zaterdag, november 29, 2014
een 'parel' aan zee
Verscholen in de duinen van Scheveningen ligt museum 'Beelden aan Zee', als een parel in het zand staat in de folder. Een parel aan zee vind ik echter mooier klinken. Afgelopen week hebben we het weer eens bezocht. De laatste keer dat we in de buurt waren was j.l. januari (zie o.a. mijn stukje 'Boulevardbeelden' van 25 januari 2014) maar toen zijn we niet binnen geweest. Architectuur heeft altijd mijn interesse, ik ken dit in 1994 opgeleverde museum vrij goed, niet alleen van eerdere bezoeken, maar ook van publicaties in met name vaklbladen. Bij elk bezoek aan dit ingetogen museum, ontworpen door architect Wim Quist, wordt ik echter weer verrast door de bijzondere sfeer en de prachtige lichtval in dit sober vormgegeven kunsthuis.
Vanaf het begin is de entree in de kunstwereld van museum 'Beelden aan Zee' al met loftuitingen overladen. Rutger Kopland, geen kenner op architectuurgebied, noemde het ontwerp van Wim Quist 'poëzie in beton'. Architectuurcriticus Ole Bouman heeft het over een 'kazemat voor de kunst' en mijn oude werkgever architect prof. ir. Joost van der Grinten, altijd al sterk geweest in lange zinnen, pakt helemaal uit als hij het gebouw typeert. 'Het totaal ontbreken van opgeblazen monumentaliteit in dit museum rangschikt het onder het handjevol musea in de wereld die het tempelfront, de torens, de midden- en andere risalieten, de strakke symmetrie, het eclectisch gesol met alle mogelijke bouwstijlen niet van node hebben om hun kostbaarheden te behoeden en te tonen'.
We hebben weer van alles en nog wat gezien in dit museum. Aangrijpend waren de beelden en de film over Roemenië. In december a.s. is het alweer vijfentwintig jaar geleden dat de Roemeense Revolutie plaatsvond, die het communistische regime omver wierp. De val en (standrechtelijke?) executie van dictatuur Nicolae Ceaușescu en zijn vrouw staat nog op m'm netvlies. Maar het was voor Roemenië een cruciaal moment voor het herstel van de democratie. Nieuwe generaties Roemeense kunstenaars tonen in 'Beelden aan Zee' hun eigen visie op het politieke en culturele verleden van Roemenië.
Boeiend allemaal, maar eenvoudig genieten deed ik van het door Jeroen Henneman in 2004 gemaakte portret van Wim Duisenberg (1935-2005). Niet zozeer van Henneman's creatie op helder transparant materiaal, hoewel die ook prachtig was. Maar meer van de situatie, van de wijze van exposeren. Dwars door de transparante beelddrager van Duisenberg's portret en de enorme glaspui van de zeezaal, zag ik de duinen en de zee. Door het verleden zag ik het heden, alles is leven!
donderdag, november 27, 2014
de reuzendiamant
Vice premier Lodewijk Frans Asscher (Amsterdam 1974) ligt de laatste tijd als minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid enigszins onder vuur. Hij schijnt met name binnen de Turks-Nederlandse gemeenschap de gebeten hond te zijn, sinds twee kamerleden uit de PvdA fractie zijn gestapt of gezet t.w. Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk. Beide heren zouden zich nogal kritisch hebben uitgelaten over het integratiebeleid van Asscher. Of het één en ander terecht is kan en wil ik niet beoordelen, daar hou ik me nu niet mee bezig. Daarentegen gaan m'n gedachten wel vaak terug naar enkele belevenissen in het verleden, als ik de naam Asscher, die uit een Amsterdamse familie van diamantslijpers stamt, weer hoor.
Een tijd geleden heb ik namelijk voor een Amsterdams bedrijf eens een ontwerp gemaakt voor een studioplan in het gebouw van de voormalige diamantslijperij Asscher aan de Tolstraat in Amsterdam. Uiteindelijk is het op initiatief van 'Stichting Amsterdam Photo' een cultuurhuis geworden. 'Cultuurhuis Diamantslijperij' één van de jongste grootstedelijke creatieve hotspots van Amsterdam, maar dat terzijde. Toen ik in het gebouw rondliep en het één en ander t.g.v. mijn studioplan bestudeerde, las ik van alles over de geschiedenis van het gebouw en de succesvolle Asscher diamantslijpers dynastie. Dat ze bijvoorbeeld in 1908 zelfs wereldberoemd werden, doordat de Britse koning Edward VII de grootste diamant ter wereld, afkomstig uit een diamantmijn uit Cullinan in Zuid Afrika cadeau gekregen had en deze liet splijten en slijpen door de Asschers. Ze maakten uit de 621,35 gram zware ruwe 'Cullinan' diamant o.m. de 'Great Star of Africa' (geschatte waarde 300 miljoen euro) voor in de Britse scepter en de Cullinan II voor in de Britse kroon. Een intrigerend verhaal.
Min of meer bij toeval stond ik een aantal jaren later nabij de rand van de Cullinan diamantmijn in Zuid Afrika. Daar was de door Asscher zo succesvol gespleten en geslepen reuzendiamant dus gevonden. Een gat in de aarde dat in de meer dan honderd jaar van haar bestaan zulke reusachtige afmetingen heeft gekregen, dat ze volgens mij vanaf de maan nog zichtbaar moet zijn. We kregen daar uiteraard van de gids ook een stukje geschiedenis te horen. In 1898 werd de toenmalige 'Premier Diamantmijn', zo'n 30 km ten oosten van Pretoria, door ene Thomas Cullinan uit Johannesburg gekocht. Zeven jaar later, om precies te zijn op 25 januari 1905, maakte Cullinan's hoofdinspecteur Frederick Wells aan het eind van de dag nog een controleronde door de mijn. Op een gegeven moment zag Wells iets blinken in de Zuid-Afrikaanse avondzon. Glas, dacht hij in eerste instantie, mijn collega's proberen me weer eens een kunstje te flikken. Evengoed ging hij toch maar kijken wat het was. Tot zijn grote verbazing had hij even later een enorme brok diamant in z'n handen, 3.106 karaat bleek later! (één karaat is gelijk aan 1/5 van een gram, ofwel 200 milligram) De tot dan toe grootste diamant ooit gevonden. De ruwe diamant werd de volgende dag 'Cullinan' gedoopt, terwijl Frederick Wells, de vinder, van Thomas Cullinan een cheque van 10.000 USD kreeg. Thomas Cullinan vond vervolgens in de regering van Transvaal een koper voor de diamant, die er volgens bepaalde bronnen 2.500.000 USD voor betaald zou hebben. Op 9 november 1907 heeft premier Smuts van Transvaal de 'Cullinan' diamant aan de Britse koning Edward VII geschonken, voor diens 66ste verjaardag, en als dank voor de semi-onafhankelijkheid van de Republiek Transvaal. Sinds die tijd is de 'Cullinan' diamant, na in Amsterdam door Asscher gespleten en geslepen te zijn, tot op de dag van heden letterlijk en figuurlijk een Brits kroonjuweel!
Wonderlijk eigenlijk hoe een steen kan rollen. We hebben het nu vaak over de globalisering, de wereld is klein geworden. Maar dat was dus ruim honderd jaar geleden ook al het geval!
donderdag, november 20, 2014
een midzomernachtwandeling
Lang geleden maakte ik samen met twee bevriende vakbroeders tijdens een architectuurexcursie in Finland een avond/nachtwandeling langs een meer nabij Jyväskylä. Het was 17 juni, 4 dagen voor de langste dag op het noordelijk halfrond. Maar donker werd het op deze breedte sowieso al niet meer. Bovendien was het hier al dagen lang glashelder weer, en was er geen wolkje aan het zwerk te bekennen geweest. Het eindeloze berkenbos en de glinstering van het meer tussen de witte stammen was mystiek en sprookjesachtig. Het diffuse zonlicht in het lichtgroene lommer en de verstilde sfeer was haast onaards te noemen. De zon die hier om twaalf uur 's nachts, op iets meer dan 4º ten zuiden van de poolcirkel amper onder de horizon zakte, was alweer aan zijn of haar opmars begonnen. Een nachtelijke beleving daar, die ons drieën geleidelijk aan in een euforische staat van vervoering had gebracht!
Prachtig allemaal, maar onze midzomernachtwandeling nam een onverwachte wending toen we op een gegeven moment in de buurt van een hutje liepen. Met een klap van een openslaande deur of zoiets, direct gevolgd door een plons werd de serene rust plotseling verstoort. Een paar tellen later zagen we een poedelnaakte, enigszins corpulente man van middelbare leeftijd uit het water komen, en hoorden we hem iets naar ons roepen. Het klonk vriendelijk, maar Fins is een hele vreemde taal, dus begrijpen deden we hem niet. Tot onze verbazing kwam hij ons vervolgens tegemoet lopen en stelde hij zich met een stevige handdruk aan ons voor. Dat we zijn taal niet verstonden had hij inmiddels begrepen, moeiteloos was hij overgeschakeld op Engels, en bood hij ons voor zijn rokende sauna-hut in een inmiddels omgeslagen handdoek een heerlijk koud biertje aan.
