zaterdag, januari 30, 2016
een genoeglijk avondje
Het was vrijdagavond in Brasserie 'Het Vliegerhuys' in Zwolle een gezellige boel. Tot onze verrassing hadden Simone en Wilco daar behalve voor hun zelf ook een plekje gereserveerd voor Roos, Daan, Andries, Annet, Joke en ondergetekende. We zaten er riant bij, met z'n achten aan een lange eikenhouten tafel, midden in de gelagkamer. Lekker eten en drinken in een sfeervolle ambiance van een oud voormalig patriciërshuis.
Het huis in de Nieuwstraat kent een lange geschiedenis. Het ligt in een noordelijke stadsuitbreiding van vóór 1329, waarbij de Kleine Aa als noordgrens fungeerde. Langs de binnenzijde van de Kleine Aa kwam een stadsmuur te liggen. De ouderdom van het pand Nieuwstraat 55 gaat zeker tot de 16de eeuw terug. Uit het pand is een haardsteen afkomstig uit ca 1552. Uit archiefonderzoek is gebleken dat het huis al in de 16de eeuw voorkomt. Het huis is later jarenlang in bezit van de familie Vos de Wael geweest. Deze familie was zeer
vermogend en bezat veel huizen in en rondom Zwolle. De familie Vos de Wael verkocht het huis in 1904 aan huisarts Jorritsma. Na Jorritsma werd het eigendom van Hans Jozef van Wiechen en werd het huis Van Wiechenhuis genoemd. In 1971 vertrok deze familie uit het huis. Het huis werd in de jaren 70 gerestaureerd. Na bewoond te zijn geweest door de Culturele Raad Overijssel is het in 1989 verkocht aan R. Vlieger. Deze vestigde er de Brasserie ‘Het Vliegerhuys’.
Een drie gangen menu, ofwel een Gravad-Lax van zalm, sinasappelcrème en wortel vooraf, waarna een roodbaars of coq au vin als hoofdgerecht en een chocolade dessert met ingemaakte kersen en een bolletje vanille-ijs als toetje. Het ging er bij iedereen in als koek, mede de bijpassende wijntjes! De heerlijke en gedenkwaardige uurtjes in Brasserie 'Het Vliegerhuys' hebben we rond een uur of tien afgesloten met een lekker bakkie koffie, waarna we de stormachtige avond weer indoken en ieder zijns weegs ging. Einde van een heerlijk door Simone en Wilco aangeboden dinertje in Zwolle. Bedankt, en als reeds gezegd, het was een genoeglijk avondje!
zondag, januari 24, 2016
centrum in ander licht bezien
Het menselijk oog ziet in het donker vrij weinig wordt gezegd. En vergeleken met een kat bijvoorbeeld, is dat zeker zo. Aan de andere kant kan een beetje licht in de duisternis je dingen laten zien, die je overdag soms niet zou zien. Ik heb 's nachts veel op zee gezeild, als dan je ogen aan het duister gewend waren, viel me altijd weer op hoeveel er zelfs in de donkerste nacht nog te zien was. Zie o.m. ook mijn stukje 'hemelse duisternis' van 10 juli 2014. We woonden vroeger nabij de bosrand, met mijn kinderen ging ik daar vaak op zondagavond een wandelingetje maken in het donkere bos. Het donkere bomenbos noemden ze het. Dicht tegen me aangedrukt liepen ze dan heerlijk te griezelen, helemaal als ik er ook nog een passend verhaaltje van bijvoorbeeld Marten Toonder bij vertelde. Het werd niet voor niets het donkere bomenbos genoemd. Maar al was het nog zo donker, de boomstammen tekenden nog donkerder. En zo zagen we ze altijd wel staan, al leken ze volgens mijn kinderen vaak op hele enge wezens.
Licht en donker, een intrigerend spel, altijd al gevonden in welke vorm dan ook. Gisteravond, genietend van het lichtfestival in het centrum, moest ik ook een beetje denken aan de vloeistofdia's die ik vroeger vaak maakte op feestjes en partijtjes. Zie in mijn blogarchief 'vloeistofdia's' van 26 september 2006. Ether en ecoline of laserlicht, de verrassende metamorfoses in het lichtspectrum verandert een bekende plek in een boeiend en kleurrijk tafereel. De werkelijkheid in deze donkere tijd net even anders doen beleven. WAUW! Een mooi initiatief van Stichting Underground Harderwijk!
zaterdag, januari 23, 2016
een kwestie van sensitiviteit
Gezien in 'Museum de Fundatie': a) Dutch Identity, over Nederlandse portretfotografie nu; b) Machteld, de muze van Karel Appel en c) Ans Markus, als ik jou was... Er was nog wel meer te zien, maar bij deze 3 exposities hebben we het even gelaten.
Dutch Identity, geeft aan de hand van zo'n honderdvijftig foto's van 25 Nederlandse topfotografen een boeiende diversiteit aan nationale fotoportretkunst te zien. Bizar vond ik de foto's van Martine Stig. In Koeweit fotografeerde ze vrouwen in burka. Geen gezicht te zien, is dat dan eigenlijk wel een portret?
Machteld, het monumentale en open portret van Karel Appel's grote liefde, dat hij in 1962 in olieverf op doek schilderde. Een jonge vrouw met stijl, een mannequin die van boeken hield, een anker in Appel's turbulente leven. In 1970 overleed ze, slechts 35 jaar oud.
Ans Markus, is iemand die zich misschien wel als geen andere hedendaagse kunstenaar in Nederland kan inleven in haar publiek, iemand die à priori bereid is zich te verplaatsen in de kijker en vanuit een oprechte betrokkenheid bij de medemens haar tekeningen, schilderijen en sculpturen maakt. Maar 'als ik jou was...' impliceert ook 'als jij mij was...' Met haar kunst zet zij zichzelf in een breder menselijk perspectief en geeft zij een stem aan gevoelens die iedereen bij zichzelf kan herkennen.
Ik probeer me in te leven en onderliggende emoties te begrijpen. Vrouwen gehuld in burka en windsels, letterlijk geen gezicht, versus een vrouw geschilderd in een weinig verhullende pose, vrijheid!? Maar wel met hoed en zonnebril. Gevoelens zijn niet zichtbaar, op geen enkel gezicht. Is dat de rode draad? Zo ja, waarom, en hoe moet ik daar dan mee omgaan?
woensdag, januari 20, 2016
jubileumfeestje in 3 bedrijven
Vijftig jaar samen op! Ondanks dat het met alle ups en downs verrassend snel gegaan is, verbaast het ons zelf toch nog elke dag. Het staat buiten kijf dat het in het leven een gedenkwaardige mijlpaal is. We werden met dit heuglijke feit zelfs door de burgemeester, die we totaal niet kennen, vanuit zijn bastion van bestuur en organisatie van harte gefeliciteerd. Hoewel we ons z.g. gouden jubileum aanvankelijk klein en rustig wilden vieren, is het door diverse omstandigheden een jubileumfeestje in drie bedrijven geworden. En dat hebben we, zeker achteraf gezien, prachtig gevonden. Eerst waren daar de bloemen, en de hartverwarmende felicitaties op de dag zelf begin september, zie in mijn blogarchief m'n stukje 'beide vijf decennia in de boot' van 3/9'15. Daarna hebben we begin oktober met onze kinderen en kleinkinderen een prachtig door hun zelf georganiseerd weekendje in Rotterdam gehad, zie m'n stukje 'verrassing op de kop van zuid' van 5/10'15. En zaterdag j.l. 16 januari hebben we in muziekpodium 'Estrado' ons jubileumfeestje voor familie en vrienden gehouden. (Zie o.a. 'Acte de présence op een party in H'wijk' in www.hodgepodge-harderwijk.nl).
