zaterdag, januari 29, 2011

Sonny Boy



Vrijdagavond, het is donker maar glashelder en windstil, en het vriest een beetje. De sfeervolle wandeling langs het Wolderwijd naar het centrum is een verademing. In de verte aan de overkant van het water de lichtjes van Zeewolde, voor ons aan het Wellenpad de weerschijn van het markante Blokhuis op het flinterdunne ijs van de ijsbaan. We besluiten in restaurant 'De Oude Drukkerij' een hapje te gaan eten, maar daarvoor wel eerst alvast kaartjes voor 'Sonny Boy' te halen, de film die we later op de avond in bioscoop Atlantic willen gaan zien.

Sinds kort is 'Sonny Boy', de film die gebaseerd is op het gelijknamige boek van Annejet van der Zijl uit 2004, in de bioscopen te zien. De schrijfster speelt in de film zelf ook nog even een piepklein rolletje mee als nachtclub bezoekster. Maria Peters, die behalve de regie ook het scenario schreef samen met Pieter Van de Waterbeemd, heeft o.a. ook de boekverfilming van Kruimeltje (1999) en Pietje Bell (2002) op haar naam staan. De twee hoofdrollen in 'Sonny Boy' werden gespeeld door Ricky Koole als Rika van der Lans en Sergio Hasselbaink als Waldemar Nods.

Door het boek is het waar gebeurde verhaal voor een groot aantal mensen bekend geworden. Een onmogelijke liefde tussen de getrouwde Nederlandse vrouw Rika van der Lans die al vier kinderen heeft, en Waldemar Nods, een zwarte uit Suriname afkomstige man die zeventien jaar jonger is. Het verhaal speelt zich af vóór en tijdens de Tweede Wereldoorlog. In alles wordt het stel achtervolgd door discriminatie en tegenwerking, en dan komt daar ook nogeens de ellende van de oorlog bij. Maar ondanks alles blijft het tussen hun goed gaan, en uit de relatie wordt Sonny Boy (Waldie Nods) geboren. Uiteindelijk worden ze opgepakt door de Duitsers wegens hulp aan Joodse onderduikers. Los van elkaar verdwijnen ze in een concentratiekamp die ze beiden niet overleven. Maar hun zoontje Waldy Nods leeft nog en is inmiddels 81 jaar. Ik ken hem niet, maar het lijkt mij waarschijnlijk dat hij zich dezer dagen met al die aandacht wel weer een beetje Sonny Boy zal voelen!

woensdag, januari 26, 2011

Tin Whistle



Het gaat lekker de laatste tijd met 'The Irish Folk- and Pub Music Group'. Een clubje van zes belegen muzikanten die veel lol beleven met elkaar in de muziek. Binnenkort hebben we ons eerste optreden in één van de cafe's die de Harderwijkse binnenstad rijk is. Dat wordt best spannend natuurlijk!

Behalve zang bespelen we met z'n zessen diverse instrumenten, al of niet versterkt. Accordeon, banjo, bodhran, diverse fluiten, gitaar, mondharmonica en trekzak. En we zijn nog op zoek naar een violist. Zelf zing ik, en bespeel ik de bodhran en de mondharmonica, en sinds kort ook de tin whistle. Een in de 18e eeuw ontworpen diatonisch fluitje van metaal (je hebt ze overigens ook van hout of kunststof) met zes vingergaten, dat ze ook wel penny whistle, Irish whistle, high whistle, soprano whistle of flageolet noemen. In principe kan je met de tin whistle twee zuivere octaven spelen, maar door aparte grepen (halfholing en crossfingering genoemd) is het ook mogelijk om chromatisch te spelen d.w.z. andere tonen dan die van zijn majeurtoonladder. Het is in zo'n geval echter makkelijker om een paar tin whistles in een andere toonsoort bij de hand te hebben, en zeker als je zoals ik met dit instrument nog niet al te geoefend bent.



Als je het zo kan als in bovenstaande opname, dan is het wat mij betreft petje af! Het is niet helemaal het genre wat wij spelen, en al helemaal niet het niveau, maar wat een beheersing van het instrument. Wij spelen meer lyrics o.a. The Rose of Mooncoin, By the Rising of the Moon, The fields of Athenry en nog veel meer. Met de bodhran gaat het de goeie kant wel op, maar mijn resultaten met de, volgens sommigen zo simpele tin whistle, zijn nog niet om over naar huis te schrijven. Het bespelen van zo'n klein blaasinstrumentje is een beetje lastiger dan ik dacht. Met de mij beter bekende saxofoon heeft het fluitje gemeen dat je er op moet blazen om een toon te kunnen produceren, maar daar houdt de overeenkomst ook wel mee op. Het is gewoon heel wat anders, maar oefening baart kunst, met een beetje geduld komt het goed, dat voel ik nu al.

maandag, januari 24, 2011

Nano



Nano komt van het Griekse νανος (nanos), ‘dwerg’ aldus Wikipedia. In het Amsterdamse Science Center NEMO wordt a.s. donderdagavond de dialoog Nanotechnologie afgesloten. Ik wist geeneens dat er een nanodialoog speelde in ons land, maar dat terzijde. Het één en ander gaat gepaard met ernst en luim, spektakel en bezinning en zang en dans, las ik j.l. zaterdag in de wetenschapsbijlage van de Volkskrant, in een interview van Martijn van Calmthout met de Twentse nanotechnoloog Dave Blank. Er zou ook enige reden zijn tot tevredenheid, want dankzij de talloze evenementen en discussies tijdens de nanodialoog van de afgelopen twee jaar, weten wij beter dan voorheen wat nanotechnologie is. Kennelijk heb ik de laatste tijd behoorlijk zitten dutten, ja, ik heb er weleens wat over gehoord, maar ik weet nog steeds niet veel meer, dan dat een nano een verrekt klein deeltje is in ons bestaan. Om precies te zijn 0,000 000 001 deel oftewel 1 miljardste deel van een meter!