Where are you from? From the Netherlands, we are here with a group of designers to view the Finnish architecture and industrial design. I see, and what you all have seen before? Well several projects in Helsinki, Turku, Tampere and of course here in Jyvaskyla, all too many to mention here. Interesting read, are you going next? Yes tomorrow we go to Lahti and then back to Helsinki and we fly back to Amsterdam. Okay, by the way, if you sometimes feel like a sauna, then you are welcome. I'll do one more lap, because he is still warm.
Een bizarre maar kostelijke situatie! Rond één uur 's nachts nog door een wild vreemde Fin worden uitgenodigd voor een sauna. We lieten onze kleren vallen evenals de latente gêne die we aanvankelijk nog hadden. En zo kon het gebeuren dat we ons even later samen met onze dikke gastheer te pletter zaten te zweten, terwijl we ons zelf op zijn aanwijzingen evengoed ook nog bewerkten met berkentwijgen. De duik daarna in het meer en de verkwikkende biertjes na de afkoeling staan me nog bij als de dag van gisteren. Evenals de wandeling terug naar ons hotel trouwens, toen de zon me een paar uur na middernacht de oogjes alweer deed dichtknijpen en de biertjes in m'n benen waren gezakt. Maar het is voor mij daar wel de ultieme sauna beleving geweest! (Zie ook mijn stukje 'badderen' van 14 januari 2011) Die malle Fin in dat primitieve hutje aan het meer, de midzomernachtelijkesfeer, helemaal te gek. Ik kan me niet heugen dat ik daarna ooit méér van een sauna heb genoten dan die keer daar in Jyväskylä.
zondag, november 16, 2014
Herfstwandelingen
Herfst, prachtige dwaaltochten door weer en wind. Ondanks latente gevoelens van melancholie, hou ik van de herfst geloof ik wel net zoveel als van het voorjaar. Ik raak niet uitgekeken op de fraaie herfststructuren en kleurenpracht in de natuur. Mijmerend over van alles en nogwat en de cyclus van het leven, loop ik met mijn geliefde in het bos door een alsmaar dikker wordend bladerdek. Een bijzondere sfeer, hoewel elk jaargetijde natuurlijk z'n bijzondere sfeer wel kent. Mogelijk dat gevoelens van melancholie voor de mens net even wat heftiger of bijzonderder zijn, dan bijvoorbeeld de verwachtingsvolle gevoelens van het voorjaar. Maar dat is wat mij betreft psychologie van de koude grond, pseudo psychologisch geneuzel. Als ik denk aan onze verre voorouders, die ook in de herfst in donkere grotten leefden zonder enige vorm van comfort, hebben we zeker in de culinaire toptijd die de herfst ook is, niets te klagen in onze warme huisjes.
Over warme huisjes gesproken, bij een wandeling in Hulshorst kwamen we aan de voet van een zware oude beuk aan het van Meurswegje (rijtuigenpad anno 1800) een bovengronds pied-à-terre tegen van boskabouters. In het boek 'leven en werken van de Kabouter' van Rien Poortvliet en Wil Huygen uit 1976, heb ik destijds gelezen dat boskabouters hun huisjes ondergronds bouwen. Maar kennelijk heeft de hedendaagse boskabouter ook behoefte aan een bovengronds pied-à-terre. Grappig, we hadden het plekje jaren geleden al eens eerder ontdekt, maar joost mag weten wie dat kleine boskaboutergezelschapje daar in 'the middle of nowhere' onderhoud.
vrijdag, november 14, 2014
aanstekelijk elan
'Wat er gebeurt als het vuur in je dooft' vond ik symbolisch bijzonder treffend weergegeven in bovenstaande afbeelding van schrijver, taalkundige en acteur Wim Daniëls (1954). 'Wat er gebeurt als het vuur in je dooft' wil ik niet weten. Mocht het ooit zover komen, dan is het vroeg genoeg om er achter te komen. Overmacht daar gelaten, blijf ik met een knipoog naar het spreekwoordelijke vuur zeggen:
Zolang het vuur me aan de schenen wordt gelegd,
loop ik mij het vuur uit de sloffen.
Mijn hoofd zal ik niet snel laten hangen,
daar steek ik m'n hand voor in het vuur.
dinsdag, november 11, 2014
9e zondag p.m.
Op verzoek van J en Y, de organisatoren voor deze zondag p.m., had de hele club zich zondagmiddag rond twee uur verzameld op de carpoolplaats bij de afrit Zuidwolde, Linde, Alteveer. Met J en Y voorop reed de hele stoet vervolgens gelijk de Oosterweg op richting Alteveer. Ergens halverwege Alteveer ging het daarna linksaf, een voor auto's doodlopende weg op. Aan het eind van die weg, daar waar deze over ging in een fietspad, hebben we de auto's geparkeerd. We waren aangekomen in natuurgebied 'Klein Zwitserland' ofwel het startpunt van onze wandeling. Maar alvorens de paden op te trekken, werden we daar in het zonnetje aan een mooi picknicktafeltje nog wel eerst even door J en Y op koffie met koek getrakteerd.
'Klein Zwitserland' dus! Het tot de verbeelding sprekend landschappelijke reliëf bezorgde het noordelijk deel van het z.g. Steenberger Oosterveld deze naam. Een gebied dat in het zuiden aansluit bij De Slagen en Het Zwarte Gat. Het gehele gebied wordt gekenmerkt door de afwisseling van bossen, heidevelden en cultuurgronden. Een afwisseling die het gebied als parklandschap zijn waarde geeft! Een prachtig wandelgebied hebben we zondagmiddag ervaren!
Maar dat we na al dit moois uiteindelijk ook nog bij 'Juniperus', een exclusief bierbrouwerijtje in het Drentse landschap, verzeild zouden raken had niemand verwacht. Wat een verrassing! Uiteraard kregen we ook tekst en uitleg van broer J. Als één van de directeuren van het illustere 'Juniperus' bierbrouwersgezelschap, wist hij natuurlijk als geen ander wat er allemaal bij een brouwproces komt kijken. Een verrassende happening, leuk! Alvorens de paden weer op te gaan, werden we uiteraard wel eerst nog getrakteerd op een klein glaasje 'Juniperus'. 'Juniperus', een mooi en lekker biertje van het Drentse platteland. Ik zeg maar zo, wie 'Juniperus' niet kent is niks gewend!
De wandeling terug naar de auto ging in omgekeerde volgorde. Waarom ook niet, een rondje lopen is ook niet altijd alles. Rond half vijf zaten we met z'n allen in Hoogeveen bij J en Y thuis aan de borrel en de hapjes, keuvelend over van alles en nog wat. Lekker allemaal, eigenlijk nam ik een beetje teveel van het goede. Maar evengoed liet ik me later tijdens het diner toch ook het stoofpotje rundvlees met alles wat erbij hoorde weer lekker smaken. Met nog een kopje koffie na, kwam rond negen uur toch ook aan deze zondagmiddag weer een eind, en namen we afscheid van elkaar. De 9e zondag p.m. met broers, zussen en geliefden zat erop. Bij leven en welzijn tot over drie à vier maanden maar weer, maar dan in Zwolle.
maandag, november 10, 2014
kek kasteelconcert
Het kasteelconcert van kleinkoor 'Vol-Luid' in de 'Oranjerie' van kasteel 'De Vanenburg' in Putten liep weer als vanouds. Niet omdat ze al zo vaak een kasteelconcert gegeven hebben, maar wel omdat er vanaf het openingsnummer 'Come in and stay a while' van R. Polay tot aan het slotnummer 'Je ne l'ose dire' van P. Certon weer een zeer gevarieerd repertoire aan ten grondslag lag. De nummers, een aantal waren nieuw voor mij, werden geroutineerd maar met gevoel gebracht. Bovendien werd het vocale repertoire van Vol-Luid met een drietal intermezzo's van het 'Tollius Trio' uit Amersfoort aangevuld met nummers van W.A. Mozart, A. Dvorák en O. Malling middels oorstrelend viool-, cello- en pianospel.
Maar het was ook een kort concert en zonder pauze, alles bij elkaar genomen was het na iets meer dan een uurtje voorbij. Op uitnodiging van 'Vol-Luid' hebben we daarna met z'n allen in de lounge van het kasteel nog van een drankje genoten. Kort en bondig allemaal, hoewel de nazit zeker zo lang heeft geduurd als het concert. Zo gaat dat soms, gezelligheid kent geen tijd, zal ik maar zeggen. Het was in alle opzichten een mooi avondje en van grote kwaliteit!
zaterdag, november 08, 2014
duurzame batterij!
