Prachtig weer gisteren, en daar werden we vrolijk van. En gezien de gezellige drukte in de stad wij niet alleen. Onze traditionele zondag p.m. de 15e alweer, hebben we deze keer bij uitzondering op zaterdagmiddag gehouden. Maakt niets uit natuurlijk, het gaat om het samenzijn, evengoed heeft iedereen om allerlei reden toch een voorkeur voor de zondag. Prima, dat is dan voor de volgende keer, zeg maar over 3 à 4 maanden weer aan de orde. Een wandeling langs de waterkant naar het centrum is keer op keer een verademing, het weidse Wolderwijd is een beleving van niveau. Het terras van Monopole zat behoorlijk vol, maar gelukkig konden we met wat inschikken nog een plekje voor ons zevenen bemachtigen. Even later zaten we allemaal met thee of koffie en een appel-, aardbeien- of schuimgebakje voor onze neus over het mooie Wolderwijd uit te kijken, wat een wereldplek is het toch. Na de heerlijke versnapering op het zonnige terras, zijn we over de boulevard langs de indrukwekkende graafwerkzaamheden t.g.v. de aanleg van de nieuwe stadshaven in het Harderwijkse waterfront naar de Vischpoort gewandeld.
De contouren van de nieuwe stadshaven worden steeds duidelijker.
foto: Merjenburgh
Via de pittoreske Vischmarkt, Markt, Hortuspark, Klooster en de Smeerpoortenbrink zijn we vervolgens naar het mooie Stadsmuseum van Harderwijk gewandeld, om met name de expositie 'Huszár van De Stijl' te bezichtigen.
Vilmos Huszár (1884-1960) was één van de vrij onbekende oprichters van 'De Stijl'. De in Boedapest geboren Vilmos Huszár, schilder, tekenaar, beeldhouwer, reclameontwerper en grafisch ontwerper, woonde vanaf de jaren '30 tot zijn dood in Hierden. De expositie van deze 'De Stijl' icoon staat in het teken van de 100ste verjaardag van 'De Stijl'. Het is een mooie verzameling schilderijen en andere kunstobjecten uit zijn Hierdense tijd, samengesteld door Sjarel Ex, die behalve directeur van het Rotterdamse Boijmans van Beuningen Museum, ook een gedegen Vilmos Huszár kenner is.
Na dit gebeuren zat de vijf in het uur. Thuis op het terras hebben we nog een hele tijd van de zon kunnen genieten. Maar op een gegeven moment werd het toch te kil. Binnen aan de eettafel was het echter ook gezellig. De courgettesoep van Joke was heerlijk, mijn risottogerecht was qua smaak prima, maar zo klef als de pest. Lastig, een perfecte risotto maken! Maar goed, met ijs en koffie toe, kwam ook aan deze leuke p.m. weer een eind. De volgende p.m. zal ijs en wederdienende in Kampen worden gehouden.
Van het Aralmeer op de grens tussen Kazachstan en Oezbekistan is nog geen 10% over van het oorspronkelijke oppervlak. Deze krimp is één van de beruchtste door de mens veroorzaakte ecologische rampen in onze tijd. Met een oppervlak van ruim twee keer Nederland was het meer tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw nog één van de grootste meren ter wereld. Het Aralmeer was een grote bron van inkomen en voedsel in de regio. Het is misgegaan toen de regering van de voormalige Sovjet-Unie had besloten om de rivieren die het meer voedden om te leiden, om zo de grote katoenvelden van Oezbekistan en Kazachstan van water te kunnen voorzien. Het desastreuze gevolg was dat het meer alsmaar kleiner werd en veel mensen de dupe, maar dat niet alleen, de opgedroogde vlakten waren waardeloos als landbouwgrond door het grote zout en gifgehalte. Veel mensen in de regio kwamen niet alleen zonder werkgelegenheid te zitten, maar werden ook nog eens ernstig ziek. Schepen in voormalige vissershavens liggen nu ver van het water weg te roesten in een desolate gif-woestijn!
Gedachten die zomaar in mij opkwamen toen ik mijn vijvertje er half leeg gebaggerd bij zag liggen. Een nogal gechargeerde vergelijking, maar daar hou ik zo af en toe wel van. Ons vijvertje droogde niet op door het wegvallen van natuurlijke voedingsbronnen, maar juist door het wegvallen van het behoud daarvan, m.a.w. lekkage! Hoe vaak en hard het ook regende, en hoe vaak we ook bijvulden, de waterstand in ons vijvertje kwam zelden of nooit meer op het oorspronkelijke niveau. Uiteindelijk kwamen wij er al baggerend achter op welk niveau het lek, of de lekken zich moesten bevinden. We vonden er tien, waarschijnlijk veroorzaakt door reigers toen ze bij het verschalken van een visje door de inmiddels behoorlijk bros geworden vijverfolie prikten. De hele vijver vervangen zag ik nog even niet zitten, plakken dus. In tegenstelling tot het verre Aralmeer, is ons vijvertje inmiddels weer op het oorspronkelijke niveau teruggebracht. De tijd zal ons leren of we lekken over het hoofd hebben gezien!
