maandag, mei 04, 2009

muziektheater & schilderkunst



De eigen collectie van Museum de Fundatie aan de Blijmarkt in Zwolle omvat zowel oude kunst als moderne en hedendaagse kunstwerken. Er hangen mooie schilderijen van Jan Toorop, Leo Gestel, Isaac Israëls en Paul Citroen om er maar een paar te noemen. Vooral het in 1938 door Citroen geschilderde melancholieke portret van de joodse zangeres Chaja Goldstein is prachtig, maar ook het bekende portret van Heinz Aron dat Citroen schilderde in 1922, is en blijft een bijzondere beleving om naar te kijken. Maar afgelopen zondag kwamen we primair toch voor iets anders naar museum de Fundatie. Namelijk voor de tentoongestelde schilderijen van Jasper Krabbé genaamd Memory Archive en voor een inspirerende tentoonstelling over de ontwikkelingen in het Nederlandse theater genaamd Niet omkijken, Orpheus! Iets anders dus deze keer dan alleen schilderijen.

'Memory Archive' van Jasper Krabbé.

Het streven van Jasper Krabbé (Amsterdam, 1970) las ik, is beelden te scheppen als na een droom. Slechts een moment daar en ontastbaar, als een fantoom ronddwalend in gedachten en misleidend als een luchtspiegeling. Kijk je even weg dan kan het beeld daarna zijn opgelost! Een mooiere typering of karakterisering van zijn werk lijkt mij nauwelijks mogelijk. Flinterdunne gedachten, vluchtige ontmoetingen en dromerige fantasieën, waarbij vergankelijkheid en eeuwigheid een belangrijke rol spelen, weet hij in zachte kleuren trefzeker op zijn doeken vast te leggen.
Wat hij bedoeld met zijn universele strijd tussen eeuwigheid en vergankelijkheid heeft hij mooi weten vast te leggen op een houtskooltekening -'The most ephemeral - the most eternal (hands)'- waarop een man met zijn ene hand met een naald in een steen prikt en met zijn andere hand een ballon lek prikt. De steen staat voor wat altijd blijft en de ballon symboliseert het vluchtige, dat wat we niet kunnen vasthouden. Grappige bijkomstigheid in deze is, dat ik er thuis pas achter kwam dat mijn weerspiegeling in het glas, waarachter de houtskooltekening is aangebracht ook op de foto (middelste foto in de collage) is te zien. Symbolisch, het lijkt haast een ode aan het werk van Jasper Krabbé!

Niet omkijken, Orpheus! Van opera naar muziektheater.

Prima la musica, dopo le parole? Vanaf het ontstaan van de opera rond 1600 is de geschiedenis van de opera doortrokken van de vraag wat belangrijker is: noten of tekst, muziek of drama. De tentoonstelling verdeeld in 7 kabinetten gesitueerd rond een middenzaal, die met een explosie aan beelden van nieuwe opera's en experimentele muziektheaterproducties, het hart van de expositie vormde, liet de ontwikkelingen van opera naar muziektheater zien in de laatste halve eeuw.

Een klein voorbeeld in deze, is het verschil in interpretatie van de aria 'Sempre Libera' de slotscène uit het 1e bedrijf van de opera 'La Traviata' (de Dolende) van Giuseppe Verdi, die in 1853 voor het eerst werd opgevoerd in theatro 'La Fenice' in Venetië. In 'Sempre Libera' bezingt courtisane Violetta dat ze ondanks Alfredo, een aanbidder die ze net op een feestje heeft ontmoet en voor wie ze aanvankelijk wel wat voeld, absoluut haar vrije leventje niet wil opofferen.
Het eerste fragment met de Russische sopraan Anna Netrebko (1971) en de Mexicaanse tenor Rolando Villazón (1972) is een uitvoering van juli 2007, in het tweede fragment van hetzelfde stuk met de Roemeense sopraan Angela Gheorghiu (1965) van juni 2006, ziet het er weliswaar wat wolliger en klassieker uit maar speelt de stem voor mijn gevoel een prominentere rol, er wordt minder in geacteerd.
Ik zou wel eens willen weten hoe de première er in 1853 in het 19e eeuwse theater 'La Fenice' heeft uitgezien.





Dat ik een verstokte liefhebber van opera ben kan ik niet zeggen, maar zo af en toe bezoek ik er wel eens één. Wel ga ik opera steeds meer waarderen, maar mijn voorkeur gaat toch nog steeds uit naar een gewoon concertbezoek. En toch is het boeiend om te zien hoe men alsmaar zoekende is naar de juiste vorm in deze muzikale kunstuiting. Periodes waarin de vocale acrobatiek het wint van het verhaal, wisselen zich af in periodes waarin gezocht wordt naar de oorspronkelijke versmelting van drama en muziek. Zoals gezegd, een zoektocht van alle tijden maar die met name in de tweede helft van de twintigste eeuw voor heelwat wisselende opvattingen zorgde. En gezien het aantal experimentele muziektheaterproducties dat ook heden ten dage blijft doen.

Orpheus zo las ik, wist zingend de natuur en zelfs de goden te ontroeren. Hij was zanger die zich met zijn zangkunst toegang tot de onderwereld verschafte, om zijn geliefde Eurydice opnieuw tot leven te wekken. Hij mocht niet naar haar omkijken, terwijl ze de onderwereld verlieten. Hij deed het toch. Niet uit liefde, zoals veelal wordt beweerd, maar om de kunst, omdat zijn scheppingsdrang gebaat was bij drama. Drama en muziek.

Opera!

vrijdag, mei 01, 2009

maritiem optreden KK



Het is dit jaar 400 jaar geleden dat Henry Hudson met zijn schip 'De Halve Maen' uit Amsterdam vertrok om vijf maanden later voet aan wal te zetten op Manhattan. Niet veel later werd op die plek Nieuw Amsterdam gesticht, het huidige New York, 's werelds belangrijkste metropool en bekend als meest vrije en kosmopolitische stad van de wereld. En volgens Amerikaanse historici heeft New York haar vrije en open karakter mede te danken aan zijn Nederlandse (Amsterdamse) wortels.

Om deze historische band samen met de New Yorkers te vieren, was het plan opgevat om de Botter HK22 uit Harderwijk dit jaar naar de VS te verschepen. En daar in een vloot van minimaal 40 andere historische botters, platbodems en skûtsjes uit ons waterrijke landje, deze zomer een poosje bij Manhattan op de Hudson te gaan cruisen. Een festijn dat naar verwachting internationaal nogal wat publiciteit zou trekken. Maar om uiteenlopende reden kreeg de stichting 'Henry Hudson' dit aantal niet bij elkaar, met als gevolg dat de 'Harderwijker Botterstichting' het ondanks een enthousiaste initiatiefgroep en diverse sponsoren ook maar liet afweten. De Botter HK22 blijft dus gewoon in haar thuiswateren, in de wateren die haar al 120 jaar lang bekend zijn.