Nanotechnologie ofwel 'de kracht van het kleine'. We staan nog aan het begin van deze ontwikkeling begrijp ik, alhoewel er in Nederland al aardig wat producten te koop zijn waarin nanodeeltjes zijn verwerkt. Maar op diverse gebieden zijn er nog heel wat vragen te beantwoorden over verantwoordde toepassingen en de eventuele keerzijden en risico's van deze technologie. Want de toepassingsmogelijkheden schijnen werkelijk oneindig te zijn in en/of op zowel dood als levend materiaal!

zaterdag, januari 22, 2011

VDLetentje



Gisteravond hadden we in Amsterdam bij vrienden aan het Merwedeplein voor de 30ste keer het jaarlijkse VDLetentje. Een goeie en ongeëvenaarde gewoonte van H en M vonden we weer allemaal. En ook geen geringe prestatie vonden we, zoals ze ons weer voor de zoveelste keer hebben doen laten watertanden. Eigenlijk kan je wel spreken van een topprestatie, als je dat is gelukt in ons gezelschap van dertien ouwe en enigszins verwende smulpapen!

Want ik geloof wel dat we ons van oudsher op het gebied van de culinaire proeverij een stelletje verwende types kunnen noemen. En dat stamt uit de jaren toen we met z'n allen nog op het bureau aan de Prinsengracht werkten. Je kan het je nu haast niet meer voorstellen, maar in die jaren was niet gauw iets tegek. We werkten hard, maar daarnaast genoten we ook enorm. Met de regelmaat van een klok werden daar in de lunchpauze copieuze maaltijden van haute cusine niveau georganiseerd, die uiteraard tot soms wel halverwege de middag uitliepen. Het was desalniettemin een alleszins verantwoordde bezigheid vonden we, want de gesprekken tijdens de lunch zagen we vaak terug als een toegevoegde meerwaarde op het resultaat van onze werkzaamheden daar. Toch vonden we het zelf zo af en toe ook wel eens een beetje de spuigaten uitlopen. Dan namen we ons voor de lunch voorlopig weer wat soberder te houden, en gingen we vervolgens een beetje schuldbewust maar keihard tot vaak in de vroege avonduren aan het werk.

Het ging er toen dus wel even iets anders aan toe dan tegenwoordig. Nu zit het gros van de werkers op ontwerpbureau's de hele dag stil achter een scherm te pezen, en nuttigen ze daar vaak tijdens de lunchpauze ook nog de van huis meegebrachte sneetjes brood. Zo'n werkvloer doet zich in mijn optiek als een haast autistisch spectrum voor. Toch zie ik evengoed wel weer dat ook daar de prachtigste ontwerpen worden gemaakt. Dus helemaal correct zal ik de huidige gang van zaken op de bureau's wel niet duiden. De ideale werkomgeving en manier van werken ligt natuurlijk weer ergens in het midden. Wat volgens mij overigens wel duidelijk is, is het sterk overheersende individualisme op de bureau's. Met het digitale scherm voor onze neus kunnen we communiceren met wie en waar dan ook ter wereld. De behoefte om met de mensen om je heen nog face to face te discussiëren over een ontwerp of wat dan ook, is naar mijn idee niet of nauwelijks nog aanwezig.

Bij ons heeft denk ik destijds het gediscussieer vóór, tijdens en na de lunch juist een band geschapen waardoor we elkaar nu, ruim 30 jaar na dato, nog kennen en bij tijd en wijle bij elkaar komen eten.

woensdag, januari 19, 2011

Zandmotor



Ik las in de krant, dat de sleephopperzuigers van aannemerscombinatie Boskalis en Van Oord afgelopen maandag begonnen zijn met het aanleggen van een schiereiland voor de kust van Zuid-Holland. Een schiereiland nabij Ter Heijde met een inhoud van 21,5 miljoen kuub zand, dat ze over ruim een jaar, als de klus geklaard is, De Zandmotor zullen noemen!

De Zandmotor is een enorm duin in de vorm van een haak, die vanaf de kust gezien straks 1500 meter de zee insteekt. En de natuurlijke elementen als water, wind en zeestromingen zullen vervolgens het zand op termijn verder langs de kust verspreiden. Op deze manier maakt de zee zelf nieuw land aan, die straks primair een bijdrage zal leveren aan de kustveiligheid, maar ook ruimte zal scheppen voor natuur en recreatie. Een prachtig en innovatief pilotproject, een mooier voorbeeld van bouwen in en met de natuur kan ik me haast niet voorstellen.



De aanleg van de 2e maasvlakte, die nog in volle gang is, vereist volgens de wet compensatie voor verlies aan natuur en milieu, zie mijn stukje Maasvlakte 2 van 27 juli 2009. De Zandmotor levert in dit verband lijkt mij dan ook een prachtige bijdrage.

Overigens met al die zandsuppleties voor de kust lijkt het me ook duidelijk, dat we straks met ons zeilbootje vanuit Scheveningen een iets andere koers zullen moeten aanhouden naar de z.g. 'aanbevolen oversteekplaats voor pleziervaartuigen' op zee in de drukke Maasgeul nabij Hoek van Holland.

dinsdag, januari 18, 2011

GMcollector



Tijdens een museumbezoek maak ik vaak foto's van kunstwerken, kan ik ze thuis nogeens rustig bekijken. Vaak mag het niet en doe ik het stiekum, maar vaak mag het ook wel, echter dan wel zonder flitsen. Maar in het onlangs gerevitaliseerde Groninger Museum hebben ze nu de GMcollector geïntroduceerd. Een virtuele en digitale laag door het museum, die een vloeiende verbinding vormd tussen de wereld van het museumbezoek, en ons dagelijkse gebruik van de digitale wereld en de sociale media. Met andere woorden, een draadloos systeem waarmee je de kunstwerken van jou keuze middels je mail op je eigen pc krijgt. Zelf foto's maken van de kunstwerken is in het Groninger Museum niet meer nodig. Je houd de kleine GMcollector, die je bij het begin van je bezoek hebt meegekregen, bij het bordje naast het kunstwerk en klaar is kees. Het kunstwerk is opgeslagen en wordt na afloop naar je opgegeven mailadres verzonden.

