maandag, augustus 27, 2018

over een enerverend dagje uit


Je hebt dagen die door een spontane en weinig doordachte activiteit min of meer met je aan de haal gaan. Zaterdag j.l. was er zo een. Reeds op weg naar de tentoonstelling 'Geschilderde Tuinen' in Singer Laren, kwam J plots op het idee het roer ongeveer 180º om te gooien, richting Vollenhove, om aldaar het jaarlijkse bloemencorso te beleven. Zelf heb ik niet veel met bloemencorso's, maar nu zag ik voordelen. Bloemen op het doek bekijken of bloemen op praalwagens, in het tweede geval zag ik ze in mijn gedachten zittend op een gezellig terrasje aan mij voorbij trekken. Een nogal naïeve voorstelling van zaken zou later blijken.

De consequentie van het plotseling omgooien van ons oorspronkelijke plannetje, was dat we aan de vroege kant waren voor het Vollenhovense evenement. Al googelend vonden we onderweg de oplossing, een intermezzo in Kampen middels een bezoekje aan het Stedelijk Museum, en dan m.n. de tentoonstelling 'The Art of Nature' van Sjoerd Buisman in de voormalige Synagoge. Een bijzondere tentoonstelling, waarin Buisman de fyllotaxis (studie van rangschikking van bladeren t.o.v. elkaar langs de stengel van de plant) als inspiratiebron voor zijn werk heeft genomen. Heel bijzonder, maar de kleine en overzichtelijke expositie hadden we toch vrij snel gezien. Trouwens het was inmiddels tijd voor de lunch geworden.

Na de lunch op het terras van eetcafé 'Njoy' aan de Plantage in Kampen, reden we via de N50 over de Eilandbrug en de Ramspolbrug de Noordoostpolder in. Bij Ens namen we de afslag naar Vollenhove via de lange en kaarsrechte N352 ofwel de Zuiderringweg. Onderweg bij fruitboerderij Vink nabij Kraggenburg lachten de appels en pruimen ons toe, onweerstaanbaar, middels een korte pitstop verzekerden we ons van enkele zakken vol sappig fruit. Verder maar weer, maar hoe dichter we in de buurt van Vollenhove kwamen, hoe drukker het werd. Dat gaf al te denken! En ja hoor, bij de brug over het Vollenhoverkanaal stonden we in de file. Wat ongelooflijk naïef van mij om te denken dat ik rustig op een gezellig terrasje naar de voorbijtrekkende bloemetjes kon kijken.

Enfin, niks meer aan te doen, we zaten in de fuik. Rustig schoven we met z'n allen op aanwijzingen van een aantal gemoedelijke verkeersregelaars het grote parkeerterrein van Royal Huisman op. Vervolgens liepen we met de hele meute, de pijlen volgend, richting centrum en de kassa, die we voorlopig nog niet in zicht hadden. Mijn tegenzin groeide met de minuut, en gelukkig niet van mij alleen. Rechtsomkeert dan maar, weg wezen hier, we hadden totaal geen zin meer in deze heisa. Wat een vergissing! En zo liepen we van het ene op het andere moment tegen de stroom in terug naar de auto, om even later blij en gelukkig koers te zetten richting Zwolle, want we hadden inmiddels een bezoekje aan o.a. museum 'De Fundatie' bedacht.

De tentoonstelling 'Size Does Matter' van Ronald A. Westerhuis (Tiel, 1971) met imposante sculpturen van roestvrij staal is prachtig. Door delen van het staal te polijsten, heeft hij spiegelende oppervlakten gecreëert die de omgeving en de toeschouwer onderdeel laten zijn van het werk. Ook de expositie 'Japanese Paintings' van Jasper Krabbé (Amsterdam, 1970) was indrukwekkend. De schilderijen en werken op papier van de Duitse kunstenaar Fritz Klemm (1902-1990) vond ik minder spannend. Na een aperitief in grandcafé 'Public', tegenover 'De Fundatie', zijn we naar S en W aan de Thorbeckegracht gereden. Hoewel ze aanvankelijk nog druk met de keukenvloer bezig waren, werd er toch tijd gemaakt voor een gezellig drankje. Met z'n viertjes hebben we daarna in restaurant 'De Vier Jaargetijden' aan de Melkmarkt een punt gezet achter een enerverend dagje uit.