Blije Bietjes FoodFestival! Wat een infantiele naam 'Blije Bietjes', hoe verzin je het. Maar het schijnt met een knipoog te willen verwijzen naar allerlei vergeten groenten, en dan vind ik het toch ook wel weer een grappige naam. Het is een festival waar iedereen kennis kan maken met lokaal en eerlijk geproduceerd voedsel, waarbij bewust extra aandacht wordt besteed aan natuur en dierwelzijn. 'Blije Bietjes' is het inspiratie platform voor eerlijk en lekker eten. Een mooi initiatief van de Stichting Underground Harderwijk, die het festival gisteren en vandaag heeft georganiseerd in het Plantagepark van Harderwijk.
Toen het gisteren aan het eind van de middag droog leek te worden, hebben we ons even door de 'blije bietjes' laten verleiden. Onderweg begon het echter alweer te miezeren, maar we lieten ons nu niet kennen. Het festivalpark lag er ondanks de feestelijke opstellingen van allerlei stands en z.g. foodtrucks (restaurant op wielen, absoluut geen veredelde snackkar of loempiakraam) toch enigszins desolaat bij. Op een aantal plekken in het park hadden ze stro neergegooid op het gras, waarschijnlijk om zo te voorkomen dat het een te grote blubberzooi zou worden. Hier en daar liepen wat mensen zoals wij tussen natte lege stoelen en banken te banjeren. Met de belofte dat vandaag de zon nog achter de wolken vandaan zou komen, probeerde een bandje op een overdekt podium sfeer te scheppen, en elders op het terrein bliezen ze grote zeepbellen ter vermaak van een paar kinderen. Toen het weer harder begon te miezeren, nam in alle hevigheid het gevoel toe dat we ons op deze, in potentie prima plek, op een verkeerd moment bevonden. Veel woorden hadden we dan ook niet nodig, even later waren we weer thuis.
Jammer, maar vandaag ziet het er echter veel beter uit met het weer. Vandaag zal het zo te zien ongetwijfeld een blije 'Blije Bietjesdag' worden!
De 'Taj Mahal', het wit marmeren mausoleum in Agra in de deelstaat Uttar Pradesh in India, wordt geroemd om de volmaakt uitgevoerde symmetrie, de verfijnde decoraties in de vorm van kalligrafieën uit de Koran, de marmeren reliëfs en het ingelegde steenwerk en niet op de laatste plaats vanwege het subtiele lichtspel, dat het gebouw steeds een ander aanzien geeft. Shah Jahan, de vijfde heerser van het Mogolrijk, had kennelijk gevoel voor smaak, hij liet het kolossale grafmonument tussen 1632 en 1648 bouwen als laatste rustplaats voor zijn geliefde echtgenote Mumtaz Mahal, die in 1631 in het kraambed was overleden. Na de dood van Shah Jahan werden daar ook diens resten bijgezet.
Shah Jahan slaagde in zijn ambitie om een monument voor eeuwen neer te zetten. De 'Taj Mahal' is een van de meest herkenbare gebouwen ter wereld en een symbool van India. In 2007 werd de 'Taj Mahal' verkozen tot een van de zeven nieuwe wereldwonderen. Het gebouw wordt jaarlijks door miljoenen bezoekers bezocht. Voor velen van hen is het mausoleum vooral een romantische ode aan de liefde.
Maar een afbeelding van de 'Taj Mahal' op de menukaart van TAJ, een Indiaas restaurant in Almere, doet vermoeden dat ze daar vinden dat de verfijnde decoraties in het volmaakt symmetrische wereldwonder niet alleen een romantische ode aan de liefde is, maar ook een culinaire ode aan de verfijnde smaak van de Indiase keuken. En terecht, de 'Lamb Saag' met een 'Kulfi' na, gingen er gisteravond tijdens ons Herenleedetentje bij mij in ieder geval nog lekkerder in dan de spreekwoordelijke koek!
Jammer, maar ons jaarlijkse familiefietstochtje, de 23 ste alweer, viel deze keer letterlijk in het water. Een unicum kunnen we wel stellen, in de afgelopen 23 jaar hebben we dat nog niet eerder meegemaakt. We hebben wel eens een dag gehad dat we de fietstocht vanwege aanhoudende buien voortijdig afbraken, maar dan hadden we toch nog een eindje gefietst. Deze keer hebben we de fietsen gewoon thuisgelaten en zijn we maar wat anders gaan doen. Maar voor het zover was werden we in restaurant Campman in Renkum wel eerst door de organisatie op koffie met gebak getrakteerd. Want zo beginnen we ons jaarlijkse fietstochtje altijd, wie organiseert trakteert, deze keer waren Jeanette en Geert de klos. Na de taart togen we met z'n allen richting Museum Arnhem. Er waren diverse tentoonstellingen t.w. RAVAGE, een mode-expositie van de heren Clemens Rameckers (1949) en Arnold van Geuns (1949), een dubbeltentoonstelling over onze grote kunstkenner Pierre Janssen (1926-2007) en de tentoonstelling 'Waarom ik van je houd' van de Iraanse fotografe Negin Zendegani over internationaal geluk in het rijtjeshuis. Prachtig allemaal! Rond vijf uur waren we terug in restaurant Campman, waar we het aperitief zowaar buiten op het terras konden genieten. Maar voor het diner werden we weer binnen verwacht, waar ze reeds een lange tafel feestelijk voor ons veertienen hadden gedekt. 't Was gezellig, lekker gegeten, lekker geouweneeld over van alles en nog wat. Rond een uur of halfnegen zat het erop en gingen we allemaal weer goedgemutst ons weegs.
