maandag, maart 30, 2015
The Voice Company in Nijkerk
De Mattheus Passion heb ik in het verleden diverse keren bijgewoond. Mooi, maar evengoed speelde de lange zit van Bach's prachtige oratorium me dikwijls parten. Een kleine drie uur lang stil zitten is niet mijn hobby. Ik ken mensen die geen jaar overslaan, maar zo ben ik dus niet. Na de laatste Matheus Passion, die ik drie jaar geleden in het Amsterdamse Concertgebouw heb bijgewoond, vond ik het mooi geweest. Ik had het lijdens- en sterfverhaal van Jezus volgens het Evangelie van Matteüs nu wel een keer gezien!
Toch heb ik me afgelopen zaterdag laten verleiden om mee te gaan naar een samenvatting van de Mattheus Passion. The Voice Company o.l.v. Robert Bakker voerde in 'De Fontein' in Nijkerk delen uit van Johann Sebastian Bach's compositie. Het groot dubbelkoor van The Voice Company bijgestaan door vier solisten t.w. Jacqueline Meijer, sopraan, Andrea Vos, alt, Gerrit van der Heide, tenor en Marcel van Dieren, bas maakte er met begeleiding van orkestraal pianospel van Robert Bakker een mooie avond van, waarbij zanger/acteur Olaf Wijnants Labree de verteller van het lijdensverhaal was. De samenvatting, die ongeveer de helft van de reguliere uitvoering in beslag nam bracht de boodschap helder voor het voetlicht. Ondertussen werden we als bezoekers uitgenodigd om de koralen, waarvan de teksten op de achterwand van het podium werden geprojecteerd, mee te zingen. Tja, zo kan het dus ook!
Bijzonder vond ik dat er na de uitvoering van de beknopte Mattheus Passion niet werd geapplaudiseerd. Ja, hoorde ik iemand zeggen, na een kerkdienst volgt gewoonlijk toch ook geen applaus, bovendien geeft het werk zelf geen reden tot enthousiasme. Natuurlijk, dat zal het zijn, ik had het zo nog niet meegemaakt, maar de keren dat ik de Mattheus Passion had bijgewoond waren volledig geweest. D.w.z. met orkest en prachtige muziek. De inhoud van de tekst was daaraan een beetje ondergeschikt geraakt. Veel minder dan een kerkelijk stichtelijk werk is de Mattheus Passion een prachtig muziekstuk. We applaudiseerden voor de uitvoerenden en hun prestatie. Het nadeel van de samenvatting met een verteller van het verhaal, voor zover we dat een nadeel kunnen noemen, is natuurlijk dat de uitvoering ingetogener was en soms iets meer van een kerkdienst weg had. En ja, daar applaudiseer je volgens Batjens dus niet voor!
Mooi kerkje trouwens 'De Fontein', gebouwd en opgeleverd in 2011 naar een ontwerp van arch. ir. Mari Baauw (1961) van Royal Haskoning B.V. afdeling Architectuur en Bouw te Rotterdam. De 750 zitplaatsen waren zaterdagavond volgens mij allemaal bezet!
zondag, maart 29, 2015
wedstrijdzeilen tot op het bot
![]() |
| De 'Taeke Hadewych' in koude streken. |
![]() |
| De 'Macif' onder zeil, Vendée Globe '12-'13. |
![]() |
| De 'Brunei', zeilteam o.l.v. Bouwe Bekking. |
Afzien dus, wedstrijd zeilen tot op het bot! Maar ik ben er ook van overtuigd dat het zeilteam vele prachtige momenten meemaakt tijdens de negen maanden durende race. Uiteraard is daar straks weer de voldoening van het aankomen in de haven van Itajai na 6776 nm zeilen, en het zal er ongetwijfeld ook wel wat relaxer aan toegaan als ze weer in wat gematigde streken verzeild raken. Maar ik ben blij dat ik de race thuis mooi in alle rust op mijn pc kan volgen.
vrijdag, maart 27, 2015
over de handgeschreven brief
Met bovenstaande poster probeert het reclamebureau M&C uit Melbourne de Australische Posterijen aan meer werk te helpen. If you really want to touch someone, send them a letter stond eronder. Prachtige poster trouwens, maar of het zoden aan de dijk zet is de vraag. Stuur eens een brief als je iemand echt wilt steunen of beroeren, klinkt sympathiek en dat is het natuurlijk ook wel. Maar wie schrijft er in het computertijdperk eigenlijk nog een brief? Praktisch alles gaat tegenwoordig elektronisch. Met de komst van social media is er immers een enorm scala aan nieuwe manieren ontstaan om met elkaar te communiceren, e-mail, sms, Twitter Facebook, Linkedin, Google+, Skype, WhatsApp, Ello, YouTube en nog meer denk ik, en anders komen ze nog wel. Ik doe aan het één en ander vrij enthousiast mee. Want ook met eigentijdse communicatiemiddelen kan je elkaar natuurlijk beroeren. Maar toch gaat mijn sympathie uit naar de handgeschreven brief. De boodschap kan hetzelfde zijn, maar een handgeschreven brief voegt naar mijn gevoel in het bijzonder binnen informele relaties een dimensie toe. Ze is persoonlijker vind ik, en daardoor waardevoller dan een bericht via de social media. Overigens moet ik wel bekennen dat de enige handgeschreven brieven die ik tegenwoordig zo af en toe nog wel eens schrijf, zo beknopt zijn dat ze achter op een ansichtkaart passen. Maar dat is in het verleden wel anders geweest!
![]() |
| De aloude kroontjespen met inktlapje. |
Maar het één en ander is kennelijk een achterhaald gedachtengoed. We moeten niet naar kinderen kijken vanuit onze eigen romantiek en nostalgie las ik ergens. Finse kinderen hoeven al niet meer te leren schrijven met een pen. Ze krijgen typeles, daar hebben ze meer aan. Wie in het leven toch nog een keer een formulier met de hand moet invullen, krast maar blokletters. Het is achterhaald om kinderen jarenlang te laten zwoegen op mooie aaneengesloten letters, stellen de Finnen. Een derde van de jongens krijgt het sowieso niet voor elkaar. De fijne motoriek van kinderen kan, denken de Finnen, ook worden ontwikkeld door extra tekenlessen en wat meer uren handvaardigheid. In ons land gaan we dezelfde kant op. Het Platform Handschriftontwikkeling, dat knokt voor behoud van de pen, schetste vorig jaar somber de stand van zaken: 'De noodzaak van soepel en duidelijk kunnen schrijven wordt niet langer ingezien'. Terecht of onterecht? De tijd zal het ons leren!