donderdag, augustus 23, 2018

kijken naar een vliegtuigwrak


Vanmorgen zaten we even op een bankje aan het Zeepad over het Wolderwijd uit te kijken. Altijd weer mooi! Op de voorgrond, een metertje of dertig uit de oever schat ik, het in cortenstaal uitgevoerde monument ter nagedachtenis van bij Harderwijk omgekomen geallieerde vliegers tijdens de tweede wereldoorlog. Het circa vier meter hoge monument beeldt ongetwijfeld een vliegtuig uit dat in het water is gestort.
De plaatsing op 18 april 2012.
Het monument, een ontwerp van Arend Kleinpaste (Ede 1955), dat in april 2012 met behulp van een transporthelikopter van Defensie is geplaatst, trekt altijd weer mijn aandacht, hoe vaak ik ook over het Zeepad wandel of fiets. Als vormgever heb ik het ontwerp van Kleinpaste van meet af aan knullig gevonden. Niks ten nadele van het initiatief hier een monument te plaatsen, integendeel. Maar het is voor mij één van de twee, of je maakt een ontwerp dat op een vliegtuig lijkt, maar dan goed, of je maakt een geabstraheerd symbool. Dit is geen van beide! Tot zover over vormgeving, de nagedachtenis van de 117 omgekomen bemanningsleden van geallieerde vliegtuigen die hier werden neergehaald door Duits afweergeschut dat bij Harderwijk was geplaatst, is er door deze beschouwing uiteraard niet minder om.

woensdag, augustus 22, 2018

een vijftigjarige geschiedenis


Het magische en onvergetelijke jaar 1968 werd zowel verheerlijkt als verguisd. Min of meer afhankelijk van welke politieke kleur je was, werden de vele veranderingen die in dat jaar door de geest van de vrijheid en revolutie werden teweeggebracht door de gevestigde orde zeer argwanend bejegend, terwijl ze door de links georiënteerde babyboomers werden toegejuicht. Tegelijkertijd werd 1968 ook gekenmerkt door een aantal vreselijke tragedies die tot vandaag de dag in het collectieve geheugen staan gegrift.
Maar wat tot vandaag de dag in mijn persoonlijk geheugen staat gegrift is de geboorte van mijn zoon in de bewoonbaar gemaakte schuur van ons zelf ontworpen toekomstige huis die we ernaast aan het bouwen waren. Geen lux onderkomen dus, maar daar maalden wij toen niet om, je was gezond en wij waren vrij! Trouwens het kindje Jezus is er destijds in z'n kribbe heel wat bekaaider van af gekomen, dus waar hebben we het over. We zijn nu een halve eeuw verder, en mijn zoon heeft inmiddels Abraham gezien. Een halve eeuw van vorming, om maar wat te noemen: scholing, dienstplicht, relaties, samen backpacken en zeezeilen, racefietsen, musiceren en zelf vader worden. Mooi, dat we nog maar lang van elkaar in goede gezondheid mogen genieten!

zondag, augustus 19, 2018

Over geschiedenis gesproken.


De ondergang van het Romeinse Rijk is een proces van eeuwen geweest. Volgens Bartjens is het niet zo eenvoudig te zeggen waar het destijds allemaal aan te danken is geweest, maar factoren als decadentie, corruptie en belastingontduiking van de Romeinse elite worden steevast genoemd. Het gevolg was uiteindelijk een instortende infrastructuur, aquaducten, bruggen en wegen raakten in verval met alle gevolgen van dien.

Hier moest ik aan denken toen ik gisteren in de Volkskrant een vrij recente staat van instortende infrastructuur in Italië onder ogen kreeg, met als tragische klap op de vuurpijl de instorting van de Morandi-brug j.l. 14 augustus in Genua. In de zoektocht naar de schuldvraag wijst iedereen naar elkaar. De huidige populistische regering bestaande uit de anti-migratiepartij Lega en protestpartij Vijfsterrenbeweging trekken fel van leer tegen snelwegbeheerder Autostrada en de vorige regering(en). Maar volgens de oppositie zijn juist de huidige regeringspartijen verantwoordelijk voor de ramp. Trouwens Matteo Salvini (Lega), de huidige minister van Binnenlandse Zaken insinueerde zelfs dat Italië door Europa wordt belet om te investeren in veilige wegen. Een gotspe van de bovenste plank lijkt mij.