Een feestje in drie bedrijven hebben we het maar genoemd, omslachtig, maar ook leuk natuurlijk. We hebben in ieder geval volop genoten van alles, en zijn blij dat het allemaal mede dank zij onze kinderen, familie en vrienden zo prachtig verlopen is. Daarom bij leven en welzijn op naar het volgende festijn!
vrijdag, januari 15, 2016
de nationale waterhuishouding
Woensdagavond op tv '100 jaar droge voeten' gezien. Een interessant programma over een bijna vergeten ramp van precies een eeuw geleden. Op 13 en 14 januari 1916 leidde een stormvloed, gepaard met hoge waterstanden, tot een watersnoodramp in het gebied rondom de Zuiderzee. Middenin de nacht brak het water door de zwakke dijken en zette onder andere het eiland Marken (hoogteligging gemiddeld 1,1 + NAP) en een groot deel van Noord-Holland onder water. Tientallen mensen verdronken, huizen werden verwoest en veel vee kwam om. Het was destijds de aanleiding voor de ontwikkeling en uitvoering van de Zuiderzeewerken. Het spreekwoord zegt niet voor niets: 'Als het kalf verdronken is dempt men de put'. Een belangrijk onderdeel hiervan, de Afsluitdijk, werd in 1932 voltooid.
De meeste, zo niet alle plaatsen rond de toenmalige Zuiderzee werden in meer of mindere mate getroffen door de stormvloed. Bijna overal liepen de dijken over, en bij Nijkerk ontstond zelfs een dijkdoorbraak. In stadjes als Nijkerk (hoogteligging gemiddeld 1,3 m + NAP) en Harderwijk (hoogteligging gemiddeld 1,9 + NAP) stonden de straten blank.
Uit 'De Telegraaf' van 15 januari 1916: Storm en Watersnood in Gelderland.
In geen 30 jaar heeft men in Harderwijk van het zeewater zooveel last gehad als Donderdag, toen de storm uit het Noord-Westen het water met onbeteugeld geweld tot voor de muren, neen, tot in de straten opdreef, zoodat Vrijdagmorgen het grootste deel der stad geheel blank stond. Welke angstige uren hadden de menschen, vooral de buitenwonenden, des nachts reeds doorgebracht. Velen zaten met hun geheele hebben en houden op den zolder, terwijl anderen naar familieleden, die 'hooger' woonden, waren gevlucht.
De ten Westen der stad wonende boeren vooral, verkeerden in grooten nood; daar vluchtte men zelfs tot op de daken, om in grooten angst het oogenblik af te wachten, dat van buiten af hulp zou komen opdagen, om de menschen van hun koude en gevaarlijke schuilplaats weg te voeren. Te verwonderen is het, dat er nog niet meer vee verdronken is; de tijd ontbrak bijna, evenals bij een snel om zich heen grijpenden brand, om de beesten in veiligheid te brengen. Sommige boeren moesten enkele koeien en varkens missen; van kippen, konijnen en ander klein vee bleef niet veel over.
In Harderwijk was het een ontredderde toestand, daar zag men de brievenbestellers op een paardekar van het kantoor halen om hen naar de verschillende deelen der gemeente te brengen. Met ladders bracht men de menschen van hunne bovenwoningen naar beneden om hen dan naar een droger plaats te voeren. Alle scholen waren gesloten; geen enkele was te bereiken; er werd ook niet aan gedacht, want er was buiten veel te veel te zien voor de jeugd, die zulke gevallen gewoonlijk van den vermakelijksten kant opneemt.
Tegen den middag was het water zoover gezakt, dat de straten weder begaanbaar waren. Eenige huisjes aan de haven leden veel schade, doordat in de nabijheid liggende boomen aan het drijven geraakt waren en met de gevels in aanraking kwamen, die daardoor voor een groot deel werden stukgeslagen. Tegen 12 uur des middags kwam Prins Hendrik zich per auto van de zaak op de hoogte stellen.
De spoorlijn tusschen Voorthuijzen en Nijkerk is gedeeltelijk zoo diep onder water gezet, dat de treinenloop gestaakt moest worden. In de omstreken van laatstgenoemde plaats moeten duizenden stuks vee in de stallen verdronken zijn.
Na de Zuiderzeewerken kwamen na de watersnoodramp van 1953 de Deltawerken. Daarmee leek Nederland de strijd tegen het water grotendeels gewonnen te hebben. Maar ook met de Deltawerken zal ons land in de toekomst het niet meer droog houden. Door de opwarming van de aarde zal het waterpeil van de zee stijgen. Zonder ingrijpen is de kans reëel dat er veel slachtoffers vallen. De Flevopolders bijvoorbeeld liggen nu gemiddeld op 3,1 m - NAP. Deltaplan 2 moet Nederland daarvoor beschermen. Dijkverzwaring, verruiming van stroombedden, ophoging en verbreding van de Noordzeekust, en aanleg van waterreservoirs zijn enkele onderdelen van het Deltaplan 2. Ik las ergens dat de jaarlijkse kosten tussen nu en 2050 worden geraamd op €.1,3 tot €.1,9 miljard. We weten uit ervaring dat dit veel meer gaat worden, maar we weten tenminste ook waar onze belastingcenten aan worden besteed. Een goeie zaak, en gezien de vroegere ervaringen op het gebied van de waterhuishouding in Nederland, heb ik het daar graag voor over. We moeten er alles aan doen wat binnen ons vermogen ligt, om nieuwe watersnoodrampen te voorkomen. We kunnen het ons niet nogmaals veroorloven de put pas te dempen als het kalf verdronken is!
maandag, januari 11, 2016
katapult, pijl en boog, gamen
Een katapult is verboden wapentuig, nu maar vroeger ook al. Toch had ik vroeger op de lagere school vaak een katapult op zak. En ik was niet de enige, het was onder de jongens in de klas min of meer gemeengoed. Zo'n ding was trouwens snel gemaakt. Je struinde even langs een ligusterhaag, totdat je een mooie en gelijkmatige Y-vormige tak zag zitten. Even het zakmes erbij, en dat was dat. De elastieken sneden we uit een oude fiets- of auto-binnenband. Liefst uit de laatste, want die had een grotere spankracht. En om het kiezelsteentje in te klemmen sneden we uit een oude schoen het leren lipje dat onder de veters zit. Het één en ander werd op de juiste manier met elkaar verbonden, en klaar was de katapult. We schoten op van alles en nog wat in de verte. Af en toe schoten we zelfs een arm vogeltje uit de boom, waar we achteraf dan weer spijt van hadden. Maar favoriete doelwitten waren de porseleinen isolatoren aan de destijds nog alom aanwezige bovengrondse elektra-leidingen. Het plaatselijke gezag heeft ons op de fiets menigmaal op de hielen gezeten.