Prachtig, Plant-e weet elektriciteit te winnen uit flora, las ik in de krant. De eerste LED-lichtjes branden her en der al op deze energiebron. De 31 jarige Marjolein Helder, milieutechnologe en baas van Plant-e is enthousiast, al staat de techniek nog in de kinderschoenen. Zonnepanelen, de grote concurrent, leveren voorlopig nog heel wat meer energie. Maar dat is een beetje appels met peren vergelijken, meent Helder. Zonnepanelen doen maar één ding: stroom leveren. Aan planten heb je veel meer, ze zien er mooi uit, zijn goed voor de biodiversiteit, vangen water op, isoleren je woning en leveren ook stroom als de zon niet schijnt!
Het lijkt Bernard Dam, hoogleraar technische natuurwetenschappen aan de TU Delft, echter sterk dat we voor elektra straks allemaal een plantentuin op het dak zullen hebben. Het gaat er volgens hem om hoeveel energie je per ingestraald zonlicht omzet. Bij zonnepanelen ligt die conversie op ca. 15 procent, bij planten een stuk lager. Als je bedenkt, zegt hij, hoeveel panelen je al nodig hebt om je huis te bedruipen, dan zie ik niet hoe planten dat kunnen overnemen.
Maar zoals gezegd, de techniek staat nog in de kinderschoenen, wat niet is kan nog komen!
Ik zie het voor me, in 'met het hoofd in de wolken' van 2 september 2012 (zie mijn blogarchief), heb ik het over de New Yorkse hangende tuinenfantasie van kunstenaar Jeroen Kooijmans. Een fantasie, zo bleek later toen hij met het Rotterdamse architectenbureau MVRDV in aanraking kwam, zo gek nog niet was. Als zo'n plan ergens ter wereld ooit een keer wordt uitgevoerd, hebben ze gelijk een duurzame elektriciteitscentrale op hoogniveau. En beneden op straatniveau, waar het zonlicht door die hoge wolkenkrabbers sowieso maar met mondjesmaat doordringt, wordt het verminderde daglicht aangevuld middels vele duizenden LED-lichtjes die in de onderzijde als een sterrenhemel zijn verwerkt!
We moeten er tegen die tijd alleen wel uit zijn, dat het blauwe lichtdeel in LED-licht ons geen stofwisselings- en hormoonstoornissen bezorgd! (Zie m'n item in het stukje 'Ledlicht' van 26 september 2012).
donderdag, november 06, 2014
een akelige rotkat!
Als ik een geweer had schoot ik d'r naar de eeuwige jachtvelden, rotkat, kan ze naar hartenlust haar gang gaan, maar niet meer in m'n tuin. 't Is best een mooi dier om te zien, maar daar houdt het wel mee op. Het totaal verwilderde dier terroriseert sinds begin dit jaar al het andere leven in de buurt. Waarbij onze wilde tuin, die veel vogels trekt, voor het beest kennelijk een waar eldorado is. Regelmatig zat ze afgelopen voorjaar boven in de coniferen vogelnesten te plunderen. Vlaamse Gaaien, Eksters, Houtduiven, Lijsters, Mussen en weet ik allemaal niet wat nog meer, vlogen dan al krijsend in paniek rond. Vaak staat ze aan de rand van de vijver een visje te hengelen of zie ik haar rondlopen met een kikker, muis of grote Libelle in d'r bek.
Gisteren weer zoiets, stond ik een tijdje uit het raam te staren, zag ik ineens die rotkat met een loodrechte sprong van zeker een meter hoog, boven het struweel uitkomen. Ik had ook wel iets zien fladderen maar niet zo gauw gezien wat het was. Even later kwam ze met een nog spartelende mus of vink in d'r bek te voorschijn. Knap, ze (het is een poes) plukt de vogels gewoon uit de lucht. Het is echt een totaal verwilderde kat die nooit (meer) ergens binnen komt, slapen doet ze in de tuin, haar territorium waar ze absoluut geen andere katten duld. Ze kan er natuurlijk niets aan doen dat ze zo is, het is nou eenmaal de aard van het beestje. Maar ik ga denk ik toch maar een jachtgeweer kopen, ik ben die rotkat spuugzat!
zondag, november 02, 2014
Bienvenido a casa!
Bienvenido a casa! ofwel Welkom thuis! Dát zeggende mensen van Stichting Esperanza Bolivia tegen de Boliviaanse (wees)kinderen in Uypaca, een klein indianendorpje hoog in het Andesgebergte. Voor hen bouwden ze samen met de gemeenschap van Uypaca het huis van hoop ofwel Casa Esperanza in de plaatselijke taal. Een naam voor een veilige plek voor vandaag en morgen, die de kinderen daar zelf hebben gekozen. Ze krijgen daar aandacht, worden er goed verzorgd en krijgen tijd en ruimte om huiswerk te maken en kind te kunnen zijn. Om het één en ander te kunnen financieren, organiseert Stichting Esperanza Bolivia regelmatig concerten in den lande, waarvan de opbrengst rechtstreeks ten goede komt aan de kinderen uit de Boliviaanse bergen! In het voorjaar hebben we in deze met onze band 'Hodgepodge' ook een steentje bijgedragen, zie mijn stukje 'Het Slenkenhorstconcert, 5 april 2014' in www.hodgepodge-harderwijk.blogspot.nl
Gisteren hebben we in de Ontmoetingskerk in Lelystad weer een concert voor Casa Esperanza bijgewoond. Deze keer trad o.l.v. dirigent Robert Bakker 'The Voice Company' op, waarin een goede vriendin van ons haar steentje bijdraagt in de alt-sectie. Het koor, dat voor deze gelegenheid bestond uit circa 70 zangers en zangeressen, bracht met veel elan een aantal liederen ten gehore, waaronder 'Locus iste' van Anton Bruckner (1824-1896) en enkele delen uit 'The Peacemakers' van Karl Jenkins (1944). Vervolgens kregen we Federico Lande en David Simonacci met piano en viool te horen met Andante Cantabile van Paganini en Un mot a Paganini en Two pieces for Piano van Rossini. Prachtig allemaal, maar daarna was het wel pauze en konden we met een drankje even bijkomen van al het moois.
Het programma na de pauze begon met de Boliviaanse dans Tinkus (ontmoeting) van 'Bolivia Unida Amsterdam', een sociaal-culturele non-profit organisatie uit Amsterdam. Een kleurrijke krachtmeting tussen twee mensen, qua outfit en expressie deed het me nog het meest aan een stel dansende papegaaien denken. Vervolgens kwamen er vier jonge musici op het podium t.w. Iris van Gogh, Roeland de Bruin, Christel Vinke en Renee Vroegop die elkaar al kenden vanaf hun jeugd. Ze speelden op viool en cello prachtige variaties van Mozart tot Jou. Als hekkensluiter kwam de groep 'Bolivia Unida Amsterdam' weer opdraven, nou ja van opdraven kon eigenlijk geen sprake zijn. Want nadat ze waren aangekondigd duurde het tot grote hilariteit in de zaal nog een tijdje voor ze opkwamen. Lachen natuurlijk, een miscommunicatie kan zich zomaar voordoen, maar buiten dat, als je ziet hoe die mensen zich allemaal moeten uitdossen kan je begrijpen dat dat tijd vergt. De dans 'Morenada' die ze uitvoerden is waarschijnlijk geïnspireerd op het lijden van Afrikaanse slaven in de zilvermijnen van Potosi in Bolivia. Er werden in de hal ook nog allerlei schilderijen, aquarellen en kaarten van resp. Ernsten, Nugteren en Lodder te koop aangeboden voor Casa Esperanza, maar daar ben ik persoonlijk eerlijk gezegd niet aan toe gekomen om dat allemaal te bekijken, laat staan op z'n waarde te schatten of te kopen.
Muziek maken en luisteren voor een goed doel, prachtig!
zaterdag, november 01, 2014
Waar is mijn tasje?
Ach was het zoogdier mens ook maar een buideldier, dat zou me denk ik een hoop schrikmomenten schelen. Want de uitroep: Oh, waar is mijn tasje, zou ik dan nimmer meer hoeven aanhoren. Mijn reactie op het schrikachtige timbre van haar uitroep is altijd weer recht evenredig. Sowieso een reactie die achteraf gezien als totaal overbodig kan worden beschouwd. Het tasje is vaak nog sneller terecht dan mijn goede humeur. Vaak is het ergens gedachteloos neergelegd of in de auto achter gelaten, soms is het onder een kussen in de bank terechtgekomen of zit het in een boodschappentas verstopt, tasjeintasje zal ik maar zeggen. Lachen, naderhand, was ook die keer in het hotel in Surabaya, waar zelfs een aantal mensen om ons heen bij de zoektocht betrokken werden, en er o.a. navraag gedaan werd bij het restaurant waar we de avond daarvoor zo lekker gegeten hadden. Het lag in de hotelkamer gewoon op bed onder een omgeslagen sprei!