Alhoewel er was ooit een klein Gallisch dorpje in het westen van Europa dat door zijn moedige weerstand tegen de Romeinse bezetter vast een rol heeft gespeeld in de teloorgang van het Romeinse Rijk. Mogelijk heeft minister Salvini teveel strips van Asterix en Obelix gelezen en stond hem met zijn absurde insinuatie wederom een dergelijk rampscenario voor ogen. Maar even serieus, de vraag blijft natuurlijk wel hoe en waaraan Italië de vele miljarden euro's die ze van de Europese Unie heeft gekregen (en nog krijgen) heeft besteed. Gezien de staat van instortende infrastructuur in Italië kennelijk niet aan een veilig wegennet of een mogelijk investeringsplan daartoe.

zaterdag, augustus 18, 2018

Geschiedenis uit Poederoijen.


Ridder Dire Loef van Horne las ik, liet rond 1361 een kasteel bouwen op destijds één van de meest strategische locaties van de lage landen. Namelijk daar waar Maas en Waal samenkomen en Gelderland, Noord-Brabant en Zuid-Holland elkaar raken, een unieke plek om bijvoorbeeld tol te heffen. Maar Slot Loevestein, want daar heb ik het over, ken ik vooral van vroeger door één van de meest tot de verbeelding sprekende verhalen uit de vaderlandse geschiedenis. Namelijk de ontsnapping in 1621 middels een boekenkist van de beroemde rechtsgeleerde Hugo de Groot uit Slot Loevestein, waar hij levenslang gevangen moest zitten vanwege een o.m. religieus meningsverschil met stadhouder prins Maurits van Oranje.

Gisteren zat ik in Slot Loevestein, in de kamer waar Hugo de Groot zo'n 400 jaar geleden gevangen zat, een poosje naar de betreffende boekenkist te kijken, de enige echte volgens hun. Vreemd, immers het Rijksmuseum in Amsterdam en het Stedelijk Museum Prinsenhof in Delft claimen ook al de betreffende boekenkist in huis te hebben! De 'enige echte' neem ik dan ook maar met een korreltje zout. Dat neemt echter niet weg dat Hugo de Groot, die volgens Bartjens 1,80 meter lang was, ongetwijfeld in een dergelijk soort kist zal hebben gepast.

donderdag, augustus 09, 2018

om en nabij kasteel oldenaller


De droogte heeft zijn sporen op landgoed Oldenaller al behoorlijk nagelaten. Maar ondanks drooggevallen watergangen en verdorde struiken en bomen is en blijft het een prachtig wandelgebiedje rondom het in 1655 gebouwde kasteel Oldenaller. Oorspronkelijk gebouwd naar een ontwerp van architect Jacob van Campen (1596-1657), onder meer bekend van het Paleis op de Dam en het Mauritshuis. Het is, vóór je er bent, vanaf de kruising Waterweg-Nijkerkerstraat wel even een eindje lopen over de lange en kaarsrechte Oldenallerallee, maar ook dat heeft z'n bekoring. Alvorens weer in de auto te stappen en huiswaarts te keren, hebben we ons wandelingetje nabij eerder genoemde kruising tussen een stel scharrelende kippen beklonken met een kopje koffie uit de zelfbediening van zorgboerderij 'De Deel'.

woensdag, augustus 08, 2018

mooiste van de Marsenkoning


Mijn stukje 'Over muzikale herinneringen' van j.l.4/8 ging vooral over de mooie 'Colonel Bogey Mars'. Maar muziekvereniging 'De Eendracht' had destijds een nog minstens zo mooie mars op haar repertoire, en wel de 'Mars der Medici'. Een hit van Johan Wichers (1887-1956), ook wel 'De Marsenkoning' genoemd, hij heeft minstens 70 marsen op zijn naam staan. 'Mars der Medici' schreef hij in 1938 als dank aan de medici, die tijdens zijn langdurig verblijf in het ziekenhuis aan zijn herstel hadden bijgedragen. Een prachtige mars, nog altijd kippenvel!


