dinsdag, september 08, 2020
Twee schatten van wereldburgers.
maandag, september 07, 2020
Twee exposities in het CODA Museum.
In eerste instantie vond ik de tentoonstelling 'The Future is Female - Love Letters' in het CODA Museum in Apeldoorn maar een rommelig geheel. Een vertwijfelde zoektocht naar de zin van deze min of meer conceptuele tentoonstelling. Veel leeswerk en een ratjetoe aan werken aan de wand. Echter bij nader inzien ging ik de tentoonstelling van 41 vrouwelijke kunstenaars die allemaal op hun unieke, eigenzinnige, krachtige of liefdevolle manier een verhaal vertellen toch anders bekijken. Behalve een ode aan materiaal, techniek, stijl en gedachtegoed komen in 'The Future is Female - Love Letters' liefde en een hang naar balans en vastigheid samen met lef en dromen die werkelijkheid worden, en een scherpe blik op wat gelijkheid behelst en begrenst. Het blijft voor mij zo bezien evengoed een lastige tentoonstelling, maar zo kon ik het wel beter waarderen.
De tentoonstelling 'Het huis dat nooit af is' is weer van een heel andere orde. Bijzondere sculpturen van kunstenaar Tirzo Martha (Curaçao, 1965) gemaakt tussen eind 2018 – begin 2020, uitdagingen van een nieuwe poëzie in zijn beeldhouwkunst. Wars van de geschiedenis en voorspelbare aanpak van wat een beeld of sculptuur moet zijn, creëert hij directe en ruwe reacties en reflecties op zowel werkelijke bouwsels als op de omstandigheden op bouwterreinen. De materialen variëren van betonnen blokken, beton, betonconstructies, lampen en elektriciteitspijpen tot hout, glas, autobanden, ingeblikt eten, speciebakken etc. De rituelen, decadenties en afval, een opstapelingen van chaos, structuur en de verbanning van de tradities. 'Het huis dat nooit af is', beelden in de vorm van bijeen geharkt overtollig en willekeurig opgestapeld afval en bouwmateriaal dat van het bouwterrein moet worden afgevoerd, wanneer het eigenlijke bouwproject is opgeleverd. Ik geef er ook maar een draai aan, iets anders kan ik er moeilijk van maken!
vrijdag, september 04, 2020
Rond de Noorderhaaks het zeegat uit.
dinsdag, september 01, 2020
kunst rond het Havik in Amersfoort
zaterdag, augustus 29, 2020
'Vermoorde Kunst' doet leven, dl. 2
woensdag, augustus 26, 2020
Het weidse Groninger landschap.
zondag, augustus 23, 2020
Gaasperdammertunnel, een mooi project
zaterdag, augustus 22, 2020
Onverantwoorde koers langs Mauritius
zaterdag, augustus 15, 2020
upcycling, een duurzame kunstvorm
vrijdag, augustus 14, 2020
't Lalibellum, oude gemeenschapstraditie.
woensdag, augustus 12, 2020
Een hilarische achtervolging in Berlijn.
maandag, augustus 10, 2020
Vuurtoreneiland, een hemel op aarde.
Altijd als ik er langs zeilde, onderweg naar Amsterdam of IJmuiden, dacht ik als ik het huisje daar weer zag: Jeetje je zal daar toch wonen, een hemel op aarde lijkt mij. Ze moeten daarboven in ieder geval van goeie huize komen willen ze dit kunnen evenaren. Water, stilte, licht en lucht rond Amsterdams enige vuurtoren 'Hoek van 't IJ' op het Vuurtoreneiland in het IJmeer. Met een brug, als een soort van navelstreng, nog net verbonden met het vaste land met natuurgebiedje 'IJdoornpolder' aan de Uitdammerdijk en het nabije en pittoreske Durgerdam. In de verte, aan de overkant van het IJmeer, de contouren van IJburg en aan de andere kant het weidse Markermeer.