Ironisch genoeg was ik er zelf debet aan toen het tasje een keer echt weg was. Toen ze in Faaborg, een stadje in Denemarken, even bij de plaatselijke VVV binnen ging voor een stadsplattegrondje, bleef ik buiten om op haar vouwfietsje en tasje te passen. Toen ze vijf minuten later weer naar buiten kwam, was haar fiets weg! Hoe is het mogelijk, ik had er gewoon naast gestaan en er niets van gemerkt. Ik had daar dus gewoon staan dromen! Het ergste was natuurlijk dat ze met haar tasje ook haar papieren kwijt was. Paspoort, rijbewijs, creditcard, pinpas noem maar op. Als de bliksem hebben we de boel laten blokkeren, en een politiebureau opgezocht om aangifte te doen. Maar daar kwam haar tasje uiteraard niet mee terug, dat hebben we nooit weergezien. Echter geen probleem, er zijn tasjes zat!
vrijdag, oktober 31, 2014
Herenleed & Aaltje
Behalve dat we zo af en toe met z'n vijven een architectuur excursie organiseren in binnen- of buitenland, komen we verder als mannetjes van het z.g. 'Herenleed' om de drie maanden op een achternamiddag bijeen voor een avondje stappen. Het stappen houdt tegenwoordig nog in, dat we elkaar doorgaans in café Hegeraad, ons stamcafé aan de Noordermarkt in Amsterdam ontmoeten, en vervolgens na een paar pikketanisjes een leuk restaurantje in de buurt opzoeken om de avond verder uit te vieren. Vroeger, we doen dit namelijk al 32 jaar, deden we dat anders, dan zochten we na het diner nog weer even een kroeg op voor een afzakkertje. In dat opzicht is de naam 'Herenleed' voor ons vriendenclubje wel enigszins toepasselijker geworden.
Toen ons Amsterdamse architectenteam in 1982 uit elkaar viel en ieder zijns weegs ging, hebben we de naam 'Herenleed' bedacht. Ontleend aan de gelijknamige serie met Armando en Cherry Duyns. Een programma van 'weemoed en verlangen' dat van 1971 tot 1997 regelmatig op TV te zien was. Het bevatte absurdistische humor in sketches gespeeld door twee heren, in het script simpelweg aangeduid als Man 1 (Armando als het bescheiden heertje met bril, hoge schoenen en te krap jasje) en Man 2 (Cherry Duyns als de verwaten heer met bolhoed, sik, opstaande snor, pandjesjas en horlogeketting).
Maar dit verder terzijde, afgelopen woensdag was het weer zover. Deze keer hebben we de avond bij één van ons thuis in Weesp ingeluid. Dat doen we tegenwoordig wel vaker nu niet iedereen meer in Amsterdam woont en/of werkt. Rond een uur of acht hebben we ons vervolgens bij het plaatselijke café restaurant 'Aaltje' naar binnen gewerkt, alwaar ze nog een mooi rond tafeltje voor ons klaar hadden staan. De naam 'Aaltje' is aan een Amsterdamse keukenmeid ontleend. Ze schijnt in 1803 de allereerste keukenmeid te zijn geweest die op het idee kwam om haar recepten te bundelen, waarmee in feite het eerste Nederlandse kookboek geboren was. Het boek is later talloze malen herdrukt en verbeterd, en is vaak als symbool gezien voor de nieuwe weg die de Nederlandse kookkunst langzaam maar zeker is ingeslagen. Café restaurant 'Aaltje' is gevestigd in een oud graanpakhuis uit de 19e eeuw aan de Herengracht in Weesp. Vroeger werden er in het pand diverse granen opgeslagen die van de boeren rondom Weesp waren opgekocht. Van hieruit werden de granen vervoert naar een van de molens in de buurt, het graanwinkeltje aan de kop van de Slijkstraat, of per schuit richting Amsterdam. Weesp was in die tijd rijk aan bierbrouwers en jeneverstokers die het graan omzetten in deze oer Hollandse dranken. Café restaurant heeft een receptenformule met een knipoog naar die tijd.
Prachtig die weet watjes over 'Aaltje', maar we waren natuurlijk benieuwd naar de hedendaagse kookkunsten daar. Nou dat zat wel snor, om te beginnen was de ambiance uitstekend, prima sfeertje. En de wijnen en gerechten deden daar niet voor onder, we hadden alle vijf iets anders, maar niemand had reden tot klagen. Bij zowel het voorgerecht, hoofdgerecht als dessert aten we onze vingers er bijna bij op. Daar komen we vast nog weleens een keer terug!
woensdag, oktober 29, 2014
Laurenskwartier
Na het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940 en de grote brand die er op volgde, was er van de binnenstad weinig meer over. Van het Laurenskwartier, het gebied rond de Meent, Hoogstraat, Pannekoekstraat, Delftsevaart en het Grotekerkplein, restte slechts nog een rokende puinhoop. De Laurenskerk was zo zwaar beschadigd dat in eerste instantie werd besloten om de restanten ook maar op te ruimen. Toen in 1952 besloten werd om de uit 1525 daterende kerk alsnog te restaureren, heeft dat tot 1968 geduurd. De Rotterdamse architect Herman Kraayvanger (1903-1981) schreef in 1946 Hoe zal Rotterdam bouwen? Hij heeft tijdens de wederopbouw van de Rotterdamse binnenstad bij aardig wat bouwprojecten een forse vinger in de pap gehad. Maar goed dat is geschiedenis. Het huidige Rotterdam zou hij 33 jaar na zijn dood waarschijnlijk slechts met moeite herkennen, want er wordt behoorlijk spectaculair gebouwd!
Neem de nieuwe Markthal in het bruisende Laurenskwartier, het Soho van Rotterdam wordt het al genoemd. Een karaktervolle wijk, een echte hotspot met veel bijzondere winkels, boetieks, hippe cocktailbars, gezellige koffietentjes met in het hart de Laurenskerk en nu dus ook die prachtige Markthal. In het ontwerp van het Rotterdamse architectenbureau MVRDV komt alles samen: wonen, werken, winkelen, uit eten, flaneren en parkeren. Riante aaneen geschakelde appartementen met eigen buitenruimten en veel lichtinval, vormen samen een boog die de dagelijkse vers-markt overkoepelt.
Prachtig zijn de kleurrijke afbeeldingen van fruit, bloemen, vissen, brood en nog veel meer op de panelen, tegen de binnenkant van de enorme koepel. Deze aluminium panelen van ongeveer 1,5 bij 1,5 meter per stuk, zitten vol met nauwelijks zichtbare gaatjes, waarachter een isolatielaag is aangebracht. De perfecte geluidsabsorptie die zo wordt verkregen, staat borg voor een goede akoestiek in de hal. De gedrukte afbeeldingen op de panelen, naar een ontwerp van beeldend kunstenaar Arno Coenen (Deventer, 1972), gaan er niet zomaar af. Ze zijn geprint met een hoge-drukprocédé, waardoor je een harde en glansrijke coating krijgt. Het idee achter het ontwerp van Arno Coenen is, dat de zon de bron van alle leven is, en dat al die producten uit die bron van alle leven naar beneden komen dwarrelen, waar ze regelrecht in de kraampjes terecht komen en te koop worden aangeboden.
De Markthal in Rotterdam is qua typologie, vorm, volume en constructie spraakmakend. En dat geldt helemaal voor de twee glazen kopgevels van elk 43 m breed en 35 meter hoog. De glaspanelen in een raster van ongeveer 1,5 bij 1,5 meter zijn op een spectaculaire manier bevestigd aan een fragiel ogend netwerk van horizontale en verticale voorgespannen kabels in een dito raster. Prachtige transparante detaillering. Het lijkt in eerste instantie of er in de twee kopgevels geen constructieve delen zijn aangebracht, mooi en knap gedaan. Je moet je alleen al de enorme windbelasting die kan optreden maar eens proberen voor te stellen. Het is natuurlijk allemaal uitgerekend, maar toch. Beide 35 x 43 meter grote glasgevels hangen enkel aan het fragiel ogende netwerk van verticale en horizontale voorspankabels, die de windbelasting over moeten brengen naar stalen nestkasten, verankerd en ingestort in de betonnen randconstructie. De kabels zijn voorgespannen op 250 tot 300 kN per kabel. Ze zijn 50 kN hoger voorgespannen dan uiteindelijk nodig, om onder andere de kruip van het beton gedurende de eerste jaren te compenseren. Tenslotte kunnen de glaspanelen zich individueel ook nog aan de totale vervorming aanpassen, doordat de siliconenaden tussen de glaspanelen a.h.w. scharnieren en de glaspanelen zelf ook nog kunnen doorbuigen en/of torderen.