Mars der Medici from E Veldkamp on Vimeo.

donderdag, augustus 02, 2018

Een rendez-vous bij Kolkzicht


Op het terras van Eetcafe 'Dikke Tut', pal naast de brug over de Pier Christiaansloot in Echtenerbrug, hadden we goed zicht op de druk bevaren sloot, die de Tjonger met het Tjeukemeer verbindt. Nippend aan een koele versnapering zaten we te wachten op de 'Dolphin' en de 'Poolster' die elkaar in Echtenerbrug zouden treffen. De 'Dolphin' uit Harderwijk en de 'Poolster' uit Lemmer. Na een tweede koele versnapering zijn we toch maar eens gaan bellen. Bleek de één nog nabij Steenwijk uit te hangen en de andere in Lemmer. Een gezellig samenzijn met z'n allen in Echtenerbrug zat er vanavond dus niet in. Met de 'Dolphin' hebben we toen maar afgesproken elkaar even in Ossenzijl te ontmoeten.

En zo zaten we een half uurtje later aan de Ossenzijlersloot op het terras van eetcafe 'Kolkzicht' in Ossenzijl, wederom pal naast een brug en met een koele versnapering te wachten op de 'Dolphin', die we niet veel later vanaf kanaal Steenwijk-Ossenzijl de hoek om zagen komen. Na enkele welkomstdrankjes en allerlei spannende belevenissen ten gevolge van een gijp te hebben aangehoord, hebben we daar met z'n viertjes op het terras heerlijke Zeebaars en Zalm gegeten. Het was zodoende dan ook een heel genoeglijk zomeravondje in Ossenzijl.

woensdag, juli 25, 2018

Krijt-kunst op het schoolbord.


Het eerste werk dat ik zag in de tentoonstelling 'KRIJT' in Kunsthal KAdE, was een in fraai schoonschrift vol geschreven krijtbord met de tekst 'Alles van waarde is weerloos', een heden ten dage haast tot slagzin verworden dichtregel van Lucebert tegen aantasting van kunst en wetenschap. Echter als strafregel op een schoolbord, een werk van Hans Schuttenbeld, had ik dit beroemde citaat nog niet gezien.

Krijt op schoolbord is heden ten dage pure nostalgie bij jong en oud, hele generaties zijn ermee opgegroeid. Eindeloze reeksen letters, cijfers, teksten, tekeningen en formules kregen we m.b.v. van krijt en krijtbord, al dan niet in kleur en/of behulp van grote linialen, passers en hulplijntjes te zien, waarna het weer werd uitgeveegd. Maar als gezegd, pure nostalgie, tegenwoordig vergaren we onze kennis m.b.v. markers op whiteboards en met digitale middelen.

Maar gelukkig hadden 17 Nederlandse kunstenaars daar even geen boodschap aan. Op uitnodiging van kunsthal KAdE hebben ze zich met krijt op krijtborden zowel abstract als figuratief heel creatief weten uit te leven. Een leuke maar weinig duurzame kunstvorm, want hoe bewaar je zo iets?

zondag, juli 22, 2018

immer inspirerend landschap


De tentoonstelling 'Gelderland Grensland' in het CODA museum in Apeldoorn over vier eeuwen inspirerend landschap, voerde mij kriskras door de grootste provincie van Nederland. Van Hattem in het noorden tot Nijmegen in het zuiden en van de Achterhoek in het oosten tot Slot Loevestein in het westen. Prachtige landschapsschilderijen van de 16e tot ongeveer halverwege de 20e eeuw met rivieren, uiterwaarden, buurtschappen, vestingen, steden, heidevelden, bossen en de Zuiderzee als inspiratiebron. Behalve informatie over de achtergronden van de verschillende doeken m.b.v. borden aan de muur, werd het één en ander middels een film met de bekende kunsthistoricus prof. dr. Henk van Os (Harderwijk, 1938) nogeens uitgebreid verduidelijkt.
Reden voor mij om bepaalde schilderijen nogeens nader te bekijken. Het gekke was echter dat ik enkele schilderijen uit de film niet aan de wand terug kon vinden. Vreemd, zou het mogelijk zijn dat de film gemaakt is voor een eerdere tentoonstelling elders, over vier eeuwen inspirerend landschap, of kijk ik misschien niet goed? Maar ook een derde ronde gaf geen duidelijkheid. Enfin, evengoed een mooie tentoonstelling, zonder meer, maar ik voelde mij desalniettemin ook een beetje genomen!