Een ander schiettuig waar we tijdens onze vechtspelletjes vaak plezier aan beleefden, was pijl en boog. En ook die maakten we zelf. Een stevige wilgentak werd met een stuk vliegertouw onder spanning gezet, en klaar was de boog. De pijlen maakten we van rietstengels, met aan het eind een stukje vlierhout. Het mooie was, dat we aan het maken van onze tuigen minstens zoveel plezier beleefden als aan het spel zelf!
De tijden zijn veranderd, we leven niet meer in de jaren vijftig. De jeugd van nu zit veel te gamen, volgens mij erg veel te gamen! Elektronische vechtspelletjes spelen op de computer. Niks mis mee lijkt me, zolang het niet tot een verslaving leidt. Maar op jonge leeftijd dag in, dag uit, urenlang op je krent achter de pc zitten, lijkt me op termijn niet gezond voor lijf en leden!
woensdag, januari 06, 2016
in kunstenaarsdorp Nunspeet
Het Noord-Veluws Museum in kunstenaarsdorp Nunspeet brengt ons regelmatig in contact met de schilderkunst die ruwweg tussen 1885 en 2000 op de Noord-Veluwe gemaakt werd. Exponenten in deze zijn kunstschilders als Ben Viegers (1886-1947), Arthur Briët (1867-1939), Jos Lussenburg (1889-1975), Chris ten Bruggen Kate (1920-2003), Willy Martens (1856-1927), Edzard Koning (1869-1954), Jan van Vuuren (1871-1941), Cor Vrendenberg (1911-1994) en Jaap Hiddink (1910-2000). Gisteren hebben we er werk van Chris ten Bruggen Kate gezien.
Chris ten Bruggen Kate bezocht na de Mulo in Utrecht een korte tijd de Zeevaartschool in Den Helder. Dat was kennelijk niet zijn ding, want in 1937 ging hij als 17-jarige in de leer bij de kunstschilder Hendrik Willem de Jong (1876-1950) in Nunspeet. Uiteindelijk vestigde Chris Ten Bruggen Kate zich permanent in Nunspeet. Hij is bekend geworden als kunstschilder, aquarellist en tekenaar van landschappen, figuurvoorstellingen en stillevens. Geïnspireerd door werk van o.a. Carel Willink (1900-1983) en Pyke Koch (1901-1991) wordt het latere werk van Chris gekenmerkt door een magisch realistische stijl. Verder werkte ten Bruggen Kate in Nunspeet onder andere met de Nunspeetse kunstschilders Jaap Hiddink, Jos Lussenburg en Cor Vrendenberg en gaf hij schilderlessen aan de Vrije Academie Nunspeet.
Maar als Chris van het magisch realisme maakte hij naam. Winterse landschappen vaak, met een vreemde geheimzinnige lichtval, sereen en stil. Geen levend wezen te bekennen, nergens beweging, enkel een haast desolate stilte die als een watten deken over het landschap hangt. En toch is de lucht geladen, de spanning spat van het doek. Gebiologeerd sta je te kijken, wie weet wordt de magie onverwacht verbroken door een plotselinge beweging. Gestileerde landschappen! Chris schijnt eens gezegd te hebben: Alles wat ik lelijk vind laat ik gewoon weg! Een leeg landschap is mooier en geeft ruimte voor sfeer. Een typering waar ik me wel in kan vinden. Hoe dan ook, ik vond het een prachtige expositie. Eén van de mooiere tentoonstellingen die ik de laatste tijd in musea gezien heb!
Wat mij overigens ook raakte, waren de zelfportretten van Chris en zijn vrouw Lenie, en de naaktstudies van Chris, waarbij zijn vrouw figureerde. Confronterend ook, de vergankelijkheid van de mens in beeld, opgaan, blinken en verzinken.
vrijdag, januari 01, 2016
veel embouchure en vibrato in
In combinatie met het volume van de klank en de dynamiek, kan met het embouchure zowel de kleur als de toonhoogte van het geluid binnen bepaalde marges worden gevormd en zo nodig worden gecorrigeerd. Het vibrato kan een zangstem of instrument warmer doen klinken. Bij een samenspel van zangers en/of muzikanten kan het individuele vibrato bijdragen tot een betere versmelting in het geheel van klanken. Beetje gezocht misschien, maar je kan dus eigenlijk zeggen dat embouchure en vibrato instrumenten zijn die een harmonieus samenspel in meerdere opzichten kunnen bevorderen!
Ik wens iedereen optimisme toe in 2016 en veel embouchure en vibrato, het is volgens mij de enige weg vooruit. In het bijzonder voor degene die het in het afgelopen jaar heel moeilijk hadden. Laten we met z'n allen moed en kracht putten uit het nieuwe begin!
donderdag, december 31, 2015
alweer een jaar geschiedenis
En ook 2015 kan op een haar na worden bijgeschreven aan de annalen van de geschiedenis. Een woelig jaar, Europa kreeg te maken met een praktisch onbeheersbare vluchtelingenstroom vanuit het Midden-Oosten. Er was ontzetting in Europa na aanslagen op de westerse vrijheid. En Griekenland, dat op het nippertje binnen de eurozone bleef. Wonderbaarlijk genoeg vielen er geen gewonden bij een vallende hijskraan in Alphen aan den Rijn, en sinds 1984 zal Nederland voor het eerst ontbreken op EK. Somberheden troef, en de lijst is nog lang niet compleet, maar ik laat het hier bij. Het heeft ook weinig zin, bovendien is in 2015 niet alles kommer en kwel wat de klok slaat. De meeste ontwikkelingen en dingen lopen nu eenmaal zoals ze lopen!
In dit verband moet ik een beetje denken aan een gedichtje van Cees Buddingh (1918-1985) en wel 'Zeer vrij naar het Chinees: De zon komt op, de zon gaat onder. Langzaam telt de boer zijn kloten' Het gedichtje roept bij mij enerzijds een gevoel van relativering op, maar anderzijds van fatalisme. Veel gebeurtenissen lopen zoals ze lopen, en laten zich niet of nauwelijks door ons beïnvloeden. Of we ze nou vervelend vinden en erop tegen zijn, erin geloven of niet, het maakt niet uit, ze zijn er gewoon. Ik realiseer me dat er zoveel factoren zijn die alle plannen kunnen beïnvloeden, dat ik elk jaar maar weer min of meer moet afwachten wat er gebeuren gaat. Het positieve daarvan is, dat het leven zal ik maar zeggen zo wel spannend blijft. Samen met koning Oliebol wens ik iedereen dan ook graag een gezonde en blijmoedige jaarwisseling toe!
zondag, december 27, 2015
kerst-gourmet met knaleffect
Rond drie uur 's middags zouden we bij E in Amsterdam zijn, het werd rond halfvijf. Lange files op de A1 waren de boosdoeners. Op het laatst hebben we bij Muiden maar de afslag Weesp genomen, om zo via Driemond en Abcoude Amsterdam Zuidoost te bereiken. Veel tijdwinst heeft het ons denk ik niet opgeleverd, maar het reed wel prettiger. Vooral het ca. 6 km lange stukje Driemond-Abcoude is prachtig. Het met het Gein mee meanderende weggetje, dat we zo vaak hebben gefietst (zie o.m. mijn stukjes 'Langs het Gein' en 'Een fietstochtje' van resp. 6-7'09 en 12-8'12), is weliswaar eigenlijk te smal voor autoverkeer, maar het gaat net. Je rijd daar onder de rook van Amsterdam in een paradijs, wat een prachtig gebied. Dat vond Piet Mondriaan begin vorige eeuw ook, schoot me te binnen toen we langs de 'Oostzijdse Molen' reden. Mondriaan heeft daar een reeks landschappen met molens geschilderd, waaronder de 'Oostzijdse Molen'.