In de onlangs door kunstenares Marte Röling geopende tentoonstelling Vrouwen Uit de kunst! in het Noord-Veluws Museum in Nunspeet, hebben we een grote diversiteit aan mooie kunstwerken gezien. Het zijn werken van zestien, van de ruim vijftig vrouwelijke kunstenaars, die in de periode 1880-1950 gedurende kortere of langere tijd op de Noordwest Veluwe hebben gewerkt t.w. Anna Kerling (1862-1955), Anna Lehmann (1876-1956), Sientje Mesdag-van Houten (1834-1909), Blanche Douglas Hamilton (1853-1927), Ima van Eysinga (1881-1958), Marie Wandscheer (1856-1936), Hedwig Kleintjes-van Osselen (1871-1936), Stans Balwé (1863-1954), Chrisje van der Willigen (1850-1931), Suze Robertson (1855-1922), Meta Cohen Gosschalk (1877-1913), Aletta van Thol-Ruijsch (1860-1930), Kitty van der Mijll Dekker (1908-1994), Jo Koster (1868-1944), Guusje Sundermeijer (1923) en Gaby Bovelander (1931).
Van het leven en werk van veel van de vrouwelijke kunstenaars die tussen 1880 en 1950 op de Noordwest Veluwe hebben gewerkt is eigenlijk maar weinig bekend. Voor ons was de tentoonstelling Vrouwen Uit de kunst! in ieder geval een ware ontdekkingsreis!
Het ziet er naar uit dat orkaan Irma op Sint Maarten enorm huishoud. De eerste beelden laten zien dat er tot nu toe op het eiland al een enorme ravage is aangericht. In de hoofdstad Philipsburg is sprake van zware overstromingen en schade. Op dit moment ligt Sint-Maarten in het oog van de orkaan en is het even rustig. Een eilandbewoner zag dat alles rond het huis verdwenen was, bomen, struiken, hekken noem maar op. En de tweede fase van de orkaan moet nog komen! Toen die zich al snel weer aandiende, sloten ze zich weer op in hun zwaar gebarricadeerde woning, waar ze met z'n allen aan de keukentafel de verdere ontwikkelingen van de orkaan gingen afwachten. Ik wens mijn achternicht en facebookkennis Esmée Browne-vd Heiden en haar geliefden op Sint Maarten heel veel sterkte toe in deze categorie 5 orkaan, met windsnelheden rond 300 km/u!
De aria 'Lascia ch'io pianga' uit de opera 'Rinaldo' van George Friedrich Händel (1685 – 1759) die in 1711 in première ging, is ook zo'n passage die vaak buiten de context van de opera door menig sopraan wordt opgevoerd. In de aria bezingt Almirena, de geliefde van Rinaldo, haar tragische lot. Ze is door de tovenares Armida uit de handen van haar held gekaapt en wordt nu gevangen gehouden in Armida’s paleis.
Ze zingt 'Lascia ch’io pianga la dura sorte E che sospiri la libertà! Il duol infranga queste ritorte de’ miei martiri sol' per pietà'. Ofwel 'Ik laat tranen vallen over het harde lot, en slaak een zucht naar de vrijheid! Breek in mijn smart deze banden, die mij knellen, alleen uit genade'.
Haast euforisch van de serene sfeer die we in alle vrijheid op het IJsselmeer in ons zeilbootje vaak beleefden, hebben we aan boord deze door Cecilia Bartoli (1966) bezongen 18e eeuwse smartlap vaak opgezet. Over buiten de context gesproken!
Als er één passage uit de opera 'Norma' (1831), hét meesterwerk van Vincenzo Bellini (1801-1835) een eigen leven is gaan leiden, dan is het wel de cavatina (kort lyrisch zangstuk voor solist) 'Casta Diva'. De opera gaat over de hogepriesteres Norma, die verscheurd wordt tussen haar liefde voor de Romein Pollione, bij wie ze twee kinderen heeft, en haar trouw aan de druïden, die de strijd tegen de Romeinse bezetter willen aanvangen. Norma moet het teken daartoe geven, maar ze wacht ermee, omdat ze bang is voor het lot van haar geliefde, die haar ondertussen ontrouw is, maar dat weet ze nog niet. Tijdens de ceremonie die tot de strijd moet leiden, bidt Norma in de aria tot de godin van de maan om vrede. De rijke melodie van 'Casta Diva' werd door menig operazangeres vertolkt, maar de beroemdste was misschien wel Maria Callas (1923-1977).
