat een sfeer! Het in 1875 door o.a. Frédéric Auguste Bartholdi en Gustave Eiffel ontworpen beeld, een cadeau van Frankrijk aan Amerika voor de 100ste verjaardag van de Amerikaanse onafhankelijkheid, dat symbool staat voor de vrijheid. Eén van de kernwaarden van de Verenigde Staten, maar het geldt eveneens als teken van verwelkoming van terugkerende Amerikanen, gasten en immigranten, dus iedereen! Vrijheid is niet alleen een kernwaarde van de Verenigde Staten maar ook van Europa, zeker van de west Europese landen. Een vrijheid die door terrorisme wordt aangevochten en zwaar onder druk wordt gezet hebben we gisteren weer gemerkt.
Mijn verbijstering maakte gisteren na de gewelddadige aanslagen van waarschijnlijk islamitische kant in Brussel al snel plaats voor een aanval van woede. Hels was ik, de straffen die ik in mijn ongenuanceerde gemoedsstemming voor de daders verzon waren niet gering, en wil ik vanwege het barbaarse gehalte liever niet aan dit epistel toevertrouwen. Ik betrap me er soms op, dat ik de laatste tijd anders tegen medelanders aan ga kijken die op grond van hun uiterlijk vermoedelijk moslim zijn. Na de aanslagen in Parijs, schreef ik op 14 november 2015 in mijn stukje 'over liberté, égalité, fraternité' dat de daders, alle vreedzame moslims ten spijt, gewoon een stel criminelen zijn die de islam a.h.w. hebben gekaapt voor hun verachtelijk en misdadig wereldbeeld. En dat vind ik nog steeds, het gaat dus absoluut niet aan, alle moslims over één kam te scheren! Dat ik tot mijn spijt de moslims geleidelijk aan minder genuanceerd bezie, is wellicht het resultaat van de aanslagen van de laatste tijd. Angst en tweespalt zaaien, een ontwikkeling die de daders kennelijk voor ogen staat, maar waar ik persoonlijk niet voor wil kiezen! Ik kies voor een vrije open samenleving, waarin ik me niet wil laten leiden door angsten. Nelson Mandela (1918-2013) zei ooit eens: 'May your choices reflect your hopes, not your fears' en zo is het, al zal ik er hard aan moeten werken!
PVV-leider Wilders, de malloot, vindt dat Nederland onmiddellijk zijn grenzen moet sluiten. Hij denkt dat wat er nu in Brussel is gebeurd, ook hier kan gebeuren. Dat het ook hier kan gebeuren lijkt me evident, maar grenzen sluiten helpt niet. Trouwens al zou je dat willen, hoe zou je dat dan moeten doen? Zijn opmerking over preventief opsluiten van teruggekeerde Syriëgangers vind ik helemaal de limit. Als dat niet gebeurt, is Rutte volgens Wilders bij een eventuele aanslag 'moreel medeverantwoordelijk' want we hadden het immers kunnen verwachten. Wat is het toch een demagoog! In dit verband kon ik me goed vinden in de voetnoot 'Open samenleving' van Arnon Grunberg, die ik vanmorgen in de Volkskrant las t.w.
Terrorisme is zelden een reële bedreiging voor staten. Op het hoogtepunt van de Tweede Intifada, toen er elke week een of meer aanslagen in Israël plaatsvonden, merkte een Israëlische minister terecht op dat er nog altijd meer verkeersdoden in Israël vielen dan dat er mensen stierven aan terrorisme. Wie de destructieve werking van terrorisme wil begrijpen moet zich richten op de reactie van de staat. De staat die open en betrekkelijk vrije samenlevingen in naam van terrorismebestrijding geleidelijk doet veranderen in politiestaten geeft de terroristen hun zin. Kort na de aanslagen in Brussel liet Wilders via Twitter weten dat de grenzen moesten worden gesloten en hij sprak over ‘preventieve opsluiting’. Zoals Hamas en extreem-rechts in Israël elkaars stiekeme bondgenoten zijn, van de PVV tot de FN (Franse Front National), elkaars geheime kameraden. Uiteindelijk streven zij hetzelfde na: het einde van vrije en open samenlevingen.