![]() |
| Piet Mondriaan (1872-1944) 'Oostzijdse Molen aan het Gein' ca. 1903 |
vrijdag, december 25, 2015
kerstmis, idealen en principes
In 1915 werd tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) op last van het Duitse bezettingsleger in België de z.g. Dodendraad aangelegd. Een elektrische versperring aan de grens tussen België en Nederland van Knokke tot aan de voorsteden van Aken. De Duitsers wilden zo verhinderen dat er nog meer Belgische vluchtelingen naar het neutrale Nederland zouden vluchten. Het destijds ca. 6 miljoen inwoners tellende Nederland, had tot dan toe al ca. 1 miljoen Belgische vluchtelingen binnen haar grenzen opgevangen! Maar evengoed zei koningin Wilhelmina nog in haar troonrede op Prinsjesdag 1915, dat Nederland alle ongelukkigen die binnen haar grenzen een toevlucht zochten, met open armen zou ontvangen. En dat gebeurde ook, hoewel niet meer in zo'n grote getale als in het begin van de oorlog, want de z.g. Dodendraad was behoorlijk effectief. Zo'n 850 Belgen schijnen bij hun poging om de grens te passeren om het leven te zijn gekomen.
Het is geschiedenis, zomaar een vluchtelingen verhaal uit de Grote Oorlog van een eeuw geleden, toen Europa het epicentrum was! Maar ook de wereld van 2015 kent zijn vluchtelingenverhaal. Al is de wereld in 100 jaar mondialer geworden, en zijn grenzen in meerdere opzichten vervaagd, het zijn verhalen van alle tijden. De Duitse bondskanselier Angela Merkel kreeg met haar 'Wir Schaffen Das' half Europa over zich heen. Ze werd door menig cynisch en lafhartig politicus verguist. Onterecht vind ik, waarom zouden we als gegoede middenklassers in Europa, onze morele waarden en idealen de kop in moeten laten drukken door cynische en lafhartige politici?
Ieder weldenkend mens snapt wel dat Europa binnen zijn grenzen niet de hele wereld van bed, bad en brood kan voorzien. Ook al zou dat kunnen, dan zou dat het einde van Europa zijn. Maar aan de andere kant, als Europa niet in staat is om zijn, voor miljarden mensen tot de verbeelding sprekende universele principes van vrijheid, gelijkheid en broederschap te herijken, zou ze van binnenuit met al haar euro's verstikken. We doen mogelijk allemaal wel eens cynisch over Europa, maar als je wat rondkijkt en ziet hoe het er in andere continenten aan toe gaat, zie je ook dat veel mensen daar dromen van wat ons hier in Europa uiteindelijk al aardig gelukt is.
Het lijkt erop, dat we ondanks al ons kunnen en onze idealen, toch de kop in het zand steken. Voorlopig zijn de eerste slachtoffers de vluchtelingen, maar op termijn loopt door het conformisme aan de hypocrisie van onze halfslachtige politici, de hele Europese beschaving gevaar. Lastig misschien, maar moed tonen met z'n allen en opkomen voor onze humanistische idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap is in deze tijd naar mijn idee een goede kerstgedachte!
dinsdag, december 22, 2015
muzikaliteit in een Hanzestad
Het was zondagmiddag een drukte van belang in de binnenstad van Kampen. 'Kerst in Oud Kampen' is in feite één groot theater met zang, muziek en historische doorkijkjes naar een ver verleden met ontmoetingen van personages uit Charles Dickens' kerstverhalen. Kortom, puur vermaak op straat en in enkele kerken met koren, muzikanten, acteurs, actrices, ganzen en attracties. En uiteraard niet te vergeten de gezellige kroegjes en terrasjes. Leuk allemaal, maar het slenteren langs de vele vermakelijkheden ging ons niet in de kouwe kleren zitten. We waren blij dat we zo af en toe even een kroegje in konden duiken. Maar de langste tijd hebben we echter doorgebracht in de 'Buitenkerk' waar diverse koren acte de presence gaven. 'Vox Five' waarin mijn oudste zus een steentje bijdraagt, was één van de koren die daar optraden. Zoals ze zelf zeggen: Een vijfstemmige Kamper zanggroep waar alles draait om diversiteit en kwaliteit! Een gemengd koor van zo'n 80 personen, dat de sterren van de hemel zingt. Ze zingen pop-, rock- en blues vanaf de zestiger jaren tot heden. Uiteraard had 'Vox Five' het repertoire vanwege de kerst een beetje aangepast, maar het plezier en de energie spatte er evengoed ook nu vanaf!
We moesten wel een beetje lachen om de enthousiaste manier van leiding geven van Anton Jansma. Op een gegeven moment stond hij in een soort van tovenaarspak compleet met punthoed voor het koor te springen, en liep hij soms zelfs, het koor ver achter zich latend, een eind de kerk in. Maar het koor was kennelijk wel gewend aan dergelijke strapatsen van hun dirigent, want ze zongen onverstoord en keurig in de maat verder. Ik denk dat Anton Jansma zo af en toe even een onbedwingbare behoefte aan persoonlijke aandacht heeft. Van mij mag ie, het laat onverlet dat hij een groot koor kwalitatief tot grote hoogte heeft weten op te stuwen. Petje af voor zijn arrangementen en composities, en hoe hij als muzikaal leider 'Vox Five' en andere koren weet te enthousiastmeren en te begeleiden.
Rond een uur of acht hebben we de auto maar weer eens opgezocht. 'Vox Five' ging volgens het programma nog wel een uurtje door, maar wij waren voor dat moment op muzikaal gebied even verzadigd. Het was een bijzondere en mooie middag daar in de oude Hanzestad.
maandag, december 21, 2015
een mooie kerst met Vol-Luid
De Rooms-Katholieke Parochie Heilige Maria Zuivering in Putten zat zaterdagavond praktisch tot aan de nok toe vol. Begrijpelijk want het Puttense Klein-koor 'Vol-Luid' gaf weer eens acte de presence in dit sfeervolle kerkje. Een kerkje dat in de jaren 1938-1939 door de Amsterdamse architect J.J. Hellendoorn (1878-1959) is ontworpen in een min of meer eclectische stijl. Over het prachtige kerstconcert, hetzelfde dat Vol-Luid een week eerder bij wijze van spreken als generale repetitie ook al ten gehore had gebracht in de Catharinakapel in Harderwijk, heb ik in mijn stukje 'een prachtig concert in H'wijk' van 17 december 2015 al het nodige gezegd. De Puttense uitvoering deed daar niets aan ten onder, de mensen, de ambiance, prachtig, wederom een ontroerend mooi concert!