De computer heeft natuurlijk gezorgd voor een grote omslag in het onderwijs. Mijn kleinzoon zit in Amsterdam op een middelbare school waar ze alles middels een ipad doen. Een apparaat dat iedereen daar ook nog eens met heel veel plezier gebruikt. Veelzijdige creatieve tools, interactieve studieboeken en een schat aan apps en informatie bieden eindeloos veel leermogelijkheden. We moeten volgens bartjens leerlingen alles meegeven voor de toekomst, 21ste-eeuwse vaardigheden bijbrengen en ze niet leren hoe het 50 jaar geleden was. Als de kinderen de fijne motoriek maar leren, ben ik het daar helemaal mee eens. Ik las trouwens dat ze op de Radboud Universiteit in Nijmegen wetenschappelijke studies hebben bekeken op het effect van leren schrijven met pen of toetsenbord op de leesvaardigheid. Het lijkt erop dat mensen die met de hand leren schrijven ook gemakkelijker lezen doordat ze de letters eerder herkennen. Maar het is niet bewezen dat kinderen die met een toetsenbord leerden schrijven slechter lezen. Een echt kwalitatief goed onderzoek in deze is er nog niet. Maar hoe dat ook zal uitpakken, ik denk dat de schrijfpen en de handgeschreven brief wereldwijd schaarse tijden tegemoet gaan.
woensdag, maart 25, 2015
Mars en Venus in het museum
Ondanks verbouwingswerkzaamheden is het Centraal Museum in Utrecht gewoon toegankelijk voor bezoekers. Het is niet storend het gaat gefaseerd, ze hebben het daar goed gepland! Gisteren hebben we daar de expositie 'Liefde & Lust' gezien. Een tentoonstelling gewijdt aan Joachim Wtewael (1566–1638) één van de grootste schilders uit de Gouden Eeuw. Ik las ergens dat 'Liefde & Lust' is georganiseerd in samenwerking met de National Gallery of Arts in Washington en het Museum of Fine Arts in Houston, die om de conservatieve Amerikaanse bezoeker tegemoet te komen, de voorkeur gaven aan de brave titel 'Pleasure & Piety' ofwel 'Plezier en Vroomheid'. Ironisch genoeg is er praktisch om de hoek van het Centraal Museum Utrecht ook een seksshop gevestigd met de naam 'Liefde & Lust'.
Maar dit terzijde, de inspiratiebron voor de titel van de tentoonstelling was echt het werk van schilder Joachim Wtewael. Hij koos vooral mythologische en religieuze onderwerpen en die schilderijen hebben in veel gevallen een uitgesproken of verhulde erotische lading. Verschillende keren heeft Wtewael bijvoorbeeld het overspel van Mars en Venus verbeeld, onverbloemd, tijdens de daad. Als de schilder zichzelf portretteert, zit er geen witte maar rode verf op de punt van zijn penseel. Veelzeggend, volgens conservator en samensteller van de expositie Liesbeth Helmus, het is de kleur van Mars en van de liefde.
Zinnenprikkelende heiligen met hun lendendoekjes op halfzeven, saters met stijve penissen, vrijpartijen, overspel, gespierde bilpartijen en een grijzende vader met zijn dochters blote borst in de hand. De wereld van de Utrechtse maniërist Joachim Wtewael is er een van schalkse symboliek en weelderig bloot. Veertig kleurrijke doeken met levendige religieuze voorstellingen en piepkleine koperplaatjes met haarfijn geschilderde mythologische taferelen erop. De beschonken Romeinse godin Venus bijvoorbeeld, die elk moment besprongen kan worden door oorlogsgod Mars. Tussen haar benen staat Cupido vast klaar met pijl en boog. Maar zelfs de heiligen die de Utrechtse meester schilderde, druipen van de erotiek. Zoals Sebastiaan, die bevallig tegen een boom staat met een lendendoekje dat nét niet afzakt. Zijn hand rust op een fallusvormige tak. Het indrukwekkende kleurgebruik van de schilder komt nog mooier uit doordat de tentoonstellingsruimte vrij donker is gehouden.
Druk was het, de expositie loopt als een trein. Eén van de pronkstukken is het grote doek Perseus en Andromeda (1611) dat het Centraal Museum in bruikleen kreeg van het Louvre. Cassiopeia, de moeder van Andromeda, riep de woede van de zeenimfen over zich af door te beweren dat ze mooier was dan zij. Om de toorn van zeegod Poseidon af te wenden, werd Andromeda geofferd aan het zeemonster Cetus. Op het schilderij is de prachtige, lieflijke en blozend blote vrouw vastgeketend aan een rots. Haar linkervoet rust op een grote roze schelp, die met de opening naar ons toe net zoveel van een vrouwelijk geslachtsdeel wegheeft als de kunstenaar waarschijnlijk wilde. Te paard komt redder Perseus al aangevlogen.
Ondanks dat Joachim Wtewael als één van de grootste schilders van zijn tijd werd gezien, raakte hij na zijn dood in de vergetelheid. Waarom is mij een raadsel! Zou het mogelijk komen omdat kort na zijn dood de verlichting als stroming kwam opzetten. Een periode die grote wijzigingen ingang zette in het denken over religie, filosofie, kunst en wetenschap. Ik heb geen idee. Voor een museum is het natuurlijk prima als een expositie lekker loopt, maar voor de bezoekers is dat minder. De grotere werken gaan nog, maar met z'n allen voor zo'n piepklein werkje is minder. Die zou je toch eigenlijk het liefst door een loupe willen zien!
maandag, maart 23, 2015
MACBA museum in Barcelona
Toch koninklijk 'Beest' in Barcelona las ik vanochtend in de Volkskrant. Vanaf dit weekeinde kunnen de bezoekers van Het museum voor moderne kunst in Barcelona MACBA dan toch genieten van de tentoonstelling 'Het beest en de soeverein' ('La Bestìa i el Sobirà').
Eerder had MACBA-directeur Bartomeu Marí bezwaar gemaakt tegen de komst van 'Haute Couture 04 Transport', een sculptuur van de Oostenrijkse kunstenares Ines Doujak (1959). Volgens Marí had het niets te maken met censuur, maar met 'goede smaak'. Oordeel zelf!
Het omstreden kunstwerk bestaat uit een weergave van drie figuren - onderop een man, in het midden een vrouw en bovenop een hond - verwikkeld in een sodomistische scène bovenop een bergje SS-helmen. Aanleiding van de opschudding vormde vooral de grote herkenbaarheid: in het gezicht van de brakende, naakte manfiguur is vrij makkelijk de teruggetreden Spaanse koning Juan Carlos te herkennen. De vrouw lijkt op de Boliviaanse vakbondsactiviste Domitila Barrios de Chúngara, die haar traditionele hoedje heeft opgehouden. De hond lijkt op een herdershond.
Toen de directie van MACBA vorige week bezwaar maakte tegen de plaatsing, wilde de Duitse Würtembergische Kunstverein, coproducent van de tentoonstelling, de hele expositie terug trekken. Een gefrustreerde directeur Hans Christ van de Kunstverein zag het veto op het werk als een doorkruising van de artistieke vrijheid. De artistieke onafhankelijkheid van het MACBA museum werd in twijfel getrokken en de directie werd bekritiseerd om de weinig doortastende houding. Des te erger, aangezien het ging om een kunstwerk dat bij uitstek het thema van de tentoonstelling samenvatte: 'de onderdrukten, de soeverein en het beest in een politieke constellatie. Een kritische herformulering van de koninklijke macht'. Maar goed, nu is de tentoonstelling dus alsnog te bezichtigen, inclusief het werk van Doujak.