maandag, maart 21, 2016
muziek in het nieuwe clubhuis
Er heerste j.l. zaterdagnamiddag aan jachthaven 'de Knar' een vrolijke drukte in het nieuwe clubhuis van w.v. Flevo in Harderwijk. Met de muzikale bijdragen van de Ermelose singer/songwriter Jos Jongeling zat de stemming er lekker in. De door o.m. Bruce Springsteen en The Seeger Sessions Band geïnspireerde zanger van 'good old boys folkband 'Daddy-O' uit Ermelo, zette zijn beste muzikale beentje voor met een sfeervolle mix van blues, country, folk en tex-mexvertolkingen. Leuk, toen het rond halfnegen was afgelopen, hebben we onze min of meer uitgelaten stemming bij een stel vrienden thuis, met een hapje en een drankje er moeiteloos tot in de late uurtjes kunnen inhouden!
donderdag, maart 17, 2016
hou van ruigten en struwelen
Het is weer zover, ik moet de tuin weer enigszins fatsoeneren, of ik het nou leuk vindt of niet. Toen ik mijn buurman een keer, na een opmerking over ons welig tierende Aegopodium podagraria ofwel zevenblad, uit de doeken deed dat we een wilde tuin ambieerden, was zijn licht ironische reactie dat ons dat dan al aardig goed gelukt was. Vegetatiekunde heb ik niet gestudeerd, maar de verschillende groeivormen in onze wilde tuin, doen me het meest aan ruigten en struwelen denken. Een combinatie van dicht struikgewas en hoge kruidachtige planten, die zijn ontstaan doordat we het organisch materiaal op de meeste plekken al jaren laten liggen. En verder barst het van foeragerende vogels, die in onze tuin ook nog eens een ideale broed- en schuilplek vinden. Prachtig, het liefst deed ik er helemaal niets aan. Maar als gezegd, hoe minimaal dan ook, af en toe moet er in die kleine tuintjes toch worden ingegrepen. De kiem van mijn liefde voor wilde tuinen is in de herfst van 1972 geplant, tijdens mijn studie aan de Academie van Bouwkunst in Amsterdam.
In de bomvolle z.g. twintigbalkenzaal moest destijds een aantal studenten genoegen nemen met een staanplaats. Veel belangstelling dus voor 'mens en natuur', een college van de destijds 48 jarige charismatische, maar omstreden kunstenaar, schrijver, filosoof, professor honoris causa, ecotect, leraar tekenen en eigenwijs mannetje Louis G. Le Roy.
Aanvankelijk was ik vrij sceptisch over de anarchistische mens en natuurideeën van Le Roy, maar daar was na afloop van zijn college weinig van over. Met behulp van prachtige 6 x 6 dia's van allerlei z.g. onkruiden, had Le Roy me van zijn wilde theorieën weten te overtuigen. Hij had me laten zien, hoe de saaie monocultuur van zijn weiland nabij Oranjewoud sinds de eind jaren zestig veranderde in een boeiende ecologische complexiteit. Zijn credo was, laat groeien wat groeit en beperk het menselijk ingrijpen, de natuur ordent immers zichzelf! Alleen in het begin mag de mens begeleiden, differentiatie bieden, hoog, laag, droog, nat, licht, donker, hard, zacht enz. maar daarna dient hij zich terug te trekken. Dus niet spitten, niet sproeien, niet snoeien en laat liggen wat valt t.b.v. het voedingsproces van de bodem. Zijn theorie was ook nog eens koren op mijn molentje, want tuinieren was bepaald niet mijn grootste hobby. Het resultaat van Le Roy's credo was een rigoureuze ingreep in ons tuintje, weg met die aangelegde bloemperkjes en gazonnetjes! We leven nu bijna 44 jaar later en wonen daar allang niet meer, maar soms rij ik er nog wel eens langs. De latere bewoners hebben echter niets veranderd aan de tuin. Het is nog immer een wilde tuin die zich blijft ontwikkelen. Mooi, resultaat van een proces van ecologische complexiteit zal ik maar zeggen, waar we destijds enkel de aanzet toe hebben gegeven.
En dat gaat ook op voor Le Roy's weiland van eind jaren zestig, en voor de in 1983 gestarte bouw van de z.g. Ecokathedraal in Mildam. Dat laatste project zal zich, volgens de in 2012 op bijna 88 jarige leeftijd overleden Louis G. Le Roy, in ruimte en tijd ontwikkelen tot een hoogcomplex organisch netwerk. Het ecokathedraalconcept nodigt ook uit tot participatie, een principiële stellingname van Le Roy. Hij wil de bevolking de zeggenschap over de eigen omgeving teruggeven. Een stellingname die destijds vaak niet enkel alleen bij opdrachtgevers tot enige commotie leidde!