Als je tenminste je mailadres goed hebt ingevoerd en niet zoals ik zondag fout, want dan heb je nog niks. Blij dat ik zelf evengoed nog een aantal foto's had gemaakt, en bovendien had J het wel goed gedaan, zodat zij ook nog het één en ander op haar mail had staan. Foto's van de tentoonstelling 'Het Onbekende Rusland', van oriëntalistische schilderkunst tussen 1850 en 1920. Kunst uit de Oriënt, uit landen dus als o.a. Armenië en Oezbekistan. Een interessante wereld, ook een wereld waar ik behalve op kunstgebied sowieso al weinig van wist, dat bleek wel. Maar goed, wat dat betreft is nu een heel klein tipje van de sluier opgelicht.
De tentoonstelling 'Hoogtepunten uit eigen collectie' sprak mij trouwens meer aan. Meer eigentijdse en moderne kunst! Veel stukken had ik daar al eerder gezien, maar al die topstukken bij elkaar was toch weer wat anders. Ik vond het een prachtige expositie!

Maar hoe mooi we de expositie ook vonden, van het stralende weer buiten na al die sompige dagen werden we erg onrustig. Niet echt museumweer, eigenlijk hadden we het binnen wel gezien voor vandaag. Naar buiten wilden we, lekker wandelen in het zonnetje. We blijven een andere keer wel weer eens wat langer. Zo gezegd, zo gedaan, even later liepen we lekker in de Groninger buitenlucht te stappen. En met een korte ingelaste pitstop op de terugweg bij J en Y in Hoogeveen, hebben we naar ons gevoel het dagje uit in Noord Nederland stijlvol afgesloten.

vrijdag, januari 14, 2011

badderen



Ga je mee naar de sauna? Nee! Waarom niet? Geen zin! En nu vragen ze me al geeneens meer, ook prima. Maar waarom heb ik, uitgezonderd een enkele keer, geen zin meer in sauna? Lastig te zeggen, maar het massale in die badderhuizen staat mij sowieso erg tegen. Die collectieve waanzin in zelfgenoegzaamheid en welzijn, zo iets moet het wel zijn denk ik.

Sauna, Turks stoombad, bruisbad, hydrojet en nog heel veel meer is er te vinden in een gemiddeld wellnesscentrum. Zelf ben ik nooit verder gekomen dan een sauna en een Turks stoombad. Het heerlijkste saunaritueel heb ik meegemaakt in een oud rokerig hutje op een late zomeravond aan een Fins meer nabij Jyväskylä, en het lulligste met m'n hele gezin in een soort van omgebouwde garage in de Koog op Texel. Tussen beide saunaervaringen in zit ook nog een respectabel aantal ervaringen met sauna's in hotels, vakantiehuisjes en bij vrienden thuis. En toen mij de afgelopen decennia een paar keer gevraagd werd een wellnesscentrum te ontwerpen in Lelystad en Istanbul, (beide ontwerpen zijn overigens nooit uitgevoerd) heb ik al of niet met J samen ook nog eens zeer uitgebreid empirisch onderzoek gedaan in enkele wellnesscentra in Nederland.
En in Istanbul heb ik met het Herenleed een Turks stoombad genoten met alles derop en deran in het bijna 300 jaar oude 'Cagaloglu Hamani' badhuis. Maar dat was heel wat anders!

Wellness, de juiste balans vinden tussen regelmatig bewegen, gezonde voeding en tijd voor jezelf, las ik ergens. En daarom zijn er dus wellnesscentra, centra waar je je lekker kan laten verwennen. Er worden zelfs kampioenschappen sauna-zitten op wereld niveau georganiseerd! Ik heb er absoluut niets mee, mij zien ze daar niet meer. Uren lang collectief en geciviliceerd bezig zijn met je eigen lijf alsof het een religie is staat me vierkant tegen. Maar ook het gedoe in keurige saunaatjes in vakantiehuisjes overal of bij de mensen thuis, dat vreselijke gefrut in die hokjes op zolder, in een kelder of in een tuintje!



Nee, geef mij maar zo,n ouwe rokerige hut in een berkenbos aan een Fins meer. Een Fries meer kan trouwens ook. Echt hout op de kachel en een beetje aan rommelen met water en berkentwijgen, samen even lekker zweten en dan hophop naar buiten, het meer in en zwemmen maar. En daarna een lekker koel biertje en gezellig ouwehoeren. Je kan het zo misschien geen wellness noemen, maar het voelt heerlijk en je blijft (of raakt) er nog van in balans ook. Zou ik dan eigenlijk toch vaker moeten doen!

woensdag, januari 12, 2011

vensters



Dachten we even rustig van de tentoonstelling 'Vensters en inkijkjes' te kunnen genieten, liep er al een joelende schoolklas rond die van de juf allerlei vragen moest beantwoorden. Maar ja, wat wil je ook, de expositie wordt in het kader van het omgevingsonderwijs ook niet voor niets een educatief project genoemd.

Aanleiding van de tentoonstelling in het nieuwe gedeelte van het 'Stedelijk Museum Zwolle' was namelijk de 'Zwolse Canon', een uitgave van de Zwolse Historische Vereniging. De expositie op de tweede verdieping van het gebouw aan de Melkmarkt, bestond uit vijftig vensters ofwel onderwerpen die op de één of andere manier een rol hebben gespeeld in de geschiedenis van Zwolle.
Over de eerste bewoners, over de handel en over de organisatie van de stad en het stadsbestuur nu en in het verleden, en welke rol de gilden daarin hebben gespeeld. Maar ook over bekende Zwollenaren als bijvoorbeeld Thomas a Kempis en Herman Brood. Een expositie dus, die niet alleen voor kinderen maar ook voor ons als volwassen bezoeker interessant was. En al helemaal als je in Zwolle heel wat voetstappen hebt liggen en er zelfs geboren bent, al vond wijlen Herman Brood dat juist Vette pech.