Het is trouwens sowieso de moeite waard om het MACBA museum te bekijken. Het naar een ontwerp van de Amerikaanse architect Richard Meier (1934) gebouwde museum is in 1995 geopend. Meier, die bekend is van zijn witte gebouwen, heeft in 1995 ook het stadhuis (bekend als het IJspaleis) in Den Haag ontworpen en een mooi kantoorgebouw in Hilversum dat in 1992 is opgeleverd. Maar dit terzijde!
zaterdag, maart 21, 2015
about guitars and visual arts
Luc Henzig is een Luxemburger, maar dat niet alleen, hij heeft ook een zwak voor elektrische gitaren. Hij schijnt er ruim 600 bij elkaar te hebben gescharreld. Gitaren die zijn bespeeld door bekende en minder bekende pop-, jazz-, rock- en blues gitaristen als o.m. Mick Taylor (o.a. Rolling Stone) en Noel Gallagher (Oasis). Henzig heeft 50 bijzondere gitaren beschikbaar gesteld aan het 'Groninger Museum' voor de expositie ‘De mythe van de elektrische gitaar’ Wat het 'Groninger Museum' met deze expositie bedoeld te zeggen is mij echter een raadsel. Hoezo 'mythe', de elektrische gitaar is toch gewoon een eigentijds muziekinstrument die na serieuze beoefening door iedereen kan worden bespeeld. Oké, de ene gitarist is uiteraard de ander niet, er zijn verschillen dat is niet anders. Er zijn er die in de middelmaat blijven steken, maar er zijn ook gitaristen die we als virtuoos kunnen beschouwen. Prima, maar wat aan het één of ander mythisch is begrijp ik echt niet. En de expositie geeft daarover absoluut geen duidelijkheid. Of is dat juist de mythe? Een mythe die we dan ook maar moeten koesteren? Nee, het is en blijft mij een raadsel waarom ze deze expositie ‘De mythe van de elektrische gitaar’ hebben genoemd!
Maar ik vind het desalniettemin een prachtige expositie. Een expositie die voor mij ook zeker wel begon te leven, toen ik me enkele beroemde gitaarvirtuozen voor de geest probeerde te halen die op een aantal tentoongestelde gitaren daar hebben gespeeld. Helemaal in combinatie met de prachtige schilderijen van de Duitse portretschilder en (rock)muziek kenner Oliver Jordan. Een combinatie ook die het vermeende gitaristen verhaal zeker completer maakte.
vrijdag, maart 20, 2015
Van Rembrandt tot Canaletto.
De expositie 'Het Geheim van Dresden' in het Groninger Museum, is een ruime keuze uit de wereldberoemde collectie van de Gemäldegalerie Alte Meister in Dresden. Het is een expositie van de Staatliche Kunstsammlungen Dresden in samenwerking met het Groninger Museum.
Het vertelt het verhaal van de rijke cultuur in Saksen in de achttiende eeuw onder August de Sterke (regeerperiode 1694-1733) en zijn zoon August III (regeerperiode 1733-1763). Beiden waren behalve Keurvorst van Saksen ook Koning van Polen. Zij zagen het belang van een hoogstaand cultureel leven voor de bloei en welvaart van Saksen. Daarom verzamelden zij een enorme hoeveelheid kunst; een kunstverzameling die tot de belangrijkste in Europa zou gaan behoren. Om de lokale kunstproductie op een hoger niveau te brengen nodigden zij vooraanstaande buitenlandse kunstenaars uit om in Dresden te komen werken. In Het geheim van Dresden worden meesterwerken getoond van onder anderen Rembrandt, Velázquez, Titiaan en Canaletto, die in de betreffende periode werden verzameld, samen met schilderijen die toen in Dresden onder invloed van de beroemde buitenlandse voorbeelden werden gemaakt.
‘Het geheim van Dresden – van Rembrandt tot Canaletto’. Een indrukwekkende expositie en afgemeten aan het grote aantal suppoosten dat er rondliep, ook een zeer kostbare expositie. Belangrijke kunstschatten die de Duitsers in de 2e wereldoorlog zorgvuldig in veiligheid hebben proberen te brengen door ze o.a. in verlaten mijnen te verstoppen. De militairen van vooral het Sovjetleger, maar ook van de Geallieerden wisten ze toch te vinden. Midden jaren vijftig van de vorige eeuw werden de kunschatten aan de Duitsers terug gegeven, en konden ze weer in de herstelde Galerie in Dresden aan het publiek worden getoond. Glans en grootsheid van ruim twee eeuwen, bijna twee decennia bedreigd en onzichtbaar, konden zich weer in al hun grootsheid ontvouwen!
Nogmaals een indrukwekkende expositie waarin de oude kunstschatten prachtig tot hun recht komen. Mooi, maar ik heb desalniettemin toch veel meer affiniteit met de hedendaagse kunst.
maandag, maart 16, 2015
in en rond het Waddengebied
Eergisteren viel WADDENmagazine nr. 1 van jaargang 50 op de mat. Een jubileum uitgave van de Waddenvereniging die 50 jaar geleden is opgericht en waar ik al sinds medio 1969 lid van ben. Reeds op m'n 15e jaar raakte ik verknocht aan het waddengebied, toen ik met een vriendje op Terschelling kampeerde. Onze unieke noordelijke archipel van eilanden en droogvallende platen, van dynamische stromingen en paradijselijke werelden waar land en water elkaar ontmoeten. Een wereld waarin ik in de jaren daarna in m'n zeilboot met genoegen, vele, vele uren heb doorgebracht.
Onbegrijpelijk eigenlijk dat de Waddenzee vroeger voor een hoop mensen een waardeloze moddervlakte was. Lastig, omdat hij tweemaal per dag droogviel en gevaarlijk om er te varen als je het gebied niet goed kende. Ingepolderd kon het van nut zijn voor landbouw, militaire oefeningen of bloembollenteelt. Begin jaren '60 kwam de overheid met een idee t.w. het tweedammenplan, waarbij twee dammen naar het eiland Ameland zou worden aangelegd. Maar wellicht ook het begin van de algehele inpoldering. Kees Wevers, een 16-jarige jongen uit Kortenhoef, schreef een ingezonden brief naar wat dagbladen om tegen dit onzalige plan te protesteren. Deze brief was de aanzet tot de oprichting van de Waddenvereniging. Enthousiaste natuurliefhebbers, bewoners van het waddengebied en wetenschappers schaarden zich achter Kees Wevers en keerden zich fel tegen de aantasting van dit zo unieke gebied. Zij kwamen bijeen en richtten op 16 oktober 1965 de Waddenvereniging op.
Door de inzet van o.m. de Waddenvereniging is dit grootste natuurgebied van Nederland tot op heden aardig intact gebleven. Maar het is de vraag voor hoelang nog. Want alle goede voornemens in de Planologische Kernbeslissing Waddenzee (PKB) ten spijt, zolang ik me kan heugen staat het Waddengebied onder druk, en worden er door allerlei partijen pogingen ondernomen om het gebied op de één of andere manier economisch te exploteren. Neem de aardgaswinning in de Waddenzee. Ondanks alle verzet in de loop der jaren, wordt er in het Nederlandse waddengebied toch al op vijf plekken aardgas gewonnen t.w. op de locatie Zuidwal (productieplatvorm PE ZW PA bovenop vulkaan) ten westen van Harlingen, in het duingebied van Ameland en vanaf de wadkust bij het Friese Moddergat, bij Vierhuizen en bij Lauwersoog. We weten inmiddels o.a. van de provincie Groningen dat dit bodemdaling tot gevolg heeft. Tel daar de zeespiegelstijging bij op, en een kind kan je uitleggen dat dat op termijn het einde betekent voor dit mooie getijdengebied met zijn droogvallende platen en dynamische stromingen.