vrijdag, juli 20, 2018

langs het drentsche nivonpad


Om over een paar maandjes in de Ourthevallei goed beslagen ten ijs te komen met onze, bij Erdman Smidt en Carl Denig aangeschafte lichtgewicht spullen t.w. rugzakken, tentjes, slaapzakken, kortom de hele kampeer- en wandelsantekraam, hadden we tijdens de paasdagen min of meer een testcase gepland in Drenthe. Een empirisch onderzoekje eigenlijk, om zo te ontdekken of er mogelijk nog het één en ander aan onze uitrusting ontbrak. En natuurlijk om te ervaren wat het met ons en onze kinderen, in 1979 op dat moment 8, 10 en 13 jaar oud, zou doen om een dag te wandelen met een zak op je rug. En hoe het voelt om vervolgens de tentjes op te moeten zetten, op de grond te moeten koken op een klein benzinebrandertje en de nacht op flinterdunne slaapmatjes te moeten doorbrengen.

We hadden voor de testcase een stukje van ongeveer 20 km voor ogen van het Drentsche nivonpad tussen Rolde en Schoonlo. Een landschap van bossen, heideveldjes, veenplasjes, hunebedden en grafheuvels, afgewisseld met akkers en een enkele boerderij. Nadat we de auto ergens in Rolde hadden geparkeerd, hebben we om het hele paasweekend goed door te komen toch nog maar wat frisdrank en wijn ingeslagen. Ik kon het er boven in mijn rugzak nog net bij hebben, al ging dat wel ten koste van de balans. Het was droog, kil en enigszins somber weer, maar dat mocht de pret niet drukken vonden wij. En zo liepen we even later ogenschijnlijk goedgemutst, ik al klotsend van de ingeslagen drank, op het bewuste Drentsche nivonpad van de rust en de mooie natuur te genieten.

Toen we na verloop van tijd een geschikt plekje voor de nacht ontdekten, hebben we de 'Vlinder' en de 'Kikker', de namen van onze tentjes, voor de eerste keer opgezet en ingericht voor de nacht, waarna we vóór de 'Vlinder' op ons benzinebrandertje een tijdje hebben zitten kokkerellen. Toen het daarna al snel donker en kouder werd, hebben we de slaapzakken maar opgezocht. De kinderen met z'n drieën in de 'Kikker', wij in de 'Vlinder'. Bibberend van de kou kwam onze zoon 's nachts op een gegeven moment tussen ons in liggen, hij was trouwens de enige die toen nog geen met dons gevulde slaapzak had. De stemming 's ochtends was mede door het sombere weer enigszins bedrukt. Na het ontbijt ging het wel weer iets beter, maar erg enthousiast waren we geloof geen van allen. Na een paar uurtjes te hebben gewandeld ging het nog miezeren ook, balen. Dat gaf uiteindelijk aanleiding tot een oplopend meningsverschil over van alles en nog wat, en in kloteweer sjouwen met rugzakken in het bijzonder.

Gefrustreerd en chagrijnig hebben we in de vrij desolate omgeving de eerste de beste bushalte opgezocht, waarna we terug bij de auto in Rolde de boel snel hebben ingeladen. Een goed uurtje later waren we weer thuis. Einde van ons eerste rugzakavontuurtje. Evengoed hadden we natuurlijk wel wat geleerd, want een paar maandjes later hebben we met z'n allen in de Ourthevallei een prachtige rugzakvakantie gehad. Zie daarvoor in mijn blogarchief het stukje 'Backpacken in de Ourthevallei' van 23 januari 2015. Maar zie o.m. ook eens mijn rugzak-stukjes 'Tour du Mont Blanc' van 2 december 2009 en 'over Martelpad en de Verdon' van 19 januari 2015.

maandag, juli 16, 2018

..bloemen, heel veel bloemen!