In het naastgelegen Drostenhuis, het oude deel van het museum was het vanmorgen een stukje rustiger, daar hadden we het rijk praktisch alleen. Een groter contrast in bouwstijl tussen het oude en het nieuwe museumdeel kan ik me nauwelijks voorstellen. De moderne, voor een groot deel transparante architectuur (architect Zwollenaar Gerard van de Belt) van het nieuwe, in 1997 opgeleverde deel, versus de architectuur van het 16de-eeuwse pand. Dit pand, destijds gebouwd voor de vermogende Engelbert van Ensse, drost van Coevorden en Drente en rentmeester van Salland, Vollenhove en Kuinre, is nu ingericht als een soort van stijlkamermuseum en huisvest verder de vaste (cultuurhistorische)collectie van het museum. Prachtige schilderijen, vensters eigenlijk op tijden van weleer, van landschappen en het oude Zwolle, van portretten en jachttaferelen, de Agnietenberg, de sluis bij Katerveer, zeilschepen op de IJssel en het Zwarte water en nog veel meer.

Rond het lunchuur verlieten we het museum in de stromende regen. Maar gelukkig vonden we al snel weer onderdak in grand cafe ´Las Rosas´ op het nabijgelegen Rodetorenplein.

maandag, januari 10, 2011

Ensemble



Alles klopte afgelopen zaterdagavond in gebouw Veluvine, de mensen, de stemming, de ruimte en de muziek. Samen met J, S, W, R en D heb ik de avond als een harmonieus geheel ervaren. Het sfeervolle concert in het nieuwe door architect Wilco Scheffer ontworpen cultuurcentrum in Nunspeet, dat ruim een jaar geleden officieel is geopend, heb ik dan ook amper als de in het programma aangekondigde 'Midwinternightmare' ervaren. Alhoewel het best een angstaanjagend verhaal was, dat door één van de eng wit, met zwart omrande ogen geschminkte musici van 'Het Ensemble' werd verteld. Een verhaal over een ijzige weduwe en schrik van de Russische poolvlakte, die elke winter buiten het dorp rondwaarde. En niemand die haar gezien had kon het nog navertellen. Maar hoe de jonge musici van het in 2008 opgerichte Ensemble ook hun best deden om ons te doen griezelen, het lukte ze niet echt. Bijzaak was het, we genoten vooral van de prachtige, vaak ingetogen muziek, en hoe die malle geschminkte griezels dat wisten te brengen. Fantastisch zoals zestien jonge, net van het conservatorium afgestudeerde musici ons daar hebben weten te vermaken. Maar ik genoot bovendien ook bijzonder van de ideale ambiance waarin het allemaal gebeurde, en van de grote theaterzaal die ik daar voor het eerst zag en beleefde!



Bovenstaande (telefoon)opname 'Waltz' van na de pauze, gearrangeerd door Niek Jacobs uit de tweede jazz-suite van Dimitri Shostakovich (1906-1975) geeft mijns inziens het niveau van 'Het Ensemble' goed weer.

Het gebouw 'Veluvine', een multifunctionele accommodatie, is gebouwd op het terrein van de voormalige verffabriek 'De Veluvine'. Het gebouw, naar mijn smaak een evenwichtig en bijeenpassend geheel met de locatie, en daarmee als zodanig ook een ensemble vormend, heeft een totaal vloeroppervlak van 9500 m2. Behalve eerder genoemde theaterzaal met 400 zitplaatsen, huisvest het gebouw een filmzaal, sportlokalen, vergaderruimtes en diverse met name in de gemeente Nunspeet actieve maatschappelijke-, educatieve- en culturele instellingen. Een mooie aanwinst voor dit Veluwse dorp, daar kan het nabij gelegen stadje Harderwijk voorlopig nog een puntje aan zuigen!

dinsdag, januari 04, 2011

genodigde



De uitnodiging gisteravond voor een Nieuwjaarsborrel, voorafgaand aan de voorstelling '10 jaar van de straat' van de groep Percossa, in het 'DeLaMar' theater in Amsterdam, wilde ik uiteraard niet voorbij laten gaan, ook al had ik de voorstelling van mijn gastheren al twee keer gezien, (zie m'n stukjes 'lach- en slagwerk' van 16/1'10 en 'eindejaarsuitje' van 22-12-'10). Maar een bezichtiging en een welkom met champagne en oliebollen in het onlangs door de 'Majesteit' geopende splinternieuwe DeLaMar theater van Joop (1942) en echtgenote Janine (1956) van den Ende, hadden we nog niet gehad. Ik las trouwens dat beide echtelieden door hun bemoeienis en hun bijdrage van 65 miljoen euro aan dit project, de 'Mecenas van Mokum' worden genoemd.



De in 2001 opgerichte VandenEnde Foundation heeft in nauwe samenwerking met de Nederlandse architect Arno Meijs (1941) aan de Marnixstraat nabij het Leidseplein een prachtig theatercomplex gerealiseerd, die wat mij betreft de fysieke verschijningvorm van het oude DeLaMar theater al heeft doen vergeten. Van de 2 zalen in het nieuwe complex, hebben ze de grote zaal, 943 stoelen, genoemd naar theaterlegende Wim Sonneveld (1917-1974), en de kleine zaal, 601 stoelen, naar theaterlegende Mary Dresselhuys (1907-2004). Van de voorstelling '10 jaar van de straat' gisteravond van mijn muziektheatrale opdrachtgever van vorig jaar, hebben J, E jr. en ik in de prachtige ambiance van de Wim Sonneveld zaal weer volop genoten. Jongens bedankt, ook voor het feit dat we als genodigden van jullie champagne en oliebollen vooraf hebben mogen genieten. Succes en geluk de komende tijd!

zondag, januari 02, 2011

nieuwjaar



Tijdens de jaarwisseling in Sydney, 10 uur eerder dan bij ons, is er voor ca. 1,5 miljoen toeschouwers (waarvan velen al vroeg op de dag een mooi plaatsje hadden gezocht op de stranden en terrassen) 7000 kg aan vuurwerk de lucht in gegaan nabij het beroemde Opera House (zie mijn stukje Sydney Opera House van 3 december 2008) en de Sydney Harbor Bridge. Het tijdens de jaarwisseling volgens velen beroemste vuurwerkspektakel ter wereld, wordt daar sinds jaar en dag door de gemeente georganiseerd en betaald. In landen als Australië, de USA en Canada is consumenten vuurwerk al jaren verboden!