dinsdag, maart 15, 2016
High Tea on sunday afternoon
De lente komt eraan! Dat was afgelopen zondagmiddag, ondanks dat het nog aardig fris was, goed te merken. Het terras van 'Brasserie Staverden' in Staverden, het kleinste stadje van de Benelux, zat mudvol levensgenieters. Heerlijk sfeertje, er hing een verwachtingsvolle stemming die in al onze vezels voelbaar was. Met een brede grijns op het gezicht, liep de bediening zich het vuur uit de sloffen, om iedereen te voorzien van drankjes en andere lekkere zaken. We wilden er eigenlijk wel bij gaan zitten, maar behalve dat er nog amper plaats was, werd de reeds besproken 'High Tea', een cadeautje van Simone en Wilco, niet op het terras, maar in de serre geserveerd. Ook mooi, af en toe een beetje warm achter dat glas, maar dan werd er een deur opengezet en was het weer goed te doen.
De surprise voor 2, die Joke voor haar verjaardag gekregen had, was verrassend. De luxe High Tea met zes verschillende theesoorten en allerlei zoete en hartige broodjes, vleeswaren, kaas, gerookte zalm, quiche, een stoofpotje van wild in kleine korst-bakjes en diverse zoetigheden als cheesecake, tiramisu, walnoot-honingtaart, arretjescake, scones, muffins en macarons, was meer een copieuze brunch. Van de zoetigheden hebben we amper de helft genomen, evengoed zaten we na al die culinaire verrassingen behoorlijk klem in de broek.
Daar moest natuurlijk wel wat aan gedaan worden, weg met de overtollige calorieën! Daartoe leek de ons zeer bekende, maar nog immer prachtige wandeling over 'Landgoed Staverden' de beste optie. Echter voor we zover kwamen, liepen we op het terras eerst nog mijn broer Addy met z'n hele gezin tegen het lijf. Die hadden net een wandeling achter de rug, en zaten daar heerlijk in het zonnetje juist calorieën bij te tanken. Leuk, maar na een kort en gezellig intermezzootje, hebben we toch maar aan onze stutten getrokken.
Als gezegd, het wandelingetje van ca. 3 km is ons zeer bekend. Maar in elk jaargetij is het weer anders. Deze keer zagen we de langzaam zwellende botten op de takken hier en daar open gebarsten tot jonge kleine blaadjes. En hoorden we alom veel vogelsoorten zich luid en duidelijk uiten in een euforisch gezang. Prachtig, allemaal tekens van nieuw leven! Ongeveer drie kwartier later zat ons rondje erop, en hebben we de auto maar weer opgezocht. Einde van een mooie zondagmiddag in het kleinste en merkwaardigste stadje van de Benelux!
zondag, maart 13, 2016
vroege voorjaarsmijmeringen
Met weemoed en verlangen denk ik tijdens deze mooie voorjaarsdagen soms terug aan de tijd dat ik nog een zeilboot had. Aan de mooie zee-zeiltochten naar o.m. Engeland, Frankrijk en Noorwegen, maar ook en vooral aan de vele zeiltochtjes over het IJsselmeer en de Waddenzee. Aan de plaatsjes waar ik nu, zonder boot, nog amper kom. Plaatsjes die ik in ruim 30 jaar varen heb leren kennen als de spreekwoordelijke broekzak. Marken, Monnickendam, Volendam, Edam, Hoorn, Enkhuizen, Medemblik, Den Oever, Makkum, Workum, Hindeloopen, Stavoren, Lemmer, Urk en meer. Stuk voor stuk plaatsjes met een gedenkwaardige geschiedenis uit het Zuiderzeeverleden.
De 'Hylper Haven' in Hindeloopen was één van de favoriete bestemmingen. Waarschijnlijk mede door het bijzondere feit dat we 33 jaar geleden van daaruit voor de eerste keer het IJsselmeer zijn op gezeild, nota bene met z'n vieren in een Schakeltje. (Zie in blogarchief mijn stukje 'Zeilen' van 23 juli 2010). We kwamen er graag, behalve dat het voor ons vaak de uitvalsbasis was voor de Waddenzee, bleven we er sowieso ook regelmatig een aantal dagen liggen. Beetje in en om de boot rommelen, fietsen, lezen en kletsen met jan en alleman.
De pittoreske havenkom van het stadje met het eeuwenoude sluishuis en de leugenbank. De talrijke kleine straatjes, bruggetjes en het prachtige uitzicht over het IJsselmeer met z'n fraaie zonsondergangen. De vele restaurantjes en winkeltjes met Hindelooper kunst en prullaria. En niet te vergeten de gastvrijheid van de havenmeester, en de feestelijk gekleurde torso's en beestenboel van Nancy Muns in en om het sluishuis, of haar fraaie en strak gestileerde schilderijen, zoals o.a. 'Haven in de winter te Hindeloopen'.