Toen het wildebloemenzaad begin mei j.l. eindelijk begon te ontkiemen, leek het of er enkel onkruid de grond uit kwam. Een tijdje hebben we serieus gedacht dat we totaal verkeerd zaad hebben ingezaaid, alles, behalve wildebloemenzaad. Maar we waren te ongeduldig, want kijk nou, een bloemenzee van formaat, prachtig! En niet alleen de bloemen zijn prachtig, er komen en passant ook veel meer insecten en vogels op bezoek. Een aantal bloemen kennen we wel, zoals de korenbloem, de klaproos en de Oost-indische kers om er maar enkele te noemen, maar van de meeste bloemen kenden we absoluut de naam niet. Maar de app Pl@ntNet bracht uitkomst, even een fotootje maken en even later heb je zowel de botanische of latijnse naamgeving als de Nederlandse benaming. Een kind kan de was doen, niks geen gedoe meer met een determineerboekje.

'Tuinieren is geen hobbywerk' schreef ik j.l. 26 april in het gelijknamige stukje. (Zie mijn blogarchief.) Maar genieten van een tuin doe ik zo des temeer. Hoe we straks in het najaar met onze wildebloementuin om moeten gaan, moeten we nog bestuderen. Maar zover is het gelukkig nog niet.

zondag, juli 15, 2018

Een eeuwenoude constructie.


De kelder onder een stadswoning aan de Thorbeckegracht in Zwolle is als zoveel kelders naar alle waarschijnlijkheid het oudste onaangetaste deel. In de loop der eeuwen blijft bij een verbouwing om één of andere reden de kelder doorgaans buitenschot, op z'n hoogst werd de ingang verplaatst.
Met bewondering voor het vakwerk uit de 17e eeuw bekeek ik de gemetselde kruisgewelven. De kelders uit die tijd werden doorgaans middels een eenvoudig tongewelf overspannen. Maar als je om bepaalde reden twee tongewelven haaks met elkaar laat kruisen heb je een kruisgewelf, dat een stuk mooier is. Dat klinkt simpel, maar het is uiteraard moeilijker maken dan een tongewelf en daardoor ook veel duurder. Het bezit van een kelder met een kruisgewelf zou destijds dus zomaar te maken kunnen hebben met de status van de eigenaar. Maar goed, de kelder onder een stadswoning aan de Thorbeckegracht is hoe dan ook prachtig, bovendien volop stahoogte, koel en droog! Als ik zo'n kelder had ging ik subiet vinologie studeren.

vrijdag, juli 13, 2018

...de Molenbeek bij Staverden


Gisteren weer eens een rondje kasteel Staverden gelopen, de z.g. gele route, een wandelingetje van ca. 3 km door bossen en langs graslanden, akkers, witte pauwen, Staverdense Beek en Molenbeek. Een bekend rondje voor ons dat nooit verveeld. Een prachtig gebied dat zich, hoe vaak we er ook komen, altijd weer verrassend anders laat beleven, en deze keer wel in het bijzonder.

Wandelend langs de steile oever van de Molenbeek, een ooit gegraven aftakking van de Staverdense Beek om de watermolen en gracht nabij het kasteel te allen tijde van water te voorzien, kwam ik te struikelen over een boomwortel. In een poging overeind te blijven verzeilde ik in voorover gedoken houding op de steile oever van de Molenbeek, en voor ik het wist lag ik languit in de Molenbeek. Het was nog een toer om tegen de steile oever op te komen, maar een handje van mijn geliefde, die haar lachen natuurlijk niet in kon houden, deed wonderen. Eenmaal een beetje bekomen van de schrik maakte ze mij erop attent dat mijn bril waarschijnlijk nog op de bodem moest liggen. En ja hoor, na enig speurwerk zagen we beneden iets glinsteren in het heldere water, dat moest mijn bril wel zijn. Wederom, maar nu enigszins gecontroleerd heb ik mij in de Molenbeek laten afglijden, 'k was immers toch al van top tot teen kleddernat. Wat een gedoe, maar we konden er gelukkig smakelijk om lachen. Met kroos en zand in haar en oren, heb ik soppend in m'n schoenen het rondje kasteel Staverden afgemaakt, samen met mijn geliefde.