Onderstaand programma geeft ook min of meer de vertaling weer van het gezongen repertoire.



zaterdag, december 19, 2015
Live Jazz in de 4 jaargetijden!
Het was zondagmiddag een gezellige boel in restaurant 'De 4 jaargetijden' aan de IJsselkade. Het derde van de in totaal acht in dit seizoen door Jazzclub Kampen georganiseerde jazzconcerten vond er plaats. (Van oktober tot april vindt er in 'De 4 jaargetijden' elke tweede zondag van de maand een Jazzmiddag plaats). Deze keer was de 'De Blue Silver Jazzband' van de partij, een in 2013 opgerichte band, gevormd door een vijftal amateur muzikanten uit Groningen en Drenthe t.w. Jack Brinkman: trombone, vocal; Remy Huiting: sopraan-, alt- tenorsax, klarinet; Anton Jacké: cornet, vocal; Julius Pangkey: tenorbanjo, plectrumbanjo, gitaar en Jan Wouters: sousafoon,bas. De mannen speelden met een aanstekelijk enthousiasme de sterren van de hemel met ongecompliceerde oude stijl jazz uit het New Orleans en Dixieland repertoire. Een vrolijk stemmend repertoire dat ze vaak als 'street-band' brengen, maar waar ze zoals zondag bleek ook als podiumorkest goed mee uit de voeten kunnen.
We werden tijdens het concert tot onze verrassing zo af en toe op een warme versnapering getrakteerd. Vol trots stelde mijn olijke buurman, (toevallig één van de sponsoren van het jazzfestijn), zich aan me voor als de 'Worstenman Engelbert'. De warme worst die we daar kregen, was dan ook van hem liet hij me weten. Daar stond hij dagelijks mee op de markt. Wat er allemaal in zijn worsten verwerkt zat, kon hij me niet vertellen, maar ik moest beamen dat ze smakelijk was. Een vermakelijk intermezzo! Na afloop hebben we even verderop aan de IJsselkade samen met G en C een punt achter de leuke middag gezet met een voedzaam hapje in eetcafé 'De Bastaard'.
donderdag, december 17, 2015
een prachtig concert in H'wijk
Kunstcentrum Catharinakapel organiseert kleinschalige culturele activiteiten op het gebied van theater, film, muziek en beeldende kunst in de prachtig historische kapel midden in het centrum van Harderwijk. Een kleine kapel van een ongeëvenaarde ambiance, diversiteit en toegankelijkheid! Sowieso het gedroomde decor voor de beroemde koffieconcerten op de zaterdagochtenden. Van kamer- en kleinkoren tot jazz, funk, folk, spirituals, pianorecitals, koperensembles en noem maar op. Alles komt voorbij, afgelopen zaterdag was kleinkoor Vol-Luid uit Putten van de partij. Niet voor de eerste keer trouwens, zie o.a. in mijn blogarchief de stukjes 'Vol Luid' van 2 maart 2008, 'muzikaal weekend II' van 20 december 2010, 'Kleinkoor Vol-luid' van 12 maart 2012 en Muziek in H'wijk! van 20 oktober 2014.
Steeds weer wordt ik verrast door de herkenbare klankkleur van Vol-Luid, en hoe die desalniettemin alsmaar lijkt te ontwikkelen en te verfijnen. Het koffie(kerst)concert onder de bezielende leiding van dirigent Hetty van Beek, werd zaterdag deels begeleid door Carolien Hoogeveen, piano en Natascha van den Bosch, klarinet.
Het repertoire bestond o.a. uit nummers als O come Emmanuel; One small child; Mary did you know; O Holy Night en nog veel meer. Het prachtige O Holy Night van Adolphe Adam (1803-1856) heb ik met m'n telefoontje opgenomen. Vanaf de plek waar ik zat werden een aantal koorleden aan het oog ontrokken door een pilaar, maar ze waren goed hoorbaar, en daar gaat het primair om. Luister en geniet mee, solist was Gert v.d. Haar.
Het koffie(kerst)concert werd afgesloten met het altijd prachtige nummer 'Stille Nacht', waarbij door het aanwezige publiek in de kapel enthousiast werd meegezongen!
maandag, december 14, 2015
een herenleed mini-excursie!
Het in Gouda in 1936 opgeleverde boezemgemaal is vernoemd naar de toenmalige dijkgraaf van het Hoogheemraadschap van Rijnland mr. P.A. Pijnacker-Hordijk. Het gebouw, qua stijl te rangschikken onder het zakelijk expressionisme, is een ontwerp van de Leidse architect B. Buurman. Het is één van de vier grote boezemgemalen die het overtollige water vanuit Rijnlands gebied afvoert, en loost op de Hollandsche IJssel. Het is echter ook een gemaal dat in tijden van droogte zoet water vanuit de Hollandsche IJssel kan inlaten. Daarmee is het gemaal, dat volgens Bartjens, na een renovatieperiode van ca. 2,5 jaar, begin 2016 wederom zal worden opgeleverd, tot op de dag van heden van groot belang voor de waterhuishouding in het Rijnlandse gebied. Vanwege dit belang moest het gemaal dan ook tijdens de gehele renovatieperiode dienst blijven doen!
Onlangs hebben we met ons herenleedclubje op initiatief en uitnodiging van onze geachte herenleder André H, die middels architectenbureau Aletta van Aalst & Partners nauw betrokken is bij de renovatieplannen, het gemaal bezocht. Een mini-excursie zal ik maar zeggen, met als reeds gezegd dus André en verder Ab B, Eric M. en ondergetekende.
Het gemaal met een uitmaalcapaciteit van totaal 2070 m3/min. ligt gesitueerd in het z.g. Stroomkanaal, dat t.p.v. de aansluiting met de Hollandsche IJssel min of meer parallel loopt aan het Gouwekanaal. Behalve dat beide kanalen destijds zijn gegraven t.g.v. de beheersing van de waterhuishouding van het Rijnlandse gebied, is m.n. het Gouwekanaal destijds ook gegraven om de binnenstad van Gouda te ontlasten van het scheepvaartverkeer. Immers om per schip van de Gouwe op de Hollandsche IJssel te komen of andersom, moesten ze vroeger via de Havensluis of de Mallegatsluis door de binnenstad varen. Een omslachtige en tijdrovende bezigheid voor de schippers, helemaal toen de schepen mettertijd geleidelijk een maatje te groot werden.