Maar laat ik ophouden met technisch gebabbel, het gaat uiteindelijk primair om wat een bouwwerk gevoelsmatig met je doet, hoe je het emotioneel beleeft zal ik maar zeggen. In dat opzicht kan ik alleen maar zeggen dat de nieuwe Markthal bij mij respect afdwingt, het heeft voor mij een wow-gehalte van niveau. Toen we alles goed bekeken hadden, zijn we door het Laurenskwartier naar Station Rotterdam Centraal gewandeld. Het verbouwde en uitgebreide station dat j.l. 13 maart geopend is, ligt even buiten de grenzen van het Laurenskwartier, maar niet ver. Het ontwerp van architectenbureau Benthem Crouwel mag er ook zijn. We zijn er door gelopen en hebben ook daar onze ogen weer goed de kost gegeven. Alvorens de parkeergarage onder de Markthal weer op te zoeken, hebben we bij 'Konak Döner Kebab', een Turks eettentje aan de andere kant van het station, eerst maar eens even een rustpauze ingelast.
zondag, oktober 26, 2014
de tijd terugzetten
Toen ik vanmorgen de tijd 1 uur terugzette veranderde er niks, de klok tikte gewoon door en begon gewoon opnieuw aan het uur dat ze even daarvoor had weggetikt. Ineens bedacht ik dat ze dat ook zou doen als ik de klok bijvoorbeeld 446760 uur zou terugzetten ofwel 51 jaar. Dat was me nog eens een tijd! Tijd, vreemd begrip eigenlijk. In de fysica bijvoorbeeld verloopt tijd niet, maar ís ze er gewoon. Daar telt het verleden, heden en toekomst slechts als een menselijke illusie. Voor natuurkundigen is daar de kous mee af, maar niet voor psychologen. Die beginnen dan pas, voor psychologen schijnt het begrip tijd voer te zijn. Ze kunnen eindeloos putten uit de omslachtige manier waarop de mens met deze doodgewone dimensie omgaat. Bijzonder allemaal, je staat er meestal niet bij stil, maar waarom bijvoorbeeld lijkt de tijd te kruipen als je ergens in de rij moet staan, en vliegt ze om bij aangename gebeurtenissen. Of iets anders, hoe komt het dat we ons hele leven geneigd zijn te overschatten hoeveel tijd we in de toekomst zullen hebben! Ik vraag het me maar niet langer af, ben gelukkig dan ook geen psycholoog.
donderdag, oktober 23, 2014
omgeving Zandfoort a/d Eem
Verfrissend overzicht van 100 jaar Belgische kunst las ik. Een expositie in het kader van activiteiten waarmee dit jaar in Amersfoort wordt herdacht dat honderd jaar geleden, toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, veel Belgen naar het noorden vluchtten om aan het oorlogsgeweld te ontkomen. Ze werden in verschillende steden opgevangen, waaronder Amersfoort. Vandaar de tentoonstelling over honderd jaar Belgische kunst in KAdE genaamd 'Vierkantigste Rechthoek'. Hoe de Belgische Tom Barman, samensteller van de expositie, aan die merkwaardige titel komt is mij een raadsel. Het zal ongetwijfeld iets zeggen over wat hij zelf van Belgische kunst vindt, dat werd van de voorman van de Vlaamse band dEUS namelijk wel verwacht. Want Barman is behalve musicus ook verzamelaar en volgt de hedendaagse kunst op de voet. Hij was uitgenodigd om zijn persoonlijke kijk op 100 jaar kunst (vanaf WOI) van onze zuiderburen te geven. Wat Barman hierbij karakteristiek achtte is de tegendraadsheid, de humor, het eclectische, het geniepige lef en de zin om keet te schoppen. Op de lijst van deelnemende kunstenaars staan namen als Victor Servranckx, Leon Spilleart, Roger Van Akelyen, Michael Borremans en Luc Tuymans.
Barman selecteerde de werken allemaal heel intuïtief, vertelde hij. Duidelijk is in ieder geval dat België op het gebied van kunst meer heeft voortgebracht dan alleen het surrealisme, dat overigens wel is vertegenwoordigd in de vorm van een mysterieus schilderij van de 22-jarige Lisa Vlaemminck. Uiteenlopende stijlen komen verder voorbij, van abstract geometrisch tot puur figuratief. Af en toe is er ook ruimte voor een humoristische verrassing. In Kunsthal KAdE is de herfst bijvoorbeeld aangebroken gezien de hoop bladeren ergens in een hoek. Maar goed interessant allemaal dat z.g. verfrissende overzicht, maar ons kon het, enkele objecten uitgezonderd, niet of nauwelijks boeien. Ik kan me niet heugen dat ik ooit eerder zo snel een museum heb gedaan, en Joke al evenmin. De expositie vonden we, alle jubel verhalen ten spijt, niet echt interessant. Overigens denk ik eerlijk gezegd ook dat de manier van exposeren daar debet aan is. Verder heb ik niet de behoefte er hier meer over te zeggen. We waarderen erg dat dit nieuwe museum in Amersfoort voor moderne kunst er sowieso is, volgende keer beter zal ik maar zeggen! Alhoewel, de vorige expositie hier vond ik ook al matig, zie mijn stukje 'Kunsthal in A'foort' van 28 mei 2014. Alvorens naar huis te gaan, hebben we bij het nabij gelegen 'Zandfoort aan de Eem' eerst nog een kopje koffie genomen.
woensdag, oktober 22, 2014
Leonard Bernstein
Wat me aan de Amerikaanse componist, dirigent, pianist en muziekpedagoog Leonard Bernstein (1918-1990), die ik in mijn vorige stukje 'Mozart Concert' d.d. 17 oktober j.l. tegenkwam toen hij Ave Verum Corpus dirigeerde erg opviel, was zijn vermoeid ogende uitstraling. Eén en zeventig jaar oud, tegenwoordig maar ook destijds niet echt oud. Zo kende ik hem niet, in mijn herinnering was het een man met veel spirit. Op een zaterdagmiddag in het voorjaar van 1985, amper 5 jaar eerder dan zijn verschijning in mijn stukje over Mozart, zag ik op TV 'The Making of West Side Story' een prachtige documentaire over hoe Leonard Bernstein in een studio aan het repeteren is en omgaat met de musici die een rol spelen in zijn compositie 'West Side Story'. De musici hadden het niet makkelijk bij hem, maar Bernstein wist desondanks de sfeer op een bewonderenswaardige wijze prettig en werkbaar te houden. In de documentaire speelden alle musici een rol van betekenis, uiteraard, maar de rollen van de Nieuw Zeelandse operazangeres Kiri Te Kanawa (1944) als Maria en de Spaanse tenor José Carreras (1946) als Tony staan me nog het meest in mijn geheugen gegrift.
Leonard Bernstein was na de Tweede Wereldoorlog de absolute coryfee van het Amerikaanse muziekleven en ook internationaal de meest geliefde musicus van zijn tijd. Hij heeft buiten de musical en wereldhit 'West Side Story', die nog steeds wordt opgevoerd, meer musicals geschreven maar ook enorm veel andere serieuze muziek, opera's, symfonieën, cantates, jazz noem maar op, waaronder veel joods georiënteerde composities. Bernstein was met zijn enorme uitstraling en bevlogenheid een gevierd dirigent bij de meest prestigieuze klassieke symfonieorkesten.
Hoe het komt dat de documentaire van Leonard Bernstein's 'The Making of West Side Story' me sinds die zaterdagmiddag in het voorjaar van 1985 zo is bijgebleven, vind ik na bijna dertig jaar nog lastig te verklaren. Het is zeker niet alleen aan het feit te danken, dat ik daarna wel eens een uitvoering van de 'West Side Story' heb bijgewoond. En evenmin aan het feit dat ik de LP in het verleden ongeveer heb grijs gedraaid. Het is sowieso wel het charisma van Bernstein, de body language van deze erudiete man die me nog zo voor de geest staat. Het zal ook het moment geweest kunnen zijn, ik woonde destijds net in de binnenstad en was lekker achter het huis in m'n tuintje aan het klussen. Toen ik tijdens een theepauze even de programma's op onze nieuwe TV aan het uittesten was, viel ik met m'n neus in het begin van 'The Making of West Side Story'. Het fascineerde me zo, dat ik de tuin die middag heb gelaten voor wat het was! Iets meer dan vijf jaar later, om precies te zijn op 14 oktober 1990 zat ik in Lies op Terschelling in een mooi huis vanwege het huwelijk daar van onze oudste dochter, toen ik op het journaal van het overlijden van Leonard Bernstein hoorde. Ik was flabbergasted, hoe kon dat nou, ja hij rookte veel, maar toch. Zo'n energieke, levenslustige man die ons op muzikaal gebied nog zoveel moois had kunnen vertellen. Ook dat moment staat me nog bij als de dag van gisteren, evenals de momenten toen ik weer een paar jaar later met m'n oudste dochter door gribus wijken in New York reed en de Jets en Sharks, de straatbendes uit de 'West Side Story' a.h.w. zo voor me zag. In principe wil ik op dit ondermaanse niemand adoreren, maar het heeft er veel van weg dat ik dat met Leonard Bernstein maar moeilijk kan laten.
De musical West Side Story van de Amerikaanse componist en dirigent Leonard Bernstein is een van de bekendste musicals van de afgelopen eeuw. Het is een moderne versie van het Romeo en Julia verhaal van Shakespeare. De musical is gesitueerd in de achterbuurt van New York in de jaren ’50. De liedjes als Maria, America, Somewhere en Tonight, met teksten van Stephen Sondheim en muziek van Leonard Bernstein zijn wereldberoemd geworden.