Vuurtoreneiland, waar je tegenwoordig zowel in de zomer als in de winter lekker kan eten, dateert al van ruim 3 eeuwen geleden. De burgemeester van Amsterdam liet er destijds een stenen vuurtoren bouwen, de 'Lantaarn van IJdoorn'. De huidige gietijzeren vuurtoren, 'Hoek van 't IJ' staat er sinds 1893. In 1809 kreeg het eiland een militaire functie en werd in 1883 deel van de fameuze Stelling van Amsterdam.
Maar tegenwoordig is Vuurtoreneiland volgens mij dus nog enkel een hemel op aarde. Water, stilte, licht, lucht en lekker eten, wat wil je nog meer. Hoewel, de regeling van het laatste element in deze wel enige voorbereiding kost.
zaterdag, augustus 08, 2020
Verkoelend drankje onder de parasol.
donderdag, augustus 06, 2020
Een spookstad aan de oceaan.
Lang geleden liep ik met mijn oudste dochter over de boulevard van Atlantic
City. Geen gezellige boulevard, als je richting zee keek ging het wel, maar de
tegenovergestelde richting was niet fraai. En van een kijkje in één van de vele
casino's waren we ook al niet veel vrolijker geworden. De smakeloze bebouwing werd
overschaduwd door de protserige, in 1990 door Donald Trump (1946) geopende torenhoge
'Trump Taj Mahal Casino', dat Trump zelf als het achtste wereldwonder beschouwde. Het
moest Atlantic City opstuwen in de vaart der volkeren. Het omgekeerde is na
zoveel jaren het geval, las ik ergens. 'Trump Taj Mahal Casino' is praktisch
failliet, het drukt een zwaar stempel op de omgeving die toch al zo naargeestig
is als de pest. Die Trump! Die Trump krijgt met z'n mooie praatjes aanvankelijk
wel vaak wat hij wil, tot het presidentschap van de Verenigde Staten aan toe
zelfs. Maar ook al blaast hij zakelijk gezien vaak hoog van de toren,
uiteindelijk maakt hij lang niet alles waar. De machtigste man van de wereld
leent geld bij het leven, liegt consequent over wat hij waard is, en heeft heel
wat faillissementen aan zijn broek hangen. Mede door zijn toedoen is Atlantic
City een soort spookstad aan de oceaan geworden, waar voor wie niet van gokken houdt
maar weinig te beleven valt.
zondag, augustus 02, 2020
oude normaal in Singer Laren
Bij de entree was het gelijk al duidelijk, hier is één-richting verkeer van toepassing. De pijlen op de vloer lieten niets te raden over. Bij de incheckbalie lieten we als gewoonlijk onze museumkaart zien, als reactie kregen we de vraag of we i.v.m. de corona-misère de tickets reeds online hadden besteld. Nee, dat hadden we niet, we wilden het zo proberen. We hadden mazzel, we mochten door, het was niet al te druk. Om het aantal bezoekers in het museum enigszins te doseren en te reguleren, hadden ze de volgende deur voorzien van een stoplicht. Dat leverde uiteraard wachttijd op. Toen we ook die barrière hadden geslecht, en eindelijk aan de bezichtiging konden beginnen, wees een suppoost ons nogmaals op het één-richting verkeer, waarbij we onderling anderhalve meter afstand in acht dienden te nemen. Tjonge jonge, wat verlang ik in deze weer naar het oude normaal, maar dat zal vrees ik nog wel even duren!