Dat de veranderingen in de Waddenzee op termijn mede door toedoen van menselijke activiteiten veroorzaakt wordt, staat volgens mij buiten kijf. Dat de zeespiegelstijging sowieso mede het gevolg is van de enorme, kennelijk moeilijk te beteugelen uitstoot van broeikasgassen in de atmosfeer als o.a. kooldioxide (CO2), methaan (CH4), lachgas (N2O), waterdamp en CFK's geloof ik zonder meer!
Maar desalniettemin denk ik ook wel eens dat we ons niet moeten verbeelden, enige invloed te kunnen uitoefenen op de loop der dingen. Zo'n 160 miljoen jaar geleden, in de tijd van het krijt en de dinosaurussen, lag er een actieve vulkaan in het gebied dat we nu Waddenzee noemen. Deze vulkaan die ongeveer halverwege tussen Vlieland en Harlingen ligt is in 1970 ontdekt tijdens gasboringen. Zo’n twaalf miljoen jaar heeft hij gewerkt, de ‘Zuidwalvulkaan’ zo als hij inmiddels is gaan heten. De resten liggen nu twee kilometer diep in de aardkorst verborgen, maar tot op de dag van vandaag ligt hij nog na te gloeien en is de temperatuur in de aardkorst ter plekke nog ca. 30º hoger dan normaal. Door vulkanisme en veel CO2 in de atmosfeer, inslagen van meteorieten, kometen of astroïden en het ontstaan van diepe oceanen stond onze aardbol zo'n 160 miljoen jaar geleden bloot aan enorme veranderingen. Door klimaatveranderingen en verschuiving van aardplaten ontstonden de continenten zoals we die nu kennen. Veranderingen die zich uiteindelijk in vele, vele miljoenen jaren hebben afgespeeld en nog gewoon afspelen. De mens speelde geen enkele rol, die was er nog lang niet. Die is volgens bartjens pas zo'n 200.000 jaar geleden in Afrika ontstaan, en is in Europa nog maar zo'n slordige 40.000 jaar van de partij.
Ik denk eerlijk gezegd dat we door bijdrage van menselijke activiteiten bepaalde processen hoogstens enigszins versnellen, maar meer ook niet. Hoe dan ook, of we het nou leuk vinden of niet, veranderingen gaan sowieso gewoon door. En als die ons niet zinnen, kunnen we hooguit ons best doen deze te vertragen of af te zwakken met behulp van menselijke activiteiten. En dat moeten we zeker niet nalaten!
donderdag, maart 12, 2015
over het haast onaantastbare
Over het 'einde van twee levensbomen' heb ik het op j.l. 15 februari gehad, zie mijn blogarchief. De Thuja's die toen op zo'n twee meter boven het maaiveld zijn geknot, staan er sindsdien een beetje als 'stille wachters' bij. Daar associeerde ik de twee ongenaakbare stameinden mee. 'Stille wachters', waarop eigenlijk? Uitlopen zullen ze niet meer doen, dus boom worden ze niet meer. Nee, de mooie levensbomen die het ooit waren, zijn in onze tuin tot steile sculpturen getransformeerd. Ongenaakbaar en onaantastbaar, onder welke invloed dan ook. Of toch niet? Ik kan ze uiteraard alsnog bij het maaiveld afzagen, maar ik kan er met hamer, beitel en zaag natuurlijk ook houten beelden van maken, totempalen of zoiets. Twee wachtposten, stoïcijns uitkijkend en wakend over ons tuintje!
Op de typering 'onaantastbaar' kom ik vaak als ik naar oude bomen kijk. Wonderbaarlijk eigenlijk want bomen zijn fysiek in feite zo tastbaar als het maar zijn kan. M'n fascinatie zit denk ik in het feit dat bomen, die vanuit de donkere aarde naar het licht groeien, zoals trouwens bijna alle flora, zo enorm 'groot en oud' kunnen worden. En dat ik ze daarom gevoelsmatig als de meest 'onaantastbare elementen' van de levende natuur beschouw. Mogelijk een enigszins wat typische gedachtengang, maar zo voel ik het wel.
Zo zijn er in mijn beleving ook onaantasbare gebouwen. Bijvoorbeeld 'Radio Kootwijk' vind ik zo'n gebouw. Ongenaakbaar en onaantastbaar staat dit imposante bouwwerk sinds 1920 op de eenzame zandverstuivingen nabij Kootwijk. Een kathedraal als 'stille wachter' in the middle of nowhere. Alles aan dit betonnen art-deco gebouw, naar een ontwerp van architect Julius Maria Luthmann (1890-1973), dwingt in het eenzame landschap naar mijn beleving afstand en respect af. Zowel in de verschijningsvorm als geheel, als in detail. Neem bijvoorbeeld het beeldhouwwerk van Hendrik van den Eijnde (1869-1939) boven de entree. Een sculptuur met een vrouwenhoofd met een Europese uitdrukking, en één met een Aziatische uitdrukking, beiden met de handen achter de oren. De open mond in het gezicht tussen de beide vrouwen symboliseert de omroeper. 'Stille wachters' in mijn optiek, maar feitelijk verbeeld de sculptuur symbolisch de radioverbinding tussen Nederland en het toenmalige Nederlands-Indië.
dinsdag, maart 10, 2015
neo-realisme in bezettingstijd
Zondag, op de eerste lenteachtige dag dit jaar, zijn we dwars over de Veluwe naar Arnhem gereden. Het was druk in de bossen, de hele natie leek uit de schulp gekropen. Op zulke momenten besef je weer dat we met z'n allen in een bijzonder klein landje leven. We hadden het plan opgevat om in Museum Arnhem de expositie 'Geaarde Kunst' te bekijken, en vervolgens in 'Park Sonsbeek' een wandeling te maken. Maar van wandelen is het echter na 'Geaarde Kunst' niet meer gekomen, dat houden we dan maar tegoed.
De expositie 'Geaarde Kunst' bestaat uit een selectie kunstwerken die de nationaalsocialistische overheid tijdens de bezetting van 1940-1945 kocht. Na de bevrijding werden de werken bewaard in depots, inmiddels beheerd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Belangrijke genres in 'Geaarde Kunst' zijn voorstellingen uit de natuur, zoals Hollandse landschappen, zee- en riviergezichten, stads- en dorpsgezichten en stillevens, figuurstukken en (zelf)portretten, zeg maar de (neo)realistische kunstuiting. De verantwoordelijk ambtenaar voor de kunstaankopen bij het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK) was de nationaal-socialist Eduard Gerdes (1887-1945), zelf kunstenaar en voor de oorlog lid van talrijke kunstenaarsgenootschappen. Ook hechtte Gerdes veel belang aan de ambachtelijke kant van het vak. Gerdes kocht werken aan van Karel Appel, Maurits Escher, Pyke Koch, Willem van Konijnenburg, Gerard Röling, Jan Sluijters, Carel Willink en vele andere grootheden in de schilderkunst, die (verplicht)aangesloten waren bij de door de NSB geïnstalleerde Kultuurkamer.