De Botter HK22 is een z.g. Markerbotter die in 1889 is gebouwd op scheepswerf 'De Haas' in Monnickendam. Ze weegt 12 ton, is 12 meter lang, 4 meter breed en heeft een diepgang van 0,60 meter. Op haar mastlengte van 13 meter kan ze max. 100 m2 zeil voeren t.w. 35 m2 grootzeil, 30 m2 fok, 20 m2 kluiver en 15 m2 bezaan. Voor zover bekend is met dit schip tot 1958 actief gevist door de Harderwijker Hendrik Petersen, bijgenaamd Petje. Daarna is er door verschillende eigenaren uitsluitend recreatief mee gevaren. Toen ze in 1987 ergens op de kant in Wanneperveen aan haar lot werd overgelaten, raakte ze al snel zwaar in verval. Maar nu, na een intensieve restauratie te hebben ondergaan die 6 jaar heeft geduurd, vaart ze weer als vanouds. Sinds 2005 is de Botter HK22 eigendom van de 'Harderwijker Botterstichting' en heeft ze daar een vaste ligplaats in de vissershaven.

Omdat het NVVH Vrouwennetwerk Harderwijk wat te vieren had, ze bestonden 75 jaar, hadden ze een vaartochtje Harderwijk-Elburg v.v. met de rondvaartboot 'Isis' georganiseerd. Om het feest aan boord van de 'Isis' wat extra allure te geven hadden ze ons 'Krasse Knarren' als we zijn, gevraagd voor een optreedentje in Elburg. En daar waren de mannetjes natuurlijk wel voor te porren, en al helemaal omdat we van de 'Harderwijker Botterstichting' ook nog de beschikking kregen over de Botter HK22! Geheel in stijl zijn wij dan ook met dit schip al zingend, musicerend en indrinkend naar ons optreden in Elburg gezeild. Een vrolijk zeiltochtje, ondanks het enigszins tegenvallende weer.

Ook bij de dames aan boord van de 'Isis' in de haven van Elburg was zo te merken de stemming opperbest. Maar het was vooral ook een volle boel, een overvolle boel zelfs. Er moest worden ingeschikt, maar ook toen hadden we nog amper een plek om ons op te stellen. Het was zo krap dat de zangers hun buik in moesten houden, de accordeonist nauwelijks of geen armslag had, en ik praktisch in m'n bassdrum moest kruipen om er nog bij te kunnen. Terwijl de banjo en de gitaar zich maar in een benepen hoekje achter de tap moesten zien te redden. Maar ondanks al deze ongemakken, had ons optreden er volgens de dames absoluut niet onder geleden, integendeel, ze vonden het geweldig allemaal! Bij onszelf waren de meningen daar echter wel enigszins verdeeld over. Het is maar goed, dat ons optreden in die krampachtige situatie niet veel langer dan een halfuurtje heeft geduurd!

zaterdag, april 25, 2009

Kranenburgh



Jan Adriaanszoon Leeghwater schijnt in zijn tijd (1575-1650) De Rijp 'het beste dorp van Holland' te hebben genoemd. Of hij daar destijds gelijk in had is moeilijk te beoordelen. Een feit is dat het huidige dorp nabij De Beemster, ondanks de vele geparkeerde auto's in dit kleinschalige gebiedje, nog een plaatje is om te zien. De smalle straatjes en de weelderig geornamenteerde zeventiende eeuwse huizen aan de Tuingracht, velen als gevolg van de slappe veenbodem opgetrokken in hout, maakte dat we onze wandeling beleefde als een verrassende stap terug in de geschiedenis.
De lange wachttijd op het terras van 'Het Wapen van Munster' was even een dompertje. De vertraging door de ongelukkige bediening van een chagrijnige en overspannen serveerster die alles in d'r eentje moest doen, stond enerzijds misschien symbolisch voor de tred in dit 17de eeuwse dorp, maar was anderzijds jammer genoeg eigentijds en bovenal irritant!

Daar stond weer tegenover, dat de tocht door het zonnige landschap van de Beemster en de Schermer naar Bergen, het overbekende kunstenaarsdorp nabij de geestgronden, natuurlijk een verademing was met dit fraaie weer. Zoals voor Leeghwater De Rijp het beste dorp van Holland was, is voor mij Noord Holland één van de mooiste of misschien wel mooiste provincies van Nederland. Het immense zwerk, de ruimte daaronder, de dijken en niveau verschillen in het landschap, de poldermolens, sloten, vaarten en tochten, de klein schaligheid van de oude stadjes en dorpen om de drooggelegde plassen, prachtig allemaal!

In Bergen staat sinds april 1993 museum 'Kranenburgh', een klein museum dat zich behalve op eigentijdse kunst ook concentreert op de expressionistische kunstuitingen uit periode van de Bergense School (1915-1925).
Met ons eerste bezoek aan dit museum dat dus al 16 jaar bestaat, hebben we een overzichtstentoonstelling van dichter en beeldend kunstenaar Christiaan Johannes van Geel (1917-1974) gezien, genaamd 'Het mooiste leeft in doodsgevaar'. Op deze bijzondere tentoonstelling werden veel gedichten gepresenteerd 'Ik leef om iets af te maken maar de variaties zijn eindeloos' of 'Ik ben in beesten opgesomd, om weerklank die op vleugels gaat. Geen rust is ooit geheel voltooid, dan die niet afziet van de vlucht' om er maar een paar te noemen. Maar ook héél veel Actions Surréalistes en tekeningen, de malle billenvogel bijvoorbeeld, simpel maar knap gevonden vind ik, en verder veel foto's van allerlei objecten, brieven, handschriften en bijzondere uitgaven. Opvallend vond ik het formaat van de meeste kunstwerken, wonderlijke kleine prentjes, veelal niet groter dan ongeveer 15cm in het vierkant. Een groot deel van zijn werk schijnt te zijn verbrand toen zijn huis in Groet in 1972 in vlammen opging.

We sloten ons bezoek aan museum Kranenburgh af met een wandeling door de beeldentuin rondom het gebouw, met diverse beelden van kunstenaars als Nico van Stralen, Ingrid Opstelten, Lies van der Sluis, Henk van den Idsert en Lucebert. Toen ik het beeld van Lucebert zag, schoot mij de regel 'Alles van waarde is weerloos' te binnen uit zijn gedicht 'De zeer oude zingt' uit 1974, en zag ik ineens de parrallel met 'Het mooiste leeft in doodsgevaar' van tijdgenoot van Geel!

woensdag, april 22, 2009

watercolour painters



Elkaar de loef afsteken met slimme computerspelletjes is geloof ik wel hun grote passie. En volgens mij zijn de mannetjes daar zo langzamerhand benijdenswaardig goed in geworden. Maar bij tijd en wijle zijn Thijs en Mink toch ook wel te porren voor iets anders, bijvoorbeeld tekenen of schilderen. Zo ook deze keer, en geholpen door het mooie weer kregen we ze zelfs zover, dat ze ervoor naar buiten kwamen.

Grote vellen papier en kwasten maar! In een behoorlijk pittig tempo passeerden van allerlei onderwerpen de revue. De ene keer werden aspecten binnen het thema wonen in beeld gebracht, en de andere keer werden alle facetten van het weer vorm gegeven. Aanvankelijk werd aan de uitwerking van de thema's nogal wat tijd besteed, maar geleidelijk aan werden de uitwerkingen slordiger. De inspiratie was tanende, en vrijwel ongemerkt was kwantiteit vóór kwaliteit kennelijk het motto geworden. En toen de koek uiteindelijk helemaal op was, werden de best geslaagde werkstukken nog even breed uitgemeten ter bezichtiging en evaluatie op de stoep uitgestald.