Tja, vroege voorjaarsmijmeringen. Maar gelukkig is in deze dagen weemoed en verlangen niet mijn enige gemoedsstemming, dat zou zielig zijn. Nee, ik teer bovenal nog immer op het plezier wat ik in al die jaren aan zeilgenot beleefde. En dat zal denk ik zo blijven ook.
donderdag, maart 10, 2016
Female Power and Queensize
Alles golft, glooit en stroomt schreef ik op 25 november 2015 in mijn stukje 'wellustige aandachtstrekster'. Ik had het toen over 'Station Arnhem Centraal', een ontwerp van architect Ben van Berkel van UNStudio. Alvorens op internationale vrouwendag, afgelopen dinsdag 8 maart 'Museum Arnhem' in te duiken om de expositie 'Queensize' te bekijken, hebben we genoemde kwaliteiten van van Berkel's creatie eerst weer even gecheckt. En inderdaad alles golft, glooit en stroomt nog immer in dit prachtige stationnetje!
Dat kon ik van de expositie 'Queensize' ('Queensize' verwijst naar een bedmaat, het bed is een essentieel onderdeel van het leven en staat symbool voor de cyclus geboorte, leven en dood.) niet bepaald zeggen. Ja golven en glooiingen genoeg, maar stromen deed het niet erg in mijn optiek. Ik las dat de vaak confronterende kunstwerken moesten laten zien hoe vrouwen naar zichzelf kijken. Ze vertegenwoordigden een mensenleven, of liever gezegd een vrouwenleven, omdat het allemaal werken van vrouwelijke kunstenaars betrof. Een vrouwenleven, bestaande uit drie levensfasen t.w. worden, zijn en sterven. Over thema’s geboorte en verval, dood, dromen en nachtmerries tot en met ervaringen die onze identiteit vormgeven. Aan de hele expositie was weinig plezier te beleven, ik vond het een tobberige tentoonstelling!
Nee dan was 'Female Power', een tentoonstelling die ik hier een paar jaar geleden heb gezien (Zie mijn stukje 'Female Power' van 10 maart 2013) van een heel andere orde. Die vrouwen keken heel wat positiever naar zichzelf, dat was een tentoonstelling van vrouwelijke kracht en macht. Van keramische borstvormen en een installatie met gevlochten harnassen tot foto’s van legendarische Japanse vissersvrouwen. Een boodschap van zelfontplooiing, keuzemogelijkheden en weerstand tegen discriminerende gebruiken van andere culturen, kortom powerfeminisme. (Zie wat dit betreft ook mijn stukje 'FémininMasculin' van 24 december 2008).
Maar het uitzicht vanuit de Rijnkamer op de Nederrijn, was ondanks het deprimerende Galgenveld, een kunstwerk van de Duitse kunstenares Paloma Varga Weisz (1966), nog immer even prachtig!
woensdag, maart 09, 2016
over een eiland op het droge
Voorjaarskriebels, mooie tijd om weer eens een wandelingetje te maken op een eiland middenin de Noordoostpolder. Want daar ligt Schokland al sinds 1942 op het droge. Een uniek fenomeen, zo uniek kennelijk dat UNESCO het droog gevallen eiland zelfs op de Werelderfgoedlijst heeft gezet. Op dezelfde lijst waarin bijvoorbeeld ook de piramiden van Egypte en de Chinese muur zijn opgenomen!
Op een bronzen plaquette uit 2009 waarop een silhouet van Middelbuurt in bas-reliëf is afgebeeld, las ik de volgende publicatie:
De Burgemeester der gemeente Schokland maakt bij deze aan de opgezetenen der gemeente bekend dat op heden den 4 Maart 1859 bij hem is ontvangen eene missive van Z.E. der Commissaris des Konings in de Provincie Overijssel inhoudende dat door de Minister van Binnenlandse zaken de ontvolking van het eiland Schokland is goedgekeurd met bepaling dat binnen vier maanden na de dagtekening dezes alle eigendommen moeten zijn afgebroken en weggevoerd. Schokland, den 1 Maart 1859. De Burgemeester van Schokland, G.J. Gillot.