De eigenaar van Huize 'Casta Diva', een tamelijk lux hotel met een aantal cottages in de heuvels iets ten noorden van het centrum van Pretoria, is operaliefhebber, vandaar de naam. Vanaf een iets hoger gelegen heuvel, pal achter onze cottage keken we in de verte uit op het centrum van Pretoria en een daarachter gelegen hoge bergrug. Heel bijzonder was dat het panorama overwegend paars gekleurd was van duizenden bloeiende Jacaranda's, zover je keek, overal Jacaranda's. Maar daartussen toch ook hier en daar grote plukken fel rood bloeiende Koraalbomen en nog aardig wat geel bloeiende bomen. Prachtig, wat een landschap, we raakten niet uitgekeken, oktober, lente in Zuid Afrika! Hier moest ik weer eens aan denken toen ik onlangs Maria Callas de aria 'Casta Diva' hoorde zingen, een opname uit 1957.
De zee heeft vele gezichten, gezichten die me door haar enorme zeggingskracht doorgaans blij stemmen. Van stormen, zeg maar alles boven de 7 Bft. wordt ik echter alleen maar blij als ik lekker in een haven lig afgemeerd, en van mist hou ik helemaal niet. Maar je hebt het niet altijd in de hand, je wordt door beide weertypen wel eens overvallen, zeker tijdens langere, meerdaagse zeiltochtjes.
Het nadeel van mist op zee, wat eigenlijk best vaak voor komt, is dat je niks ziet, en het ijzeren zeil moet gebruiken omdat er weinig of geen wind is, dus je hoort de geluiden om je heen ook nog slecht. Met radar, ais en gps aan boord is het tegenwoordig een stuk ontspannender varen, maar dan nog vind ik het vervelend. In de jaren 80 had ik een kompas, een log, een dieptemeter en een ap navigator (middels kustbakens) aan boord. En dat ging prima, behalve bij mist dus, dan stonden alle zintuigen op scherp. Was je de diepwaterroute goed over, dan kreeg je de banken langs de Engelse oostkust. Toen we 's morgens vroeg op weg naar Dover, lichtschip 'East Goodwin' in de grijze mist zagen opdoemen, was mijn geestesgesteldheid al veel eerder op de proef gesteld door het naargeestige geloei van haar nautofoon. Maar ach, we waren toch ook weer heel blij, alles was immers goed gegaan, en de mist trok op, nog een paar uurtjes dan waren we in Dover en dan nemen we er één of twee.
Ampie's Berg in 't Harde, ofwel een 15 meter hoge tiroleralp op de Veluwe. Op de flanken en aan de voet van de zelfgemaakte alp klaterende watervallen, vijvers en rotspartijen te midden van een overweldigende zee van bloemen. Ik heb zelden zoiets bijzonders gezien. Het stukje berglandschap is het resultaat van een halve eeuw buffelen door het echtpaar Ampie en Batje Bouw, die lang geleden geïnspireerd zijn geraakt tijdens een vakantie in Oostenrijk. Hun prachtige levenswerk, waar ik tot voor kort nog nooit van gehoord had, schijnt jaarlijks duizenden bezoekers te trekken uit het hele land. Prachtig, we komen er ook zeker nog eens terug!
Voor een 'leuk dagje eropuit in Drenthe' moet je jezelf wel beperkingen opleggen, want er is daar veel te zien en te beleven. Onlangs heb ik in Eelde samen met J en beide zussen Museum De Buitenplaats en Museum Vosbergen bezocht, en daar hadden wij onze handen vol aan. Toen we rond halftwaalf in Eelde arriveerden, hebben we eerst maar eens een kopje koffie genomen op het zonnige terras van museumcafé De Buitenplaats.
plattegrond tuin De Buitenplaats
Waarna een wandeling door de museumtuin volgde. De tuin, ontworpen in samenspraak tussen één van de initiatiefnemers en oprichters van Museum De Buitenplaats, Janneke van Groeningen-Hazenberg (1943-2007) en tuin- en landschapsarchitecten Copijn Utrecht, werd in de zomer van 2000 geopend door Margreeth de Boer, commissaris van de koningin in de provincie Drenthe. De tuin heeft een organisch en een meer formeel gedeelte, het organische deel van de tuin sluit aan bij het dak van het door architect Ton Alberts (1927-1999) ontworpen museumpaviljoen, dat in 1996 door koningin Beatrix is geopend. In dit deel ligt ook de beeldentuin. Op het voorplein van het museum, tegen de helling van het dak en aan weerszijden van de omringende gracht, maakte beeldhouwer Pieter Jan Kuiken stapelingen van baksteen. Achter het z.g. Nijsinghhuis bevindt zich het meer formele gedeelte met geometrische bloemenborders, een spiegelvijver en een appelhof. In dit gedeelte is ook een slangenmuur met rozen en druiven aangelegd. Zichtlijnen langs waterloopjes en borders zorgen voor verbinding tussen de twee delen. Prachtig allemaal!