Fascinerend te zien, hoe de mannetjes werden gebiologeerd door mieren, onweersbeestjes en ander klein gekriebel. Maar ja, hoe kan het ook haast anders, op hun Amsterdamse bovenwoning zijn ze uiteraard weinig meer gewend dan een matig dynamische biotoop. Het bekijken, afschudden of pletten van de kleine kruipers hield ze een poosje actief bezig. Overigens zou ik er mijn handen niet voor in het vuur durven steken, dat ze de voor hun moeder bestemde prenten uiteindelijk kriebelvrij hebben opgerold.

zaterdag, april 18, 2009

Noord Holland



De koffie met appelgebak in 'de Koekfabriek' in Zaandam ging er bij ons drieën in als de spreekwoordelijke koek. De Koekfabriek is een aardig cafe-restaurant met een terras aan de Zaan dat is gehuisvest in een gedeelte van de oude Verkadefabriek. Het is een parel in het huidige Zaanoeverproject en een mooi voorbeeld van hergebruik van oude industriële gebouwen.
Vandaar ging het verder naar Spanbroek, naar het 'Scheringa Museum voor Realisme' dat is gevestigd in een oud verbouwd schoolgebouw aldaar. Als alles volgens plan verloopt, zullen ze eind volgend jaar zijn verhuist naar het nieuwe museumgebouw dat een eindje verderop in aanbouw is. Met een door HR geregelde bouwhelm op, hebben we de vorderingen in de bouw naar het ontwerp van Herman Zeinstra van DOK Architecten uit A'dam, ook van dichtbij nog even goed kunnen bekijken.

Het 'Scheringa Museum voor Realisme' (voorheen Frisia Museum) is een initiatief van het echtpaar Scheringa-De Vries, behalve van de DSB bank en voetbalclub AZ ook liefhebbers en verzamelaars van magisch realisme. Tot de kerncollectie behoren werken van kunstenaars als Carel Willink, Pyke Koch, Wim Schuhmacher, Raoul Hynckes en Dick Ket. Maar inmiddels zijn daar een drietal deelcollecties aan toegevoegd t.w. Het realisme in Nederland tijdens het interbellum (werk van o.a. Jan Mankes, Charley Toorop, Edgar Fernhout en Jan van Tongeren) Het interbellum realisme internationaal (werk van o.a. Giorgio de Chirico, Tamara de Lempicka (zie inzet collage 'la Musicienne' uit 1929), René Magritte, Paul Delvaux en Salvador Dali) en het naoorlogse realisme (werk van o.a. Lucian Freud en Marlene Dumas)

Buiten de genoemde vaste collecties was er ook nog een overzichtstentoonstelling van de Duitse kunstschilder Hermann Markard (1926) te zien. Magisch realistische kunstwerken hebben mij tot op heden zelden of nooit kunnen beroeren laat staan ontroeren, integendeel! Maar alles wat ik in deze tot nu toe gezien heb, is prachtig vergeleken bij de macabere griezelschilderijen van de bejaarde Hermann Markard. Ik was blij dat ik weer buiten stond op een gegeven moment, die schilderijen hoef ik nooit meer te zien!

Via Groet, waar in het weiland tegen de duinen aan sinds de jaren dertig een door architect Ben Merkelbach ontworpen zomerhuis staat, eigendom van onze gezamelijke bekende TD, ging de reis verder door het duinbos naar het prachtige kunstenaarsdorp Bergen.
Na eerst een paar bitterballen en een wijntje in het 'Het huis met de pilaren' te hebben genuttigd, trokken we met de gids in de hand te voet verder door het dorp.
Ons doel was Park Meerwijk, circa 15 bezienswaardige villa's in 1915 als totaalplan ontworpen door jonge architecten van de Amsterdamse School t.w. G.F.La Croix, P.L. Kramer, J.F. Staal, M. Kropholler en C.J. Blaauw.
Park Meerwijk is één van de meest bijzondere projecten uit de Nederlandse architectuurgeschiedenis, het is destijds gebouwd om het kunstzinnige imago van Bergen te benadrukken.

Toen we ook dat gezien hadden, vonden we het wel mooi geweest. Van al het voedsel voor de geest vandaag, was onze maag een beetje gaan knorren. Hoogtijd dus om daar maar eens wat zorg aan te besteden, derhalve op naar Paviljoen Zeezicht in Castricum aan Zee. De slibtongetjes en lamsboutjes aldaar lieten we ons goed smaken! En met een pikketanisje binnen handbereik, hebben we daarna nog een poosje heel genoeglijk naar de zee zitten staren en naar de langzaam achter de kim verdwijnende zon.

Gisteren, een dagje Noord Holland samen met HR en JZ, oude makkers in kunst en architectuur. Als vanouds maar altijd weer bijzonder!

woensdag, april 15, 2009

Zwerven



Eigenlijk was het beter weer voor een terrasje dan voor een film in de Catharinakapel. Toch kozen we gistermiddag voor het laatste. 'Into the Wild' een film uit 2007, 140 minuten lang, geregiseerd door Sean Penn en gebaseerd op het gelijknamige boek van Jon Krakauer. Deze schreef het boek in 1996 n.a.v. de gevonden dagboekaantekeningen in 1992 van de jonge zwerver en avonturier Christopher Johnson (Chris) McCandless (1968-1992).

Bij tijd en wijle wil ik ook wel eens vluchten en gaan zwerven, en wie niet eigenlijk? Weg met mijn zeilbootje, in m'n eentje voor lange tijd de zee op! Weg uit deze opgewonden maatschappij met z'n blauwe brieven, betuttelingen en voorgeprogrammeerde denkbeelden, weg van het gezeik van alledag.
En toch doe ik het niet! Waarom eigenlijk niet? Waarschijnlijk omdat ik het, als het puntje bij het paaltje komt, in m'n eentje althans niet echt wil. Omdat ik toch teveel hecht aan mijn naasten en mijn vrienden, ik vind het uiteindelijk wel gezellig zo. En gelukkige momenten met iemand delen is ook leuker dan ze in je eentje te beleven!


Maar de jonge Chris McCandless (in de film gespeeld door Emile Hirsch) had daar allemaal geen boodschap aan. Hij hield zijn aangepaste leventje voor gezien, toen hij in 1990, op 23 jarige leeftijd aan de Emory University cum laude was afgestudeerd in geschiedenis en culturele antropologie. Al zijn spaargeld gaf hij weg aan een goed doel, en zonder afscheid te nemen van zijn ouders waar hij een nogal complexe relatie mee had, en zijn enige zus, vertrok hij. Aanvankelijk nog in z'n oude auto, maar al snel zwierf hij lopend en liftend door de Verenigde Staten onder z'n nieuwe zelfgekozen naam Alexander Supertramp.