De lange en bewogen geschiedenis van Schokland, het eiland waarop de bewoners vanaf de middeleeuwen tot 1859 een gevecht hebben moeten leveren tegen de armoe en het water van de voormalige Zuiderzee, is vrij bekend. Toch stond ik deze keer even wat langer stil bij de boodschap van burgemeester Gillot. De impact, die deze onheilstijding op de Schokkers moet hebben gehad, laat zich raden. Ondanks de armoede en de gevaren van het water, moet het drama van de ontvolking voor veel eilandbewoners een tragedie zijn geweest. Een opgelegde vlucht, weg van hun geliefde eiland en de hechte banden die ze met elkaar hadden. Ze moesten elders in het land opnieuw beginnen en daar hun hoofden maar boven water zien te houden. Moeilijk, een vluchtelingenvraagstuk dat van alle tijden blijkt te zijn!
maandag, maart 07, 2016
is de EU irrelevant of relevant
Ruim een eeuw, om precies te zijn van 1816 tot 1919, lag Neutraal Moresnet, een dwergstaatje met een oppervlak van 3,44 km2, ten zuiden van Vaals. Om een beetje een idee te krijgen van de grootte, Tiengemeten, een eilandje in het Haringvliet is met een oppervlakte van 10,5 km2 ruim drie keer zo groot. Echter een vorstendommetje als Monaco is met een oppervlak van slechts 2,02 km2 weer kleiner. Het dwergstaatje is ontstaan na de val van Napoleon. Door de aanwezigheid van een zinkmijn op een gebiedje onder Vaals, konden de overwinnaars uit De Nederlanden en Pruisen het destijds maar niet eens worden over de aanspraak op dat gebiedje. Ze kwamen echter tot een compromis t.w. een driehoek binnen de grenzen van de gemeente Moresnet. De Nederlanden kregen het westelijk deel, (na 1830 België) het oosten was voor Pruisen, en wat er tussen lag, afgebakend door rechte lijnen, werd Neutraal Moresnet, met de zo begeerde zinkmijn. Er ontstond in de eeuw van haar bestaan een vorm van 'nation building' plannen voor een eigen munt en postzegel, toch maar inkomstenbelasting innen en een nieuwe taal, het Esperanto. Aldus onderzoeksjournalist en schrijver Philip Dröge in zijn pas verschenen boek 'Moresnet-Opkomst en ondergang van een vergeten buurlandje'. Zo werkt het kennelijk, geef mensen grenzen en ze worden een land.
Maar het dwergstaatje groeide volgens de Belgische cultuurhistoricus, archeoloog en schrijver David Van Reybrouck (1971) ook uit tot een eldorado voor desperado's. Een vrijstaat voor lieden waar iets mee was of die iets op hun kerfstok hadden. Gasten die bijvoorbeeld de dienstplicht wilden ontvluchten, belastingontduikers, smokkelaars, ongewenst zwangeren, allerhande gelukzoekers en dames van lichte zeden. Het alcoholgebruik was fors maar men had er weinig te vrezen, er kon veel. Het was dus een staatje met twee gezichten. De pastoor had er veel te zeggen. De mijn bedreef er sociaal paternalisme, en regelde alles. Een redelijk loon, huisvesting, onderwijs, sociale voorzieningen en het verenigingsleven. Terwijl vlakbij in Luik veel stakingen waren, heeft het socialisme er nooit voet aan de grond gekregen. Het was een marginale samenleving in de regio, en alles bij elkaar genomen knap dociel. Maar na de 1e wereldoorlog was het over en uit met de pret in Neutraal Moresnet. Het Göhlthal museumpje in Kelmis is wat er nog over is van dit unieke detail uit de Europese geschiedenis. Van de 60 grenspalen die ooit de grens aangaven, staan er volgens Bartjens nog ruim 50 op hun plek. Ze markeren na bijna een eeuw nog steeds de vroegere grens, alsof het landje nog bestaat. Een markante herinnering aan het ooit zo unieke dwergstaatje.