een z.g. eitempera maken
En toen waren we toe aan de tentoonstelling 'An Englishman Abroad', waarin Museum De Buitenplaats de schijnwerpers heeft gericht op de Britse, realistische schilder Michael Reynolds (1933-2008). Veel portretten, schurende portretten ook, maar van een kwaliteit die maakt dat je er lang naar blijft kijken, het vakmanschap spettert er vanaf. En niet alleen van de mens die hij schildert, ook de textuur van kleding en achtergrond weet hij nauwkeurig te vangen. Hij gebruikt daarbij een opvallend losse penseelstreek en overwegend natuurlijke kleuren. Reynolds is een echte colorist die direct op het doek schetst met zelfgemaakte tempera (Italiaans voor mengen of roeren), die hij pas in een later stadium opwerkt met olieverf. In de boeiende video 'A brush with Sewell' die we daar zagen, maakte en gebruikte hij een eitempera. We zagen het ontstaan van het portret van Brian Sewell, een bevriende Engelse kunstenaar en criticus. Bijzonder om te zien hoe aarzelend en tegelijkertijd trefzeker diens gelaat opdoemde uit een wirwar van ogenschijnlijk zoekende penseelstreken. Het portret maakt deel uit van de expositie. Fascinerend, vakmanschap blijkt eens te meer meesterschap!
Alvorens af te reizen naar Museum Vosbergen hebben we op het terras van museumcafé De Buitenplaats geluncht. Het duurde wel even voordat we daar aan onze trekken kwamen, maar ach wat gaf het, we zaten heerlijk in het zonnetje en hadden geen haast.
Rond een uur of half drie parkeerden we de auto nabij Museum Vosbergen. Een museum gewijd aan muziekinstrumenten gevestigd in een villa op het landgoed Vosbergen in Eelde. Heel bijzonder, vele honderden muziekinstrumenten verzameld in meer dan zestig jaar door ene Dick Verel. Een unieke collectie die we hebben kunnen bewonderen in het in 2002 geopende museum, dat hij samen met zijn echtgenote Rieteke runt. We werden bij aankomst verwelkomt door Rieteke en kregen tekst en uitleg over het één en ander. De heer des huizes was net met een gezelschap aan een rondleiding begonnen en vertoefde al elders in het museum, maar we mochten evengoed nog aansluiten als we dat wilden. Dan konden we daarna het eerste gedeelte op eigen houtje nog doen. Prachtig, die Dick Verel is volgens mij helemaal idolaat van al die muziekinstrumenten, bevlogen wist hij niet alleen veel te vertellen over de verschillende en vaak vele eeuwen oude instrumenten, hij wist er ook nog muziek uit te krijgen. En toen we later na de rondleiding in de ontvangstkamer koffie met een gebakje zaten te nuttigen, werden we en passant ook nog uitgenodigd voor een concert in een ruimte die ze daar de zaal noemen. Wat een museum, ik kom er zeker nog eens een keer terug!
Een trio bestaande uit een pianist, een cellist en een violist speelde drie stukken van resp. Johan Svendsen, Felix Mendelssohn en Astor Piazzolla, alles bij elkaar zo'n halfuurtje mooie muziek, ondanks het feit dat ik de violist een gigantische zager vond. Ik begreep nu ook waarom hij van tevoren zo nadrukkelijk zei dat hij maar een amateur was. Van mij had hij dat niet hoeven zeggen, ik heb alleen maar respect voor mensen die durven te proberen. Het was gewoon een hardstikke leuk sfeertje daar in die zaal, het applaus was dan ook meer dan verdient!
We hebben het 'leuk dagje eropuit in Drenthe' passend afgesloten met een gezellig aperitief en etentje in Café Restaurant De Brink in Dwingeloo.
Het fietstochtje van ongeveer 20 km door het prachtige buitengebied van Diepenheim en Goor, leidde ons in het kader van de eerste editie van 'Heerlijck Zicht', een soort van beeldenroute, langs een twintigtal landschapskunstwerken van evenzoveel verschillende kunstenaars. Een mooi tochtje door het prachtige Twentse coulissenlandschap, maar wat de kunst betreft vond ik het gros, op enkele werken na, van middelmatig niveau. Een opmerking die mogelijk blasé overkomt omdat ik in de loop der jaren misschien een wat verwend kunstkijkertje ben geworden, maar dat zij dan maar zo. Werken als 'De Witte Wieven' van Linda Anneveld (1974), 'Gekleurde brug' van Wia van Dijk (1954), 'Hooidier/Takkenbeest' van Michael Hoedjes (1957) en 'The Colors of Music III' van Dirk Hakze (1957) sprongen wat mij betreft boven de middelmaat uit.
Daarnaast hebben we tijdens ons fietstochtje de 'Gazebo van Diepenheim' gezien, een uniek Land-Art project van de Belgische kunstenaar Urbain Mulkers (1945-2002) dat hij daar op initiatief van de Kunstvereniging Diepenheim omstreeks 1998 heeft gerealiseerd. Omzoomd door een dubbele rij van 136 rode beuken zijn daar destijds 1393 Hosta-soorten geplant. In 2014 is het 'Gazebo van Diepenheim' in opdracht van Kunstvereniging Diepenheim verrijkt met 'MONOMET', een in cortenstaal uitgevoerd kunstwerk van de Nederlandse kunstenaar Lucas Lenglet (1972). Een kunstwerk in een kunstwerk zou je kunnen zeggen, dat tevens dient als uitkijkplatform voor de 'Gazebo van Diepenheim'.