Prachtige mensen komt hij tegen onderweg, maar hij hecht zich aan niemand. Zijn enige doel is alleen te zijn in de ongerepte wildernis van Alaska. Uiteindelijk komt hij daar dan ook terecht, en vind hij een onderkomen in een oude roestige bus die daar ergens staat als vluchtonderkomen voor jagers. Het gaat een tijdje goed met hem daar, maar van de mooie ongerepte natuur alleen kan je niet leven, en al helemaal niet zonder ervaring. Gelijdelijk aan raakt hij dan ook ondervoed en verzwakt, om zijn broek nog op te houden moet hij zijn riem steeds meer innemen. Na een hoop getob besluit hij terug tegaan naar de bewoonde wereld en (mogelijk) zijn familie. Maar als hij dan zijn weg versperd vind door de gezwollen wild kolkende rivier, gaat hij maar weer terug naar zijn bus. Hij gaat erbij liggen, koortsige visioenen, en voordat hij in coma raakt, ziet hij in trance de voortjakkerende wolken door het dakraam langzaam veranderen in een rondwervelend spiraalvormig gat in het zwerk, alles komt bijeen en wordt hem duidelijk. Maar jammergenoeg wel te laat!

Chris McCandless heeft zijn jeugdige onbezonnenheid met de dood moeten bekopen. Een aantal weken later werd zijn stoffelijk overschot in de bus door jagers gevonden.

dinsdag, april 14, 2009

Oterdum



Op zoek naar een plek op de zeedijk bij Delfzijl om de 'Poolster' te zien aankomen op de Eems, ontdekten we bij toeval het monument 'Dorp Oterdum'. Ik had er nog nooit van gehoord maar Oterdum, een klein dorpje, lag vroeger aan de zeedijk tussen Delfzijl en Termunten.

Het op deltahoogte brengen van de zeedijk in de jaren zeventig van de vorige eeuw las ik, bracht noodgedwongen met zich mee dat het kerkje van Oterdum, dat net even boven de dijk uitstak, van de aardbodem verdween. De doden die er sinds eeuwen rond het kerkje begraven lagen, hoefden echter niet van rustplaats te veranderen. Nadat de grafstenen waren verwijderd, is de nieuwe dijk over het kerkhofje gelegd. Daarna zijn de grafstenen onder leiding van Provinciale Waterstaat van Groningen zorgvuldig weer op de oude plaatsen teruggezet. Het is de laatste herinnering aan het dorpje Oterdum, dat in z'n bloeitijd ruim 200 inwoners telde, voornamelijk landbouwers. Zo, dat weten we dus ook weer, en als je nog meer over Oterdum wilt weten kun je ook nog op www.oterdum.com terecht!

Goed, staande op de zeedijk dus, tussen de eeuwen oude grafmonumenten, zagen we in de verte op de Eems een wit stipje aankomen. Wat ben je toch nietig in deze immense ruimte, en al helemaal met gestreken mast. We zien echter niks anders op die grote vlakte, het moet de 'Poolster' dus wel zijn. Toen ze even later de hoek om kwamen om het Zeehavenkanaal in te varen wisten we het helemaal zeker, de overwintering in Carolinensiel was nu dan toch echt teneinde. Terug op Nederlandse wateren gaan er eindelijk leukere dingen gebeuren met de prachtige Lemsteraak van de familie S. Straks in Lemmer nog even een poosje schuren en lakken, maar dat hoort erbij. Dat is peanuts vergeleken bij de lange zomer die er aan zit te komen met hopenlijk heel veel mooi zeilweer.



Op het Eemskanaal, aan de binnenzijde van de de grote sluis, hebben we de thuiskomst feestelijk met champagne en een chinese maaltijd gevierd!

vrijdag, april 10, 2009

Voetbal



Daan! De hele dag liep ie al rond te banjeren in trainingspak, keepershandschoenen en voetbalschoenen. Kennelijk om al vast een beetje in de sfeer te komen voor de voetbalwedstrijd FC Zwolle-TOP Oss, waar we 's avonds met z'n tweeën naar toe zouden gaan. Heel aandoenlijk, het kostte hem volgens mij nog moeite om z'n keepershandschoenen tijdens het eten even af te leggen. Maar eindelijk was het dan toch zover, en waren we met z'n tweetjes in de auto onderweg naar Zwolle. Zichtbaar genoot hij van het telefoontje onderweg van z'n ouders, die hem vanuit de 'Poolster' in de haven van het Duitse waddeneiland Norderney, nog even een hart onder de riem staken.

Volgens onze tickets moesten we naar rij 11, stoel 2 en 3 in vak 24 van de Klaas Drost Tribune. Om daar te komen moesten we via ingang F het stadion in. Vanaf de parkeerplaats gezien helemaal omlopen dus. De veel kortere weg via ingang E en vak 23 was natuurlijk geen optie, want daar zaten de supporters van de tegenpartij!

Voor de eerste keer in m'n leven zat ik in een voetbalstadion! Op TV kijk ik soms wel naar voetbalwedstrijden van de Champions League, Europacup of de Uefacup, maar meer ook niet. Ik ben nooit zo'n voetballer geweest. Voetbalwedstrijden in het professionele clubcirquit van Nederland bekijk ik zelden of nooit op TV. Maar goed, nu dus live in het voetbalstadion FC Zwolle tegen TOP Oss, samen met m'n kleinzoon Daan, keeper in spé. Een bijzondere en sfeervolle ervaring!



Omdat beide ploegen de punten in de competitie al op zak hadden, konden ze vrijuit spelen tegen elkaar. Mede daardoor en de goede sfeer in het stadion mag je dan toch een vermakelijke wedstrijd verwachten, maar dat viel een beetje tegen vond ik. Om nou te zeggen dat ik het ronduit sloom voetbal vond gaat te ver, maar veel scheelde het niet. Voor de rust hadden de Ossenaren het een beetje voor het zeggen en na de rust de Zwollenaren. Toen de laatsten vlak voor het einde toch nog een doelpunt wisten te scoren, werd die onder hevig protest van Daan afgekeurd wegens buitenspel.
En daarmee bleef de uitkomst steken op 0-0 gelijkspel.

Onderweg naar huis hadden we nog een hevige discussie over het afgekeurde doelpunt. Het is en blijft me nog steeds een raadsel hoe Daan nou zo zeker kon weten dat het een foute beslissing was van de scheidsrechter. We zaten aan de kopkant van het veld, dus achter het doel. Het bewuste doelpunt werd gemaakt in het andere doel, aan de overkant van het veld dus. Vanuit onze positie kon ik onmogelijk buitenspel waarnemen, maar Daan wel, en dat is nog eens knap!

woensdag, april 08, 2009

Bostoren



Sinds zaterdag 4 april j.l. kan je op 'Landgoed Schovenhorst' in Putten de bomen vanaf de bovenkant bekijken. Je moet er wel een stevige klimpartij voor over hebben, maar dan is het resultaat er ook naar. Vanaf de daktuin bovenop de Bostoren, die een hoogte heeft van ca. 40 meter, heb je een prachtig uitzicht over de Veluwe!

De beklimming van de toren is door zijn vormgeving al een beleving apart. Het ene moment klim je binnen in de staalconstructie van de toren omhoog, in de kern zal ik maar zeggen, en het andere moment bemerk je dat je met trap en al aan de buitenkant van de toren bent aanbeland, en als het ware in de lucht zweeft. Even bespeurde ik bij mijzelf een moment van vrees en wantrouwen in de constructie, toen ik op ca. 30 meter boven de grond een daar gespannen klimnet bekeek. Maar toen ik me na enig getreuzel toch maar op het net begaf, was het vertrouwen in de constructie al snel weer op peil.