Buiten ons zo geprezen 'lik op stuk' beleid, zouden ze dat hier eigenlijk ook moeten doen! En dat dan met behulp en onder leiding van gekwalificeerde professionals elke stad of dorp tijdens de jaarwisseling z'n eigen vuurwerkshow organiseerd. Uiteraard op kosten van de belastingbetaler, maar die zal gemiddeld met de huidige gang van zaken heel wat duurder uit zijn. Het is wel een paardenmiddel misschien, maar het voorkomt denk ik een hoop ellende. Want elk jaar weer zijn er onverantwoordelijken, die al of niet onder invloed met vuurwerk omgaan zoals het niet moet, met alle gevolgen van dien. Doden zijn er zelfs gevallen tijdens de laatste jaarwisseling in onze regio.



Het lijkt mij wel wat, om de volgende jaarwisseling bij leven en welzijn eens een keer in Sydney door te brengen!

vrijdag, december 31, 2010

oudjaar



Weer een dag

De schemer komt de kamer in verkleurt
De kleuren tot ze grijzer blauw en uitgebloeid
En alles losgeraakt de tafel en de stoelen

Buiten wordt een gat en zwarten in het zwart de bomen
Schiet een vogel langs wij raken aan de rand
Van de wereld gelukkig vind ik zo je hand

Is dit dagelijkse vrede of ontreddering
Dit in de schemering verdwijnen van de dingen
Waarin de dagelijkse dag zich aan ons bindt

Wij doen de deur op slot sluiten de gordijnen
Wij doen de lichten aan tegen het verstrijken
Van onszelf wij zeggen hou me vast hou me altijd bij je

Oudjaar alweer een jaar
Maar het hele jaar door sterft het jaar
In onze armen


Uit: 'Nieuwe veters', verzamelde gedichten 1979-2006 van Robert Anker.

Bovenstaand gedicht van de Nederlandse schrijver en dichter Robert Anker (1946) vond ik onlangs op internet. Een passend gedicht voor de laatste dag van het jaar, mooi gezegd! Ik ken Robert Anker verder van zijn roman 'Een soort Engeland' uit 2002. Een prachtig onderhoudend boek over de malle wereld van het toneel in Amsterdam en alles daar omheen, dat destijds is bekroond met de Libris Literatuur Prijs. Maar uiteraard heeft hij meer romans en poëzie geschreven.

Buiten lijkt de mist dikker te worden. Als dat zo doorgaat kan er vannacht tijdens de jaarwisseling wel eens weinig plezier worden beleeft aan het vuurwerk. Dat wordt gelijk aan het oog onttrokken.

donderdag, december 30, 2010

Eendrachttrainee



In 'De Drietand', het verenigingsblad van de Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers, las ik pas een artikel van Ben H. over Nautisch Rotterdam. Varend in z'n Victoire 933 op de Nieuwe Waterweg komt hij behalve grote zeeschepen, supplyvessels en passagiersschepen ook het zeilend zeeschip de (tweede) 'Eendracht' tegen. Mijn gedachten gingen even een tijdje terug in de tijd toen ik dat las.

Op zeilend zeeschip de (eerste) 'Eendracht' heb ik als trainee menig uurtje doorgebracht. Van ééndagstochtjes langs de Nederlandse kust nabij Scheveningen tot enkele meerdaagse tochten vanaf Scheveningen of Rotterdam naar Oostende, Great Yarmouth, Borkum en Delfzijl.

De zeiltocht naar Borkum en Delfzijl in 1987 was destijds de 500ste trip van de 'Eendracht'. Ter ere van dit feit, kreeg de vaste crew van ons tijdens het capteinsdiner op zee een prachtig schilderij van de 'Eendracht onder zeil' aangeboden, gemaakt door trainee en kunstschilder Jan S. En toen we later in Delfzijl afmeerden, kwamen de muzikanten van de plaatselijke fanfare ons al spelend achter elkaar over de smalle steigers tegemoet marcheren. Dat was wel even lachen natuurlijk!
De zeiltocht van Oostende naar Great Yarmouth in 1988 was nogal heftig. We werden midden in de nacht vrij plotseling overvallen door onverwacht veel wind, een heuse storm 9 à 10 Bft. halverwege Oostende-Great Yarmouth! Met als gevolg een scheur in het grootzeil, een 1000 liter waterboyler die in de kombuis van z'n bevestiging scheurde en veel ravage overal. Emmers met appels e.d. vlogen als levensgevaarlijke projectielen door de hut, en sloegen te pletter tegen de scheepswand. Het hele feest duurde hooguit anderhalf à twee uur, maar met de chaos opruimen waren we iets langer bezig.

De (eerste) 'Eendracht' een in 1974 voor de Stichting 'Het Zeilend Zeeschip' in Amsterdam bij scheepswerf Cammenga gebouwde stalen tweemast gaffeltopzeilschoener, vaart sinds haar verkoop aan de Duitse Clipper Rederij op 1 september 1989, onder de naam 'Johann Smidt' (naar politicus, theoloog en oprichter van Bremerhaven, 1773-1857) vanuit haar thuishaven Bremen onder Duitse vlag.
De (eerste) 'Eendracht' met een totale lengte van 35,94 meter bij een breedte van 8,03 meter en een diepgang van 3,60 meter, had een waterverplaatsing van 220 ton. Ze kon max. 586 m2 zeil voeren, had een hoofdmotor van 400 pk en 37 kooien. De nieuwe eigenaar heeft de ra in de voorste mast verwijderd, waardoor het nu nog max. 471 m2 zeil kan voeren. Ten goede volgens mij, de fraaie belijning en het zeilplan komt zo beter tot uiting. Ook zonder zo'n klassiek razeil is en blijft het een stoer schip met een prachtige zeeg.