Als gezegd liggen de zwaartepunten van de collectie in de expositie van Museum Arnhem bij het (neo)realisme. Dat 'Geaarde Kunst' een tegengestelde stroming is van Entartete Kunst (o.a. expressionisme, dada, futurisme), komt in deze expositie goed tot uiting. Alhoewel, 'Amsteldijk met brug' van Hendrik Jan Wolters in mijn ogen meer een expressionistiche dan een realistische kwaliteit heeft. Maar die is dan ook van net vóór de bezetting, en kon er kennelijk nog net bij door.
Natuurlijk waren er kunstenaars die tegen lidmaatschap en kultuurkamer in verzet kwamen. Die verdomden het om lid te worden, omdat ze dan als zodanig onder controle zouden staan van de nationaalsocialistische overheid en uiteraard danig werden beknot in hun vrijheid van kunstuitingen. Toen de eerste maatregelen die de verschillende kunstuitingen aan banden legden van kracht waren geworden, kwam het verzet door kunstenaars hiertegen op gang. Belangrijkste spreekbuis voor kunstenaars in verzet was het illegale blad 'De Vrije Kunstenaar', dat voor het eerst begin mei 1942 verscheen. Een van de belangrijkste verzetsgroepen was de knokploeg van de beeldhouwer Gerrit Jan van der Veen (1902-1944) en de schrijver Willem Arondéus (1894-1943). Zij hielden zich bezig met vervalsingswerk, sabotage en het plegen van gewapende overvallen. Het vervalsen van persoonsbewijzen was een van de voornaamste activiteiten van de toneel schrijver Eduard Veterman (1901-1946).
vrijdag, maart 06, 2015
onze kanalenkoningin in actie
Op 24 augustus 2013 had ik het in 'Sluis' (zie mijn blogarchief) over de omlegging van de Zuid-Willemsvaart bij Den Bosch, die toen nog in uitvoering was. Gisteren, 5 maart j.l. is de kanaalomlegging, die sinds begin januari al tussen Den Dungen en Empel door Rijkswaterstaat in gebruik genomen was, officieel door koningin Máxima geopend. De omlegging, een stukje kanaal van amper 9 kilometer lang waarover ze ruim 30 jaar hebben gediscussieerd en vervolgens 4 jaar over de aanleg hebben gedaan, is zowaar naar haar vernoemd.
Bijna twee eeuwen geleden had koning Willem I, bijgenaamd de kanalenkoning (zie o.m. mijn stukje 'natuur & inspiratie' van 20 augustus 2014), ook vier jaar nodig om de Zuid-Willemsvaart te graven. Maar het in 1826 in gebruik genomen kanaal van Den Bosch naar Maastricht was wel 123 kilometer lang! Eigenlijk ongelooflijk dat we met onze moderne apparatuur over zo'n klein stukje net zo lang gedaan hebben. De lange procedures en benodigde vergunningen alsmede de vele kunstwerken in de vorm van bruggen, sluizen en dijklichamen zijn daar uiteraard debet aan. Destijds, stel ik me voor, was het meer recht toe recht aan en gaan met die hap. Niks lange procedures om van alles en nog wat, laat staan vele dan wel ingewikkelde kunstwerken.
Door de aanleg van het Maximakanaal hoeven schepen niet meer over de Zuid-Willemsvaart door de binnenstad van Den Bosch te varen. Ook is het geschikt voor grote containerschepen. De nieuwe route tussen de Zuid-Willemsvaart en de Maas is door de aanleg van het kanaal een half uur sneller. De oude Zuid-Willemsvaart in het centrum ligt er nu stil en doelloos bij. Ik ben benieuwd welk plan c.q. bestemming de gemeente Den Bosch voor dit stukje historie in petto heeft.
donderdag, maart 05, 2015
de portretten in het Nijenhuis
Gisteren in Kasteel het Nijenhuis te Heino/Wijhe de expositie A’dams en Eva’s gezien, een groot aantal late portretten van de hand van Paul Citroen (1896-1983). Behalve enkele zelfportretten, portretten van o.m. Max Ernst, Harry Mulisch, Karel Appel, Hildegard Knef, Jan Cremer, Gerard van het Reve en vele anderen. Paul Citroen werd gezien als de meester van het portret. Een genre dat hij koesterde als zijn specialisme en tot aan zijn dood beoefende. Portretten, portretten en nogeens portretten, ik vond het een bijzondere expositie. Ik las dat alle getoonde portretten afkomstig waren uit de kunstcollectie van de provincie Overijssel, die in de periode 1973-1975 ruim 2000 werken verwierf op voorstel van statenlid Maaskant, die met Citroen bevriend was. En dat de hele kunstcollectie wordt beheerd door Museum de Fundatie in Zwolle, waarvan Kasteel Nijenhuis ook een onderdeel is.
Dat is nog al wat, 2000 werken van Paul Citroen in beheer! Het zullen, neem ik aan, niet allemaal portretten zijn. Museum de Fundatie zal op enig moment vast nog wel eens een andere expositie uit de Citroen verzameling samenstellen. Ik ben benieuwd, we wachten af!
dinsdag, maart 03, 2015
Aquarelleren, kunst met een K
Onlangs zag ik in de krant een mooie aquarel uit ca. 1879 van Julius van de Sande Bakhuyzen (1835-1925), 'Aan de plassen' genaamd. Het één en ander n.a.v. 'De Aquarel', de tentoonstelling die momenteel in Haarlem in het Teylers Museum te zien is. Een dubbeltentoonstelling van De Mesdag Collectie en Teylers Museum met topstukken van Mesdag, Mauve, Koekkoek, Maris, Mondriaan en vele anderen. De mooiste aquarellen uit de 19de eeuw, uit de bloeiperiode van de Nederlandse aquarel zal ik maar zeggen. Ik las dat de expositie laat zien hoe de aquareltechniek zich in de loop van de eeuw ontwikkelde van de 'gekleurde tekeningen' van romantische meesters als Koekkoek en Nuyen, tot de waterverfschilderijen van de Haagse School en de Tachtigers. In de expositie is te volgen hoe de aquarel een steeds voornamere plaats innam in het negentiende-eeuwse kunstleven. Daarbij bestond een enorme rijkdom in vormentaal. Naast de impressionistische en atmosferische landschappen uit de Haagse School, blonken kunstenaars als Springer en Bles uit in juist onvoorstelbaar precies geschilderde aquarellen. De tentoonstelling is t/m 7 juni 2015 te zien, ik ga zeker kijken!