De bostoren, ontworpen door Bjarne Mastenbroek (1964) van het architectenbureau SeARCH uit Amsterdam, is niet alleen een mooie toren, maar naar mijn gevoel ook een ontzettend solide toren. De stalen toren met een kern van 4,5 bij 4,5 meter is samengesteld uit 3 delen die opgeteld een totale hoogte hebben van 38 meter. Het platform boven op de toren heeft een diameter van 17 meter en is 4 meter hoog. Dit platform dat helemaal op de grond is klaar gemaakt, inclusief ingebouwde betonnen bakken en grond voor bomen en struiken, weegt ongeveer 500 ton. Omdat er door o.a. de beperkte ruimte in het bos, niet met een bouwkraan kon worden gewerkt, is het platform met de hele santenkraam erin middels hydraulische vijzels naar een niveau van 38 meter boven maaiveld getilt. Een vak apart en een behoorlijk tijdrovend klusje!



Vroeger was 'Landgoed Schovenhorst' voor het publiek een verboden gebied. Maar daar trok ik me meestal niets van aan. Samen met mijn kleine kinderen liep ik daar regelmatig rond te struinen en naar tamme kastanjes te zoeken. Maar de keer dat we daar door een boze boswachter zijn weggestuurd staat me ook nog helder voor de geest!
Het ietwat verpauperde, maar o zo schilderachtige landgoed van toen, ziet er nu gelikt uit. De zelfs door Europese ontwikkelingsfondsen gefinancierde opknapbeurt heeft het gebied een heel ander aanzien gegeven.
Nu moet je overal voor betalen, maar daar heb je dan ook wat voor. Om maar iets te noemen, een parkeerplaats en een theepaviljoen, goed onderhouden wandelpaden met bewegwijzering, opgepimpte bomen, kunstwerken en verlichting, een streekhistorisch museum en een speelbos voor kinderen, en natuurlijk niet te vergeten de alom geprezen Bostoren!

Allemaal mooi, toch dacht ik vanmorgen toen ik er liep met enige weemoed aan het vroegere 'Landgoed Schovenhorst' terug. Waar je toen dan wel niet mocht komen, maar dat maakte het verpauperde en verwilderde landgoed juist geheimzinnig en des te spannender!

dinsdag, april 07, 2009

IJsseldelta



In een tijdschrift las ik onlangs, dat gezien de klimaatontwikkelingen in de wereld overstromingsbestendig bouwen het bouwen van de toekomst is! Door de bebouwing aan te passen aan het gebied in plaats van het gebied aan te passen aan de bebouwing, creëer je nieuwe kansen.
Ons landje kent een behoorlijk aantal locaties die voor een dergelijke benadering in aanmerking komen. De IJsseldelta is bijvoorbeeld zo'n locatie, en gezien de oude terp-boerderijen (in zekere zin ook een vorm van overstromingsbestendig bouwen) in dit gebied, is dit al eeuwen zo.

Maar de problemen worden groter, behalve overstromingsbestendig bouwen zullen we toch ook aan de structuur van de omgeving moeten blijven sleutelen. In de huidige discussies gaat het KNMI uit van een zeespiegelstijging van 35 tot 85 centimeter in deze eeuw, maar méér is zeker niet uitgesloten. Beleidsmakers houden daar in ieder geval ernstig rekening mee! Door het lagere verval kunnen de rivieren het water minder snel direct in zee lozen, en zal de lozing snel en adequaat ter voorkoming van al te grote overstromingen in midden- en west Nederland, via de tussenopslagplaats het IJsselmeer moeten plaatsvinden.

Tussenopslagplaats-tussenoplossing, beanstigend eigenlijk! Ik zal het zo goed als zeker niet mee maken, maar naar de verwachting van het KNMI en o.a. het MNP (Natuur en Milieu Planbureau) wordt de afvoer van onze rivieren bij een zeespiegelstijging van anderhalve meter zo problematisch, dat mede door het stijgende grondwater onder druk van de hogere zeespiegel, deze moeilijk beheersbaar zullen worden.

Om het één en ander in onze termijn toch enigszins beheersbaar te krijgen en te houden, zal enthousiast baggerwerk in combinatie met een z.g. bypass tussen de IJssel en het Drontermeer nabij Kampen, moeten zorgen voor een snelle afvoer van grote hoeveelheden extra Rijnwater (ca. 16.000 m3 per sec.) richting het IJsselmeer.

Boeiend, al die ontwikkelingen in en om dit prachtige gebied dat IJsseldelta heet! Buiten de geplande bypass, zijn ze momenteel volop bezig met de aanleg van de spoorlijn Lelystad-Zwolle de z.g. Hanzelijn. Het zanderige dijklichaam dwars door de vlakke polder met de bijbehorende kunstwerken is nu al karakteristiek. Waar je ook kijkt in dit gebied, overal wordt gewerkt. Her en der wordt er gebaggerd, er worden dijken aangelegd of opgehoogd en nieuwe wegen, tunnels, viaducten en bruggen zie je verschijnen.

Een terechte anticipatie op de toekomstige ontwikkelingen, die men in dit gebied verwacht, lijkt mij. Alleen moeten ze straks niet vergeten, hier ook te investeren in overstromingsbestendig bouwen!

dinsdag, maart 31, 2009

La Bella Lola



Het Spaanstalige zeemansliedje 'La Bella Lola' komt waarschijnlijk van Cuba. Het is een z.g. Habanera, een muziek- en dansstijl die volgens Wikipedia rond 1830 is ontstaan in Havana , een belangrijke aanleghaven vroeger voor de oceaanvaart. Van daaruit heeft het de hele wereld veroverd, maar in het bijzonder Argentinië met de Tango.
'La Bella Lola' is, hoe kan het ook haast anders, een nostalgisch lied over een zeeman die zijn comfortabel leventje thuis moet missen. Vooral van zijn bloedmooie vriendin, die hem met haar zakdoek staat na te wuiven, kan hij maar moeilijk afscheid nemen!

La Bella Lola.

Cuando en la playa la bella Lola.
Su larga cola luciendo va.
Los marineros se vuelven locos.
Y hasta el piloto pierde el compás.

Refrein:

Ay que placer sentio yo.
Cuando en la playa sacó el pañuelo y me saludó.
Luego despues se vino a mi.
Me dio un abrazo y en aquel lazo crei morir.


Despues de un año de no ver tierra.
Porque la guerra me lo impidió.
Me fui al puerto donde se hallaba.
La que adoraba mi corazón.

Refrein:

La cubanita lloraba triste.
Al verse sola y en alta mar.
Y el marinero la consolaba.
No llores Lola no te has de ahogar.

Refrein:(2x)



De meeste KrasseKnarren spreken niet of nauwelijks Spaans, maar toch moet de tekst natuurlijk duidelijk en behoorlijk staccato gezongen worden. 'La Bella Lola' komt daarom soms ook niet zo goed uit de verf als we graag zouden willen. En als er dan ook nog wat gedronken is, wat op een nieuwjaarsreceptie nogwel eens het geval wil zijn, en het clubhuis één en al geroezemoes is, wordt het helemaal een kakofonisch wonder wat we produceren.
Desalniettemin is en blijft het een prachtig lied om te doen, en vaak gaat het gelukkig ook hardstikke goed!

dinsdag, maart 24, 2009

Heureka!