West Side Story is van origine een theaterproductie, die in 1957 op Broadway zeer succesvol in première ging. In 1961 hebben Jerome Robbins (ook verantwoordelijk voor de choreografie) en Robert Wise er een filmversie van gemaakt. Voor de film heeft Leonard Bernstein nog extra muziek toegevoegd. De film was 1961 de op een na succesvolste film in Amerika (na Disney’s 101 Dalmatiërs) en heeft 77 weken onafgebroken gedraaid.In 1984, 27 jaar na de Broadway première, vond de première plaats van een uitvoering onder leiding van de maestro Leonard Bernstein zelf. Alleen was dit geen live uitvoering, maar nam Bernstein het werk integraal op voor een plaatopname met het label Deutsche Grammophon. Als solisten trok Bernstein grote operasterren als Kiri Te Kanawa, José Carreras, Kurt Ollman en Tatiana Troyanos aan. De Broadway musical met swingende liedjes en een rauwe ondertoon kreeg van Bernstein een opera-achtige benadering. Dat de opname en het voorafgaande instuderen geen gemakkelijk proces was, toont de documentaire The Making of West Side Story ons.Leonard Bernstein was geen gemakkelijk man. Hij stelde als dirigent hoge eisen aan de mensen met wie hij werkte. Bernstein was een man met een sterke passie en emotie, die hij evenzo intens in zijn muziek tot uiting wil brengen. Zijn andere benadering van West Side Story, zoals hij die in 1984 ten gehore bracht, is een meesterwerk. Toch vindt niet iedereen dat, met name door de ietwat vreemde combinatie van grote operasterren en het werk dat van origine een musical is. Maar Bernstein weet als geen ander deze operasterren tot grote prestaties te brengen. Dat hij ver gaat in wat hij van de mensen eist, bewijst deze documentaire die het opname proces van dichtbij laat zien. Een zeer intens en boeiend verslag van het werk in de opnamestudio in New York. De documentaire toont de hindernissen die Bernstein, de solisten en de musici moesten nemen. In de wijze waarop Bernstein het uiterste van de sterren vergt, gaat hij ver. Soms zo ver, dat de emoties hoog oplopen. Zoals bijvoorbeeld bij José Carreras, die de rol van Tony zingt. Carreras wordt op een gegeven moment door Bernstein zo onder druk wordt gezet, dat hij er even de brui aan geeft. Ook operazangeres Kiri Te Kanawa, die de rol van Maria zingt, zou volgens critici te netjes en te gearticuleerd zingen.
De documentaire is in 1985 genomineerd voor een Emmy Award.
maandag, oktober 20, 2014
Muziek in H' wijk!
Het was zaterdagochtend weer een gezellig volle bak in de Catharinakapel met het Puttense kleinkoor 'Vol-Luid', dat overigens ook drie Harderwijkers binnen haar gelederen kent. Ik weet niet hoe vaak ze in hun 18 jarig bestaan al in de Catharinakapel in Harderwijk hebben opgetreden, maar heel wat keertjes dat weet ik wel. Al vaker heb ik over een optreden van ze in deze kapel geschreven, zie o.m. mijn stukjes 'Vol Luid' van 2 maart 2008, 'muzikaal weekend II' van 20 december 2010 en 'Kleinkoor Vol-luid' van 12 maart 2012. Het koor heeft in al die jaren van haar bestaan een eigen en zeer herkenbare klankkleur ontwikkeld, desalniettemin is elk optreden weer anders dan het vorige. Maar altijd weer mooi en verrassend!
Ook hun repertoire van afgelopen zaterdag bevatte weer een aantal nummers die ik nog niet kende. Bijvoorbeeld Weep, o mine eyes van John Bennet, Pater Noster van Albert de Klerk en de spirituals Swing low en I' ve got peace like a river. Ik hoorde dat dit z.g. koffieconcert, waar de mensen vrij in en uit kunnen lopen, door kleinkoor 'Vol-Luid' min of meer werd gezien als een try-out voor een optreden in 'Kasteel De Vanenburg' op zaterdag 8 november a.s. Ze hebben dus nog drie weken om de puntjes op de i te zetten, maar dat lijkt me nauwelijks nog nodig. Natuurlijk, het kan altijd en eeuwig beter, maar de kwaliteit van wat ze ten gehore brachten vond ik al wel zo goed, dat ze er voor mijn gevoel met een gerust hart ook morgen al mee zouden kunnen optreden!
Na afloop van het concert heb ik op een terras op de Markt samen met een aantal mensen van Vol-Luid een tijdje gezellig zitten napraten.
vrijdag, oktober 17, 2014
'Mozart Concert' COV Putten
Volgend jaar viert COV Putten haar 80-jarig jubileum las ik. Dat doen ze deo volente met een uitvoering van het 'Weihnachts Oratorium' van Johann Sebastian Bach op 28 november 2015. Gezien de prestaties van het COV tijdens het 'Mozart Concert' op j.l. 11 oktober in Putten met een uitvoering van het Requiem, Missa Brevis en Ave Verum, zal ik als luisteraar tijdens dit jubileumconcert bij leven en welzijn zeker weer van de partij zijn. Ik hou van muziek en zeker ook van klassieke muziek, maar ik moet er zelf niet aan denken, om in een groot koor als het COV (ca. 70 leden) actief te zijn. Moeilijk, een jaar of nog langer repeteren voor een zangpartij in de doorgaans vrij pittige composities van de oude meesters. Maar onze vriend Roel O, die in het koor de bas-sectie versterkt, doet dit juist al jaren met veel plezier. En het resultaat is er na, met bewondering luister ik regelmatig naar uitvoeringen van COV Putten. Zie onder meer in mijn blogarchief de stukjes 'Messiah' (van G.F. Händel) d.d. 15 mei 2006 de 'Johannes Passion' (van J.S. Bach) d.d. 19 maart 2012 en 'Paulus', een concert in Ermelo. (van Felix Mendelssohn-Bartholdy) d.d. 17 november 2013.
![]() |
| Alle delen van het 'Mozart Concert'. |
Ave Verum Corpus, KV 618, o.l.v. Leonard Bernstein (1918-1990) in april
1990, een halfjaar voor zijn dood in de kerk van Waldsassen in Duitsland.
Het was niet te doen om tijdens de uitvoering zelf een filmopname te maken, dat zou me zeer zeker niet in dank worden afgenomen. Maar om een beetje een idee te krijgen van het niveau zaterdagavond, heb ik bovenstaande opname van Ave Verum Corpus, dat direct na de pauze ook door COV Putten werd uitgevoerd, van het internet geplukt.
Ave verum corpus, natum------------Gegroet waarachtig lichaam----------------------Salve, cuerpo verdadero,
de Maria Virgine,----------------------geboren uit de Maagd Maria-----------------------nacido de Maria Virgen.
Vere passum, immolatum------------dat werkelijk heeft geleden-----------------------Padeció realmente, fue inmolado
In cruce pro homine,------------------en voor de mens geofferd is aan het kruis.------en la cruz por el hombre.
Cujus latus perforatum--------------Uit wiens doorboorde zijde-------------------------Fue perforado su costado,
Unda fluxit et sanguine,-------------water met bloed vloeide.--------------------------de donde brotó agua y sangre.
Esto nobis praegustatum------------wees voor ons een voorsmaak---------------------Que seas probado por nosotros
In mortis examine.--------------------tijdens de beproeving van de dood.--------------en el momento de la muerte.
Ave verum corpus is een korte eucharistische hymne uit de veertiende eeuw die door verschillende componisten op muziek is gezet. De tekst wordt wel toegeschreven aan paus Innocentius VI en is gebaseerd op een gedicht uit een veertiende-eeuws manuscript uit de abdij van het eiland Reichenau in het Bodenmeer. Wolfgang Amadeus Mozart schreef zijn Ave verum corpus (KV 618) voor zijn vriend Anton Stoll die muzikaal assistent was in de parochie van Baden in de buurt van Wenen. Het werd geschreven om het feest van Sacramentsdag te vieren. Het autograaf is gedateerd op 17 juni 1791. Het gehele stuk omvat slechts 46 maten en is geschreven voor koor, strijkers en orgel. Mozart schreef het werk tijdens het schrijven aan zijn opera Die Zauberflöte en bij een bezoek aan zijn vrouw Constance die zwanger was van hun zesde kind. Hij schreef het zes maanden voor zijn dood.
Aldus een passage uit het programmaboekje van 'Mozart Concert' COV Putten.
woensdag, oktober 15, 2014
Herfstbelevenissen
Even ten zuiden van Stavelot ligt het plaatsje Trois Ponts, een toeristische trekpleister nabij de samenvloeiing van de riviertjes Amblève en Salm. Een prachtig bergachtig gebied dat behoorlijk wat mogelijkheden te bieden heeft voor wandelaars, fietsers en kanoërs. Ongeveer 5 km ten zuiden van Trois Ponts ligt op 480 meter hoogte het dorpje Mont Saint Jacques en het nabij gelegen bungalowparkje Village les Gottales. Vanuit de vier huisjes (nummers 19, 20, 24 en 26) die we daar van 3 t/m 10 oktober j.l. hebben gehuurd, hadden we een mooi uitzicht op de omgeving. Najaar in de Belgische Ardennen is per slot van rekening herfstplezier op niveau!