Of toch niet? Werd ik hier soms op mijn wenken bediend? Want het eerste schilderij dat ik daar zag was van de kubistisch-expressionist van de Bergense School Frans Huysmans (Utrecht, 1885 - Zwolle, 1954). Het schilderij uit 1914 heette 'Feest in de Rustende Jager in Bergen'. Prachtig, een verbeelding van het oude normaal van een dikke eeuw geleden, maar het had net zo goed ook vijf maanden geleden geschilderd kunnen zijn. Een teken aan de wand, het komt goed, mijn dag kon niet meer stuk! En een wandeling door Singer's prachtige beelden- en bloementuin, naar een ontwerp van de internationaal bekende landschapsarchitect Piet Oudolf (Haarlem, 1944), maakte de dag alleen maar feestelijker.
donderdag, juli 30, 2020
...typisch Hollandse landschap
Zeezeilen is prachtig, maar als het weer niet meezit en een harde wind al dagenlang uit de hoek komt waar jij net heen wil, zijn er ook leukere bezigheden denkbaar. Daarom zijn wij in het verleden al diverse keren vanaf het IJsselmeer i.p.v. over zee, via de staande mastroute naar Zeeland gevaren. En vaak niet alleen maar omdat het weer niet meezat, maar vooral ook omdat de staande mastroute door het typisch Hollandse landschap zo boeiend is. Over mooie wateren als de Ringvaart Haarlemmermeerpolder, Oude Rijn, Gouwe, Hollandse IJssel, Nieuwe Maas, Noord en meer. En natuurlijk langs en door oud-Hollandse steden als o.m. Amsterdam, Haarlem, Leiden, Gouda en Dordrecht.
De invloed van de zee is op de staande mastroute naar Zeeland voor het grootste deel verwaarloosbaar, behalve op de Hollandse IJssel tussen Gouda en Krimpen a/d IJssel. Op dat gedeelte van de rivier, prachtig meanderend langs de Krimpenerwaard, is de dynamiek van de getijstroom weer merkbaar. Via de Nieuwe Maas staat de Hollandse IJssel hier immers tot aan de sluis bij Gouda in open verbinding met de zee. Het verschil tussen eb en vloed is hier gemiddeld ruim anderhalve meter. Echter de Hollandse IJssel is hier niet alleen om de getijstroom een dynamisch vaarwater. Het is van oudsher een werkrivier. Langs de oevers lagen werven, zeilmakerijen, touwslagerijen en steenbakkerijen. Veel bedrijvigheid is inmiddels historie, maar de geest is min of meer gebleven. Het laatste gedeelte van de rivier is behoorlijk verstedelijkt, op de linkeroever ligt Krimpen aan den IJssel en er tegenover Capelle aan den IJssel. En tussen beide plaatsen in ligt sinds 1958 een stormvloedkering, het was één van de eerste projecten in het kader van de Deltawerken.
De staande mastroute van IJsselmeer naar Zeeland, is veel op de motor varen en weinig zeilen, maar volop genieten van het mooie en typisch Hollandse landschap!
zondag, juli 26, 2020
Een maalstroom van gedachte.
Eén van de opmerkelijkste boeken die ik de laatste tijd gelezen heb is de roman Cliënt E. Busken van Jeroen Brouwers (1940). In de roman, begin dit jaar door DWDD-boekenpanel tot boek van de maand gekozen, is cliënt E. Busken een 'grumpy old man on speed' in het verzorgingshuis waarin hij is opgenomen. Hij is daar echter niet enkel een 'knorrige oude man op snelheid', nee, ondanks dat hij het verdomd om in het verzorgingshuis ook maar een woord te wisselen met wie dan ook, dicht Jeroen Brouwers hem daar een virtuoos taalgebruik toe. De oude en in vele opzichten, lichamelijk en geestelijk versleten E. Busken, speelt vanuit zijn rolstoel als z.g. doofstomme cliënt van verzorgingshuis 'Huize Madeleine' met de Nederlandse taal in een lange innerlijke monoloog. Prachtige zinnen, al hapert het geheugen wel steeds vaker gedurende de dag en komen er steeds meer vraagtekens. De warrige gedachtestroom is soms moeilijk te volgen, maar blijft evengoed boeien. Cliënt E. Busken heb ik a.h.w. in één adem uit gelezen.