Lekke vijver, de bovenste, al een behoorlijke tijd! Wat te doen? Maken natuurlijk! Maar voor je zover bent, dat je in deze daadwerkelijk actie onderneemt, is een ander verhaal. Toch was het onlangs na veel gemits en gemaar eindelijk zover! De kogel was door de kerk, morgen zou ik er echt aan gaan beginnen! Een goed besluit! Maar mijn eerste gedachte die ik 's morgens had toen ik wakker werd was, o god wat erg, moet ik nou echt met die verdomde vijver aan de gang?!

Maar goed, 't was mooi weer, en kleinzoon Daan hielp enthousiast mee, dus zo erg was het nou ook weer niet. Leeg pompen die handel en vissen vangen! Aanvankelijk ging het leegpompen perfect, maar de vette blubber die na verloop van tijd door alle reuring ontstond, kon het pompje niet meer verwerken. Nog even heb ik geprobeerd om met een emmertje wat verder te komen, maar dat hield ik na vijf minuten wel voor gezien. Ook pogingen om de enorme blubberbel met folie en al om te kieperen, zodat het water in de bodem weg kon zakken, mislukten. Uiteindelijk kwam ik tot het besluit om het proces dan maar in omgekeerde richting te doen plaatsvinden. Zandzakken erop, de vijver was er diep genoeg voor! De blubber er een paar dagen rustig laten intrekken, en dan de nieuwe folie. Eureka!

Ik had al enigszins moeite mijn latente weerzin te onderdrukken toen ik het immense tuincentrum betrad, maar eenmaal staande voor de rollen vijverfolie zakte de moed mij echt in de schoenen. Van de ter plekke opkomende brainwave afblazen die hele handel kan ik nog steeds een vreugdesprong maken! De gang naar het grondbedrijf, dat toevallig in onze omgeving met groenstroken en plantsoentjes aan het werk is, was snel gemaakt. Er moest omwille van een doorgang, achter in de tuin wel even wat struikgewas sneuvelen, maar dat was snel geregeld. En nog op diezelfde dag was ons mooie vijvertje tot aan het maaiveld toe gevuld met prachtige zwarte teelaarde van elders uit de buurt!



Wat nieuwe plantjes en struikjes erbij, een bodembedekkertje van boomschors op de plek waar eerst nog vissen zwommen, en klaar was kees. We hebben er een mooi zonnig plekje bij voor in de late avond!

zondag, maart 22, 2009

tejater



Misschien is 'Tejaterthuis' in Amersfoort niet het allerkleinste theater in ons land, maar met 30 zitplaatsen en een klein speelvloertje toch zeker wel één van de kleinste. Het 'huiskamertejatertje', gevestigd op de eerste verdieping van een fraai 18de eeuws pand aan de Nieuwstraat in de Amersfoortse binnenstad, is de thuisbasis van het amateurtoneelgezelschap Theatergroep Punt.

Van deze groep hebben we gisteravond in de Catharinakapel, ook al zo'n intiem theatertje, 'Vleugels' gezien. Twee eenakters, die onder regie van Elisabeth Loot-Verlee en Bastiaan Verhorst, werden gespeeld door Gert Kruyt, Pieter Jongsma, Jan v.d. Smissen en Elisabeth Loot-Verlee. In 'Vleugels' zo las ik, gaat het uiteindelijk over mensen die buiten spel zijn komen te staan. Heel uiteenlopende types die elkaar aan de zijlijn ontmoeten.

De eerste eenakter ging over een ontmoeting tussen een Amsterdamse zwerfster en een truttig dametje uit de provincie. De conversatie tussen de twee dames was in het stuk bewust warrig en onsamenhangend, en ze praten aan één stuk zo door langs elkaar heen. Maar vooral ook saai vond ik, misschien kwam het ook een beetje van het dagje in de tuin werken, maar ik kon maar met moeite mijn ogen open houden. Wat ik nog wel heb meegekregen is, dat de twee types elkaar vonden in het praten over herkenbare gevoelens als eenzaamheid en wantrouwen jegens de medemens. Dicht tegen elkaar aanliggend vonden ze uiteindelijk troost bij elkaar.

De tweede eenakter ging over een ontmoeting tussen een hoer en een hoerenloper. Door de totaal buiten haar eigen belevingswereld liggende wensen van haar klant, had de prostituee nogal wat moeite eraan te voldoen. Ze zat al aardig wat jaartjes in het vak, maar zo'n merkwaardige klant had ze nog nooit gehad! Desalniettemin probeerde ze haar klant tegemoet te komen, maar uiteindelijk werd het niets. In het gesprek dat zich daarna tussen de twee tobbers ontspon, vonden ze elkaar in drama en onverwacht aan de oppervlakte komende emoties.

Ik heb wel eens mooiere dingen gezien, met name de eerste eenakter vond ik niet zo geweldig, maar uiteindelijk heeft theatergroep Punt mij in de Catharinakapel met 'Vleugels' toch tweemaal drie kwartier probleemloos aan de stoel weten te binden!

zondag, maart 15, 2009

exposities



Twee tentoonstellingen over kunst uit nagenoeg dezelfde periode onder één dak! De ene gaat over de persoonlijke en artistieke relaties tussen kunstenaarsparen uit de periode vanaf eind 19e eeuw tot midden 20e eeuw, genaamd Liefde! Kunst! Passie! de andere, genaamd de XXste eeuw meer over de moderne en hedendaagse kunst in het algemeen.

De bereikbaarheid van het gemeentemuseum in Den Haag liet overigens wel even te wensen over. Door de 35ste editie van de Fortis City-Pier-Cityloop, van een kilometer voor de kleintjes tot een halve marathon voor de geoefenden, zat het verkeer in de stad helemaal vast. Hadden we dat maar geweten! Een eindeloos deinende massa, jong en oud, sjokte voort over een parkoers, dat voor een groot deel ook de onze was of zou moeten zijn. Natuurlijk met één en al opstopping als gevolg door al die wegversmallingen, afzettingen en omleidingen. Uiteindelijk behoorlijk irritant, geduld in het verkeer is nou eenmaal niet mijn sterkste kant.

Maar uiteindelijk kom je natuurlijk toch een keer op de plaats van bestemming aan, en toen hadden we het al snel nergens meer over. Het was een bijzondere tentoonstelling, werken van 17 beroemde kunstenaarsechtparen. Bijzonder waren ook de biografieën naast de kunstwerken. Verhalen over verweving van werk, liefde en creativiteit, variërend van blijmoedig tot diep tragisch. Ze speelden zich hoofdzakelijk af in de eerste helft van de twintigste eeuw. Om er een paar te noemen, het tragische verhaal van Auguste Rodin (1840-1917) en zijn 24 jaar jongere echtgenote Camille Claudel (1864-1943) of van het excentrieke stel Niki de Saint-Phalle (1930-2002) en Jean Tinguely (1925-1991). Maar ook het schrijnende verhaal van het joodse kunstenaarsechtpaar Else Berg (1877-1942) en Mommie Schwarz (1876-1942) die beiden in de tweede wereldoorlog in Auschwitz worden vermoord.