Een mooier gelijnd schip dan haar grotere opvolger vind ik. De tweede 'Eendracht', een in 1989 bij scheepswerf Damen in Gorinchem gebouwde driemastschoener met een totale lengte van 59,80 meter, een breedte van 12,30 meter, een diepgang van 5,00 meter, een waterverplaatsing van 510 ton, een zeiloppervlak van max. 1206 m2, een hoofdmotor van 540 pk en 56 kooien.





Het is niet anders, groot en mooi is duur en het moet allemaal wel betaalbaar blijven. Om meer mensen in de gelegenheid te stellen om kennis te maken met de zee en het zeezeilen, moeten er concessies worden gedaan.

maandag, december 27, 2010

Indonesisch diner



Buiten het basisgerecht rijst, bami of miehoen, bestaat een traditioneel Indonesisch diner doorgaans nog uit een flink aantal watertandende bijgerechten. Alles mooi en overzichtelijk in schaaltjes over een feestelijk gedekte tafel uitgestald, al of niet op warmhoudplaten.

Mooi bedacht, maar lastig gedaan met 13 oudere en jongere gasten om een tafeltje van matige afmetingen. Het was me een partij regelen, passen en meten met al die schaaltjes waar ik simpel van werd. En toen eindelijk iedereen was aangeschoven en z'n plek had ingenomen, was de zorgvuldig gecreëerde overzichtelijkheid door al het geschuif, geschep en gegraai in een mum van tijd alweer verdwenen. Dag, mooi gedekt tafeltje!

Maar wat gelukkig niet verdween, was de goede sfeer, en daar deden we het uiteindelijk toch allemaal voor. Bovendien, en toch ook niet onbelangrijk, smaakte de wijn en de Nasi-, Bami- en Miehoen Goreng met Telor/ei Blado, Orak-arik, Sayoer Lodeh, Semoor (rundvlees), Semoor (kip), Oblok-oblok, Daging Bakar Ketjap, Dendeng Belado, Ajam Boemboe Bali, Tahoe Peté, Tempé Kouseband, Ikan/vis Boemboe Bali, Oedang Nanas, Atjar tjampoer, Saté Ajam en Kroepoek oedang ook nog eens voortreffelijk.



De culinaire afsluiting van Kerst 2010 was met dank aan Toko Moetiara een lichtelijk chaotische maar gezellige familiebijeenkomst.

vrijdag, december 24, 2010

kosmische kerstboom



Eigenlijk had ik het zelf zo niet willen zeggen, maar daar denk ik sinds vandaag toch iets anders over. Alle schroom is vanmorgen bij het lezen van m'n krantje pardoes van me afgevallen. Want mijn conclusie van 'Bij Sagittarius A zit het enige echte middelpunt', een artikel in de wetenschapsbijlage over onze Melkwegkern van Govert Schilling, kan niet anders zijn dan dat (behoudens de meerdere melkwegstelsels in het universum) werkelijk alles in de kosmos om Sagittarius draait! Met nauwkeurige radiometingen hebben ze de waarde van de massa van het centrale zwarte gat van Sagittarius uitgerekend op 4,3 miljoen keer zo zwaar als onze zon! En daarom draait ook onze eigen zon met de hele rataplan er eens in de 226 miljoen jaar omheen op een afstand van 27 duizend lichtjaar met een snelheid van 216 kilometer per seconde! Prachtig, een passender metafoor kan een mens zich niet bedenken.



Maar alle gekheid op een stokje, als aardbewoner voel ik me bij het lezen van dit soort wetenswaardigheden natuurlijk kleiner dan kleinst, niets eigenlijk. Schilling noemt Sagittarius een kosmische kerstboom die voor het oog haast onzichtbaar is. Je moet voor het sterrenbeeld Sagittarius of Boogschutter sowieso naar het zuidelijk halfrond afreizen, en dan nog zie je door de gigantische hoeveelheid kosmische stof in het Melkwegstelsel slechts een tienmiljardste deel van het uitgestraalde licht. Niet te geloven wat ze allemaal uit kunnen rekenen! Hoe dan ook, het is wel een werkelijkheid die volgens mij terecht door Schilling zowel prozaïsch als poëtisch wordt genoemd.

woensdag, december 22, 2010

eindejaarsuitje



Al een aantal jaren proberen we samen met onze kleinkinderen iets leuks te doen in de laatste maand van het jaar. Het ene jaar gaan we naar één of andere musical, het andere jaar naar een wintercircus, winterfeest of toneelstuk. Gisteravond was het de voorstelling 'Tien jaar van de straat' van de groep 'Percossa', rebels of rhythm in theater 'De Lampegiet' in Veenendaal. Een typische vorm van muziektheater, die werd gebracht door vier zeer energieke Haagse performers.

Maar vooraf zijn we eerst de Grebbeberg nog opgeweest nabij Rhenen. Via een korte wandeling over de besneeuwde Militaire Erebegraafplaats, naar het infocentrum aldaar. Iedereen was aardig onder de indruk van het trieste verleden van deze plek. Vooral de meiden, die schreven in het bezoekersregister zowaar hun gevoelens een beetje van zich af. De jongens daarentegen hadden inmiddels de draad al weer opgepakt, en waren buiten sneeuwballen aan het gooien.