Behalve uit bouwkundige werkzaamheden bestond de renovatie van boezemgemaal Rijnland mr. P.A. Pijnacker-Hordijk uit civieltechnische, werktuigbouwkundige, elektrotechnische en automatisering technische werkzaamheden. De werkzaamheden bestonden uit het renoveren en herstellen van het gevelmetselwerk, het vervangen/renoveren/terugplaatsen van de stalen gevelkozijnen, maken van een nieuw inkoopstation, terreininrichting, reinigen en repareren van zuig- en perskokers, alsmede diverse bouwkundige aanpassingen ten behoeve van de W- & E-installaties. De werktuigbouwkundige werkzaamheden bestonden globaal uit het renoveren van de krooshekken en de inlaat- en persschuiven. Twee van de drie stationaire dieselmotoren van het boezemgemaal hebben plaats gemaakt voor drie elektromotoren met een uitmaalcapaciteit van totaal 2400 m3/min. Eén van de diesels is gecombineerd met een elektromotor.
Mede omdat het gemaal een Rijksmonument is, stelde het Hoogheemraadschap van Rijnland de eis, dat de cultuurhistorische kenmerken van het boezemgemaal behouden bleven. En dat is volgens mij wel aardig gelukt.
De enig overgebleven zescilinder dieselmotor uit 1936 van Werkspoor met een vermogen van 460 pk, is in het boezemgemaal als werkend monument behouden gebleven. Daarnaast staan iets verderop de drie nieuwe, verticale in lijn geplaatste 'Alconza' (Spanje) elektromotoren, die op afstand te bedienen zijn.
Al is de geur van dieselolie, de geur van de klassieke machinekamer zal ik maar zeggen, nu door vermenging minder prominent aanwezig, ze blijft door het intact houden van die ene grote dieselmotor toch mooi bestaan. Beetje nostalgische flauwekul uiteraard, maar toch prima dat zo behalve allerlei bouwkundige details, ook de geur nog tot de cultuurhistorische kenmerken van het 80 jarige boezemgemaal behoord.
Nadat we op de benedenverdieping ook nog diverse ruimten hadden bekeken met een indrukwekkende hoeveelheid elektrotechnische en automatisering technische apparatuur, zat de bezichtiging van het boezemgemaal erop. Boezemgemaal Rijnland mr. P.A. Pijnacker-Hordijk, een mooi civieltechnisch project, de komende tijd voorbereid op klimaatverandering en stijging van de waterspiegel.
Na het boezemgemaal zijn we in Gouda naar de Museumhaven gereden voor een korte wandeling daar. De Museumhaven ligt tussen de Mallegatsluis, een verbinding met de Hollandse IJssel, en de Guldenbrug, verderop in de Turfsingel. De Museumhaven maakt deel uit van het Havenkwartier van Gouda, een locatie met een rijke waterhistorie. De Museumhaven is een vrij toegankelijk openluchtmuseum met museale schepen in een heel bijzonder stadslandschap. Een sfeer die tot halverwege 1900 in de hele binnenstad van Gouda te vinden was.
Gouda heeft haar contact met de IJsseloever grotendeels verloren. Dit is vooral een gevolg van de drukke verkeersweg langs de rivier. Gelukkig zijn er plannen om hier verandering in te brengen en van Gouda weer een echte havenstad te maken. De stad ligt op een knooppunt van vaarwegen en heeft niet alleen verbindingen met het Groene Hart maar zelfs een vrije verbinding met de zee. Maar na de Watersnoodramp in 1953 werd de haven bij het Tolhuis afgesloten middels een dam. Echter inmiddels omarmt de gemeente Gouda het plan ‘Gouda Havenstad’, wat een herstel van de oude doorvaart voor ogen heeft.
Voormalige volmolen uit 1631, op de achtergrond stellingmolen 't Slot.
De Grote Volmolen is de enige overgebleven volmolen van Gouda. Het vol in volmolen verwijst naar vollen, wat het ruw maken van wol is. Binnenin de molen zette het water van de IJssel een scheprad in beweging. Hierdoor loosden de volmolens in Gouda water op het achterland, evenveel als de vijf windmolens er weer uit konden malen, tot woede van de polderbesturen. Pas in 1869 werd hierover een compromis bereikt. De molen werd in 1631 gebouwd en is na 1869 is gebruik geweest als kaaspakhuis.
Blik op de gracht-sluizen vanaf de Westhaven gezien. Het gelige gebouw op de achtergrond is 'Magazijn de Zon', momenteel een vestiging van de ING-bank. Over 'Magazijn de Zon' las ik het volgende:
In 1904 vestigden de gebroeders Van Haeren, twee ondernemers afkomstig uit 's-Hertogenbosch, zich in Gouda en begonnen op de hoek van de Dubbele Buurt en de Wijdstraat een zaak in manufacturen en dergelijke. Het bedrijf kreeg de naam 'Magazijn de Zon' en werd een filiaal van Vroom & Dreesmann. Enkele jaren later kochten ze ook de naastgelegen woning en gaven architect Piet Buskens de opdracht om beide panden te vervangen door een nieuw warenhuis. Buskens gaf het gebouw een jugendstilkarakter. Hij maakte daarbij gebruik van glas in lood, staal, natuursteen en siermetselwerk.
Mede door de centrale ligging, recht tegenover de Markt, is het een beeldbepalend gebouw geworden in het centrum van Gouda.
Het Oude Stadhuys is een monumentaal pand dat stamt uit de vijftiende eeuw. Het ligt midden in de historische binnenstad van Gouda. Eén van de meest indrukwekkende panden van Gouda.
De geschiedenis van het monumentale pand gaat terug tot 1395 las ik. Echter in 1448 zijn ze pas begonnen met de bouw, die uiteindelijk in 1459 was voltooid. Sindsdien zijn er vele renovaties en verbouwingen geweest. Voor het laatst is het gebouw in 1996 gerestaureerd.
Sinds 2012 vinden er geen raadsvergaderingen meer plaats, maar in het sfeervolle pand met z'n prachtige marmeren vloeren, glas-in-loodramen en tapijtkunstwerken vinden regelmatig allerlei andere bezigheden plaats, zoals o.m. congressen, seminars, vergaderingen, productlanceringen en bedrijfsfeesten.
De Sint-Janskerk of Grote Kerk in Gouda is een grote kruiskerk in gotische stijl. De kerk is beroemd vooral vanwege de reeks gebrandschilderde ramen. Het kerkgebouw zelf heeft karakteristieke overkappingen en is het langste kerkgebouw in Nederland met 123 meter, buitenwerks.
In hoofdzaak dateert de kerk uit de 15e en 16e eeuw, maar de historie van het gebouw gaat verder terug.
De Sint-Janskerk is gewijd aan Johannes de Doper, de schutspatroon van Gouda. De symbolische kleuren van deze heilige, rood en wit, zijn in het stadswapen terug te vinden. De kerk behoort tot de top 100 der Nederlandse UNESCO-monumenten.
Lazaruspoortje (1609) gemaakt door Gregorius Cool, nu toegang tot museum en de museumtuin.
Het Lazaruspoortje is destijds gemaakt als toegangspoort voor het toenmalige leprozenhuis aan de Gouwe. De afbeelding op het poortje toont de gelijkenis van de rijke man en de arme Lazarus (Lucas 16:19-31). Lazarus vraagt om kruimels te mogen eten die overschieten van de maaltijd van een rijke man. Hij krijgt echter slechts de zorg van honden, die zijn zweren likken. De man en de vrouw ter weerszijden van deze afbeelding zijn leprozen met een lazarusklepper en een aalmoezenschaaltje in hun hand. Daarboven een afbeelding van Lazarus, na zijn dood, in de schoot van Abraham. Lazarus werd de beschermheilige van de melaatsen.