In een andere deel van het museum hebben we een indrukwekkende verzameling moderne kunst uit de vorige eeuw bekeken. Van Mesdag via van Doesburg tot Baselitz en van Mondriaan via Constant tot Richter. We hebben op grote schermen veel verhalen in zwart-wit beelden gezien. Verhalen over traditie, vernieuwing, verandering en continuïteit, tegen een achtergrond van maatschappelijke ontwikkelingen die de vorige eeuw zo hebben gekenmerkt.

We kwamen eigenlijk alleen maar voor de expositie Liefde! Kunst! Passie! naar Den Haag. Maar de tentoonstelling over de XXste eeuw vonden we zeker zo boeiend!
Dat we daarna wat laat op het verjaardagsfeestje van onze kleinzoon M aankwamen in A'dam, kwam niet doordat we te lang waren blijven hangen in het museum. Maar om Den Haag uit te komen, was door al die sjokkers zo mogelijk nog lastiger, dan om de stad in te komen een aantal uren geleden.

vrijdag, maart 13, 2009

Boekenweek



De boekenweek die dit jaar nog tot 21 maart duurt, staat in het teken van tjielp, tjielp, tjielp uit het gedicht 'De Mus' dat Jan Hanlo (1912-1969) in 1949 schreef.



Tjielp, een toepasselijk woord las ik, in deze tijd van verruwd debat in de politiek, de meningenterreur, en het eindeloze gepraat over van alles en nogwat. Tja, tjielp, tjielp, iedereen opent zijn snavel, iedereen heeft een mening. Maar niet iedereen is deskundig genoeg om altijd maar iets zinnigs te vertellen. Vakmensen als journalisten, encyclopedianen en goeie schrijvers natuurlijk, blijven keihard nodig!

Van één zo'n goeie schrijver t.w. Jan Brokken heb ik onlangs 'In het huis van de dichter' gelezen. Een prachtige roman! Maar eigenlijk vind ik het meer een hommage of een literair monument voor zijn, in 1988 aan aids gestorven jonge vriend Youri Egorov, de russische meesterpianist.



In 1976 vluchtte de 22 jarige pianist Youri Egorov weg uit Rusland, onder andere omdat hij homo was. Uiteindelijk kwam hij in Amsterdam terecht, waar hij een woning vond aan de Brouwersgracht. Hij gaf concerten en trad op met vele vooraanstaande orkesten in heel de wereld.
Maar Youri leefde ook roekeloos, alles kon, alles mocht. Hij genoot van elke seconde, altijd was het feest. Maar toen in de tweede helft van de jaren tachtig de aidsgolf slachtoffers begon te maken, kwam de kentering. Op 15 april 1988 was het over en uit, nog net geen 34 jaar oud overleed Youri Egorov thuis in Amsterdam als één van de eersten aan deze ziekte.

Ik ging met 'In het huis van de dichter' naar bed en stond ermee op, en dat heb ik lang niet gehad met een boek. Moeilijk te zeggen hoe dat zo komt. Het gaat over vluchten en afscheid, onzekerheid, muziek, tijdgeest, vriendschap en liefde, vreugde, verdriet en last but not least natuurlijk ook over Amsterdam. De in alle facetten ontroerend mooi beschreven combinatie van deze items maken het boek voor mij tenminste erg intrigerend!

En wat verder ook nog heel mooi is, is dat je behalve in de winkel, ook op internet nog behoorlijk wat muziek van de dichter onder de meesterpianisten, Youri Egorov kan vinden!

maandag, maart 09, 2009

Alzheimer



Away from Her is een erg ontroerende film waarin de ziekte Alzheimer centraal staat. Tot nog toe heb ik gelukkig deze ziekte in mijn naaste omgeving niet ervaren, maar dat het verloop van het ziekteproces wreed is was mij wel bekend. Het verlies van herinneringen en liefde, is immers in feite het verlies van het leven, terwijl de persoon in kwestie fysiek nog gewoon onder ons is.

De Canadese film uit 2006 hebben we gisteravond in de Catharinakapel gezien. Een treurige film, de rollen worden door de acteurs zo inlevend goed gespeelt, dat het bij vlagen te hartverscheurend is om naar te kijken. De hoofdrolspelers in de film Julie Christie (Fiona) en Gordon Pinsent (Grant), spelen een ouder echtpaar dat al ruim veertig jaar getrouwd is.
Als ze na een tochtje langlaufen thuis gezellig gegeten hebben, openbaren zich bij Fiona tijdens het afwassen de eerste symptomen van de ziekte als ze de afgedroogde koekepan opbergt in de koelkast. Ze loopt daarna beschaamd de keuken uit. Daarna gaat het snel, ze wil haar man met haar problemen niet tot last zijn, en laat zich ondanks een tegenstribbelende Grant al in een vroeg stadium van de ziekte opnemen in een verzorgingshuis!

Als Grant haar daar na de gewenningsperiode van een maand komt opzoeken, heeft ze al moeite hem te herkennen. Bovendien is ze tot overmaat van ramp voor Grant, in het verzorgingshuis ook nog erg gehecht geraakt aan een mannelijke medepatiënt. De echtgenote van deze patiënt haalt haar man daarom weg uit het verzorgingshuis, waarop Fiona helemaal depressief wordt. Onverbloemd wordt er afgestevent op een schrijnend einde.



De centrale vraag in de film blijft, wie er nu het meest onder de situatie te lijden heeft: Fiona of Grant?
Zoals gezegd een treurige film dat wel, maar door het fantastische acteerwerk van de cast een prachtige film over de facetten van het leven. Niet voor niets hebben ze er veel prijzen mee gewonnen.

vrijdag, maart 06, 2009

Lost and Found Orchestra



Afgelopen woensdag las ik een aardige recentie in de Volkskrant van Patrick van den Hanenberg over het Britse gezelschap 'Stomp' onder de titel 'Concertgebouworkest ontmoet De Efteling tijdens vurige dans'. Hij had in theater Carré een optreden van Lost and Found Orchestra, zeg maar het door Stomp samengestelde symfonieorkest, bijgewoond.

Wij zijn ook naar een optreden van dit orkest geweest, een unieke ervaring kan ik wel zeggen! Prachtig, een volwaardig toporkest met instrumenten bestaande uit holle vaten, zagen, pijpen, tuinslangen, watercontainers, skippyballen, potten, pannen en allerlei andere huishoudelijke troep. Een onweerstaanbaar symfonisch orkest door de wel heel bijzondere mix van geluid, show, dans en komedie!
Ontroerend goed vond ik het laatste nummer en de toegift, toen de groep werd bijgestaan door het Tilburgse studentenkoor 'Fontys Jazz Choir', de winnaars van het dit jaar gehouden Korenslag.

Rectificatie:
Niet, zoals in alle media stond vermeld, het 'Fontys Jazz Choir' heeft de groep in het laatste nummer en de toegift bijgestaan, maar een studentenkoor van DAPA (Dutch Academy Performing Arts) uit Zoetermeer!
zie ook www.musicalopleiding.nl



Lost & Found Orchestra | Instruments: "instruments

Het was een bijzonder mooie avond daar in Carré. Een avond die me nog wel een poosje zal heugen ook, denk ik. Dat in alles muziek zit, dat is wel het mooist! Het theater was lang niet uitverkocht, maar ik ben het helemaal met Patrick van den Hanenberg eens, als hij schrijft dat het Lost and Found Orchestra net als de afgelopen maanden in Londen, ook in Amsterdam volle zalen verdient.

zaterdag, februari 28, 2009

Aviodrome



De grote en oudste broer van de Boeing 737-800 van Turkish Airlines die afgelopen woensdag crashte bij Schiphol nabij de Polderbaan, staat sinds eind 2004 op het themapark Aviodrome in Lelystad. Het is een verhaal apart, hoe de ruim 30 jarige als PH-BUK geregistreerde KLM Boeing 747-206B, een jumbojet classic en vernoemd naar luchtvaartpionier Louis Blériot, daar terecht gekomen is.