Hoog tijd las ik, voor herwaardering van waterverfschilderen, zoals aquarelleren ook wordt genoemd. Herwaarderen? Hoezo, ik heb de aquarel tot op de dag van heden kunst met een grote K gevonden. Zelf heb ik in het verleden, al of niet samen met mijn kinderen, vaak geprobeerd een aardige aquarel te maken. Leuk werk, maar ik bakte er weinig van. Het vereist ook wel zeer veel tijd en oefening waar ik als regel gewoon niet aan toe kwam. Met de wijsheid uit Gaade's teken- en schilderboekje alleen kwam ik er niet. Nee oefenen, oefenen en nog eens oefenen, dat baart pas kunst! Aan de spullen lag het niet, die hadden we wel op orde, waar we ook zaten, in de duinen, thuis of op de boot. Stevig aquarelpapier, allerlei penselen, prima aquarelverf en last but not least, goede zin. Desalniettemin draaide het al te vaak op een knoeiboel uit. Toch blijf ik het leuk werk vinden en heb ik wel eens zin om de draad weer op te pakken. Wie weet, mogelijk maak ik ooit nog eens een keer net zulke prachtige aquarellen als in bovenstaande collage!
zondag, maart 01, 2015
grensgebied A'dam - Abcoude
In het grensgebied tussen de zuid-oostrand van Amsterdam en Abcoude loopt de Abcouderstraatweg. Behalve dat deze straat een verbinding vormt tussen beide plaatsen, ligt ergens in deze straat ook de provinciegrens Noord-Holland - Utrecht. De Abcouderstraatweg gaat min of meer als een meridiaan door het midden van een klein, maar interessant groengebiedje, dat ligt ingeklemd tussen de nabijgelegen A2 en de spoorbaan Amsterdam - Utrecht, die daar praktisch parallel aan elkaar lopen. Een niet onbelangrijk deel van het waterrijke groengebiedje met o.a. het Abcoudermeer, is vormgegeven middels golfbaan 'De Hoge Dijk - Olympus'. Ergens op dit prachtige golfterrein ligt brasserie 'De Houten Vier', perfect gelegen nabij de Abcouderstraatweg met voldoende parkeergelegenheid. En een prima eetgelegenheid hebben we ondervonden voor zowel golfers als niet-golfers!
Goed gemutst, na het genoeglijke borreluurtje bij Ejr. thuis, namen we met z'n zessen plaats aan de grote ronde tafel in 'De Houten Vier'. Lekker sfeertje, leuk om weer eens als vanouds in deze samenstelling om de tafel te zitten. Met de menukaart was iedereen snel klaar, er viel voor iedereen genoeg te kiezen. Hoe dan ook, de in roomboter gebakken tong was om je vingers bij op te eten. Alleen daarvoor al kom ik hier graag nog eens terug. Alvorens naar Harderwijk terug te rijden, hebben we ter afsluiting van de avond van verrassingen, bij Ejr. thuis eerst nog even van een bakje koffie genoten.
vrijdag, februari 27, 2015
ontmoetingen aan de Angstel
De Heeren van het leed en de leden van de kaartclub hadden j.l. woensdag een uniek avondje in Abcoude. Beide clubjes kunnen bogen op een geschiedenis die reeds in de jaren zeventig van de vorige eeuw is begonnen. Van het vierkoppige kaartclubje, architectuurjongens die we vooral nog goed kennen van de mooie jaren zeventig en begin jaren tachtig aan de Prinsengracht in Amsterdam, weet ik dat ze drie à vier keer per jaar bij elkaar komen voor een avondje Kraken. Ik ken dat spel niet, en ik wil het ook niet kennen, maar het schijnt een soort variant op Klaverjassen te zijn. Hoe dan ook, het doet er verder niet toe, want ze vertelden dat ze op zo'n avond meer over van alles en nog wat ouwehoerden, dan dat ze aan het kaarten waren. En dat komt mij dan wel weer bekend voor, want in de herenleedclub doen we helemaal niet aan spelletjes, maar we ouwehoeren des temeer. (Zie o.m. onderstaande stukjes over Herenleed in mijn blogarchief.) Het klikte dan ook prima tussen het kaart- en herenleedclubje. Dat was voor beide partijen overigens geen verrassing, want behalve dat we elkaar sowieso nog kennen, behoord één van de jongens tot beide clubjes, en had als zodanig iedereen al aardig bijgepraat!
Café restaurant 'De Eendracht' ligt aan het riviertje de Angstel in het hart van Abcoude. Een prachtig plekje, vooral in de zomer met dat grote terras. Maar ook in de winter kan je daar goed terecht hebben we ondervonden. Het was gezellig druk en de bediening en het eten was in alle opzichten prima. Behalve van alle mooie verhalen en anekdotes die over de tafel heen en weer gingen, hebben we dus vooral ook genoten van zowel het aperitief als het voorgerecht, hoofdgerecht, nagerecht en de koffie al of niet met pikketanisie. Een mooie locatie om elkaar te ontmoeten vonden we allemaal, zeker een plek om t.z.t. voor herhaling op terug te komen.
Stukjes in mijn blogarchief over 'Herenleed':
'zeilherenleed' van 1 mei 2006; 'Ruhrgebiet' van 17 oktober 2006; 'De Gouden Hoorn' van 21 maart 2008; 'Schotland' van 7 mei 2008; 'HL + diner' van 17 november 2009; 'omweg naar S.D.C.' van 31 juli 2010; 'Stadswandelingen' van 27 augustus 2010; 'oktjabrskaja' van 8 september 2010; 'Boedapest' van 23 oktober 2010; 'Herenleed' van 11 november 2010; 'kitsch' van 3 februari 2011; 'Mokum versus Herenleed' van 5 mei 2011; 'HL in Hegeraad & De Reiger' van 4 mei 2012; 'traditie' van 27 januari 2013; 'Diner in Muiden' van 29 maart 2013; 'Sail Den Helder' van 2 juli 2013; 'HL + diner II' van 21 november 2013; 'Herenleed & Aaltje' van 31 oktober 2014.
Eind 1982 zijn we met z'n zevenen begonnen met Herenleed, één is overleden, een ander is ver weg gaan wonen en komt nog sporadisch. Standaard zijn we de laatste tien jaar dan ook met z'n vijven. Bovengenoemde stukjes in mijn blogarchief behelzen slechts een gedeelte van alle bijeenkomsten, excursies en gebeurtenissen sinds 1982, en gaan in het bijzonder over activiteiten in het laatste decennium!
woensdag, februari 25, 2015
grote drukte op de Oude Drift
Dat we in Singer Laren grote drukte konden verwachten op de expositie van Gestel hadden we al vernomen. Maar dat het 's morgens al zo erg zou zijn op de Oude Drift hadden we toch niet verwacht. De lange rij wachtenden voor de kassa liep tot buiten op het trottoir door. Veel animo om aan te sluiten hadden we gelijk al niet meer, maar toen we in de omgeving ook nog eens geen parkeerplaats konden vinden, hebben we ons plan ad hoc omgegooid, en zijn we doorgereden naar MuseumHilversuM. (Zie mijn blogarchief stukje 'show me the news' van 24 februari 2015.) Zo tegen een uur of half drie in de middag waren we toch weer terug op de Oude Drift. Nog steeds druk, maar gelukkig een stukje minder dan vanmorgen. De stormloop op de expositie van Leo Gestel (1881-1941) in Singer Laren vind ik wel te begrijpen. Immers het beste werk uit het veelzijdige oeuvre van misschien wel het grootste vooroorlogse talent wordt hier getoond. De expositie heet niet voor niets 'Leo Gestel: De mooiste modernist'.