Na de 1e Wereldoorlog schijnt de Belgische staat in dit gebiedje behoorlijk te hebben gesold met de rechten van de mens. Met name de Duitstaligen waren de pineut. Omgaan met marginale groepen in de samenleving vond men toen evenals nu knap lastig. Volgens George Friedman (1949), een Amerikaanse politicoloog, toont de huidige vluchtelingencrisis aan dat de Europese Unie steeds minder belangrijk wordt. Binnen de EU is men nog amper bereidt om vluchtelingen op te nemen. Landen trekken zich weer terug achter hun grenzen van vóór het Schengenakkoord. Een grote groep binnen het electoraat, maar vooral ook veel hotemetoten uit het bedrijfsleven en de Europese diplomatie schijnen de mening van Friedman te delen. We worden middels de vluchtelingencrisis geconfronteerd met een toenemende irrelevantie van de EU, terwijl de EU hardstikke relevant is omdat de vluchtelingencrisis alleen kan worden opgelost als de lidstaten bij elkaar blijven! Hoe de huidige problemen binnen de EU zich zullen gaan ontwikkelen is een beetje koffiedik kijken. Het is een crisis van formaat, maar niet de eerste. Crisis en crisismanagement hebben de dynamiek van de Europese integratie door de jaren heen behoorlijk bepaald. Daarbij heeft de Europese Unie veel ervaring opgedaan in het beheersen van tegenstellingen en conflicten tussen lidstaten door een evenwichtige, op consensus gerichte belangenafweging in gemeenschappelijke structuren. Met andere woorden, er is nog hoop!
vrijdag, maart 04, 2016
retestrak klinkend trommeltje
Aan mijn nieuwe snaredrum, een Pearl Ultracast 14x5 inch, beleef ik veel plezier. Het top trommeltje dat ik o.m. bij 'Hodgepodge' bespeel, heeft een ketel van 3 mm dik naadloos gegoten aluminium. Het trommeltje heeft min of meer het karakter van zowel metaal als hout. Dat wil zeggen dat het trommeltje door genoemde materiaalkeuze het heldere geluid van metaal weet te combineren met het warme geluid van hout. Maar uiteraard wordt de klankkleur ook voor een belangrijk deel door de stemming van het trommeltje bepaald!
De snaredrum is een instrument dat bestaat uit een houten of metalen cilindervormig element, de ketel genaamd, dat aan de boven- en onderkant bespannen is met een vel kunststof (vroeger kalfsvel). Het bovenste vel is doorgaans strakker gespannen dan het onderste. De trom is voorzien van metalen snaren die onder het onderste vel zijn gespannen om extra scherpte aan het geluid te geven. Ze trillen mee als op het bovenste vel geslagen wordt. De snaren moeten de juiste spanning hebben voor een optimale klank, maar kunnen middels een hefboom ook worden uitgeschakeld wanneer de trom niet wordt gebruikt. De snaren kunnen anders door de klank van andere instrumenten in trilling worden gebracht, wat een duidelijk hoorbaar geratel veroorzaakt. De snaredrum wordt met houten stokken of met brushes bespeeld en is een veel gebruikt ritme-instrument.
In 1954 trommelde ik als 11 jarig jongetje reeds mee bij fanfare 'De Eendracht' in Wezep. De trommels waren toen nog bespannen met kalfsvellen. Het gebeurde destijds nog weleens dat je daar doorheen sloeg. Als ze bijvoorbeeld tijdens een mars nat werden kon dat maar zo gebeuren. Thuis moest er dan weer een nieuw kalfsvelletje worden opgespannen. Dat gebeurde nat, en om een houten ring die precies om de ketel paste. Vervolgens werd de spanring erop gezet, waarna de boel kon opdrogen. Tijdens het droogproces kwam het kalfsvelletje steeds strakker te staan, waarna de trommel uiteindelijk middels het aandraaien van de spanring kon worden gestemd. Alles bij elkaar een hele klus die ik met behulp van mijn vader voor elkaar kreeg.
Maar die tijd ligt ver achter ons. Tegenwoordig zijn alle trommels met kunststofvellen bespannen. En al regent het pijpenstelen, mits je geen scherp voorwerp gebruikt, sla je er met geen mogelijkheid meer doorheen. Dus weer of geen weer, de slagwerker kan zich zo ten allen tijde kwijten aan zijn of haar taak. En de belangrijkste taak van een slagwerker is 'de maat houden'! D.w.z. het juiste tempo inzetten en er voor zorgen dat de band niet versnelt of vertraagt. De slagwerker moet de structuur van het te spelen nummer goed kennen en beheersen, waarbij het van belang is, dat hij of zij de structuur duidelijk kan doorgeven naar de andere leden van de band!
woensdag, maart 02, 2016
boeiende verschijningsvormen
Directe aanleiding om naar het noorden te gaan, was voor ons de tentoonstelling 'DAVID BOWIE is' A face in the crowd, in het Groninger Museum. Maar als zo vaak, van het één komt het ander. Er is daar meer te zien, laten we er een dagje aan vast knopen. Onder de rook van Groningen hadden we vervolgens al snel voor een appel en een ei een prima hotel gevonden. En zo kon het gebeuren dat we onlangs in de contreien rondom Groningen en Assen een paar dagen hebben rond gedwaald.