Gisteren heb ik samen met Thijs en Mink het vliegtuig, dat vanaf 1978 tot 2004 onafgebroken gevlogen heeft voor de KLM, eens goed bekeken. Vreemd daar, zo'n enorm vliegtuig in de polder, en helemaal leeg! Ik ken ze alleen maar vol, als passagier. Wie weet, misschien heeft ditzelfde vliegtuig ons in het verleden wel van of naar New York gevlogen. Op een plakkaat bij de cockpit las ik de namen van alle captain's die in deze kist hebben gevlogen. Grappig, de namen K en P, twee bekenden van me, die beiden al enige jaren met pensioen zijn, stonden er ook bij. Zo zie je maar, als je maar lang genoeg meeloopt kan zelfs bij leven je naam al onderdeel worden van een museumstuk!

Drie bemanningsleden en zes passagiers van Turkish Airlines die in de gecrashte Boeing 737-800 TC-JGE, vluchtnummer TK 1951 zaten, zullen iets dergelijks bij leven niet meer mee kunnen maken. Op de reconstructie van de crash is goed te zien hoe het ongeveer gebeurd moet zijn. Een merkwaardig ongeluk, als een blad in de herfst naar beneden komen dwarrelen! Ik las dat het drama nog veel groter geweest zou zijn, als ze in plaats van op de absorberende klei, op een hardere ondergrond terecht waren gekomen. Vonken, brand, dat soort dingen. De komende dagen zullen we wel meer te horen krijgen, over hoe het nou zo heeft kunnen gebeuren.



Op 27 juni a.s. viert Nederland het 100-jarig bestaan van de gemotoriseerde luchtvaart. De tijdmachine in de centrale hal geeft een mooi beeld over dit item van 100 jaar terug in de tijd. Ongelooflijk eigenlijk, als je ziet wat de mens op technisch gebied niet allemaal bereikt heeft. Maar toch ook wel weer ten koste van een aaneenschakeling van soms wel heel domme ongelukken. Met vallen en opstaan, op een andere manier schijnen wij niet te kunnen leren.
Benieuwd welke lering uit de Poldercrash getrokken wordt!

maandag, februari 23, 2009

spaghetti



Wat hebben we toch een hoop rotzooi in huis waar een snoer aan vast zit! Computers, beeldschermen, scanners, printers, faxen, dvd en cd spelers, speakers, telefoons, tv's, tuners en ga zo maar door. Zolang je er maar niet aan hoeft te komen is er niks aan de hand, maar o wee als er iets mis is met zo'n apparaat, of als er iets verplaatst moet worden. Om maar te zwijgen over als je iets nieuws moet aansluiten en integreren in die zooi!

Van de spaghettiachtige wirwar aan snoeren, adapters en stekkerdozen die ik achter de apparaten aantref, wordt ik acuut moedeloos en chagrijnig. Desalniettemin probeer ik de snoerenbende zo goed mogelijk te ordenen. Eén voor één sluit ik de apparaten aan, en leid ik de snoeren en adapters in zo overzichtelijk mogelijke banen. Maar het eindresultaat is in mijn ogen keer op keer een onbevredigende warboel. Een warboel die ik dan toch maar zo laat, ik ben al lang weer blij dat de hele rotzooi is aangesloten!

En dan komt er steevast ook nog weer een moment, dat de aangesloten handel niet goed draait! Wat te doen? Je loopt alle inmiddels moeilijk te volgen aansluitingen maar weer eens langs, drukt hier en daar een stekker wat aan, en probeer vervolgens de handel opnieuw goed aan de praat te krijgen. God zij dank lukt dat uiteindelijk in de meeste gevallen dan ook nog.

Over de sores die ik regelmatig heb met (vergeten) gebruikersnamen, wachtwoorden en al die verschillende afstandsbedieningen zeg ik verder maar niks meer. Ik geloof dat ik zolangzamerhand behoefte heb aan een persoonlijke systeembeheerder. Eentje die altijd voor me klaar staat en mij af en toe een glas wijn inschenkt, en verder bereid is me al het werk dat met snoeren en elektronica te maken heeft tot in lengte van dagen uit handen te nemen!

maandag, februari 16, 2009

Valentijnsdag



Zaterdag 14 februari j.l. Valentijnsdag! Op het Museumplein in A'dam hing voelbaar het voorjaar al een beetje in de lucht, je rook het gewoon. Zelfs de gouden harp op het concertgebouw leek wel meer te blinken dan anders. Dat wij niet de enige waren met voorjaarskriebels in het lijf, was goed te merken aan de mensen om ons heen. Op het gras dolden kinderen en honden om het hardst met van alles en nog wat, en de bankjes in de zon waren allemaal al bezet.

In het van Gogh Museum hadden we net de prachtige tentoonstelling 'Van Gogh en de kleuren van de nacht' gezien. De eerste tentoonstelling die rond Van Goghs avond- en nachtcomposities is gemaakt, is een gezamelijk project van het van Gogh Museum en het Museum of Modern Art in New York. Voor deze unieke tentoonstelling hebben musea en particulieren uit heel de wereld, schilderijen van Van Gogh rond het nachtthema in bruikleen gegeven.
Van Gogh streefde ernaar om met kleur de stemmingen en lichteffecten van de nacht uit te beelden. Het was één van de uitdagingen die hij tijdens zijn korte kunstenaarsleven aanging. Verder zo las ik, bood het nachtthema Van Gogh ook de gelegenheid om verschillende facetten van zijn complexe psyche te onderzoeken. Hij heeft dit heel aansprekend onder woorden gebracht in de honderden brieven aan zijn broer Theo en aan bevriende kunstenaars als Emile Bernard en Paul Gauguin.

Nu we toch zo dicht in de buurt waren van het Rijksmuseum, kon een bezoek ondanks het prille en aangename voorjaarszonnetje natuurlijk ook niet uitblijven. Het grootste deel van het Rijksmuseum is vanwege de verbouwingsaktiviteiten al jaren gesloten voor het publiek. Maar toch is er nog genoeg moois te zien, zoals nu bijvoorbeeld het geval is met de tentoonstelling 'De Meesterwerken' Prachtige schilderijen uit de 17de eeuw! De Gouden Eeuw was een periode van grote bloei in de geschiedenis van Nederland. De gefortuneerde kooplieden spendeerden veel in kunst en cultuur. De schilderijen uit die tijd hebben we zaterdag weer eens kunnen bewonderen. Schilders als Frans Hals, Gerard ter Borch, Rembrandt van Rijn, Johannes Vermeer, Paulus Potter, Bartholomeus van der Helst, Jacob van Ruisdael en nog vele anderen.

Veel schilderijen van deze kunstenaars zijn aardig bekend en hebben we wel vaker gezien, toch was het boeiend om al die meesterwerken in één tentoonstelling te zien!