Vrijdag 3 oktober j.l. was het zover, en konden we vanaf drie uur 's middags over ons huisje (nr. 19) beschikken. Maar voor het zover was moesten we eerst nog wel een eindje rijden. Rond 300 km hadden we voor de boeg. De scholen hadden nog geen herfstvakantie, veel extra verkeersdrukte verwachten we dan ook niet. Desalniettemin waren we toch even over tien 's morgens al op pad, konden we het rustig aan doen en onderweg mogelijk hier en daar nog iets bekijken. Amper 10 km van huis realiseerde ik me dat ik m'n wandelschoenen was vergeten. Stom, om deze belangrijke attributen voor de komende week te vergeten! Toch zijn we niet terug gereden, daar had ik absoluut geen zin in. Met de gedachte, ik koop daar eventueel wel een paar nieuwe stappers, reden we verder. Het ging allemaal nog vlotter dan gedacht. Behalve de lunch die we onderweg ergens op een bankje hebben genoten, hadden we geen oponthoud. De enige bottelnek in de route was Maastricht, waar ze met die nieuwe weg bezig zijn. Maar uiteindelijk viel ook dat nog mee en zaten we een kwartiertje later in België. Vervolgens via Visé, Luik, Vervier, Spa, Stavelot en Trois-Ponts naar ons vakantieadres, waar we een uur te vroeg aankwamen. Geen probleem, we kregen de sleutel gewoon mee!
We waren achteraf gezien wel blij dat we een beetje te vroeg waren. Uiteindelijk hadden wij het deze keer georganiseerd, als zodanig konden we de anderen dus mooi verwelkomen. Mis dus, tot onze verrassing werden we door Hans en Carla uit Amsterdam nabij de receptie opgewacht, maar ze vertelden ons dat ze hoogstens vijf minuten eerder dan wij waren gearriveerd. Na onze spullen te hebben uitgeladen en het huisje te hebben ingericht, hebben we lekker in het zonnetje voor ons huisje op de anderen zitten wachten. Maar echt lang duurde dat niet, uiteindelijk waren we (voorlopig) rond een uur of vier compleet en zaten we met z'n tienen voor ons huisje aan de koffie. 't Was gezellig en lekker weer, en we bleven maar kletsen. Dus kwam er al vrij snel iemand met een fles spraakwater aanzetten, en kwam een ander met hapjes voor de dag. En voor we er eigenlijk erg in hadden, was de toon gezet en hadden we onze vakantie passend ingewijd.
Nevenstaand stukje poëzie, of beter gezegd poëtisch proza of prozagedicht op de wand boven ons bed in nummer 19, ontstijgt mijns inziens zeker het poëziealbum gehalte niet. Maar het past wel een beetje bij dit gezellige smurfenparkje. Je zou het min of meer kunnen zien als een accent in de geest van de hier heersende romantische kneuterigheid. Dat echter terzijde, als gezegd bungalowpark Village Les Gottales, gebouwd in 1974 ligt in een prachtige omgeving, een omgeving die behalve rust voor jong en oud veel activiteiten te bieden heeft. De kneuterigheid en de nep vakwerk architectuur van de huisjes storen me dan ook nauwelijks, of eigenlijk helemaal niet. Hoe zou het anders kunnen, dat ik de week in een prima vakantiesfeer heb doorgebracht, een week die bovendien omgevlogen is! Voor we er goed en wel erg in hadden was het alweer vrijdag, en moesten we onze spullen inpakken en de sleutel inleveren. Maar laat ik daar nu nog niet op vooruit lopen, we hebben hier eerst met z'n allen gelukkig nog bijna een hele week te gaan!
Zaterdagmiddag, het mooiste weer van de wereld! Dat hadden we nodig ook, want om een aantal reden hadden Hans en Carla het familie (snel)schaak toernooi 2014 deze keer buiten georganiseerd. Vrijdagavond laat waren de Zeeuwen Ad jr., de familieschaakkampioen van 2012, met Astrid en hun beide kinderen Jens en Mart nog aangekomen, alle deelnemers waren nu binnen, het (snel)schaaktoernooi kon beginnen. Maar eigenlijk was het al een beetje begonnen, want praktisch alles was reeds door Hans en Carla al klaar gezet. Tafels, stoelen, schaakborden, schaakstukken en schaakklokken. Maar dat niet alleen, behalve dat bij de thee en koffie zelfs biscuitjes met chocolade schaakmotieven werden geserveerd, stonden voor de liefhebbers ook de gekoelde drankjes reeds klaar onder een parasol. Het wachten was alleen nog op het startsein van Hans, maar dan moest uiteraard iedereen zijn of haar plaats wel eerst hebben ingenomen!
Maar op een gegeven moment was het dan toch eindelijk zover, en zat iedereen in de startblokken. Op het seintje van Hans drukte zwart als eerste de schaakklok in, en kon wit de eerste zet doen. Beide spelers hadden een kwartier om de andere schaakmat te zetten, lukte dat niet binnen die tijd dan bepaalde het eerst gevallen vlaggetje van de schaakklok de uitslag. Een kwartier is natuurlijk erg kort, daarom noemen we het ook snelschaak! De één kan daar uiteraard beter mee omgaan dan de ander. Lachen, de één laat zich door de klok zo opjutten dat hij of zij de domste zetten doet, en niet of nauwelijks aan een goede stellingopbouw toekomt. De andere denkt daarentegen weer te lang na, en vergeet de klok ook nog eens in te drukken na te hebben gezet. Maar ondanks de lol die we met z'n allen daar een paar uurtjes aan beleven, wordt er evengoed toch ook bloedserieus geschaakt. En zo kwam er ook deze keer uiteindelijk weer een winnaar boven drijven, of beter gezegd een winnares, want volgens Hans, onze grote organisator, had Jeanette de meeste punten behaald. Ik had stellig de indruk dat de uitslag haar erg verraste. De cijfers liegen echter niet, we weten dus wat ons bij het eerst volgende familie (snel)schaaktoernooi te doen staat!
Daags na het schaaktoernooitje hebben we eigenlijk weinig gedaan. Het weer nodigde niet erg uit om buiten iets te ondernemen, al dacht niet iedereen er zo over. Hoe dan ook, wij hebben de dag overwegend naar muziek luisterend en lezend doorgebracht in ons smurfentorentje. Joke begon de draad in 'De Cirkel' van Dave Eggers te pakken te krijgen, en ik kreeg eindelijk vat op 'La Superba' van Ilja Leonard Pfeijffer, winnaar van de Libris literatuurprijs 2014. Typisch, thuis had ik de roman al sinds eind mei j.l. op het nachtkastje liggen, maar daar wilde het me maar niet pakken. Maar ja, van zo'n dag op je krent zitten lezen wordt je uiteindelijk toch ook behoorlijk gaar. In de namiddag zijn we dan ook alsnog een eindje gaan wandelen. Gewoon in de directe omgeving de deur uit, het parkje af, linksom de Parc de Saint-Jacques op tot aan de Saint-Jacques, vervolgens rechtsaf tot aan Eglise de St. Jacques. Een zeldzaam mooi kerkje, dat daar helemaal in het landschap opgaat. Het is een eigentijds stukje architectuur dat zeker van enige afstand een amorf geheel vormt met de omgeving. Knap gedaan, dat zie je vaak anders met godshuizen architectuur. Na dit moois zijn we rechtsaf via de Parc de Saint-Jacques weer naar ons gezellige smurfentorentje gewandeld.
De Hautes-Fagnes ofwel De Hoge Venen is een bijzonder weids natuurgebied tussen de plaatsen Monschau, Malmedy, Eupen en Spa. Het hoogveen gebied is met een top van 694 meter boven TAW (Tweede Algemene Waterpassing, de Belgische referentiehoogte ligt 2,33 meter lager dan het Nederlandse NAP) het hoogste punt van de Belgische Ardennen. Jaarlijks valt er 1500 tot 1700 mm neerslag waardoor het een enorm moerassig gebied is. Maar middels houten vlonderpaden is het gebied voor wandelaars goed toegankelijk gemaakt, reden dus voor een wandeling aldaar. Met z'n twaalven zijn we naar de parkeerplaats nabij herberg La Baraque Michel gereden, uitgangspunt voor een wandeling van een uur of twee, drie. We kwamen er trouwens al doende achter dat niet alle vlonders, die hier tijdens de grote veenbrand van drie jaar geleden zijn verbrand, al waren hersteld. Waarmee we de kortere wandelroute, waar enkelen van ons op gerekend hadden, konden vergeten. Het mocht de pret echter niet drukken, maar op een gegeven moment keerden de eersten, o.m. ik, toch maar rechtsomkeert. We zaten amper aan de soep in herberg La Baraque Michel, toen ook de rest van ons wandelclubje binnen kwam. Ze waren uiteindelijk toch ook maar omgekeerd!