De wandeling daarna in het besneeuwde bos achter het monument aan de overkant van de Grebbeweg, was sprookjesachtig. Prachtig, vooral het panorama aan de bosrand hoog op de berg, onnederlands gewoon. De rivier de Nederrijn en de besneeuwde half bevroren uiterwaarden in de diepte, nog net te zien in het onbeschrijfelijke licht van een laagstaand en gefilterd namiddagzonnetje. Erg lang konden we daar niet staan blijven kijken, we moesten wel voorkomen dat we in het voor ons onbekende bos door het donker zouden worden overvallen. Evengoed kreeg ik op een gegeven moment toch het knagende gevoel, dat we in dat stille bos een beetje aan het dwalen waren. En ik niet alleen, iedereen begon een andere kant uit te wijzen. Maar uiteindelijk liep iedereen toch maar achter de roverhoofdman aan. En gelukkig kwamen we zowaar weer op de Grebbeweg uit, alleen op een heel andere plek dan de bedoeling was, maar we wisten in het schemerdonker in ieder geval weer waar we waren. Een klein halfuurtje later zaten we weer in de auto, opweg naar het pannenkoekenhuis een eindje verderop.

Eerst drinken, iedereen had grote dorst. Toen pannenkoeken uitzoeken, natuurlijk was er weer veel te veel keuze, je zag door de bomen het bos niet meer. Dat heb je vaker in dat soort eettenten, maar goed we zijn eruit gekomen. Ze waren heerlijk maar machtig, niet iedereen kon hem helemaal op. Dat had ik toch niet verwacht, en van die mannetjes zeker niet. Toch wisten enkele doorzetters evengoed na de pannenkoek nog een forse dame blanche naar binnen te werken. Maar toen was het mooi geweest, tijd om richting Veenendaal tegaan. Op naar theater 'De Lampegiet'!

Nabij de theaterentree kwam Jeanne tot de ontdekking dat ze haar mobieltje kwijt was. Grote schrik, net had ze hem nog, dus hij moest wel ergens op de route tussen de geparkeerde auto en de theaterentree in de sneeuw liggen. Een wit mobieltje in de sneeuw!? Terug, zoeken, zoeken, zoeken en zowaar gevonden, iedereen blij en opgelucht! De voorstelling 'Tien jaar van de straat' was prachtig. Iedereen lag bij tijd en wijle in een deuk, heerlijk. Wat een aanstekelijke humor en energie hebben die gasten. Een bijzondere belevenis was het!

maandag, december 20, 2010

muzikaal weekend II



Kleinkoor Vol-luid uit Putten is zo langzamerhand een vaste gast in de Catharinakapel. Al een aantal jaren treed het daar wel één of twee keer per jaar op. Afgelopen zaterdagochtend 18 december gaf het kleinkoor er een (inloop)kerstconcert. Toen we iets voor aanvang binnenkwamen, was de zaal nog zo goed als leeg. Plaatsen voor het uitkiezen dus, samen met m'n moeder zat ik dan ook pontificaal op de eerste rij. Maar aan het gestommel achter ons merkten we wel dat de zaal gelukkig toch aan het vollopen was. En precies klokslag 11.00 uur zette het kleinkoor Ave Maria in, het feest was begonnen.

Ik volg het kleinkoor al vanaf de oprichting ruim tien jaar geleden, en ik moet zeggen, het wordt naar mijn idee alsmaar beter. Daar zal de bezielende leiding van dirigente Ada van de Zandschulp zeker debet aan zijn. Maar ook de homogeniteit en gedisciplineerdheid van het kleinkoor heeft volgens mij een behoorlijk positieve uitwerking op hun niveau. Welk repertoire ze ook zingen, een concert bijwonen van Vol-luid is altijd weer een genoegen. En dat was ook nu weer het geval, al was het voor de pauze wel leuker dan erna.

muzikaal weekend I



De kaartjes voor het Weihnachts-Oratorium in de 15e eeuwse Sint-Maartenskerk in Zaltbommel afgelopen vrijdagavond, hadden we een poosje geleden al gekocht. En W en A uit Hedel hadden reeds plaatsen gereserveerd in de verhoogde kanunnikenbanken aan de kopzijde van de grote middenbeuk, zodat we mooi zicht hadden op het koor aan de overkant van de middenbeuk. Alles mooi geregeld dus, we hoefden alleen nog maar te zorgen dat we 's avonds optijd in Zaltbommel waren. En dat was afgelopen vrijdag nou net wel een zorg van enig formaat!

Zowel het KNMI als de ANWB verklaarden je zo ongeveer voor idioot als je nog zonder absolute noodzaak de weg zou opgaan. Door resp. een weers- en verkeersalarm af te kondigen, probeerden ze iedereen de moed te ontnemen om de deur nog uit te gaan. Maar gelukkig zijn de eigen onderzoeksmogelijkheden middels internet onuitputtelijk. Al snel was duidelijk dat het verkeersinfarct (500 km file!) zich tot de randstad en de regio Utrecht bleek te beperken. Zowel in rechte lijn vanuit Harderwijk zuidwaarts tot aan Ochten nabij de A15, als vandaar tot aan de A2 nabij Waardenburg en verder naar Zaltbommel zag het er qua verkeer probleemloos uit. En ja, wat het weer betrof bleef het natuurlijk een beetje gokken, al was het wel duidelijk dat de meeste sneeuw was gevallen. De knoop werd snel doorgehakt, en de reis is gelukkig probleemloos verlopen. We waren zelfs iets te vroeg in Zaltbommel, het uurtje extra dat we hadden ingecalculeerd bleek achteraf niet helemaal nodig te zijn geweest. Maar het voordeel was, dat we daardoor wel iets meer tijd hadden voor ons gezamelijke hapje en drankje in 't Stadscafé aan de Markt.



Rond halfacht zaten we allemaal met een dekentje over onze knieën op onze plek in de ijskoude Sint-Maartenskerk. Maar toen het acht uur was gebeurde er niets, ja alleen de voorzitter van de Stichting Maartenskerkmuziek kwam het podium op, om te vertellen dat het feest een half uur later zou beginnen. Alle muzikanten waren er nog niet, vast in het verkeer rond Utrecht, sommigen waren vanuit Amsterdam al vijf uur onderweg! Het half uur werd opgevuld door een Bach-kenner die tekst en uitleg gaf over de eerste regel van Cantate I t.w. Tönet, ihr Pauken! Erschallet, Trompeten! waar musici nogal verschillende opvattingen over hebben. Maar klokslag halfnegen was dit wel de regel waar het koor mee inzette. Nog steeds waren niet alle musici gearriveerd, maar daar viel volgens de dirigent met toepassing van enig kunst en vliegwerk mee te leven. Hoe het begeleidingsorkest het voor elkaar heeft gekregen weet ik niet, in ieder geval knap, want we hebben niets gemerkt van een incompleet Concerto d'Amsterdam. Pas na de pauze was het hele orkest compleet.