Zonder David Bowie tekort te willen doen, bestaat de menigte uiteraard uit vele boeiende gezichten. Analoog aan deze stelling bestaat de kunst uit vele boeiende verschijningsvormen. En dat hebben we onlangs weer ervaren op diverse locaties in de noordelijke regionen van het land. De spits werd afgebeten met een bezoek aan de expositie 'De Ordening - Lichamen en ondingen' van Mario ter Braak (Hengelo, 1960) in museum De Buitenplaats te Eelde. Een tentoonstelling die een mooi overzicht gaf van het totale oeuvre van Mario ter Braak. Mario ter Braak is een bekende schilder uit het noorden die aan academie Minerva studeerde. Zijn expositie in Eelde wordt gedomineerd door opvallend veel stillevens. Groenten, vruchten, vissen enz. tijd- en trendloze voorwerpen. De schilderijen van Mario ter Braak ontwikkelen zich vanuit het principe van de symmetrie zoals bijvoorbeeld een vrucht groeit. Een tweede principe dat ter Braak in zijn schilderijen hanteert, is dat door invloed van omgevingsfactoren geen vrucht gelijk is aan de andere. Maar middels een extra dimensie als bijvoorbeeld het rationele vierkant, ordent hij zijn composities zodanig dat er evengoed een vorm van symmetrie ontstaat.
Alvorens vanaf museum De Buitenplaats in Eelde door te rijden naar het Groninger Museum, hebben we ons eerst ingecheckt in Hotel-Restaurant Langewold aan de Ceintuurbaan Noord in Roden. Een heel redelijk hotel in het noordelijkste puntje van Drenthe, dicht bij de provinciegrens met Groningen. Een prima uitgangspunt dus als je in die contreien het één en ander van plan bent te doen.
Van de receptionist kregen we te horen dat de Qbuzz die vlak voor het hotel stopte, C.S. in Groningen als eindpunt had, dus praktisch voor de deur van het Groninger Museum. Makkelijker kon haast niet en bovendien geen gedoe met parkeren. De keus ten voordele van het openbaar vervoer hadden we dan ook snel gemaakt. Hoewel de prijs van een ticket ons een beetje tegenviel, daar hadden we ook wel een parkeergarage voor kunnen nemen. Desalniettemin hobbelden we even later ontspannen per Qbuzz vanaf halte Leeksterweg via Peize en Hoogkerk naar Groningen C.S. alwaar we een klein halfuurtje later aankwamen. Aan de overkant van de straat prijkte de naam 'David Bowie is' op de gevel van het ruim 20 jaar oude extraverte museumgebouw van Mendini ons uitnodigend tegemoet!
Er is op dit moment geen andere plek op de wereld waar je David Bowie beter kan herdenken dan het Groninger Museum, aldus het museum. Inderdaad, de belangstelling voor de tentoonstelling van David Bowie was trouwens al niet gering, maar is nu geëxplodeert. Drommen mensen met een reeds thuis online aangeschaft ticket stonden, evenals wij die ter plekke een ticket hadden gekocht, in lange rijen op hun beurt te wachten. Eenmaal binnen schuifelden we met z'n allen in slakkengang langs meer dan 300 objecten uit het archief van één van de meest baanbrekende en invloedrijke artiesten uit onze tijd. Handgeschreven songteksten, kostuums, foto's, ontwerpen van albums en andere attributen van de afgelopen 50 jaar. Prachtig allemaal, maar het was veel te druk, ik heb lang niet alles goed kunnen bekijken. Dan was de expositie van Joris Laarman (Borculo, 1979) elders in het museum een verademing. Meubels, enkele voorbeelden van het wonderbaarlijke werk van deze ontwerper/uitvinder/ kunstenaar zijn o.m. een levende lampenkap van genetisch gemodificeerde cellen met het lichtgevende gen van een vuurvliegje en een tafel geassembleerd uit 1.2 miljoen voxels.