De kleur van het cortenstaal, die het midden houdt tussen de oranje tinten van uitgegroeide hosta’s in het vroege najaar en de rode beuken die rondom het 'Gazebo van Diepenheim' staan, is over het pompgemaal van 'Waterschap Vechtstromen' heen geplaatst. 'MONOMET' is geheel van cortenstaal gemaakt, de naam verwijst naar een monoliet, een op zichzelf staande steen met een rituele betekenis zoals bijvoorbeeld een menhir.
'Arent thoe Boecop', een oudheidkundige vereniging uit Elburg heeft er voor gezorgd dat op de oude fundamenten van de Sint-Ludgeruskerk in 1985 een monument, tevens toeristisch rustpunt is gerealiseerd, waarbij de verschillende bouwfasen uit het verleden zichtbaar zijn gemaakt. De eerste fase, van dit zo dicht aan de zeekust gebouwde kerkje, dateert al van rond het jaar 1100 is uit archeologisch onderzoek gebleken. Onbegrijpelijk eigenlijk dat ze op deze plek, die ik zelfs tot op de dag van heden nog als een plek in the middle of nowhere zie, ooit een kerk hebben gebouwd. Een plek bovendien aan een kust die in het verleden nogal eens door stormvloeden werd geteisterd. De kerk, gewijd aan de heilige Ludgerus, die van Friese afkomst was, scheen tot de goederen van klooster Werden aan de Ruhr, het huidige Essen, te behoren. Mogelijk dat destijds de nadelen en gevaren van deze plek niet goed door de stichters werden ingeschat, hoewel ze de noordzijde van de kerk wel hadden beschermd middels een fors aantal grote zwerfkeien van de Veluwe. Het kerkje heeft in de loop der eeuwen om allerlei reden diverse veranderingen ondergaan. Het einde kwam echter in het najaar van 1825, toen het kerkje in een storm door de bliksem werd getroffen, en inclusief naastgelegen boerderij tot de grond toe afbrandde. Een traditie van bijna duizend jaar christelijke erediensten op deze plek behoorde daarmee voorgoed tot het verleden!
Zoals gezegd is het nu dus sinds 1985 behalve monument ook een toeristisch rustpunt, dat is opgenomen in het fietspadenplan van de Veluwe. Vanuit de aanpalende vogelkijkhut aan de rand van het Veluwemeer zagen we gisteren behalve heel veel zwanen ook vier flamingo's foerageren.
Wandelend langs Hotel American richting parkeergarage, zie je direct over de brug aan je rechterhand in het Leidsebosje een paar oude Platanen. Op de onderste tak van één van de Platanen staat al decennia lang een mannetje hevig zijn best te doen de tak door te zagen waarop hij notabene staat! Je moet het weten anders loop je er zo aan voorbij zonder het te zien, zeker in de zomer als het lommer welig tiert. Het 'Boomzagertje' dat al min of meer is vergroeid met de Plataan, is daar ooit in een winternacht in 1989 door een anonieme kunstenaar neergezet. Het was zijn tweede kunstwerk in de stad, eerder al, in 1982 stond er in het Tweede Marnixplantsoen op een ochtend ineens een beeld dat de 'Man met vioolkist' is gaan heetten, of ook wel 'Man probeert lijn 10 te halen'. Uiteindelijk is bekend geworden dat de anonieme kunstenaar een Amsterdammer is die zijn brood verdient als medicus, maar in zijn vrije tijd de beeldhouwer uithangt. De gemeente Amsterdam heeft de vrolijk stemmende kunstwerken op voorwaarde van een blijvend anonieme status van deze persoon in eigendom gekregen. Naast beide genoemde werken zijn er later in de stad nog vier werken van zijn hand bijgekomen t.w. 'De violist' (1991) in de hal van de Stopera, 'Borsten' (1993) op het Oudekerksplein, 'De harmonicaspeler' (1994) in de Anjelierstraat en 'Drie heertjes in gesprek' (1995) in de Kinkerstraat.
Het gebied om en nabij het EYE en de Amsterdam Toren in Noord verandert door allerlei bouwactiviteiten met de dag. Desondanks hebben wij onlangs de parkeergarage onder de A'dam Toren met enige moeite weten te bereiken. De bouw van twee torens aldaar, eentje van 100 meter hoog en eentje van 110 meter hoog, zal de skyline van Noord een totaal ander aanzien geven. De nieuwe wolkenkrabbers, zoals ze al worden genoemd, moeten rond 2020 worden opgeleverd. Ja, ja, het ooit zo platte Noord in amper drie jaar omgetoverd tot een soort van Manhattan aan het IJ!