Leo Gestel behoorde samen met Piet Mondriaan en Jan Sluijters tot de belangrijkste vernieuwers van de Nederlandse schilderkunst. De felgekleurde landschappen en provocerende naakten die zij rond 1910 schilderden waren ongekend en zorgden voor grote opschudding in de Amsterdamse kunstwereld. Van de drie kan Gestel met recht de mooiste modernist genoemd worden. Zijn leven lang bleef Gestel op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen in de kunst. Hij liet zich inspireren door de nieuwste modernistische stromingen uit Parijs: pointillisme, fauvisme, kubisme en futurisme. Hij deed regelmatig inspiratie op in het buitenland. Parijs, Mallorca, Duitsland, Italië en Vlaanderen wisselde hij af met Amsterdam, Laren, Bergen, de Beemster en tenslotte Blaricum.
In Amsterdam leidde Leo Gestel een bohemien kunstenaarsbestaan. In oktober 1904 betrok hij een atelier op de ‘Jan Steenzolder', in een pand in de Tweede Jan Steenstraat waar ook Nescio destijds inspiratie opdeed voor de inmiddels klassieke verhalen De Uitvreter en Titaantjes. Gestel raakte bevriend met jonge geestverwanten als Jan Sluijters, Piet van der Hem en John Rädecker. In deze periode schilderde hij zijn meest uitbundige werken. Zijn landschappen en naakten behoren tot de meest stralende in hun genre. Later maakte Gestel portretten en bloemstillevens in kubistische en futuristische stijl. De kubistische landschappen uit Mallorca worden als zijn beste werken beschouwd. Na een verwoestende atelierbrand in Bergen in 1929, waarbij ca. vierhonderd werken verloren gingen, verhuisde hij naar Blaricum, waar hij talloze mensen en winterse landschappen op papier zette, vrijwel uitsluitend in krijt, gouache en tempera.
Leo Gestel was een alles kunner las ik ergens. Gezien het scala aan onderwerpen en de kwaliteit van het getoonde oeuvre in Singer Laren geloof ik dat graag. Praktisch alle werken die ik daar gezien heb vond ik in vele, zo niet alle opzichten mooi. Maar vooral de vele vrouwenportretten waren prachtig. Van deftige tantes met parelkettingen tot naakten, van chique geklede dames in luxe interieurs tot tuttende vrouwen voor de spiegel of grofstoffelijke types in expressionistische stijl. Nadat we al het moois van Leo Gestel hadden gezien, zijn we nog even de beeldentuin van Singer Laren ingelopen. 't Was mooi weer en we hadden nog even de tijd, dus waarom niet? Ook mooi, maar uiteraard van een geheel andere orde. Evengoed een perfecte afsluiting van een aardig museumdagje in het Gooi!
dinsdag, februari 24, 2015
show me the news
De lange rij wachtenden voor de expositie 'Leo Gestel: De mooiste modernist' in Singer Laren, deed ons vanmorgen besluiten eerst maar naar 'Show me the News' te gaan in MuseumHilversuM. Hopelijk dat het vanmiddag wat rustiger is.
Expositie 'Show me the News' in MuseumHilversum gaat over het nieuws en de kracht van het beeld. Nieuws wordt steeds meer in beelden gebracht, kijk maar naar de nieuwe website van de NOS en naar het NOS Journaal. Ook bij andere nieuwsmedia hebben beelden een prominentere plaats gekregen. De speciale expositie ‘Show me the News’ laat de overgang zien van tekstcultuur naar beeldcultuur in het nieuws en hoe dat wordt weergegeven.
We zagen een overzicht van de vormgeving van de twee belangrijkste Nederlandse nieuwsprogramma's t.w. het NOS Journaal en RTL Nieuws. Werk van decorontwerpers, grafisch ontwerpers en componisten die het nieuws een moderner gezicht gaven. We hebben veel foto’s gezien van persfotograaf Bert Verhoeff, maar ook bijzondere videokunst over nieuws.
In de begintijd van de televisie, de jaren vijftig zal ik maar zeggen, mocht de nieuwslezer niet in beeld, want dat zou maar afleiden van de inhoud van het nieuws. Dat is nu, zestig jaar later, wel even anders. Nu staan de presentatoren in een groot decor vol bewegend beeld en wordt de inhoud verduidelijkt door infographics, 3D-animaties en weet ik allemaal niet.
Ook het nieuws in de krant wordt de laatste jaren anders gepresenteerd. De mooie nieuwsfoto's van Bert Verhoeff hebben zelfstandige zeggingskracht en vertellen een eigen verhaal. Voor dat soort foto's maakt de krant steeds meer tekstkolommen vrij.
Een intrigerende expositie die een aardige kijk gaf op ontwikkelingen in nieuwsvergaring en journalistiek.
zondag, februari 22, 2015
over een etentje en het Merwedeplein
Onlangs hadden we bij onze goede vrienden H en M in Amsterdam weer het jaarlijkse etentje, een traditie die al 34 jaar stand houdt. (Zie o.m. mijn stukjes 'etentje' van 6-2-'07; 'VDLetentje' van 22-1-'11 en 'eenzaamheid' van 12-4-'12). Lange tijd zijn we met z'n veertienen geweest, deze keer waren we slechts met z'n tienen. Twee hadden de griep en twee zijn er in de loop der jaren overleden. Evengoed was het weer een genoeglijk avondje bij H en M. Er was, zo als we zo langzamerhand van ze gewend zijn, weer volop te eten en te drinken, deze keer op de Mexicaanse toer, heerlijk. Petje af, vooral voor M, het verdient respect hoe ze dat toch altijd weer fikst!
Al sinds midden jaren zeventig wonen H en M op het Merwedeplein in de Rivierenbuurt. Het Merwedeplein is een fraaie rustige woonbuurt achter de wolkenkrabber, gebouwd en ontstaan in de jaren twintig, begin jaren dertig naar een ontwerp van de Amsterdamse architect J.F. Staal (1879-1940). Een gewilde buurt, bekende Nederlanders wonen er of hebben er gewoond zoals o.a. Mary Dresselhuys en Cees Laseur. Maar de bekendste was Anne Frank, ze woonde hier in hetzelfde woonblok een paar portieken verderop in exact een zelfde woning als waarin we nu zo lekker zaten te eten. Het is allemaal lang geleden, maar evengoed intrigerende gedachten die me tijdens het etentje even bezig hielden.
![]() |
| Anne Frank met haar vriendinnetjes Eva Goldberg (L) en Sanne Ledermann (M) op het Merwedeplein, juli '36 |
![]() |
| De familie Frank op het Merwedeplein t.w. Margot, vader Otto, Anne en moeder Edith. |
Sinds 2005 staat er een standbeeld van Anne Frank op het Merwedeplein, gemaakt door de Nederlandse kunstenares Jett Scepp (1940). Met dit standbeeld, (ik vind trouwens dat ze veel ouder wordt afgebeeld dan ca. 13 jaar, het lijkt wel een oud vrouwtje), wordt de herinnering aan Anne letterlijk vastgezet. Opdat wij niet vergeten!