De roman 'Knielen op een bed violen' van Jan Siebelink heb ik rond 2006 in één adem uitgelezen. Ik vond het een naargeestig boek, maar kon er desalniettemin niet van afblijven. In de roman, die in 2005 is bekroond met de AKO literatuurprijs, verwerkt Siebelink verschillende herinneringen uit zijn jeugd. Hij schijnt de roman geschreven te hebben om het godsdienstige leven van zijn sektarische vader te begrijpen, het zij zo. De hoofdpersoon in het verhaal is Hans Sievez. Opgegroeid in een sektarisch godsdienstig milieu, komt Hans na een verblijf in Den Haag weer onder de invloed daarvan. Zijn hele leven komt uiteindelijk te staan in het teken van zijn sektarische godsdienst. Zijn huwelijk, zijn kinderen, zijn bedrijf en zijn persoon gaan daaronder zwaar gebukt. In de gelijknamige film van dit sombere verhaal, hebben we gezien dat regisseur Ben Sombogaar grote emoties op afstand houdt. Daar is ook helemaal geen ruimte voor in het radicaal gelovige milieu. Hans moet zich koel en zakelijk opstellen van zijn broeders en Margje heeft berusting gevonden in de afstandelijkheid van haar man. Tjonge, dat zo'n milieu bestaan heeft, en nog bestaat in Nederland.
Aan de overkant van de Gedempte Zuiderdiep, recht tegenover bioscoop Pathé, hebben we na de film in eetcafé D'Ouwe Brandweer de inwendige mens versterkt. De reis per Qbuzz terug naar ons hotel verliep uiteraard in omgekeerde volgorde. Na het ontbijt de andere morgen, zijn we door het weidse en verstilde Drentse landschap over aardige binnenweggetjes via gehuchten als Steenbergen, Een en Westervelde naar het gevangenismuseum in Veenhuizen gereden. Een nog immer intrigerend project, ooit begonnen in 1823. Midden in het uitgestrekte en verlaten veengebied begon de 'Maatschappij van weldadigheid' daar destijds met de bouw van een gesticht voor arme gezinnen, wezen, landlopers en bedelaars. O.l.v. ene Johannes van den Bosch werd het één en ander voortvarend aangepakt. Van de arme sloebers die daarna van heinde en verre, al dan niet vrijwillig naar dit Hollands Siberië toekwamen, werd dan vervolgens verwacht dat ze er een nieuw bestaan als bijvoorbeeld boer zouden opbouwen. Maar na verloop van tijd werd het de 'Maatschappij van weldadigheid' duidelijk, dat het proces van resocialisatie in het pauperparadijs (Suzanna Jansen 1964) in menig opzicht een fiasco was.
Het gevangenismuseum met omliggende terreinen hebben we al eerder gezien (zie mijn stukje 'Veenhuizen' van 9 februari 2009) maar het blijft een bijzonder gebied. Na een poosje te hebben rondgewandeld, het was heerlijk weer, zijn we naar het Drents Museum in Assen gereden. De expositie over het leven van Harry Muskee onder de titel 'Window of my eyes', genoemd naar de grootste hit van Cuby + Blizzards, was ons doel. Een expositie over zijn jeugd, muziek, optredens, reizen, Drenthe, belangrijke gebeurtenissen en personen en hoe hij met dat alles omging. Ook nog nooit vertoonde filmopnames, geluidsfragmenten, affiches, hoesontwerpen, elpees, singeltjes en andere Muskee-memorabilia passeerden de revue. Verrassend ook was de workshop en het optreden van 'The Brinklz', een bluesband bestaande uit Harm Brinksma met zang en mondharmonica, Alfred Velthuis op bas, Hannes Langkamp op drums (heeft ook jaren bij Harry Muskee gespeeld) en Richard Vrieze op gitaar. Een prima band met een goeie chemie lijkt mij. Mooie oude juweeltjes van helden als Little Walter, Muddy Waters en Otis Rush werden op geheel eigen wijze gebracht. Het was een genoeglijk middagje!
Meeslepende blues! Bluesicoon Harry Muskee wist daar alles van. In mei 2011, ongeveer vijf maanden voor zijn overlijden hebben we in Purmerend nog een optreden van hem en zijn band meegemaakt. (Zie mijn stukje 'Blues in Purmerend' van 8 mei 2011.) En kort na zijn dood hebben we in Grolloo het C+B Museum bezocht. (Zie mijn stukje 'C + B Grolloo' van 14 oktober 2011.) Zo houden we ook de blues van Cuby & the Blizzards nog levend. Maar met de meeslepende blues van 'The Brinklz' nog in ons achterhoofd, reden we aan het eind van de middag maar weer eens huiswaarts. Eigenlijk een mooi slotaccoord vonden we, voor alle boeiende verschijningsvormen die we in een paar dagen in het noorden van de natie hebben mogen zien en beleven!
Abonneren op:
Posts (Atom)

































