Voor de grote overzichtstentoonstelling over Martin Scorseses werk, leven en passies die we na de koffie in het EYE hebben bekeken, moeten we nog maar eens een keer terugkomen. Het vrijwel complete oeuvre van zijn werk was voor ons teveel in één keer. Martin Scorsese (1942), de regisseur van klassiekers als Taxi Driver, Raging Bull en The Wolf of Wall Street heeft in de loop van de tijd een uniek filmisch handschrift ontwikkeld. Opgegroeid als zoon van Italiaanse immigranten in Little Italy in New York, schetst hij in zijn films een enerverend beeld van dit hechte milieu waarin familie, geloof en vertrouwen centraal staan. Onderstaande trailer bracht ons niet alleen middels de beelden terug naar de sfeer van zijn filmklassiekers, waarin het niet altijd zachtzinnig aan toegaat, maar door het nummer 'Then He Kissed Me' van de New Yorkse meidengroep 'The Crystals' ook en vooral naar de muziek van zomer 1963, toen Joke en ik elkaar voor het eerst tegen het lijf liepen, we werden er blij van.
Na de lunch met veel te hard gebakken kroketten en brood, begaven we ons in het EYE naar cinema 4 voor de Frans/Belgische film 'Une Vie' uit 2016. Een twee uur durend onopgesmukt, naturalistisch verslag in een vierkant beeldformaat van het volwassen leven van de negentiende-eeuwse deemoedige dochter van een baron, die een hardvochtige burggraaf trouwt die haar van haar idealen berooft. Een onthutsend portret van hoe een onbevangen geest verstrikt raakt in morele kaders, beloftes en bedrog. Een film naar het gelijknamige boek van Guy de Maupassant (1850-1893) die is bekroond met de prijs van de internationale filmkritiek op het Filmfestival van Venetië. Een film met goede recensies ook, evengoed was ik blij dat ik na de twee uur durende beklemming kon terug keren naar onze tijd!
De jachthaven van Durgerdam is natuurlijk niet alleen de thuishaven van WSV Durgerdam en ZV Het Y, ook aardig wat passanten meren nogal eens af in, zoals de Durgerdammers zelf zeggen mooiste jachthaven van Nederland. Maar daar zijn de meningen denk ik wel over verdeeld, in ieder geval wel wat mij betreft, mooi en schilderachtig oké, maar 'de mooiste van Nederland' vind ik overdreven. Zondagmiddag 6 augustus j.l. hebben we dit haventje weer eens een keertje aangelopen voor een bezoekje aan Simone en Wilco op de 'Poolster' die daar als passant lag afgemeerd. Niet meer op eigen kiel, want een zeiljacht hebben we al een tijdje niet meer, nee deze keer met eigen auto via de Durgerdammerdijk. Van daaraf zagen we hun prachtige Lemsteraak al liggen aan de steiger. En zo zaten we even later met z'n zevenen in de kuip aan de koffie. Na de koffie dronken we uiteraard iets anders, en kwamen er toastjes op tafel en weet ik allemaal niet wat nog meer voor een lekkers. Het werd steeds gezelliger, maar op een gegeven moment kregen we behoefte om de beentjes even te gaan strekken. Aldus geschiedde, met het havenpontje trokken we onszelf weer naar de overkant en de dijk, en wandelden we even later richting de 'Kapel' en verder naar het fraaie terras van 'De Oude Taveerne', dat ze daar 'Pier 73' noemen. Terug in de haven zijn we blijven steken voor de beeldbuis in clubgebouw 'Zeilvereniging Het Y', om de finale van EK Vrouwenvoetbal te volgen. En ook dat was natuurlijk genieten, helemaal toen ze kampioen werden, wat een sfeertje. Laat mannen als Willem van Hanegem en Ronald Waterreus maar kletsen met hun zure geneuzel, vrouwenvoetbal is prachtig! Tenslotte hebben we de dag met z'n allen min of meer besloten met een etentje in 'De Proeverij Landmarkt' aan de Schellingwouderdijk in Schellingwoude. Rond elf uur waren we thuis en konden we het staartje van Zomergasten nog net meepikken, presentatrice Janine Abbring en haar gast psychiater Glenn Helberg dansend op de klanken van Louis Armstrongs 'What a wonderful world', en zo is het!
De expositie in Stadsmuseum Harderwijk van Vilmos Huszár (1884-1960), één van de onbekende oprichters van 'De Stijl', hadden we al gezien (zie mijn stukje ..Haszàr in het Stadsmuseum van 30-6-'17), die hebben we dus maar aan onze Amsterdamse vrienden overgelaten. Maar de rest van de dag waren Jan en Vera ons te gast en zijn we samen opgetrokken. Om te beginnen hebben we de Harderwijkse binnenstad bekeken en de in uitvoering zijnde stadsontwikkelingen. Daarna zijn we, na een wandelingetje in de 17e eeuwse kasteeltuin van Landgoed Staverden en een drankje op het terras van Brasserie Staverden, doorgereden naar Radio Kootwijk.