zaterdag, juli 25, 2020
...over poëtische assemblages
De Zwolse kunstenaar en postmodernist Pim Trooster (1954), combineert allerlei kunstvormen en creëert zo a.h.w. een nieuwe eclectische beeldtaal. In de expositie 'De Renovatie' in Kasteel het Nijenhuis hebben we nieuw en oud werk van hem gezien, waarin hij o.m. reageert op de collectie van de Fundatie. Bijzonder, hij heeft daartoe in elke kamer van het kasteel één of meerdere werken toegevoegd aan de opstelling, variërend van tekeningen, beelden (poppen), schilderijen, geluidswerken, foto’s, fotokopieën en een videowand.
vrijdag, juli 24, 2020
...hemeltergende architectuur
De in 1944 in min of meer Spaanse stijl gebouwde 'Church By The Sea' in Tampa Bay, Florida, blijkt een toeristische trekpleister te zijn. Het heeft namelijk een toren die er volgens velen uitziet als een kwaaie kip. Maar hoewel ogen, snavel en vleugels van de vogel duidelijk worden gesuggereerd, berust de gelijkenis volgens Bartjens toch op puur toeval. Zou kunnen, maar lijkt mij sterk.
Volgens de Spaanse architect Santiago Calatrava (Valencia, 1951) kan architectuur, techniek en industriële vormgeving een bijdrage leveren aan de kunst. Ontwerpen van zijn hand als bijvoorbeeld het station van Luik-Guillemins en het Olympische Stadion van Athene doen dat inderdaad.
Wie de architect is van de 'Church By The Sea' weet ik niet, maar voor mij levert het kinderachtige ontwerp geen bijdrage aan de kunst. 'Faces in things', toeval of niet, is architectuur van een hemeltergend niveau!
zaterdag, juli 18, 2020
een omweg naar het Nijenhuis
Er zijn vele wegen die naar Rome leiden, zo ook naar 'Kasteel Het Nijenhuis' in Heino/Wijhe. Daarom gingen we deze keer vanuit Harderwijk eens niet over Zwolle, maar via Wezep, Wapenveld en Wijhe naar ons doel. Voor mij van oudsher een route langs allerlei min of meer bekende punten, zoals daar zijn:
de 'Filipsberg'
De Filipsberg is met 50 meter boven N.A.P. het hoogste punt in de stuwwal tussen Wezep en Wapenveld. Vanaf de top had je vroeger een weids uitzicht in oostelijke richting, waar zich bij helder weer de toren van Wijhe in Overijssel aan de horizon aftekende. Ik zie mijn vader nog zo staan met zijn verrekijkertje. Daar is nu geen sprake meer van, de herbeplanting, op het door de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog gekapte stuk bos op de oostelijke helling van de Filipsberg voor de aanleg van een lanceerbaan voor V1-raketten, is al decennia geleden weer tot volwassen hoogte gegroeid.
de Klapperdijk in Wapenveld
Aan de Klapperdijk, in het centrum van Wapenveld, woonden mijn grootouders vroeger op nr. 44. Zowel vanuit de keuken als vanuit de woonkamer had je een mooi uitzicht op de Manenbergerbrug over het Apeldoorns Kanaal
en de Ned. Hervormde kerk incl. de pastorie. Tijden veranderen, dat is bekend, niet alles kan blijven zoals het was, gelukkig maar. Maar hier zijn ze wel even met de botte bijl bezig geweest. Een appartementencomplex die qua schaalgrootte van een totaal andere orde is dan de rest van de bebouwingen aan de Klapperdijk, hebben ze ook nog eens op minimale afstand van de zijgevel van nr. 44 gebouwd. Geen uitzicht en zon meer, waar hebben we nog een welstandscommissie voor?de 'Evergunne of Evergeune'
Vanaf de Klapperdijk kom je via de Kerkstraat en de Werverweg bij de Evergunne uit. De beek waarin ik ooit zwemmen heb geleerd, stroomde vroeger door en langs weilanden naar de Zwarte Kolk. Nu is er tot aan bijna het Kloosterbos een hele woonwijk aan haar oever ontstaan, en ze zijn er nog lang niet klaar mee. Weidevogels zijn hier allang niet meer te bekennen, hoewel dat niet alleen aan de woningbouw te danken is.