Nadat we de auto in het 'Bolwerk' hadden geparkeerd, een parkeergarage aan de Sint Mariewal, hadden we dorst en trek in een bitterballetje. Niet zo gek natuurlijk, want de vijf zat inmiddels in het uur. Via het Pottersplein en de Nieuwehaven zijn we naar de Kleiwegstraat gewandeld, alwaar we tegen 'De Goudsche Pijp' aanliepen. Een gelegenheid die het midden hield tussen een pannenkoekenhuis en een Grieks eettentje. Maar wij kwamen echter alleen voor een drankje en een paar bitterballetjes. Geen probleem, ook daarvoor konden we in 'De Goudsche Pijp' terecht. En zo kwam het dat we daar even later gezellig en tevreden om de tafel zaten te ouwehoeren over van alles en nogwat.
Wat vroeger een Lichtfabriek was is nu eten, drinken en feesten waar het omgaat. Rond 1910 verzorgden de Gemeentelijke Lichtfabrieken Gouda vanaf deze locatie de stroomvoorziening van Gouda en omgeving.
Maar als gezegd, nu is het daar eten geblazen, en dat hebben we gedaan ook. Goeie kaart, goeie bediening en nog gezellig ook. Dat wij niet de enige waren die dat vonden, bleek wel uit het feit dat de tent praktisch vol zat. En dat voor een gewone doordeweekse dag.
Rond een uur of halftien hebben we de auto maar weer eens opgezocht. We moesten nog naar Weesp, maar bij Utrecht konden we vanwege wegwerkzaamheden de A2 niet op, lekker dan. Via de A28 en de A1 zijn we er uiteraard ook gekomen, een behoorlijke omweg dus. Maar we hadden met z'n viertjes een leuke middag gehad, het kon ons goede humeur dan ook niet echt drukken.
Het was een mooie herenleed mini-excursie! Moeten we beslist wat vaker doen.
vrijdag, december 11, 2015
over allegorische composities
Afgelopen dinsdag hebben we het CODA museum in Apeldoorn weer eens bezocht. Een aardig museum, waar behalve verzamelen en tonen van belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen, het starten en voeren van discussies, ontwikkelen en doorgeven van kennis, informatie en documentatie op het gebied van literatuur, muziek, film, archieven en de geschiedenis van Apeldoorn, ook het verzamelen, vertonen en vertellen over mode- en kunstenaarssieraden en beeldende kunst op én van papier tot de kerntaken behoord. Twee exposities trokken deze keer in het bijzonder onze aandacht t.w. 'Teun Hocks' en 'The Weather Diaries'.
'Teun Hocks'
Het oeuvre van Teun Hocks (Leiden, 1947) wordt gekenmerkt door vakmanschap, een scherp gevoel voor humor en zijn grote gave als verhalenverteller. Hij is niet alleen de maker van het werk maar fungeert ook telkens als hoofdpersoon; veelal een man van middelbare leeftijd die in absurde maar op het eerste oog alledaagse situaties terechtkomt. Het is geen onverschrokken held maar een Buster Keaton of Elckerlijck die geconfronteerd wordt met een surrealistische wereld of met een onwaarschijnlijke en onhaalbare taak. In zijn vaak typische Hollandse taferelen met weidse landschappen of wat burgerlijke interieurs speelt hij niet alleen met het alledaagse, maar zien we ook een allegorie van zotheid en referenties aan de magische werelden van Pieter Breughel en René Magritte. Soms is het beeld zuiver komisch, maar evenzo vaak is het poëtisch, surrealistisch, absurd of zelfs tragikomisch waarbij Hocks alle elementen uit een film of verhaal in een beeld vervat.
'The Weather Diaries'
In tegenstelling tot traditionele antropologen die de camera gebruiken om bevolkingsgroepen en hun culturen op wetenschappelijke wijze vast te leggen, transformeerden Cooper & Gorfer (Sarah Cooper, Amerika 1974 en Nina Gorfer, Oostenrijk 1979) hun waarnemingen tot poëtische beeldverhalen. Zij verwerkten hun reisimpressies tot geënsceneerde foto’s die zij vervolgens aanvulden met kleurlagen, structuren en symboliek. Tijdens hun reis ontdekten Cooper & Gorfer dat de steeds wisselende weersomstandigheden, de geïsoleerde ligging en de beperkte beschikbaarheid van grondstoffen en materialen een unieke bron van creativiteit en inspiratie vormen voor de kunstenaars en ontwerpers uit IJsland, Groenland en de Faeröereilanden. Wat de verschillende culturen van IJsland, Groenland en de Faeröereilanden verbindt, is de behoefte om de specifieke, nationale identiteit te behouden. In Ena with Eyes Shut, werk van Nikolaj Kristensen en posterbeeld van deze tentoonstelling, zien we de nationale klederdracht van Groenland. Het kostuum is voornamelijk opgebouwd uit glazen kralen. Het gewicht is paradoxaal: het symboliseert tegelijkertijd de trots en de beperkingen die tradities – en de angst ze te verliezen – met zich meebrengen.
The Weather Diaries, Nordic Fashion Biennale by Cooper & Gorfer from Gestalten on Vimeo.
En passant hebben we daar ook de expositie IRON(Y) nog gezien. Sieraden van de Zwitserse ontwerpster Sophie Hanagarth (Lausanne, 1968). Armbanden, ringen, kettingen noem maar op van ijzer en koper. Ze speelt in haar werk met conventies, de stijfheid van het denken en de moeilijkheid van het openstaan voor iets dat afwijkt van het gangbare.
maandag, december 07, 2015
over heden & verleden tijden
Lang geleden, in de vierde klas van de lagere school, had ik een onderwijzer die Doornbos heette. Een naam die ik ruim 6 decennia later nog steeds niet vergeten ben, en ook niet vergeten zal. Meester Doornbos gaf vaderlandse geschiedenis en kon vertellen als geen ander. Weliswaar moesten we ook van hem jaartallen opdreunen, maar dan kwam het, dan vertelde hij een bij een jaartal behorend verhaal waar we ademloos naar luisterden. We hingen aan zijn lippen gekluisterd als hij bijv. de Tachtigjarige Oorlog en de inquisitie behandelde.
Ik moest aan meester Doornbos denken toen ik onlangs 'Rode sneeuw in december' las, een historische roman uit 2012 van Simone van der Vlugt (Hoorn, 1966). Kort samengevat is het een historische roman tegen de achtergrond van de Tachtigjarige (Godsdienst)Oorlog (1568-1648). Het is 1552, de vooravond van de Tachtigjarige Oorlog. Lideweij Feelinck krijgt een relatie met de jonge arts Andries Griffioen, aanhanger van het protestantisme. Om met hem te kunnen trouwen trotseert ze de wil van haar katholieke vader, die daardoor met haar breekt en haar onterft. Het jonge stel vestigt zich in Breda, waar ze een nauwe band krijgen met prins Willem van Oranje (1533-1584). Maar het politieke klimaat verandert, het protestantisme wint terrein terwijl onder koning Filips II (1527-1598) de inquisitie hoogtij viert. Willem van Oranje vlucht naar Duitsland, waar hij zijn legers organiseert om in opstand te komen tegen koning Filips II. Lideweij vlucht met haar gezin naar het rustige Naarden in het Noorden, waar ze zich veilig waant. Tot op 1 december 1572 een verschrikkelijk lot het kleine stadje treft, waarbij praktisch alle inwoners worden vermoord.