We konden deze keer niet naar binnen, maar een wandeling om het rond 1920 gebouwde voormalige radiostation, naar een ontwerp van de Amsterdamse architect Julius Luthmann (1890-1973), spreekt keer op keer tot de verbeelding. Het geheel uit beton in art deco stijl opgetrokken gebouw, ligt daar al bijna een eeuw als een groot mythisch wezen in het weidse landschap. Ook die prachtige beeldhouwwerken van Hendrik van den Eijnde (1869-1939) in de voorgevel en de achtergevel van het gebouw trekken altijd weer de aandacht. In de voorgevel boven de entree een sculptuur met vrouwenhoofden, één met een Europese uitdrukking, en één met een Aziatische uitdrukking, beiden met de handen achter de oren. En de open mond in het gezicht tussen de beide vrouwen symboliseert de omroeper. De sculptuur van de Adelaar op de achtergevel is een symbool van de vrijheid, het verbeeldt de vlucht van de radiogolven, de vlucht van het geluid!
Terug in Harderwijk hebben we in hotel café restaurant 'Monopole' een waardig punt achter de mooie dag gezet. Prachtig, en op het Wolderwijd zagen we de zon in een haast adembenemend fraaie wolkenlucht uiteindelijk achter de horizon wegzakken.
Geen SIM-kaart|Alleen noodoproepen las ik op het schermpje, telefoneren met mijn smartphone ging dus niet meer, verder was alles oké. Van alles geprobeerd, KPN klantenservices, nieuwe SIM-kaart, terugzetten in de fabrieksstand, maar zonder resultaat. Wat is dat nou, zo'n duur ding van amper 2 jaar oud kan toch nu al niet stuk zijn? Ja zeker wel, een bekend probleem aldus een bedrijfje in Amersfoort, maar wij kunnen het maken voor €. 45,00. Het was een uurtje werk voor ze, dus hebben we in de binnenstad op de Hof tegenover café 'De Blauwe Engel' en de Sint-Joriskerk maar zolang een terrasje gepikt. Mijn gedachten gingen daar even terug naar de jaren zeventig, toen café 'De Blauwe Engel' nog café 'De Petomaan' heette. Een onvergetelijk café waar ik 's middags met een paar collega's nogal eens lunchte, ik werkte toen op een architectenbureau in de nabij gelegen Elleboogkerk, (zie mijn stukje 'Elleboogkerk' van 23 oktober 2007).
In café 'De Petomaan' hingen destijds niet alleen foto's aan de wand van Joseph Pujol (1857-1945), de roemruchte 'Petomaan van Parijs', maar ook van geïnspireerde cafébezoekers die meededen aan een georganiseerde wedstrijd scheten laten, na gezamenlijk uiteraard eerst een voedzame maaltijd te hebben genuttigd met veel uien e.d. Bizar, maar verder was het een normaal café, waar we destijds heel wat hebben afgelachen. Inspiratiebron Joseph Pujol had natuurlijk een afwijking. Het verhaal is dat hij op een gegeven moment tot zijn ontsteltenis ontdekte dat tijdens een zwempartij water zijn anus binnenstroomde en er weer uitstroomde als hij het bad verliet. Maar een dokter stelde hem gerust, het was niet ernstig. Tijdens zijn tijd in het leger vermaakte hij zijn kameraden door water en/of lucht in zijn anus op te zuigen en weer uit te blazen. Hij kon gecontroleerd allerlei soorten scheten laten. Scheten zonder onaangename luchtjes, want ze werden dus niet geproduceerd door darmgassen maar door ingezogen lucht. In 1887 begon hij met professionele optredens en reisde hij succesvol door heel Frankrijk. Tot zover de petomaan.
In de Sint-Joriskerk stonden de deuren uitnodigend open. Aanleiding was de expositie Forever Young, 100 jaar De Stijl, georganiseerd door het Landelijk Kunstenaarsgenootschap de Ploegh in Amersfoort. De boodschap van Forever Young, 100 jaar De Stijl, is dat ze na een eeuw hedendaagse kunstenaars nog steeds weet te inspireren. De Ploegh nodigde daarom vijf jonge academieverlaters en achttien gevestigde kunstenaars uit om hun sculpturen en schilderijen te laten zien in o.m. de Sint Joriskerk. Een leuke expositie die we toch zomaar in de schoot geworpen kregen!
Het uur wachten was inmiddels wel verstreken, dus op naar de reparateur van m'n telefoontje. Maar dat viel tegen, het ding werkte ondanks de nieuw ingebouwde onderdelen nog niet. Wat nu? Ik kan ze weer uitbouwen, dan hoeft u maar een tientje te betalen was het voorstel. Ja dat lijkt mij wel het minste wat u kan doen, en zo geschiedde. Dan toch maar een nieuw telefoontje. Toen we onze auto weer opzochten wandelden we toevallig langs 'Kunstplein Cahen', gevestigd in een opvallend gebouw, de 'Stad van Cahen' genoemd, een bijzondere ruimte voor wisselende exposities en activiteiten met uiteenlopende onderwerpen aan de Amersfoortse Muurhuizen, dat in de 1988 is gebouwd naar een ontwerp van architect Abel Cahen (1934), bekend van o.m. het Joods Historisch Museum en een exclusief woonhuis van prefab betonnen elementen aan de Singel in hartje Amsterdam. Jammer genoeg was 'Kunstplein Cahen' gesloten, een nader bezoek bewaren we maar tot een volgende keer.