Terug in ons smurfenstulpje hebben we de haard maar eens aangestoken. En wat voor een haard! Een overwegend stalen constructie met glazenpanelen en deurtjes in de vorm van een hexagon ofwel een zeshoek. Het gevaarte besloeg een oppervlak van om en nabij de 2,5 m2 en stond pontificaal midden in ons ronde knusse kamertje. Een zicht belemmerende sta in de weg van formaat, de verhoudingen waren totaal zoek. Dat had anders gekund, maar oké, het was niet anders, maar dan zal die branden ook! En dat deed ie tot volle tevredenheid. Ach ja, vuurtje stoken, altijd weer een leuke en gezellige bezigheid!
Woensdag, op de meest regenachtige dag zijn we met Ad en Will naar het Bastogne War Museum gereden. Het Bastogne War Museum dat op 22 maart 2014 is geopend, is ontstaan na een grondige verbouwing en uitbreiding van het voormalige Bastogne Historical Center. Het staat dicht naast het Mardasson monument op de Mardassonheuvel, destijds het middelpunt van de strijd. Het museum geeft niet enkel een overzicht van het Ardennenoffensief, maar van de gehele oorlog, dat is onderverdeeld in tien blokken. Waarvan drie met een mooi woord 'scénovisions' genoemd worden, ofwel belevingsruimtes. De tien blokken leiden je van de Eerste Wereldoorlog en het Interbellum naar de invasie van België. De eerste 'scénovision' is een film over de militaire operaties in de oorlog. Vervolgens ga je via de bezetting en het verzet in België door naar de landingen in Normandië en het Ardennenoffensief, waar de tweede beleving op aansluit. Je kunt je helemaal inleven in de slag, ze hebben de ruimte zelfs 10 graden kouder gemaakt. Daarna wordt ingegaan op het dagelijks leven in de oorlog, waar de laatste 'scénovision' bij aansluit. Je bevindt je in een café tijdens een bombardement en belandt vervolgens in de kelder om te ervaren wat de inwoners van Bastogne moesten doorstaan. Het museum sluit daarna af met de capitulatie.
Toen het tussen de buien door even droog was, ben ik het op 16 juli 1950 ingewijde Mardasson monument eens gaan bekijken. Het monument staat voor de duurzame vriendschap tussen het Belgische en Amerikaanse volk, die schouder aan schouder vochten tijdens de overwinningsstrijd die zij voerden tijdens de Slag om de Ardennen in december 44 en januari 45. Het monument heeft de vorm van een ster met vijf punten. De geschiedenis van deze bloedige slag is in gouden letters gegraveerd in de wand van de open galerij. En in de bovenste randen van het monument staan alle 50 staten van Amerika gegraveerd. Via een open wenteltrap kwam ik op het dak, waar ik ondanks het heiige mistroostige weer een magnifiek uitzicht had op de omgeving van Bastogne. Maar op een gegeven ogenblik begon het weer eens te regenen, en moest ik maken dat ik weer snel een dak boven m'n hoofd had. Terug in het Bastogne War Museum kwam ik Ad tegen in z'n eentje. De dames zaten nog in een z.g. 'scénovision' naar een film te kijken. Wachten dus, oké dan nemen we toch een lekker bakkie koffie in het restaurant!
Ik had 's avonds net de draad opgevat in 'La Superba', komt Hans binnen lopen. Of ik zin had in een partijtje simultaan schaak tegen hem, samen met Jeannette, Geert en Jan. Ja leuk, kan ik je mogelijk eindelijk eens een keer inmaken, hoewel ik die illusie niet echt had. Want ofschoon Hans zich (nog)niet officieel schaakmeester mag noemen, is hij dat voor een gelegenheidsschaker als ik zeker wel! De officiële titel schaakmeester verkrijg je in de schaakwereld als je aan bepaalde gepubliceerde ratings voldoet. Maar goed, hoe dan ook, even later zaten we met z'n vieren met vier borden en schaakklokken tegenover hem, het spel kon beginnen. De klokken waren ingesteld op 15 minuten speeltijd voor ieder, terwijl Hans als simultaangever volgens de regels op elk bord de openingszet mocht doen. Mijn latente illusie om eens een keer van hem te winnen, nu hij zijn aandacht zo moest verdelen, werd reeds na een paar zetten de grond ingeboord. Ik moest volop in de verdediging, en dat is de hele partij, die nog geen kwartier geduurd heeft zo gebleven. Ik troostte me enigszins met de gedachte, dat ik de één na laatste was die onderuit ging. Alleen Jan heeft het, voor hij door zijn jongere broer onderuit gehaald werd, nog drie minuten langer kunnen volhouden.
Daags na het vermakelijke simultaandebacle liepen we tijdens een wandeling in Stavelot tegen nevenstaand pandje op. Het staat op de hoek Avenue Ferdinand Nicolay - Basse Cour. Het staat zo goed als zeker op de nominatie om te worden gesloopt, gezien de staat waarin het verkeert, en de nieuwbouwplannen die we daar alvast op een billboard konden bekijken. Actievoerders zijn het kennelijk oneens met de plannen, en hebben op een ludieke manier de aandacht gevestigd op het oude pand. Ze willen volgens mij zeggen dat het slechts een paar breukjes zijn waarmee we hier te maken hebben. De ingewanden puilen er weliswaar uit, maar het is allemaal nog goed te restaureren! Aardige actie, maar ik denk eerlijk gezegd niet dat ze daarmee de sloophamer kunnen stoppen. Omdat het alweer de laatste dag was van onze gezamenlijke vakantie, zijn we 's avonds met z'n allen gaan eten in café restaurant Ferme Bodson in Mont Saint Jacques. Lokale lekkernijen voor een leuke prijs vlakbij ons parkje. Keus zat, biefstuk, kwartel, forel, ham, kip, wafels, pannenkoeken en ook de vegetariërs onder ons hadden genoeg keuze. De witlofsoep was zout, maar verder had niemand wat te klagen. De wandeling terug naar ons smurfenparkje was bij volle maan sprookjesachtig!
Vrijdagochtend rond halfelf hadden we onze sleutels weer bij de receptie ingeleverd. Waarna we ter afscheid in Stavelot bij 'Maréchal' aan de Avenue Ferdinand Nicolay nog een kopje koffie gedronken hebben met z'n allen. En voor we het goed en wel beseften, waren we na nog een laatste rondje zoenen, met z'n tweetjes op weg naar huis. Dat ging vlot, met een uurtje hadden we de bottelnek bij Maastricht al achter ons liggen. In het historische Thorn, het aardige witte stadje dat ooit een mini-vorstendom was, geleid door een abdis en een klooster met twintig adellijke dames, hebben we voor de lunch rond het middaguur een korte break ingelast. Even lekker in het zonnetje op het terras van 'De Pannekoekenbakker' aan de Hoogstraat. Vervolgens zijn we linea recta naar huis gereden. Daar aangekomen vonden we gevoelsmatig ineens alles behoorlijk groot. Begrijpelijk uiteraard als je een week lang in zo'n klein gezellig smurfenstulpje hebt rond gehangen!
woensdag, oktober 01, 2014
met herfstvakantie
De ritmesectie van een band kan bestaan uit een drumstel of andere slag-of percussieinstrumenten, een basgitaar of contrabas, een piano of/en gitaar. De ritmesectie van 'Hodgepodge' Irish ballads & folk music, bestaat uit: Een bodhran of cajon en één dan wel twee gitaren. Hoewel het de bedoeling is dat de ritmesectie niet al te dominant boven de andere instrumenten uit komt, is ze voor de band en haar publiek van essentieel belang. Met name de bodhrán wordt wel de hartslag van de Keltische muziek genoemd. In Ierland, Schotland, Wales en Bretagne, en zeker ook nog op vele plekken elders in de wereld, is de bodhran in vele ballads en folksongs niet weg te denken. Hoe dan ook, de ritmesectie wordt in het algemeen de motor van een band genoemd, ongeacht wat voor een band. De belangrijkste taak van de ritmesectie is de band aandrijven in een 'constant tempo'. Ze zorgt zo ook voor een groot deel, zo niet het grootste deel, voor het z.g. 'swingeffect' van een band!Gedurende het geplande optreden in 'Centrum De Zin' in Harderwijk op vrijdag 3 oktober a.s. zal vanwege de herfstvakantie van ondergetekende de ritmesectie van 'Hodgepodge' alleen bestaan uit één dan wel twee gitaren. Ben benieuwd hoe deze bezetting zal uitpakken voor band en publiek, we hebben een dergelijke ervaring nog niet opgedaan. De gitaren kunnen de donkere staccato bonk van de bodhran of cajon uiteraard niet vervangen, maar als ze de gitaarakkoorden strak en met een stevig geluidsvolume spelen, zullen de verschillende nummers voor band en publiek naar mijn idee weliswaar anders, maar desalniettemin mooi en representatief overkomen!
Abonneren op:
Posts (Atom)































-west_side_story_(1985)-front-003.jpg)