De meest aangrijpende passage in de historische roman van Simone van der Vlugt vind ik. Ook al volgen er in die periode meer gruwelijkheden zoals het beleg en de overgave van Haarlem (1572-1573) met duizenden executies als gevolg. En de belegering van Alkmaar en Leiden daarna, met de bedoeling de bevolking door uithongering tot overgave te dwingen. Gelukkig werden die steden uiteindelijk door de legers van Willem van Oranje en de Geuzen ontzet.
Een vreselijke tijd die al zo'n 443 jaar achter ons ligt. Dergelijke gruwelijkheden kunnen we ons in de huidige tijd niet meer voorstellen! Of toch wel? Om maar eens wat te noemen, wat gebeurde er tijdens de 2e wereldoorlog bijvoorbeeld op 10 juni 1944 in het Franse dorpje Oradour-sur-Glane of op 1 oktober 1944 in het Veluwse dorpje Putten? Of recenter op 11 juli 1995 in de Bosnische stad Srebrenica? Om maar te zwijgen over de meest recente terreuraanslagen her en der door IS. En zo is er nog een flinke waslijst van hedendaags barbarisme op te stellen.
En is het ook niet te bizar voor woorden dat de strijd tussen het protestantisme en het katholicisme, dat heel Europa in de Tachtigjarige Oorlog veranderde in een bloedige arena, primair vergelijkbaar is met de huidige richtingenstrijd binnen de islam tussen de sjiieten en soennieten in Irak en Syrië. De kiem van deze richtingenstrijd schijnt nota bene in de zevende eeuw te liggen, en ging over de vraag wie Mohammed moest opvolgen. Niet te geloven, maar ook nu weer worden steden en dorpen uitgemoord. In ruim 400 jaar niets geleerd!
De Tachtigjarige Oorlog in Europa leidde uiteindelijk tot revoluties in verschillende Europese landen. Alles kwam op een helling te staan, godsdienst, politiek en recht veranderden voor altijd. Nu, ruim vier eeuwen later dus, wordt wel gezegd dat het protestantisme als de bakermat van de moderne democratie en het kapitalisme kan worden gezien. Kan zijn, maar dus ook en vooral, dat het aanhangen van een religie in welke vorm dan ook, allesbehalve bijdraagt aan vrede en veiligheid in dit ondermaanse bestaan!
zaterdag, december 05, 2015
Turner's aarde & lucht in verf
Er wordt wel gezegd, wat Rembrandt (1606-1669) is voor Nederland is Turner (1775-1851) voor Groot-Brittannië. Begrijpelijk, want hoewel Rembrandt ruim anderhalve eeuw eerder geboren is dan Turner, en Rembrandt tot de barok behoorde en Turner tot de romantiek, hadden ze gemeen dat ze allebei absolute meesters waren in het schilderen van het licht. Turner beheerste de licht/donker-techniek in zowel olie- als waterverfschilderijen, hij gold als één van de grondleggers van de Engelse aquarellandschap-schilderkunst. Verder wordt Turner ook wel gezien als één van de voorlopers van het impressionisme.
De dubbeltentoonstelling 'Gevaar & Schoonheid - Turner en de traditie van het sublieme' is verdeeld op basis van de vier elementen die terugkomen in Turner's werk t.w. vuur en water, die we j.l. oktober in museum 'de Fundatie' in Zwolle hebben gezien (zie in mijn blogarchief stukje 'op een zondag in de Fundatie' van 12 oktober 2015) en aarde en lucht, die we gisteren hebben gezien in Rijksmuseum Twenthe in Enschede. Als we de drukte bij de expositie in Enschede willen ontlopen, moeten we denk ik sowieso niet in het weekend gaan, schreef ik in mijn stukje over Turner in de Fundatie. Maar kennelijk ook niet op een vrijdag, want ook nu was het erg druk. Maar goed, al was het af en toe reikhalzend, we hebben genoten van de tentoonstelling.
Joseph Mallord William Turner, de meester van het sublieme landschap, weet in zijn schilderkunst als geen ander de grootsheid van de natuur en de nietigheid van de mens tot uitdrukking te brengen. Echter los van heersende regels en waarden weet Turner de natuur te onderwerpen aan zijn eigen wetten en regels. Een natuurgetrouwe weergave van het landschap maakt bij hem plaats voor een landschap dat is ingegeven door zijn persoonlijke beleving. Onderwerp en stijl zal ik maar zeggen vallen samen, wat de zeggingskracht van Turner's schilderijen en aquarellen een bijzondere meerwaarde geeft.
maandag, november 30, 2015
een mooie ingetogen melodie
Vorig jaar werd het al aangekondigd (zie in mijn blogarchief stukje 'Mozart Concert' COV Putten van 17 oktober 2014), een jubileumconcert van de Christelijke Oratorium Vereniging te Putten. Afgelopen zaterdagavond was het zover en waren we van de partij. Een vriend van ons die in de COV bij de baspartij zijn steentje bijdraagt, had ons op een toegangskaart getrakteerd. Vanaf kwart voor zeven stond de kerk open, maar rond zeven uur zat de kerk praktisch al stampvol. Alleen op de achterste banken konden we nog een plaatsje vinden, het was niet anders. Het zicht op koor en orkest was niet optimaal, maar het geluid was prima, en daar ging het primair uiteindelijk om. Goeie akoestiek heeft dat kerkje trouwens. Ik weet niet hoe vaak ik in het verleden de cantates van Johann Sebastian Bach's Weihnachtsoratorium wel niet gehoord heb, maar vaak. Het nam niet weg dat ik ook deze keer weer ademloos heb zitten luisteren.
Bach's muziek geldt als hoogtepunt van Lutheraanse kerkmuziek en als 'muzikale uitdrukking van de Reformatie' heb ik eens gelezen. Naar Bach's mening had muziek twee wezenlijke doelen: muziek behoort 'tot Gods eer en tot ontspanning van het gemoed' te zijn. Natuurlijk kan ik me als notoire heiden in het laatste deel van Bach's doelstelling goed vinden. Maar iedereen is uiteraard vrij om zich ook in het eerste deel van Bach's doelstelling te kunnen vinden. Mooie muziek tot eer en glorie van alles wat in ons universum genieten kan, zal ik maar zeggen! Ik heb in ieder geval genoten, en zo goed en kwaad als het ging, heb ik de prachtige en ingetogen compositie van het slotkoraal van de vierde cantate nog kunnen opnemen ook.
Abonneren op:
Posts (Atom)



















