de Werverdijk, Marledijk en IJsseldijk
Vanaf de Werverweg draai je de Werverdijk op, die een eind verderop resp. Marledijk en IJsseldijk heet, en bevind je je gelijk in het decor waar o.m. kunstschilder Jan Voerman (1857-1941) zijn inspiratie vandaan haalde, het aloude IJssellandschap. Niets veranderd, nog net als vroeger. Of toch niet?
Want even voorbij gemaal Pouwel Bakhuis, waar ik vroeger met een vriendje tijdens schoolvakanties vaak zat te vissen, hebben ze nieuwe stukken dijk aangebracht met daarin verwerkt, de van beweegbare kleppen voorziene in- en uitlaten van de z.g. hoogwatergeul, die bij waterstanden boven 5,65 meter N.A.P. worden opengezet. Een mini-stormvloedkering, een stuk techniek die het aloude IJssellandschap ter plekke toch wel een heel ander aanzien geeft.Wijhese Veer
Op de afslag Veerweg aan de IJsseldijk, zagen we op de IJssel de veerpont al aankomen, met op de achtergrond de toren van Wijhe. De toren die we dus vroeger vanaf de Filipsberg al konden zien. Het was vrij druk, maar we konden nog mee. Ik sta er altijd weer van te kijken hoeveel auto's op zo'n pontje passen. Hoewel ik bijgeval ook vaak aan het 'Veerpont' lied van Drs. P. moet denken. We moesten voor de oversteek even wachten tot een groot binnenvaartschip voorbij was, maar daarna stonden we met enkele minuten aan de overkant. Heen en weer, 200 keer per dag las ik, je zal toch schipper op zo'n pontje zijn.
'Kasteel Het Nijenhuis' in Heino/Wijhe
Eenmaal aan de overkant reden we over de Dijkstraatweg een eind in noordelijke richting tot aan de afslag Bremmelerstraat aan de rechterzijde, waarna we vervolgens via de Duisterendijk, Wechterholt en 't Nijenhuis mooi rond lunchtijd ons eigenlijke doel bereikten.
We begonnen na de lunch met een wandeling door de ons zeer bekende, maar altijd weer mooie beeldentuin. Daarna hebben we in het kasteel werk bekeken van Augustinus en Mattheus Terwesten, Jan Lievens, Isaac Israels, Jan Baptist Weenix, Bernardo Strozzi, Jan Fabre, Paul Citroen en Jan Cremer. Maar ook werk van de Zwolse kunstenaar en postmodernist Pim Trooster (1954), die met grote vrijheid allerlei kunstvormen combineert en zo a.h.w. een heel nieuwe eclectische beeldtaal creëert.
Tenslotte hebben we de tentoonstelling Relics of the Cold War van Martin Roemers (1962) nog bekeken. Hij fotografeerde tussen 1998 en 2009 de in verval geraakte fysieke resten van de Koude Oorlog, vanuit de gedachte dat die grimmige periode voorgoed geschiedenis zou zijn, maar dat is nog maar de vraag. De foto serie krijgt een enigszins benauwende actualiteit, nu de oude tegenstellingen min of meer lijken te herleven.
Thorbeckegracht Zwolle
Op de terugweg naar huis, met een pitstop in Zwolle, hebben we aan het eind van de middag in de tuin bij onze dochter op de Thorbeckegracht, nog een heel poosje lekker in het zonnetje en een koel biertje zitten ouwenelen.


