Door de forse nagalm in de kerk, is de geluidskwaliteit van bovenstaand filmpje van het slot van de zesde en laatste Cantate, dat ik met m'n telefoontje heb opgenomen, slecht. Maar gelukkig viel de geluidskwaliteit in werkelijkheid erg mee.
Het Weihnachts-Oratorium van Johann Sebastiaan Bach, vóór en dóór de Bommelerwaard o.l.v. dirigent Arie Hoek. Met medewerking van Cappella Sint-Maarten; Concerto d'Amsterdam; Jongenskoor Rivierenland en Rijnmond en de solisten Elsbeth Gerritsen (alt-mezzo) Mariët Kaasschieter (sopraan) Jelle Draijer (bas-bariton) en Arco Mandemaker (tenor)
Zaltbommel 17 december 2010, het was een mooi maar ijskoud avondje daar in de Sint-Maartenskerk. En met de stoelverwarming in de auto op de hoogste stand, zijn we via dezelfde route als op de heenweg, wederom probleemloos naar huis terug gereden.

zondag, december 12, 2010

Kerstconcert



Het kerstconcert van het Harderwijks Mannenkoor 'De Veluwse Zangers' gisteravond in de Grote Kerk van Harderwijk was ontroerend mooi. En ik had ook niet gedacht dat het me als notoire heiden emotioneel zo zou raken, ik werd er stil van. Terwijl ik de toegangsbewijzen toch al met een zekere scepsis had gekocht. We zaten er namelijk op aanraden van een koorlid die ik ken van het Havenkoor waar we samen op zitten, en dat is wel heel wat anders. Dirigent Jaap de Ruijter, zelf gezegend met een stem als een kerkklok, wat wel bleek toen hij aan het eind van het concert behalve dirigeerde, als zanger ook soleerde in het prachtige 'Cantique de Noël', heeft het koor voor mijn gevoel op topniveau weten te brengen. Jammer genoeg heb ik gisteravond geen opname kunnen maken van de 'Veluwse Zangers'. Maar in onderstaand filmpje, dat ik op youtube vond, wordt een uitvoering van 'La Rossignol' (De Nachtegaal) gezongen uit 1910 van Igor Stravinski (1882-1971), dat m.i. een aardig beeld geeft van het niveau van de 'Veluwse Zangers'.



Vandaag zijn we ook nog naar 'De Veluwse Zangers' wezen luisteren op de Vischmarkt. Christmas Carol Harderwijk, heel wat anders, ook een totaal andere ambiance natuurlijk. Aardig hoor, maar het haalde het niet bij het concert gisteravond in de Grote Kerk. Luister maar even naar onderstaande opname die ik daar heb gemaakt. Het was trouwens koud ook, we zaten binnen een uur weer thuis, lekker bij de kachel.



Onderstaand liedje over kerstmistijd is weer heel wat anders, en ach ja, ook dat gebeurd.

vrijdag, december 10, 2010

contrasten



Een aantal weken terug hebben ze brand gehad in het 'Novotel' in Surabaya. De brand, oorzaak nog onbekend, is in de zuidelijke vleugel van het vier sterren hotel ontstaan, en heeft daar aanzienlijke schade aangericht.
Het berichtje viel mij op omdat we in 1997 juist in de zuidelijke vleugel van dit prachtige hotel hebben gelogeerd. Een tijdje geleden alweer datwel, maar de luxe van deze plek staat me nog helder voor ogen.

Het hotel, dat ik zodra ik binnen was met een oase vergeleek, ligt ingeklemd tussen de in mijn ogen niet al te schone rivier de Kalimas aan de westzijde en de door een sloppenbuurt omzoomde spoorlijn richting Malang aan de oostzijde. Vanuit het open trappenhuis van de hoge oostelijke bebouwing van het hotel, keek je zo neer op de krotjes en de mensen met hun bezigheden op en langs het spoor. En als we per auto met chauffeur langs de Kalimas richting stadscentrum reden, zag je mensen tot aan hun middel in de rivier en de blubber staan om te wassen en te vissen of weet ik wat te doen.

En aangekomen in de drukke Kalimas Harbor met z'n sierlijke houten zeilschepen langs de kade, Buginese of Phinisi (vracht)schoeners genaamd, zag je de mannen ploeteren met kolossale vrachten op hun schouders. Over eng smalle loopplankjes werden de schepen geladen en gelost bij een temperatuur van om en nabij 33º C. Ik had amper de moed om een foto te maken van de schilderachtige koloniale haventaferelen.

Dan de vele betjaks (fietstaxi's) die we zagen in de oude koloniale miljoenenstad. Sommigen lukte het om een toerist in hun bakje te krijgen, maar sommigen kennelijk ook niet. Ik zag tenminste op de hoek van de straat aardig wat van die pezige gasten in hun eigen betjak een tukkie doen, volgens mij van pure armoede wegens gebrek aan klandizie.

Maar terug in de oase konden we ons zweet gelukkig weer wegwassen. Een duik nemen in het prachtige zwembad, en onder de palmen in riante ligstoelen een heerlijk gekoeld drankje nemen. Heftige contrasten, je moet er wel tegen kunnen, of zou het wennen?

Apropos, ik las dat de Bromo weer actief is. Dat is elk jaar wel een keer het geval, maar nu is het heviger. Mensen mogen zich niet meer binnen een straal van drie kilometer van deze 2329 meter hoge vulkaan ophouden. Een voorzorgsmaatregel, de 275 km westelijker gelegen Merapi heeft onlangs al voor meer dan genoeg ellende gezorgd.