Otto Frank zei in 1967 in de documentaire ‘The Legacy of Anne Frank’ Wat er gebeurd is kunnen we niet meer veranderen. Het enige dat we kunnen doen is van het verleden leren en beseffen wat discriminatie en vervolging van onschuldige mensen betekent. Wij mogen nooit vergeten hoe gemakkelijk onderdrukking, uitsluiting en discriminatie onze wereld in kunnen sluipen. Een tot op de dag van heden nog zeer actueel onderwerp. Bijna overal ter wereld worden heden ten dage de grondrechten, volgens de verklaring van de rechten van de mens, in meer of mindere mate ernstig geschonden!
vrijdag, februari 20, 2015
over herinneringen & afscheid
Op twee grote schermen zag ik in de kerk een heel leven voorbij trekken. T als jonge man, echtgenoot, vader en opa, als leraar, klusser en organisator, als schaker, musicus, kunstschilder, watersporter en weet ik allemaal niet wat nog meer. Stil zat ik met een brok in m'n keel geëmotioneerd te kijken. De emotionele gesteldheid overviel me min of meer als een donderslag bij heldere hemel. Omdat ik bij T's leven en welzijn niet of nauwelijks nog contact met hem had. De meeste contacten die ik met T in het verleden heb gehad, dateren van midden jaren zestig. Toen we jong waren, en hij mijn nichtje J, waar ik destijds vrij regelmatig mee optrok, trouw beloofde tot de dood hun zou scheiden. Daarna kwamen we elkaar nog slechts sporadisch tegen. Kennelijk hebben we de handen vol genoeg gehad met ons zelf en onze gezinnen. Hij was ziek de laatste jaren, op familiereunie hoorde ik van J nog wel eens hoe het met T ging, maar daar bleef het eigenlijk bij. En nu is hij in het bijzijn van zijn geliefden toch nog onverwacht snel gestorven!
Het thema van de dankdienst voor T's leven, was zijn kinderlijk vertrouwen op Gods belofte van een nieuwe hemel en aarde en een mooi nieuw Jeruzalem. Er was samenzang, er werd gebeden, er werd geluistert naar liederen die door het HCM, het koor waar T ook lid van was, werden gezongen. Er was een overdenking en een bijbellezing uit hoofdstuk Openbaringen 21: 1-5, 10, 18 en 19a en er werd door J het gedicht 'De Najaarslaan' voorgelezen van Jacqueline v.d. Waals. Gelovig of niet, ik vond het een dankdienst die vol passie en warmte werd gebracht. Wat mij persoonlijk echter het meest beroerde was de prachtige, door zijn beide dochters gebrachte collage van schetsen over T's leven.
Met het prachtige lied 'The Holy City' gezongen door zijn geliefde HCM, werd T door zijn kinderen en kleinkinderen de overvolle kerk uitgedragen. In een stralend zonnetje hebben we T met z'n allen begeleid naar zijn laatste rustplaats op de Algemene Begraafplaats in Pesse. En terwijl de door T's kleinkinderen geblazen zeepbellen in het zwerk opgingen, hebben we daar allemaal de laatste eer bewezen met een gang langs T's geliefden en zijn graf, en afscheid van hem genomen!
dinsdag, februari 17, 2015
over een verstedelijkt esdorp
Het historisch landschap: ijkpunt in onze dynamische samenleving, las ik ergens. Het belangrijkste kenmerk van ons landschap is constante verandering. Sinds er mensen in Nederland wonen, hebben ze het landschap naar hun hand gezet. Die invloed werd steeds ingrijpender. Denk maar aan dijkaanleg, grondstofwinning, aanleg van wegen en groei van steden en dorpen. Beschermen van het landschap is geen bevriezing, maar het begeleiden van veranderingen, zodanig dat de diverse stadia van de landschapsgeschiedenis herkenbaar blijven.
Zodanig dat de diverse stadia van de landschapsgeschiedenis herkenbaar blijven! Mooi gezegd, verstandig ook lijkt me, evengoed denk ik toch vaak als ik door het land rij, dat we wel wat meer aan bevriezing zouden mogen doen. Neem Wezep, een esdorp dat ik vroeger aardig goed kende. Het is ontploft, op enkele details na hier en daar, valt er van de diverse stadia van de landschapsgeschiedenis, of beter gezegd dorpsgeschiedenis weinig of niets te herkennen. Eerlijk gezegd zou ik ook niet goed weten hoe ze dat met de grote ruimtevraag van de laatste 50 jaar voor elkaar hadden moeten krijgen. Maar jammer blijft het natuurlijk wel, dat in de huidige bebouwing en infrastructuur geen spoor te ontdekken valt van een esdorp eigen detail. Daarom heb ik in een vlaag van nostalgie maar een paar oude foto's opgezocht van de buurt, waar ik een groot deel van mijn jeugd heb doorgebracht.
Foto A: Oranjeboom en voorm. herberg ca. 1956, hoek Stationsweg - Kerweg.
Foto B: Zicht op de Kerkweg nabij de Oranjeboom ca. 1957.
Foto C: Uitzicht vanuit Kerkweg 7 op de boerderij van de fam. Puttenstein 1960.
Foto D: Boerderij fam. Schutte aan de Kerkweg nabij het Kerkpaadje ca. 1958.
Foto E: Boer Puttenstein aan de ploeg nabij het Kerkpaadje ca. 1958.
Foto F: Zicht vanaf Kerkweg op Ruitersveldweg en Zuiderzeestraatweg ca.1955.
Behalve aan de Kerkweg, de Ruitersveldweg en een beetje bebouwing in 't Veld en aan de Keizersweg, lagen er in de begin jaren 50 slechts akkers en weilanden tussen de Zuiderzeestraatweg en de spoorlijn.
De meeste landen hebben met verstedelijking te maken. Op wereldschaal groeien de steden en loopt het platteland leeg. In de westerse wereld is echter ook een tegengestelde ontwikkeling te zien: wonen, werken en voorzieningen spreiden, verdunnen en sorteren uit. Internationaal staat dit proces bekend als urban sprawl. Dit autonome proces is bevorderd doordat de keuzevrijheid voor woonplaats en bedrijfsvestiging is vergroot, met name door de sterk toegenomen welvaart en mobiliteit. Mede hierdoor wonen veel mensen ruim in een relatief schone, groene en rustige omgeving. Ook in Nederland is deze ontwikkeling al vijftig jaar zichtbaar.
Er zijn echter ook nadelen aan deze urban sprawl. In Nederland gaat het vooral om drie effecten:
De (auto)mobiliteit is toegenomen en daarmee ook de belasting van de leefomgeving. De leefbaarheid van stadsdelen, dorpen, wijken of buurten is onder druk komen te staan. Waardevolle plekken, cultuurlandschappen en natuurgebieden zijn verloren gegaan, versnipperd of hebben aan kwaliteit ingeboet. De ruimtelijke ordening beoogt onder meer deze nadelige effecten tegen te gaan. In de Nota Ruimte is deze ambitie verwoord in één van de vier hoofddoelen: bevordering van krachtige steden en een vitaal platteland.
We doen dus ons best het in de toekomst beter te gaan doen met onze ruimte. Nu kijken of alle bij projecten betrokken partijen dezelfde ambities hebben.
Abonneren op:
Posts (Atom)

































.jpg)










-003.jpg)