woensdag, juli 11, 2018

het Giezenpad of Laarzenpad


Een laarzenpad is het momenteel zeker niet. Vanaf parkeerplaats tot vogelkijkhut is alles gortdroog. De moerassen en plassen zijn geslonken tot een fractie van wat ze waren. Toch doet het absoluut geen afbreuk aan de magie van Harderbroek, zoals het gebied heet. De natuur heeft zijn beloop, elk seizoen toont zich anders, en hier wel in het bijzonder. Maar ik vraag mij af of de vissen het zullen overleven als het hier nog lang zo droog blijft. Echter daar hadden de vier vogelaars die we in de kijkhut tegen het lijf liepen even geen boodschap aan. Die zaten daar met hun thermoskan koffie al sinds de vroege ochtend enkel met grote kijkers en naslagwerken naar vogels te turen.

dinsdag, juli 10, 2018

vliegtuigverhaaltje van weleer


Geïnspireerd door de didu-rubriek van de Volkskrant 'Het beste vliegtuigverhaal in 200 woorden', hierbij mijn verhaal. Langgeleden vloog ik op een namiddag met mijn vrouw, oudste dochter en toenmalige schoonzoon, die net zijn vliegbrevet had behaald, in een 4-persoons Piper Warrior II van Medford naar New York, v.v. 300 km. Spannend! Keuvelend over het mooie uitzicht, begon plotseling de deur aan mijn kant, ik zat naast mijn schoonzoon die vloog, heftig te rammelen. Schrikken, hij zat niet goed dicht, wat nu? Noodgedwongen moesten we een plek vinden om te kunnen landen. Die vonden we op een stille strip in the middle of nowhere, alwaar het euvel snel verholpen werd.

Terug in de lucht zagen we de skyline van New York in de verte opdoemen. We naderden Manhattan over de Verrazano Narrows Bridge en de Hudson River. De ondergaande zon zette de gebouwen in een gouden gloed. In de enorme glazen gevels zagen we de schaduw van ons vliegtuigje weerspiegeld. Prachtig! Met een grote boog over de Hudson River begonnen we aan de terugtocht. Gevangen in de laatste zonnestralen, gleed het Vrijheidsbeeld op Liberty Island onder ons door. Stilaan werd de avondsfeer luister bijgezet door de lichtjes die in het landschap onder ons verschenen.

zondag, juli 08, 2018

een verhaaltje over kabouters


Onlangs maakten Jut en Jul een wandelingetje in het donkerebomenbos. Dat doen ze wel vaker, ze kennen het donkerebomenbos zelfs als hun broekzak. Maar deze keer was het anders dan andere keren, maar wat? Buiten het zacht ruisende lommer was het opmerkelijk stil, geen vogel liet zich horen. Gebroken zonlicht dat hier en daar door een gaatje piepte in het enorme bladerdak, zette de majestueuze beukenstammen in een mysterieus diffuus schemerlicht. Plotseling pakte Jut Jul bij de arm, stil, blijf even staan fluisterde ze. Kijk daar rechts op die omgevallen boomstam, een kat, als een wachter uitgehouwen! Wie zou dat gedaan hebben? En kijk daar links op die boomstronk, nog zoiets, alleen is dat een hond! Geheimzinnige wachtposten aan beide zijden van het bospad, wat zou dat te betekenen hebben? Mogen we hier eigenlijk wel zijn? Schoorvoetend, links en rechts kijkend en met het hart in de keel, vervolgden Jut en Jul hun pad in het donkerebomenbos.

En dan, aan de voet van een oude beuk, een paar honderd meter verderop in het donkerebomenbos, ontdekken Jut en Jul het kabouterdorp. Gedomineerd door een grote molen, omringt door tientallen puntmutsen, huisdieren, pluimvee en gereedschappen ligt het daar in het diffuse schemerlicht. Het zou een kunstenaarskolonie kunnen zijn. Het kwartje is snel gevallen bij Jut en Jul, dit is natuurlijk de gemeenschap die door beide wachtposten wordt bewaakt. Wachtposten die ze zelf hebben gecreëerd! Omdat Jut en Jul de kaboutergemeenschap respectvol en met liefde benaderde, werd het bezoek door de puntmutsen getolereerd. Blij en opgelucht door deze ontdekking vervolgden Jut en Jul met gezwinde pas hun pad in het nog immer stille donkerebomenbos. Niet alleen de vogels waren stil, ook de droog gevallen beek naast hun pad murmelde niet meer!